Docstoc

trefwoorden datacommunicatie en netwerkenxls - Volwassenenon

Document Sample
trefwoorden datacommunicatie en netwerkenxls - Volwassenenon Powered By Docstoc
					Woord of Afkorting:
10Base-T


LAAG:
Fysieke Laag : is een soort kabel

Betekenis:
Ethernet beperkt zich niet tot de datalink laag en MAC, maar begint bij de fysische laag. We beginnen met 4
soorten bekabeling (fig. 4.13): 10Base5, coax / 10Base2, coax / 10Base-T, 100Base-T, twisted pair … 10 BaseT
is twisted pair max 100meter en cheapest system, 10Base-T is een twisted pair bekabeling die vertrekt van uit een
HUB of een Switch die een afzonderlijke lijn heeft naar ieder station en die zelf op een backbone aangesloten is
(fig.4.14)

Woord of Afkorting:
ACK


LAAG:
Datalinklaag (belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer)

Betekenis:
Bij bevestigde verbindingsgerichte diensten, wordt er een positieve of negatieve bevestiging verwacht van de
ontvanger (--> ACK = positieve bevestiging). binnen een bepaalde tijd limiet, komt die er niet of krijgt hij een
negatieve bevestiging, dan stuurt hij het frame opnieuw op. Om dubbele ontvangst van het frame te herkennen
gebruikt men een volgnummer, zodat het frame geen 2 maal doorgegeven wordt aan de hogere laag


Woord of Afkorting:
ActiveX


LAAG:
Applicatielaag: Hfdst Dynamische webdocumenten

Betekenis:
De Microsoft tegenhaner van applet is ActiveX bedienningselementen --> Genereren van dynamische
webpagina’s door de clientcomponenten




Woord of Afkorting:
ad-hocnetwerken


LAAG:
NETWERKLAAG (netwerklaag zorgt er voor dat de gegevens toe komen op het juiste adres)

Betekenis:
 --> MOBIEL NETWERK : Als we nu nog een stap verder gaan dan kunnen we de routers ook mobiel maken,
zodat alle gebruikelijke regels die gelden bij vaste bekabeling hier niet van tel zijn. Het algoritme om de kortste
route te bepalen geld hier niet daar de routers en hosts (nodes, knooppunt) op een bepaalde plaats kunnen zijn,
kunnen verdwijnen en op een andere plaats weer kunnen opduiken, Eén van de meest bekende is de AODV
Woord of Afkorting:
Adresresolutie


LAAG:
DATALINKLAAG: ethernetadressen / Netwerklaag: IP adressen

Betekenis:
Is het vertalen van het protocoladres (IP-adres) naar een equivalent hardwareadres (Ethernet-adres). Dit
noemt men ook binding van protocoladressen …De datalinklaag (niveau 2) kent geen IP-adressen,
m.a.w. Ethernet dat gebruikt wordt om de boodschappen naar de stations te versturen kent geen IP-
adressen, maar wel Ethernet-adressen. Om nu de link te leggen tussen het IP-adres en het Ethernet-
adres gebruikt men het ARP protocol
Woord of Afkorting:
ADSL


LAAG:
FYSIEKE LAAG: NETLIJNEN

Betekenis:
Asymetric Digital Subscriber Line,,, Door de opkomst van het Internet en daar de kabeltelevisie industrie en satellietverbindingen veel
hogere transmissiesnelheden bieden (50 Mbps) en er veel inkomsten mee gepaard gaan, kan de telefoon industrie niet langer toekijken en
ontwikkelen ze de xDSL, waarbij ADSL (Asymetric Digital Subscriber Line) de bekendste is. Op het punt waar elke netlijn eindigt in de
eindcentrale loopt de kabel door een filter die alle frequenties onder de 300 Hz en boven de 3400 Hz verzwakt, hoewel men spreekt van een
4000 Hz bandbreedte. Bij aansluiting van ADSL gaat men die filtering weg laten zodat de volledige capaciteit van de netlijn beschikbaar
wordt

