Bachelor Pedagogiek 2010-2011

Shared by: suchenfz
Categories
Tags
-
Stats
views:
72
posted:
9/8/2011
language:
Dutch
pages:
26
Document Sample
scope of work template
							Instituut voor de Opleiding van Leraren




 Studiehandleiding


Bachelor Opleiding
   Pedagogiek

       2010-2011
Voorwoord
De verschillende beleidsplannen van het MINOV casu quo nota’s
[M.O.P.2006-2011, S.E.P. 2003-2008] geven de noodzaak aan om de
kwaliteit van het onderwijs te verbeteren.

Uitgangspunten voor de verbeteringen zijn onder andere de visie en
doelen van het MINOV. Deze zijn gericht op de realisatie van:
        Een rechtvaardig onderwijssysteem, dat gelijke kansen biedt
         aan iedereen
        Een meer effectief en efficiënt onderwijssysteem
        Het diversiteitbeginsel waarin gesteld wordt: de individuele,
         sociale- en culturele diversiteit in het leerproces te respecteren,
         waarderen, in aanmerking te nemen en te incorporeren.

Het onderwijs dient zodanig te worden ingericht dat er voortgang in de
ontwikkeling van de lerende plaatsvindt. Dat gebeurt onder andere door de
inzet, de kwaliteit van onderwijsgevenden en het team in de school.
Uiteindelijk is het MINOV verantwoordelijk voor de kwaliteit van het
onderwijs.

De voornoemde uitgangspunten hebben ook een dwingende verplichting
op het IOL gelegd, om mee te denken en te werken aan vernieuwingen,
kwaliteitsverbetering en aanpassingen.
Het IOL is hierdoor al enige tijd bezig haar missie uit te breiden. Het
inspelen op de grote vraag naar professioneel opgeleide pedagogische
werkers is eveneens tot haar taak gaan behoren.
Mede op grond hiervan heeft de directeur van het IOL Mr. drs. A. Marshall,
een werkgroep binnen de opleiding Pedagogiek de opdracht gegeven,
voorbereidingen te treffen voor de opzet en implementatie van een
bachelor opleiding Pedagogiek.

Naast de bestaande lerarenvariant bestaat er nu ook een beroepenvariant
sociaalpedagogische hulpverlening die met ingang van het collegejaar
2008-2009 officieel gestart is na de twee basisjaren. De algemene
beroepenvariant richt zich voornamelijk op de hulpverlening binnen het
orthopedagogisch werkveld en de lerarenvariant richt zich vooral op het
leraarschap op de pedagogische instituten, het begeleiden en trainen van
aanstaande leraren.
Ook is er een schakelklas ingelast als experiment, ten behoeve van
hoofdkleuterleidsters, die nu al vijf [5] jaren het vak pedagogiek tijdens hun
opleiding tot hoofdlkeuterleidster gevolgd hebben.

Deze studiehandleiding, die nu voor u ligt bevat alle informaties
betreffende de nieuw opgezette Bachelor opleiding Pedagogiek

Opleidingscoördinator
Mw. Drs. Dayenne Angel
Adjunct Opleidingscoördinator
Mw. Rita Lunes Ma




Studiehandleiding 2010                                                Page 2
Bachelor opleiding Pedagogiek

Pedagogiek of opvoedkunde is de wetenschap die zich
bezighoudt met de ondersteuning van de opvoeding van
kinderen en jongeren en de bevordering van hun welzijn
door op een bepaalde wijze te werken aan situaties
waarbinnen sprake is van (bijna) risico, belemmerende
factoren of situaties waar deze juist kunnen worden
voorkomen (pedagogische preventie).
Pedagogen doen dit op diverse manieren, onder andere
door:
Opvoedingsondersteuning aan ouders, in de schoolsetting,
binnen andere opvoedingsmilieus (bijvoorbeeld tehuizen en
inrichtingen).

1.1. Visie
De Surinaamse samenleving is als gevolg van tal van
nationale en internationale ontwikkelingen op het vlak van
mens, arbeid, technologie en cultuur ( leef- en
opvoedingsstijlen) steeds in verandering en ontwikkeling.
Ook het werkveld van de pedagogiek wordt daar dagelijks
mee geconfronteerd. In een samenleving waar delen van
onze bevolking onder enorme druk leven en de rol en de
kwaliteit van het gezin steeds aan waarde inboet, is het van
belang om daar adequaat op in te spelen. Onderzoek heeft
uitgewezen dat rechten van kinderen nog steeds
geschonden worden ( Unicef 2008:)
Het IOL wil met haar Bachelor opleiding Pedagogiek een
ontwikkeling tot stand brengen waarbij zij competente
beroepsbeoefenaren aflevert aan de Surinaamse
maatschappij ten behoeve van het leraren- en algemene
beroepenveld.

1.2. Uitgangspunten
Tegen de achtergrond van bovengenoemde visie bouwt het
IOL voort op de hierna te noemen uitgangspunten die in
deze Bachelor Opleiding Pedagogiek centraal zullen staan.
    Een bijzonder uitgangspunt, waar in het verleden
     meestal niet al te lang bij stilgestaan en rekening mee
     gehouden is, is het multiculturele karakter van onze
     samenleving. Dit aspect zal in relatie met de steeds

Studiehandleiding 2010                                Page 3
     verdere ontwikkeling van onze samenleving en de
     migratiestromen naar ons land toe serieus genomen
     worden en tegen het diversiteitbeginsel dat wij als
     natie voorstaan, meerwaarde krijgen in deze opleiding.
  Op dit moment vindt er een omwenteling plaats van
     sterk docentgestuurde werkvormen naar begeleid- en
     studentgestuurde werkvormen. De zelfsturende rol van
     de student in het eigen leerproces staat hierbij centraal
     De student doet ervaring op in het werken in de
     praktijk; leert reflecteren op het eigen handelen en
     ontwikkelt tevens vaardigheden, attitudes en inzichten
     en competenties, die als pedagoog in de praktijk nodig
     zijn. Het studeren van de student wordt gestuurd
     binnen specifieke kaders in het onderwijsproces.
 Er worden nu twee afstudeer varianten aangeboden
 namelijk: de leraren variant en de algemene beroepen
 variant.