Woord of Afkorting:
ALOHA


LAAG:
SUBLAAG MAC

Betekenis:
4.2 Protocollen voor een kanaal met multiple access,,, Zuivere ALOHA (fig. 4.1):
Het station luistert niet naar het kanaal voordat het gaat zenden, m.a.w. het kan niet weten als er al een ander frame
onderweg is. Als er een botsing is (collisions), dan worden de 2 bootschappen op willekeurige tijdstippen opnieuw verzonden,
anders hebben ze terug een botsing. .... Slotted ALOHA: Het station luistert vooraleer hij zendt, is er iets op de lijn dan wacht
hij totdat er een carriage return (einde van een boodschap) op de lijn aanwezig is vooraleer zijn boodschap te verzenden,
deze methode noemt men carrier sensing.


Woord of Afkorting:
AMPS
LAAG:
FYSIEKE LAAG: MOBIELE TELEFOONS
Betekenis:
Advanced Mobile Phone System. Werd in het begin de jaren tachtig in de VS geïnstalleerd. Bij alle mobiele telefoonsystemen
wordt een geografisch gebied verdeeld in cellen, die meestal een doorsnee van 10 tot 20 km hebben, bij digitale systemen
zijn de cellen kleiner. Elke cel gebruikt een reeks frequenties die niet door een van de aangrenzende cellen gebruikt worden.
Het centrale idee dat cellulaire systemen een veel grotere capaciteit geeft dan alle eerdere systemen, is het gebruik van
betrekkelijk kleine cellen en het hergebruik van frequenties in naburige (maar niet aangrenzende) cellen. een AMPS systeem
kan uit 10 cellen van 10 km in hetzelfde gebied bestaan en op elke frequentie 5 tot 10 gesprekken hebben in cellen die ver
genoeg van elkaar verwijderd zijn
Woord of Afkorting:
Analoge
LAAG:
FYSIEKE LAAG: structuur telefoonsysteem
Betekenis:
Een analoog signaal is een signaal dat continu variabel is, in tegenstelling tot een digitaal signaal dat slechts een beperkt aantal discrete
niveaus kan aannemen ,,, In de eindcentrale van de telefoonmaatschappij worden de gegevens geconverteerd naar een digitale vorm zodat
ze kunnen verzonden worden over lange afstandslijnen,,, Analoge signalen zijn onderhevig aan: - Verzwakking, is het verlies van energie
terwijl het signaal zich voortplant.,,. De hoeveelheid verlies hangt af van de frequentie. - Vertragingsvervorming, door de lange afstand
verzwakt het signaal maar plant het signaal zich ook trager voort - Ruis, is ongewenste energie veroorzaakt door andere bronnen dan de
zender, Dit alles kan leiden tot vervorming van de data.- netlijnen tussen telefoon en eindcentrale, analoge twisted pair kabels
- interlokale lijnen tussen verkeerscentrales onderling en districtcentrales, digitale glasvezelkabels




Woord of Afkorting:
Anycast


LAAG:
APPICATIELAAG: DNS
NETWERKLAAG: anycast-adressen geconfigureerd worden in de netwerklaag
Betekenis:
Een root-server waarvan zijn locatie verwijst naar anycast wil zeggen dat hij doorverwijst naar een andere server met het zelfde IP-adres.
Wanneer een host gegevens wil versturen naar een andere host van een bepaald type, maar het daarbij niet uitmaakt welke host specifiek de
gegevens ontvangt, spreken we van anycast. De voordelen van anycasting situeren zich vooral in het beheer; indien meerdere servers een
bepaalde service aanbieden op hetzelfde anycast-adres, kan het uitvallen van een server gecompenseerd worden door deze tijdelijk uit de
anycast routing-configuratie te halen



Woord of Afkorting:
AODV


LAAG:
PADBEPALING IN DE NETWERKLAAG
TYPE NETWERk
Betekenis:
ad-hocnetwerken : Eén van de meest bekende is de AODV (Ad-hoc On-Distance Vector), er wordt alleen een pad
naar een bestemming bepaald wanneer iemand een pakket naar de bestemming wil verzenden. De zendende node
stuurt zijn bericht uit naar zijn gebeuren, die sturen op hun beurt het verder naar hun beuren, enz… tot dat het
bericht de bestemming bereikt


Woord of Afkorting:
applet


LAAG:
APPLICATIELAAG
Genereren van dynamische webpagina’s door de clientcomponenten
Betekenis:
Genereren van dynamische webpagina’s door de clientcomponenten, Dit zijn kleine java-applicaties die
gecompileerd zijn tot machine instructies voor een virtuele computer met de naam JVM (Java Virtual Machine).
Applets zijn ingesloten in HTML door <applet> en </applet>. Fig. 7.40 geeft u een overzicht van de verschillende
methoden. De Microsoft tegenhaner van applet is ActiveX bedienningselementen
Woord of Afkorting:
ARP


LAAG:
NETWERKLAAG (datalinklaag: ethernetadres: moet converted worden naar IP)
Besturingsprotocollen in het Internet
Betekenis:
Address Resolution Protocol : Om nu de link te leggen tussen het IP-adres en het Ethernet-adres gebruikt men
het ARP protocol, m.a.w. ARP lost het probleem op van hoe kan worden bepaald welk Ethernet-adres
correspondeert met een gegeven IP-adres.



Woord of Afkorting:
ARPANET


LAAG:
VOORBEELD VAN EEN NETWERK

Betekenis:
Voorganger van het TCP/IP netwerk: TCP/IP is een verdere uitbreiding van het ARPANET, een netwerk dat in opdracht van
het DoD (Department of Defence) werd ontwikkeld. Dit netwerk bestaat uit 4 lagen: - host naar netwerk - internet (IP) -
transport (TCP) - applicatie ... In de jaren 1960, de tijd van de koude oorlog, gaf het DoD de opdracht om een netwerk uit te
werken die bij een aanval van de Russen zou overleven (fig. 1.25). Dit netwerk werkt met pakketgeschakelde store en
forward in plaats van de traditionele rechtstreekse verbindingen



Woord of Afkorting:
ASP


LAAG:
APPLICATIELAAG

Betekenis:
Active Server Pages… Context: Genereren van dynamische webpagina’s door de servercomponenten. Bij dynamische
webpagina’s door servercomponenten gegenereerd, zal de server bij aanvraag van het web pagina het document genereren
met de actuele gegevens vanuit de data base. Daarbij kan men gebruik maken van bvb ASP. Is Idem als PHP, maar het
dynamische gedeelte wordt in de Microsoft scriptingtaal geschreven. (PHP instructies bevinden zich in de web-pagina zelf
tussen de HTML tags en worden door de server en de browser geïnterpreteerd)



Woord of Afkorting:
asyncroon


LAAG:


Betekenis:
Verbindinggerichte dienst met BYTESTROOM: er wordt byte per byte gestuurd
Woord of Afkorting:
ATM

LAAG:
NETWERKLAAG: NETWERKPROTOCOL
Betekenis:
Asynnchronous Transfer Mode . Als bij ATM eenmaal de verbinding tot stand is gekomen zullen de gegevens altijd dezelfde route volgen
dit noemt men een virtuele route. ATM heeft een eigen referentiemodel dat afwijkt van OSI en TCP/IP, deze kunnen zowel spraak, video en
data versturen. Een belangrijk kenmerk van een ATM-netwerk is dat het in staat is zogeheten Quality of Service te bieden. Dit betekent dat
de prioriteit en de bandbreed - te van de verbinding kunnen worden aangeven, en dat het netwerk deze zal garanderen. (ATM) is een
netwerkproto - col, gebaseerd op pakketjes van 53 bytes, die door ATM-switches van de bron naar de bestemming worden gevoerd. Dit
gebeurt over een Virtual Channel (VC) dat door het netwerk heen wordt aangelegd bij het opzetten van een verbinding