1.3. Missie
De BA opleiding Pedagogiek biedt aanstaande pedagogen
voldoende kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes om
vanuit een brede basis hun rol te vervullen in het
beïnvloeden van de mens in relatie tot zichzelf en zijn/haar
pedagogische omgeving. Het IOL streeft ernaar om met
deze vernieuwde opleiding haar bijdrage te kunnen leveren
aan voldoende competente pedagogen ten behoeve van de
Surinaamse samenleving.

1.4. Doelstellingen
De BA opleiding Pedagogiek levert beroepsbeoefenaren af
die in staat zijn: * de theorie te transformeren naar de
praktijk en omgekeerd
      zelfstandig nieuwe kennis binnen het vakgebied op
         te nemen, te verwerven, verwerken en over te
         dragen
      het     management        en    beleid  over     een
         opvoedingsinstituut te voeren
      te diagnosticeren en hulp te verlenen aan cliënten
      te adviseren en te begeleiden



Studiehandleiding 2010                                  Page 4
       de lerende en cliënten zodanig te beïnvloeden dat
        die      zelfstandig  beslissingen    nemen      en
        verantwoordelijkheid daarvoor dragen
       initiatieven te nemen en goed in teamverband te
        werken
       een attitude te ontwikkelen om levenslang te leren.

1.5. Instroom eisen
Om toegelaten te worden tot de BA opleiding Pedagogiek
moet men in het bezit zijn van één van de volgende
diploma’s of daaraan gelijk gesteld:
        Glo akte [ BVF]
        Hoofdakte
        Havo/ VWO
        Gelijkwaardige diploma’s
        Hoofdkleuterleidsters na goedkeuring van de
        toelatings]examencommissie.

1.6. Coördinatie en opleidingsteam
Voor het goed functioneren van de opleiding is het nodig
dat de opleiding op een efficiënte manier gemanaged wordt
en dat de taken en verantwoordelijkheden van de opleiding
via duidelijke communicatielijnen tot stand komen. Er is
daarom gekozen voor het werken met een opleidingsteam
dat verschillende verantwoordelijk heden toebedeeld heeft
gekregen. Dit team vormt ook de examencommissie.
 Het opleidingsteam is als volgt samengesteld:
         Opleidingscoördinator: Dayenne Angel
         Adjunct Opleidingscoördinator: Rita Lunes
         Teamleider lerarenvariant: Dayenne Angel
         Teamleider beroepenvariant; Rita Lunes
         Ondersteunende leden: Alida Weidum, Chequita
         Wiebers, Yvonne Kesersing, Inez Sijlbing en Ro
         Ng A Foe

2. Competentiegebieden BA opleiding Pedagogiek

2.1. Competentiegebieden, competenties en leerlijnen
De opleiding zal niet geheel competentiegericht opleiden.
Aan studenten zal een programma aangeboden worden
waarbij sterk de nadruk wordt gelegd op de relatie tussen
Studiehandleiding 2010                               Page 5
theorie en praktijk. Er zal gewerkt worden met modules
waarin verschillende werkvormen vervat zijn, die de student
zullen uitdagen om steeds een analyse, synthese en
toepassing te maken van theorie en praktijk en daarbij
kritisch te reflecteren op de Surinaamse situatie.
Binnen het opleidingsprofiel wordt systematisch gewerkt
aan vier gebieden, te weten:

2.1.1. Het opbouwen van een reservoir van kennis en
kunde
Bij dit competentiegebied gaat het om zowel
wetenschappelijke kennis [ theorieën, modellen,
onderzoeksresultaten en vooronderstellingen ] als
bekwaamheden [kundigheden] die nodig zijn om deze
kennis uit te bouwen en bij te stellen.

De competenties en/of leerlijnen die dit competentiegebied
vormen zijn:
    Bronnen       kunnen      selecteren,     samenvatten,
       analyseren, kritisch beschouwen en in verband
       brengen met andere bronnen.
    Multidisciplinair inzicht hebben in levenslopen :
       Inzicht hebben in de wisselwerking tussen iemands
       ontwikkeling en de sociale-, economische- en
       politieke omgeving [op micro, meso en macro
       niveau]
    Een onderzoekende grondhouding hebben met
       betrekking tot bronnen en cliëntsystemen, inclusief
       het functioneren van ondersteunende en/of
       hulpverlenende instellingen en personen.
    Communicatieve vaardigheden verwerven,
       mondeling en schriftelijk, audiovisueel en digitaal.


2.1.2.    Methodisch  werken     ten   behoeve     van
verschillende doelgroepen
 Het gaat hier om het functioneren in een instelling of
instituut. De competenties en/of leerlijnen die dit
competentiegebied vormen zijn:

De regulatieve cyclus

Studiehandleiding 2010                               Page 6
       Het kunnen maken van een pedagogische analyse,
        inclusief herkenning en definiëring van problemen,
        waarbij de doelgroep een individu kan zijn
        [microniveau], een groep[meso-niveau]of een
        collectief[macroniveau].
       Het kunnen kiezen van een adequate interventie uit
        de beschikbare alternatieven.
       Het kunnen plannen van de interventie.
       Het zelf kunnen uitvoeren van de interventie en het
        kunnen coördineren van de uitvoering van deze
        interventie door anderen.
       Het kunnen evalueren van de effecten van de drie
        vooraf gaande stappen.
       Het kunnen signaleren van mogelijke pedagogische
        probleemgebieden en het kunnen aangeven van de
        implicaties daarvan voor preventie, beleid en
        theorievorming

De didactische cyclus:
    Het kunnen peilen van de beginsituatie van een
       doelgroep [leerlingen, studenten, cursisten]
    Het kunnen vastleggen [ in overleg met de
       doelgroep] van doelstellingen
    Het kunnen ontwerpen van een onderwijsaanbod,
       inclusief de keuze van leerstof en didactische
       hulpmiddelen, om de doelstelling te realiseren.
    Het zelf kunnen uitvoeren van onderwijs en het
       kunnen coördineren van de onderwijsuitvoering
       door anderen.
    Het kunnen evalueren van de effecten van het
       onderwijs.