Woord of Afkorting:
bandbreedte


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Betekenis:
hoe vlug kunnen we van negatieve naar positieve stroom overschakelen of wat is de maximale frequentie waarmee de hardware een signaal
kan veranderen, dit noemt men de bandbreedte en wordt uitgedrukt in cycli per seconde of Herts (Hz). Een coaxkabel kan een
bandbreedte aan tot 1GHz en wordt veel gebruikt bij kabeltelevisie. Glasvezel heeft een veel grotere bandbreedte dan satellieten, maar op
glasvezel wordt die bandbreedte gebruikt om meerdere tegelijkertijd te laten op werken / De frequentie (bandbreedte) die men gebruikt bij
modems is 2400 Hz en men probeert daarbij meer bits per sample te krijgen / ADSL Bandbreedte: 4000 Hz /- Bij circuitschakeling kan
men de bandbreedte reserveren éénmaal het pad gekozen is


Woord of Afkorting:
BGP

LAAG:
NETWERKLAAG: 6 Internetwerkroutering

Betekenis:
Border Gateway Protocol: is het belangrijkste routing protocol van het internet. Het werkt door een tabel van IP netwerken of 'prefixes' bij
te houden welke de netwerk bereikbaarheid tussen autonome systemen (AS) aangeven. BGP gebruikt geen technische metrics, maar maakt
routerings-beslissingen gebaseerd op network policies of regels..... is op identieke manier opgesteld als OSPF maar moet rekening houden
met (laat men noemen) politieke eisen zoals: - geen doorgaand verkeer door bepaald AS’en / Plaats nooit Irak in een route die bij het
Pentagon begint / gebruik de verenigde Staten niet om van Britisch Columbia naar Ontario te gaan / ga alleen door Albanië als er geen
andere route naar de bestemming mogelijk is / verkeer dat bij IBM begint of eindigt mag niet door Microsoft gaan


Woord of Afkorting:
bluetooth


LAAG:
DRAADLOZE NETWERKEN

Betekenis:
) draadloze verbindingen binnen systemen, is het draadloos koppelen van toestellen zoals muis, klavier, printer aan de
computer, deze noemt men bluetooth… Draadloze verbindingen binnen systemen, is het draadloos koppelen van toestellen
zoals muis, klavier, printer aan de computer met goedkope korte golf zenders met een beperkt vermogen. De structuur van
een bluetooth bestaat uit een Piconet met max. 7 actieve slaves. Ieder slave kan max. 255 geparkeerde nodes hebben die
zich in een slaap toestand bevinden en reageren op een activeringssignaal. Meerdere Piconetten vormen een Scatternet
Woord of Afkorting:
BOOTP


LAAG:
NETWERKLAAG

Betekenis:
Soms moet men ook kunnen bepalen welk Ethernet-adres correspondeert met welk IP-adres, het omgekeerde van ARP -->
RARP (Reverse Address Resolution Protocol). In de RARP server liggen alle links tussen Ethernet en IP adressen vast.
Per LAN segment moet er een RARP server aanwezig zijn, daar de routers de RARP boodschappen waarvan het
bestemmingsadres bestaat uit allemaal 1, niet doorlaten. Om dit euvel te vermijden hebben ze het protocol BOOTP



Woord of Afkorting:
Bridge


LAAG:
SUBLAAG MAC - geschakeld ethernet

Betekenis:
bridge, controleert de frames, laat geen storingen door en geeft enkel door wat nodig is, m.a.w. een boodschap die
bestemd is voor een station op hetzelfde segment wordt niet naar het andere segment doorgestuurd




Woord of Afkorting:
Broadcasting


LAAG:
NETWERKLAAG
netwerklaag zorgt er voor dat de gegevens toe komen op het juiste adres
Betekenis:
Men spreekt van broadcasting wanneer het pakket naar alle computers wordt verstuurd Hiervoor zijn meerdere methoden: vanuit de bron
een afzonderlijk pakket naar elke bestemming zenden, dit vereist dat er een tabel gekend is waarin alle bestemmelingen gekend zijn en
verspilt veel bandbreedte /- flooding, het doorgeven van het pakket naar alle aangeslotenen / multidestination routing, het pakket bevat een
lijst met de bestemmelingen zodat de ontvangende router weet naar welke adressen de boodschap moet gestuurd worden / gebruik maken
van een sink tree of spanning tree waarbij de boodschappen maar worden doorgestuurd naar de routers die nodig zijn