2.1.3. Werken in en vanuit de arbeidsomgeving
De term arbeidsomgeving beslaat zowel pedagogen die
functioneren in een specifieke instelling (hetzij in publieke of
private sector) als vrij gevestigde pedagogen en pedagogen
die werken op projectbasis.

De competenties en/of leerlijnen die dit competentiegebied
vormen zijn:


Studiehandleiding 2010                                    Page 7
          Inzicht hebben in arbeidsverhoudingen binnen een
           arbeidsomgeving.
          Adequaat kunnen samenwerken in teamverband.
          Het kunnen uitvoeren van coördinerende en/of
           leidinggevende taken.
          Inzicht hebben in het netwerk van pedagogische
           arrangementen, de ontwikkeling ervan en het
           relevante beleid.

   2.1. 4. Professioneel functioneren
   Het gaat hier om competenties op meta niveau, de
   competenties van een beroepsgroep die systematisch
   reflecteert op [eigen en andermans] bezigheden.
   De competenties en/of leerlijnen die dit competentiegebied
   vormen zijn:
         De competenties uit de drie andere gebieden(2.1.1
            t/m 2.1.3) en het systematisch, in hun wederzijdse
            samenhang, kunnen hanteren daarvan.
         Kunnen reflecteren op het eigen professionele
            functioneren, en op de relatie tussen professionele,
            maatschappelijke- en internationale ontwikkelingen.
         Creatief en kritisch gebruik kunnen maken van
            kennisbronnen, vaardigheden, methodieken en
            uiteenlopende vormen van communicatie in een
            complexe omgeving.


   3. Examenprocedures
   Om deel te mogen nemen aan het examen voor
    Bachelor Pedagogiek moeten de studenten :
        Alle modulen uit de propedeuse fase, de
          verdiepingsfase en de specialisatie fase hebben
          afgerond met het cijfer > of = 5.5
        Twee gekozen minors en een scriptie hebben
          afgerond, eveneens met het cijfer > of = 5.5
        Goedkeuring van de examencommissie om hun
          scriptie te verdedigen.

Taken van de examencommissie:,
- een lid wordt aangewezen als meelezer van de scriptie
  en moet binnen 2 weken commentaar geven aan de
   Studiehandleiding 2010                                 Page 8
   commissie.
- de student krijgt de scriptie terug om in samenwerking met
   de begeleider de nodige correcties te plegen en daarna in
   tweevoud in te leveren bij de OC
- de cijfers voor de cijferlijst worden nagetrokken
 - de financiële afhandeling wordt gecontroleerd
 - de nodige bescheiden,als uittreksel en plakzegel worden
        ingeleverd
 - de commissie stelt een datum vast voor de presentatie/
   verdediging van de scriptie

Bij de presentatie/verdediging van de scriptie zijn aanwezig:
De OC als voorzitter
De AOC als secretaris
De scriptiebegeleider
De meelezer
De overige leden worden ook uitgenodigd.


4. Onderwijsprogramma Bachelor opleiding
     Pedagogiek
   De opleiding is opgebouwd uit 4 fasen [ een
   propedeusefase; een verdiepingsfase; een specialisatiefase
   en een afstudeerfase] met hieraan voorafgaand een
   voorbereidende fase voor degenen die niet geheel aan de
   toelatingscriteria voldoen. Voor een goede opbouw van het
   geheel wordt eerst de voorbereidende fase uitgewerkt,
   daarna begint de eigenlijke bachelors opleiding.

   Voorbereidende fase [ 50 studiepunten]
   Deze fase is ingebouwd om de studenten             met een
   hoofdkleuterleidsters diploma met vijf [5] jaar    onderwijs
   ervaring in de gelegenheid te stellen zich        verder te
   ontwikkelen.
   In deze fase wordt de nadruk dan ook gelegd op    algemeen
   vormende vakken.




   Studiehandleiding 2010                                 Page 9
Vakken           studiepnt.            vakken studiepnt.
Ned1                   4              Ned 2             4
Wisk 1                 4              Wisk 2            4
Engels                 4              Muziek            4
Bewegingsond           4              ICT/Autenticiteit *
SLB [alle 4 perioden inclusief: studievaardigheden,
communicatie vaardigheden, omgangskunde en ethiek]
4x5=         20     Totaal           50 studiepunten

 Jaar 1   Propedeuse fase [60 studiepunten]
Deze fase is de kennismakingsfase waarbij het vak
Pedagogiek wordt geïntroduceerd met haar aanverwante
vakken en algemene- en beroepsvaardigheden
Vakken        Studiepnt.     Vakken Studiepnt.
Alg.ps                5     Ortho 1            5
Soc 1                 5     meth/tech          5
Ped 1                 5     Did 1              5
ontw.Ps               5     Snuffelstage       5
ICT/Autenticiteit   *       SLB [4x5]         20
                Totaal 60 studiepunten

Jaar 2 Hoofdfase [ 60 studiepunten]
In deze fase vindt er een verdieping van de leerstof plaats
die meer gericht is op de zelfwerkzaamheid van de student
alsook het verwerven en ontwikkelen van competenties.
Vakken          Studiepnt.        Vakken Studiepnt.
Ped 2                  5        Ortho 2                 5
Soc 2                  5        ECD                     5
Did 2                  5         Filosofie 1           5
Ond/leer Ps             5       Statistiek            5
Ortho 2                 5       Taalvaardigheid         5
               Projectstage           10
          Totaal            60 studiepunten


Jaar 3    Specialisatiefase[ 60 studiepunten]
In de specialisatiefase maken de studenten een keuze uit
de twee varianten als major: De leraren variant en de
algemene beroepen variant. Het is de bedoeling de student
zo breed mogelijk op te leiden, waardoor zij ondanks hun
keuze multi inzetbaar kunnen zijn.

Studiehandleiding 2010                                 Page 10
Vakken        Studiepnt.     Vakken     Studiepnt.
Hist ped             6       Ortho 3            6
Transcult ped        6      Case study         6
Kwaliteitszorg       6      Onderwijsk 1       6
Jeugdrecht           6      Filosofie 2        6
Verdiepingsstage 12
             Totaal      60 studiepunten

Jaar 4      Afstudeerfase [60 studiepunten]
In deze fase is het de bedoeling dat de student voor een
groot deel zelfstandig aan de slag gaat en duidelijk richting
geeft aan zijn/haar studieloopbaan. De student kiest voor
twee minors binnenzijn/haar eerder gekozen variant
[leraren variant of alg.beroepen variant] . De student zal
met begeleiding een studie maken van zijn minor en schrijft
ook in deze fase zijn scriptie. De twee minors en de scriptie
omvatten elk 20 studiepunten..

Wat is een minor?
     In een minor maak je nog meer dan in de voorgaande
     jaren kennis met het beroep waarvoor je in opleiding
     bent. De student kan nu al zelfstandig optreden om de
     werkervaring zoveel mogelijk tot leerervaring en
     leeractiviteit te maken. Het gaat hier om situaties en
     gebeurtenissen waarin de student zijn eigen
     professionaliteit ontwikkelt, door het leren van en door
     toepassen van beroepstaken in de
     beroepssituatie/stageplaats. Dit kunnen allerlei
     gespreks-en beoordelingssituaties zijn, maar ook
     activiteiten in het kader van
     deskundigheidsbevordering of innovatieve projecten.
     Met een minor ontwikkelt en verdiept de student de
     kwaliteit van zijn beroep en tevens zijn persoonlijke
     kwaliteit betreffende zijn professionaliteit.

Welke beroepstaken vallen binnen een minor?
        Uitbreiding en verdieping van de door jou
       verworven competenties



Studiehandleiding 2010                                 Page 11
        Verwerving en verdieping van kennis en
       vaardigheden die voor de uitoefening van je beroep
       van belang kunnen zijn
       Ontwerpen,organiseren en uitvoeren van
       activiteitenprogramma’s
       Ondersteunen van en bemiddelen tussen
       individuen of groepen en organisaties.
       Kwaliteitsverbetering en beleidsontwikkeling
       Het geven van leiding , hulp en begeleiding
Wat kan de bachelor pedagoog lerarenvariant?
       Je wordt leraar in het MBO-onderwijs , begeleider
       en/of trainer. Je hebt lesbevoegdheid voor de
       vakken pedagogiek, didactiek, psychologie en
       lesgeven op de pedagogische instituten.
       Je mag cursussen/workshops ontwerpen en
       verzorgen op (ped)agogisch terrein binnen
       bedrijven. Bijvoorbeeld: Communicatie- en
       gespreksvaardigheden, Maatschappijleer,
       Omgangskunde en Sociaal-emotionele
       vaardigheden
       Je mag leerlingen en cursisten met leer- en
       gedragsproblemen binnen het regulier onderwijs
       trainen en begeleiden.
       Je mag leiding geven aan een school of een
       instituut

Wat kan de bachelorpedagoog algemene
beroepenvariant?
De bachelorpedagoog algemene beroepenvariant kan op
veel terreinen aan de slag:
          Als beleidsmedewerker binnen
          orthopedagogische instellingen, en justitiële
          instellingen
           Als groepsopvoeder binnen : kinder - en
          jeugdpsychiatrie
           Binnen zorginstellingen aan kinderen en
           jeugdigen met een verstandelijk, zintuigelijk,

Studiehandleiding 2010                               Page 12
           lichamelijk en of meervoudig handicapt en als
           eerste verantwoordelijke binnen het team.
           Als case manager binnen een jeugdzorg
          instelling.
           Als pedagogische gezinsbegeleider




5. Programma inhouden

Voorbereidende fase
Wiskunde:
Evaluatie rekenonderwijs, optellen en aftrekken van
positieve en negatieve getallen,handig
rekenen, schattend rekenen, breuken, decimale getallen en
procenten. Module 1 en 2

Nederlands:
Grammaticale       problemen       [lidwoord, verbuiging,
samentrekken] gebruik van voorzetsels, voegwoorden en
verwijswoorden, werkwoordspelling, hoofdletters        en
leestekens, zinsbouw en stijlfouten. Module 1
Toepassing van regels bij het schrijven van een tekst;
Kritisch kijken naar de eigen; Schrijfprocedures; Een
samenvatting uitschrijven met een correct gebruik van de
regels van de spelling,interpuncties en de zinsbouw ;
reflecteren op sterke en zwakke punten,mogelijkheden tot
vergroten van hun eigen schrijfvaardigheden; feedback
geven aan mede studenten en hun eigen leerproces
vastleggen in een leerverslag. Module 2

Engels:
Een Engelse tekst kunnen lezen, de kerngedachte eruit
halen, een korte samenvatting ervan maken en vragen
kunnen beantwoorden [reading]; meedoen aan discussies
in het Engels,waarbij de student ingaat op hetgeen door de
ander naar voren is gebracht [listening/ speaking]; een
korte essay schrijven aan de hand van gelezen materiaal
[writing]

Studiehandleiding 2010                               Page 13
SLB
Studie     Loopbaan Begeleiding: Inleidingen POP (
Persoonlijk Ontwikkelings Plan) en PAP (Persoonlijk Actie
Plan) op basis van competenties. Hierin zijn ook
opgenomen de agogische -de studie-, persoonlijke - en
communicatieve vaardigheden en ethiek, omgangskunde,
groepsdynamica.