Woord of Afkorting:
Broadcastroutering


LAAG:
NETWERKLAAG
netwerklaag zorgt er voor dat de gegevens toe komen op het juiste adres
Betekenis:
Indien men een boodschap niet aan iedereen (broadcasting) maar aan geselecteerde ontvangers die tot een groep behoren wil versturen dan
spreekt men van multicasting en gebruikt men multicastroutering. Het is van belang dat routers weten welke van hun hosts tot welke
groepen ze behoren, m.a.w. routers moeten periodiek bij hun hosts informeren tot welke groepen ze behoren en omgekeerd, dat de host de
router op de hoogte moet brengen als er veranderingen zijn. Routers geven die informatie door aan hun buren zodat de informatie zich
verspreid over het volledige subnet. Om multicastroutering uit te voeren berekent elke router een spanning tree die all routers van het subnet
omvat.
Woord of Afkorting:
broadcast-storm


LAAG:
TRANSPORTLAAG
6.6.1 Performceaspecten in computernetwerken
Betekenis:
Performance problemen kunnen er komen door: door een verkeerde parameter in het TPDU protocol mee te geven en die
naar duizenden computers door te sturen, dan antwoorden die duizenden computers dat het ontvangen bericht foutief is, wat
een overbelasting te weeg werkt (broadcast-storm).




Woord of Afkorting:
Burst


LAAG:
DATALINKLAAG
Foutdetectie
Betekenis:
stootsgewijs (optreden van transmissiefouten)




Woord of Afkorting:
Bustechnologie


LAAG:

TOPOLOGIE LOKALE NETWERKEN (LAN)
Betekenis:
De bustechnologie bestaat uit een centrale lijn waar meerdere toestellen worden op aangesloten. Iedereen luister
naar wat er op de lijn verstuurd wordt, is de boodschap voor hem dan verwerkt hij die (broadcasting). Het meeste
bekende is ethernet. Snelheden van 10Mbs tot 10Gbs zijn gebruikelijke snelheden



Woord of Afkorting:
CDMA


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Mobiele telefoon systeem
Betekenis:
DIGITAAL TELEFOONSYSTEEM: Code Division Multiple Access, CDMA werkt volledig anders en vormt de basis voor
de 3de generatie mobiele systemen. In plaats van het toegewezen frequentiebereik op te splitsen in enkele honderden smalle
kanalen, laat CDMA elk station altijd zenden over het hele frequentiespectrum. Verschillende gelijktijdige transmissies
worden van elkaar gescheiden door gebruik te maken van een codering. Een bit wordt voorgesteld door een combinatie van
bits (chips) genoemd. Ieder station wordt een combinatie toegekend en die moeten ze respecteren gedurende de conversatie.
Woord of Afkorting:
CDN’s


LAAG:
APPLICATIELAAG
Inhoudafleverende netwerken
Betekenis:
Content Delivery Networks. Deze zal uw website door een preprocessor laten lopen die de code van uw website zal
aanpassen, nl. de verwijzingen naar images, video en andere grootte objecten worden vervangen en verwezen naar zware
servers waar die objecten opgeplaatst worden (7.46). Uw aangepaste web code kan dan draaien op uw kleine web server
terwijl de zware objecten op grootte servers staan, fig. 7.47.



Woord of Afkorting:
CGI


LAAG:
APPLICATIELAAG
Dynamische webdocumenten: Genereren van dynamische webpagina’s door de servercomponenten
Betekenis:
Common Gateway Interface. Is een gestandaardiseerde interface waarmee webservers met back-endapplicaties kunnen
communiceren en script kunnen gebruiken om invoer (bijvoorbeeld van formulieren) te verwerken en HTML-pagina’s als
respons te genereren. Meestal zijn deze geschreven in Perl. Een voorbeeld van zulke communicatie vindt u in fig. 7.33. De
wep-pagina zelf bevat geen CGI instructies



Woord of Afkorting:
Choke pakketten


LAAG:
NETWERKLAAG
Congestiebeheersing in datagramsubnetten
Betekenis:
De ontvangende router zal onmiddellijk een choke pakket terugsturen naar de bron router, zodat die weet dat er congestie
is.