 Muziek:
Inleiding in de wereld van muziek: maat, melodie,
harmonie,vorm en timbre door            middel van korte
oefeningen. Nadruk op het belang van zingen en luisteren
naar goede muziek. Onderscheid kunnen maken tussen
eigentijdse muziek en culturele muziek.

Bewegingsonderwijs:
Het legitimeren van bewegingsonderwijs, relatie onderwijs
en bewegingsonderwijs, traditionele legitimering van de
lichamelijke opvoeding. Werkstuk over bewegen en
bewegingsonderwijs.

De studenten moeten verder intekenen voor de instituut
brede vakken: ICT en Autenticiteit;


Propedeuse fase
Theoretische Pedagogiek I
Waar houden pedagogen zich mee bezig; opvoeding voor
deelname aan de maatschappij; verschillende opvattingen
over opvoeden en ontwikkeling
[ naturalistische, idealistische, convergentieleer]; cultuur
kritiek van wetenschappers; opvoeding tot identiteit;
verschillende    opvoedingsmilieus met hun functies en
belang; het plaatsen van actuele maatschappelijke
ontwikkeling in pedagogisch context.




Studiehandleiding 2010                               Page 14
Algemene Psychologie
Gedrag; geheugen; emotie; cognitieve psychologie;
persoon en omgeving beïnvloeden elkaar; de persoon in
relatie tot anderen.

Ontwikkelingspsychologie
Ontwikkelingspsychologie in kaart gebracht; het bestuderen
van          de           menselijke          ontwikkeling;
ontwikkelingspsychologische theorieën; de persoonlijke
vorming van het kind; de sociale ontwikkeling van het kind;
de cognitieve ontwikkeling van het kind; opvoeding in de
puberteit.

Didactiek I
Inleiding     in  de     didactiek,  doelgericht  lesgeven,
schoolwerkplan, klassemanagement , Componenten van
het onderwijsleerproces: Doelstellingen met taxonomie van
Bloom, beginsituatie, leeromgeving, activerende didactiek,
leeractiviteiten, leerstijlen, evaluatie, toetsen opstellen,
assessment, het ontwikkelen van een eigen lesgeefstijl[en]
Het maken van een lesvoorbereiding.

Inleiding Sociologie
Sociologie als ws;mensen met elkaar;socialisatie,afwijkend
gedrag;sociale kaders;sociale ongelijkheden; sociale
veranderingsprocessen;sociale controle en macht.

Orthopedagogiek I
Inleiding in de orthopedagogiek; opvallende problemen bij
kinderen en jongeren; de werkvelden van de
orthopedagoog; mogelijkheden en beperkingen in Suriname
mbt hulp aan kinderen met problemen.

Methode en technieken
Wat is onderzoek; doelstelling en probleemstelling, type
onderzoek; Dataverzameling, observeren en interviewen,
onderzoeksontwerp, kwalitatief en kwantitatief onderzoek,
rapportage en evaluatie onderzoek.




Studiehandleiding 2010                               Page 15
SLB
Studieloopbaan Begeleiding: Inleidingen POP ( Persoonlijk
Ontwikkelings Plan) en PAP (Persoonlijk Actie Plan) op
basis van competenties. Hierin zijn ook opgenomen de
agogische -de studie-, persoonlijke - en communicatieve
vaardigheden en ethiek, omgangskunde, groepsdynamica.
Verspreid over vier perioden. [identiek als in de
voorbereidende fase]

Snuffelstage
 In deze stage gaan de studenten zich binnen drie dagen
oriënteren binnen een onderwijs instelling [ creche,
peuterschool, kleuter/basisschool, VOJ , volwassenen
educatie en twee orthopedagogische werkvelden [
internaten, kindertehuizen, SO scholen, kinderpsychiatrie,
maatschappelijk werk binnen zieke inrichtingen, jeugd
delinquentenzorg, jeugd penitentiaire inrichtingen,
instellingen voor meervoudig gehandicapten, Jeugdzaken
van het minov] taken binnen deze stage zijn:
1. De student observeert en beschrijft de instantie
2. De student bereidt interviews voor en neemt die af op de
werkvloer
3. De student analyseert de gegevens en de
leermomenten, en legt die vast in een leerverslag.

 Hoofdfase
 Pedagogiek II
De opvattingen van de westerse cultuur over de omgang met kinderen
in verband brengen met opvattingen in niet westerse culturen. Kunnen
komen tot een eigen pedagogische visie. Morele opvoeding en karakter
verandering. Ontwikkelingen en problemen rond de adolescentie
periode.    Voorlichtingsfolder ontwikkelen/ samenstellen
met betrekking tot sexueel overdraagbare aandoeningen,
tiener zwangerschap of drugspreventie.

Didactiek II
De school en de leeromgeving : Onderwijsmanagement,
differentiatie in het onderwijs ; projectonderwijs, probleem
gestuurd onderwijs, Zes Pedagogische scholen,
Schoolorganisatie, Methoden van de basisschool


Studiehandleiding 2010                                 Page 16
gekoppeld aan de vernieuwde 11 jarige basisschool in
Suriname

Sociologie II
Betekenis van onderwijs voor de samenleving, onderwijs en
Ontwikkeling, relatie    met de arbeidsmarkt, algemeen
vormend       versus  beroepsonderwijs,    onderwijs   en
armoedebestrijding,    vruchtbaarheid   en    gezondheid,
onderwijs hervormingen, volwassenen educatie.

Orthopedagogiek II
De theorie over leerstoornissen. Het verschil tussen
leerstoornissen en leermoeilijkheden. leerstoornissen -
primair gelegen in de cognitieve ontwikkeling. De theorie
over leerproblemen. Leerproblemen- secundair gelegen in
de omgeving of in een ander probleem.

Filosofie I
De Griekse filosofie [de bloei van de Griekse Wijsbegeerte]
De filosofie van de verlichting en het werk van Immanuel
Kant;

Statistiek I
Waarde van statistiek voor een samenleving, waarde
statistiek voor een onderzoek, tabellen en frequentie
verdelingen, grafieken en diagrammen, rekenkundige
gemiddelden, indexcijfers, correlaties.

ECD
Inleiding; gebieden i. v. m. de kritische ontwikkeling van
kinderen; successen van ECD interventies; criteria voor het
ontwerpen van effectieve ECD programma’s; ECD in
Suriname

Jeugdrecht
Juridische begrippen, gezagsvormen, omgangswet en
hoorrecht,Gevolgen van echtscheiding of verbreking van
samen        woningsverband,       kinderbeschermende
maatregelen,   instanties die   zich    met       jeugd
beschermingswerk bezig houden [inc. de school], de rol


Studiehandleiding 2010                              Page 17
van bureau voor familierechtelijke zaken, voogdijschap en
adoptie

Kwaliteitszorg
Kwaliteit en kwaliteitszorg, Kwaliteitsmanagement binnen
een organisatie [instelling, instituut of inrichting].
 Het ontwikkelen van een pedagogisch beleid ten behoeve
van een organisatie; het vertalen van het            pedagogisch
beleid naar de overige aspecten van beleid zoals:
personeelsbeleid, financieel beleid; evaluatie beleid,
accommodatiebeleid, organisatiebeleid en ouderbeleid;
kwaliteitszorgsystemen; het meten van kwaliteit binnen een
organisatie; het samenstellen van een kwaliteitszorg plan.


Taalvaardigheid
Het constructief maken van leerverslagen volgens de juiste
schrijfregels, de kern uit een verhaal of informatiestuk halen
en deze verwerken tot kernachtige doelen ter voorbereiding
van een presentatie.

Projectstage van een week op de werkplek.
De projectstage is een vervolg van de snuffelstage en een
voorbereiding op de verdiepingsstage. Hopelijk bent u na
uw oriëntatie-periode en na uw persoonlijke zoektocht naar
informatie over de verschillende domeinen binnen de
werkvelden, wel instaat zich te committeren aan een
domein van uw keuze. De domeinen zijn u bekend en de
bedoeling is dat u zelf op zoek gaat naar een stage plek.
Formaliteiten t.b.v. het mogelijk maken van uw stage zoals
een begeleidend schrijven, zullen aan u verstrekt worden
door de opleiding. U hoort op uw stageplek invulling te
geven aan uw stage door een week lang mee te lopen, voor
zover mogelijk actief te participeren, informatie te
verzamelen, maar vooral goed te observeren. Dit proces
dient u te beschrijven in de vorm van een verslag en valt
uiteen in vier delen;
Deel I Uw ambitie niveau, uw motivatie en uw affiniteit
Deel II Historie van de werkplek, voorzieningen en de
kwaliteit daarvan
Deel III De verrijking, de leermomenten en de [eigen]

Studiehandleiding 2010                                   Page 18
verwachtingen
Deel IV Competenties m. b.t: Het organisatorisch
vermogen ;
 Het kunnen samenwerken met collega’s en de omgeving
en het interpersoonlijk competent zijn


Specialisatie fase
Onderwijsleerpsychologie
Wat is onderwijsleerpsychologie, leren beschrijven in
leerprocessen, geheugen processen en verwerving
van kennis, vaardigheden, onderwijsstrategieën.

Historische pedagogiek
Theorieën binnen de onderwijspedagogiek Geestes
wetenschappelijke     Pedagogiek; Empirisch analytische
pedagogiek; Kritische pedagogiek

Transculturele pedagogiek
Opvoeden zonder vooroordelen,waarde en normen,
opvoeding binnen cultuurhistorische context, pedagogiek
van de waarde communicatie, identiteit en Diversiteit,
empathisch vermogen, beeldvorming, onderkennen van en
reageren op vooroordelen en discriminatie, het actieve
contact,rol van religie en levensbeschouwing in het
algemeen.

Onderwijskunde /opleidingskunde I
Algemeen
Onderwijskunde als ws, onderwijsbeleid op macro niveau,
enkele onderwijssystemen en het Surinaams systeem , ons
ministerie van onderwijs nader bekeken,
De gemeenschap en de lerende gedachte.
Innovatie
Onderwijsvernieuwing en competenties hierbij.
Invoeringsplan, , vernieuwingen binnen ons onderwijs
systeem, doorzettingsvermogen. Innovatiemanagement en
Professionele onderwijsverbetering,
Curriculumontwikkeling
Informatie technologie en onderwijsbeleid, curriculum
theorie en technologie. Leerstof analyseren en verwerken

Studiehandleiding 2010                                  Page 19
tot een werkplan; ontwikkelen van een cursushandleiding
voor een afgerond onderdeel van een vak,rekening
houdende met de leer- en werkomgeving.

Orthopedagogiek III
Hulpverlening ten behoeve van instellingen grondslagen
van orthopedagogische theorieën als hulpverlening komen
hier aan de orde. Naast algemene diagnostische kennis
oefent men de diagnostische vaardigheden met betrekking
tot leer- en gedragsproblemen en verdiept men zich in een
aantal behandelingsmethodieken. Daarnaast bereidt men
zich voor op preventie en voorlichting


Filosofie II
                   e
Filosofie van de 19 eeuw
Positivisme, materialisme en marxisme
Wetenschapsfilosofie, pragmatisme , existentiefilosofie

Case studie en actie onderzoek
Verzamelen , analyseren en rapporteren van gegevens,
modellen van actie onderzoek en uitvoeren van actie
onderzoek
Verdiepingsstage Leraren variant:
Stage doelen:
Aan het eind van de stage kan de student:
- Leerstof op een efficiënte manier plannen, overdragen
   en evalueren
 - Kennis middels praktijkonderzoek produceren en deze
   zelfstandig uitbreiden,verfijnen en toepassen ten
   behoeve van de stage/werk plek [bv in een workshop
   of lezing].
- Reflecteren op eigen planmatig,didactisch en
   pedagogisch handelen.
– Omgaan met feedback van collega’s en begeleider en
    in teamverband werken.
Stage opdrachten :
1 De stagiaire analyseert het curriculum voor het vak
Pedagogiek en bepaalt samen met de mentor welke lessen
zij zullen verzorgen. Drie lessen onder supervisie van de
mentor en drie examenlessen in aanwezigheid van de

Studiehandleiding 2010                               Page 20
praktijkbegeleider.
2 Voor alle zes lessen dient de stagiaire extra bronnen te
raadplegen en de leerstof indien nodig aan te vullen.
3 De stagiaire vraagt toestemming van de mentor om twee
keren mee te lopen in de praktijk en maakt een verslag
van begeleidingsgesprekken met de studenten.
4 De stagiaire maakt een draaiboek van een zelfopgezette
training over een nascholingsactiviteit op het Instituut en
voert dit waar mogelijk uit
Begeleiding en beoordeling
Vanuit de opleiding en vanuit de stageplek krijgt de student
begeleiding bij het werken in de praktijk. Beide vormen van
begeleiden richten zich op hetzelfde doel: competentie
ontwikkeling door middel van beroepstaken. Bij de opleiding
ligt het accent op de eigen mogelijkheden van de student
binnen het toekomstige beroep in een brede context. Op
de stageplek staat het werken binnen dit werkveld en met
deze      doelgroep    centraal.    Uiteraard     wordt     de
competentieontwikkeling van de student ook beoordeeld.
Hierbij spelen de praktijkbegeleider, de mentor en de
medestudenten een rol. De stage levert de student in totaal
12 studiepunten op.
De praktijkbegeleider is een docent van het IOL die de
student begeleidt zowel op het instituut als op de stageplek.
Hij is de procesbewaker en is het raadzaam om een goede
samenwerkingsrelatie op te bouwen met de student. De
Mentor is een leraar op het instituut, waar de student stage
loopt. De mentor biedt de student mogelijkheden om
zijn/haar lessen in overleg over te nemen en kijkt toe hoe
dat gebeurt en geeft feedback aan de student. Het ligt in de
bedoeling dat de medestudenten ook enkele lessen van
elkaar volgen en verslaan ten behoeve van de supervisie
gesprekken.
Alvorens de student de praktijk ingaat dient hij eerst een
persoonlijk ontwikkelingsplan [POP] te maken over het
reflecteren op en plannen van zijn studieloopbaan, gericht
op de zeven beroepscompetenties van de docent. Hierin
heeft de student overzicht over de hele stage periode, de
voortgang daarvan en de keuzes daarbinnen. De student
stelt samen met de praktijkbegeleider zijn stagecontract op.
Hierin staan alle gegevens van de student en de

Studiehandleiding 2010                                 Page 21
   opdrachten en taken die hij te vervullen heeft op de
   school/instituut met data.. Het contract wordt getekend door
   de begeleider, de student en de directeur van de school of
   het instituut.

   Stage scholen
   De stagescholen zijn:
   1. Het Christelijk Pedagogisch Instituut
   2. Het Surinaams Pedagogisch Instituut
   3. Het Albert Cameron Instituut
   4. De Hoofdkleuterleidster opleiding]
   5. De Avond Onderwijzersakte


   Afronding
   De stage is een voldoende als :
   A Alle acht opdrachten zijn uitgevoerd en verzameld in
     een stagedossier/portfolio [verzameling van bewijzen
     voor de ontwikkeling van uw competenties als leraar.
     De bewijzen kunnen ontleend worden aan ervaringen
     binnen de opleiding hetzij cijfers/studiepunten,
     werkstukken, feedback van docenten en
     medestudenten)
   B Drie examenlessen met succes zijn afgerond.

                  Eind beoordeling:
 (1 x cijfer stageverslag + 2 x gemiddeld cijfer lesgeven)
                         :3
Verdiepingsstage Algemene Beroepenvariant:
   Stagedoelen:
   Aan het eind van de stage kan de student :
                De geleerde theorieën integreren en toepassen
                in een praktijksituatie, op verschillende werk-en
                denkniveaus
                ( micro, meso, macro)
                 De creativiteit aan de dag leggen om in te
                spelen op, voorspelbare en onvoorspelbare
                situaties die zich voordoen op de stageplek.
                 Werkmodellen en instrumenten op de stageplek
                kritisch analyseren en evalueren.


   Studiehandleiding 2010                                 Page 22
            Gegevens met betrekking tot
           opvoedingsgedrag, leergedrag en
           omgangsgedrag onderzoeken, alsmede zaken
           met betrekking tot de groepsdynamica
           analyseren en vastleggen.
            Een intake ( gesprek ) afnemen.
       .   De haalbaarheid van verschillende
           competenties die horen bij de verschillende
           opdrachten, toetsen aan zijn of haar
           persoonlijke situatie en persoonlijke ontwikkeling
 Stage opdrachten
1 De student observeert de gang van zaken op en rond de
werkplek en legt die vast.
2 De student loopt, in overleg met de mentor en
leidinggevende, mee met verschillende medewerkers die
een rol van betekenis vervullen binnen de optiek van de
student en legt de ervaringen vast.
3 De student vervult een actieve participerende rol binnen
de     werkplek en legt de ervaringen, en ontwikkelde
competenties vast.
4 De student legt een link tussen de verworven
competenties en zijn/haar POP.
5 De student sluit zijn/haar stage af met een case study,
waarin een keus voor een case binnen de werkplek
wordt gemaakt .
6 De case wordt afgesloten met conclusies en
aanbevelingen.
Begeleiding en beoordeling
Met betrekking tot de praktijkbegeleider geldt hetzelfde als
de stage bij de lerarenvariant.
De mentor is een werker op de werkplek waar de student
stage loopt. De mentor heeft inzage in de opdrachten van
de student, biedt de student de ruimte om zijn /haar
opdrachten uit te voeren en voorziet in feedback. Indien
mogelijk      woont      de     student     vergaderingen,of
werkoverleggingen       bij,  Intervisiegesprekken,    intake
gesprekken, gesprekken tussen begeleiders en cliënten.
Uitgaande van de beroepscompetenties bekend bij de
studenten zal hun POP dienen als één van de
uitgangspunten bij de beoordeling.
Stage plaatsen

Studiehandleiding 2010                                Page 23
Internaten, zorginstellingen voor kinderen en jeugdigen met
een fysieke of mentale beperking. Instellingen voor jeugd
delinquenten , reclassering, kinderbescherming, Bureau
Familierechtelijke zaken, speciaal onderwijs scholen,
bureau speciaal onderwijs, bureau jeugdzorg, afdeling
begeleiding (MINOV), afdeling Maatschappelijke zorg
(sozavo)
                 Afronding
 De stage is voldoende als:
         A Als aan alle 6 opdrachten is voldaan
         B De case studie met een voldoend cijfer
           beoordeeld is.
               Eindbeoordeling:
1xcijfer opdrachten + 2x cijfer case studie
                  :3
Afstudeer fase

Minor I
Management & beleid
Toegespitst op de leraren variant
Strategisch management, organisatie ontwikkeling,
personeelsbeleid, kwaliteitszorg,
Leiderschapsontwikkeling

Management & beleid
Toegespitst op de algemene beroepen variant ( in de
ambulante en residentiële setting )
Strategisch   management,        organisatie   ontwikkeling,
personeelsbeleid, kwaliteitszorg,
Leiderschapontwikkeling , macht, invloed en leiding


Minor II
ECD
Toegespitst op de lerarenvariant
Voorwaarde en ontwikkeling van een ECD programma,
onderzoek naar wat er gedaan wordt op ECD gebied in
Suriname en binnen de regio ( Caricom), de betekenis
van ECD binnen de verschillende ECD domeinen en de
aspecten die daaraan inherent zijn , het analyse van het

Studiehandleiding 2010                               Page 24
creche beleid, de peuterscholen en de kleuterfase[4-8
jarigen en het schrijven van een beleidsplan voor ECD
binnen een van de domeinen,

 Adviseren en Begeleiden
Toegespitst op de algemene beroepen variant
Vormen van begeleiden binnen het orthopedagogisch
werkveld
Individuele begeleiding,consultatie,supervisie
Visies op begeleiden, communicatie, probleemoplossing,
besluitvorming en conflicthantering
Teamprocessen in orthopedagogishe werksituaties
Onderzoek plegen naar het verloop van teamprocessen
binnen de orthopedagogische praktijk

Minor III
Volwassenen Educatie
Toegespitst op de leraren variant
De student zoekt naast de opgegeven literatuur zelfstandig
vakoverstijgende literatuur op minstens 4 sites en/of 2
boeken; laat zich informeren over instanties waar
volwassenen educatie wordt gebezigd en maakt een keuze
om 1 situatie te gaan analyseren; onderzoekt de visie van
het minov met betrekking tot schoolverlaters en
zittenblijvers binnen de 11 jarige basisschool.

Diagnostiek en hulpverlening
Toegespitst op de beroepen variant
Diagnostische      modellen,     intake,     diagnostische
instrumenten
Ontwikkelingsstoornissen,              regulatieproblemen,
hechtingsstoornissen, trauma’s’,
Hulpverlening als er weinig voorzieningen zijn, infancy en
early childhood development
Transculturele en religieus/ spirituele aspecten van
opvoeding en psychopathologie.




Studiehandleiding 2010                              Page 25
Scriptie als speciaal afstudeer onderdeel wordt in een
aparte handleiding verwerkt.




            Bachelor Pedagogiek IOL
                 2010-2011




Studiehandleiding 2010                            Page 26

						
Other docs by suchenfz
armtrack
Views: 1440  |  Downloads: 0
Miscellaneous Items - GSA Home
Views: 269  |  Downloads: 0
BRAIN_CHIPS
Views: 316  |  Downloads: 0
National Informatics Centre (DOC download)
Views: 125  |  Downloads: 0
preps
Views: 278  |  Downloads: 0
FLKS_Supplies_Invoice2
Views: 0  |  Downloads: 0
D46940-Georgia O'Keefe
Views: 0  |  Downloads: 0
info - Excel Document - Village of Nobleford
Views: 0  |  Downloads: 0
Workpapers
Views: 229  |  Downloads: 0