Woord of Afkorting:
Clienstub
LAAG
TRANSPORTLAAG
UDP - Procedureaanroep op afstand
De taak van de transportlaag is het leveren van een betrouwbaar, goedkoop datatransport van de bronmachine naar de doelmachine,
onafhankelijk van het fysieke netwerk of de fysieke netwerken die gebruikt worden

Betekenis:
Het communiceren tussen applicaties draaiende op verschillende computers, wordt uitgevoerd door het uitwissellen van
berichten tussen de computers. De client beschikt over een kleine bibliotheekprocedure die de clienstub wordt
genoemd, de server beschikt ook over een bibliotheek die de serverstub wordt genoemd
Woord of Afkorting:
Client


LAAG:


Betekenis:
De medewerkers die de gegevens manipuleren doen dit niet rechtstreeks op de servers, maar via een client
machine, die via een netwerk in verbinding staat met de server. De combinatie van servers en clients noemt men
het client-server model



Woord of Afkorting:
Coax


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Vaste transmissiemedia
Betekenis:
Coaxkabels (fig.2.4.) zijn beter geïsoleerd dan twisted pair kabels en kunnen daardoor over langere afstanden en
voor grotere snelheden gebruikt worden. Een coaxkabel bestaat uit een stijve kern van koperdraad, die omgeven
wordt door isolatiemateriaal. De isolator is gevat in een cilindrische geleider, vaak in de vorm van een dicht
geweven vlechtwerk (zorgt voor de terugloop). Deze buitenste geleider wordt bedekt door een beschermend
plastic omhulsel. Een coaxkabel kan een bandbreedte aan tot 1GHz en wordt veel gebruikt bij kabeltelevisie.
Woord of Afkorting:
Collisions


LAAG:
Ethernet

Betekenis:
Als er meerdere computers tegelijkertijd gegevens op de kabel brengen dan botsen die gegevens met elkaar, dan
spreekt men van collisions (botsingen) en moet men de boodschap terug versturen.




Woord of Afkorting:
Cookie
LAAG:
APPLICATIELAAG
WWW
Betekenis:
Meerdere clients kunnen een server via het web bereiken en aan de hand van de vragen die de client stelt, wordt hij in zijn
taal, zijn map, enz… behandeld. Om dit telken male niet te moeten herhalen bij een verzoek van de client, worden die
gegevens niet op de server opgeslagen, maar bij de client zelf in een cookie. Een cookie is een gewone file of string die
gegevens bevat maar geen uitvoerbare applicaties, vandaar dat een cookie normaliter geen virussen kan bevatten. Dat wil
niet zeggen dat hackers de inhoud van deze cookies niet kan misbruiken. De indeling van een cookie kan 5 velden bevatten:
domain, geeft aan waar de cookie vandaan komt / path, geeft aan welke delen van de server (path structuur) gebruik mogen
maken van de cookie, normaliter / content, is de waarde die de server bepaalt wat hij wil bewaren in dit cookie / expires, hier
staat de datum, in Greenwich mean time, tot dat het cookie geldig is
Woord of Afkorting:
CRC


LAAG:
DATALINKLAAG
Frames
Betekenis:
Op de data in het frame wordt er een algoritme toegepast die een controlesom berekent (CRC) en die ook mee
gestuurd wordt, zodat de ontvanger kan controleren wat ontvangen is gelijk is aan wat is verzonden.Methoden:
het tellen van tekens / vlagbytes met byte stuffing /start en eindvlaggen met bit stuffing /schending van de
codering van de fysieke laag



Woord of Afkorting:
CSMA


LAAG:
SUBLAAG MAC
Protocollen voor een kanaal met multiple access
Betekenis:
Carrier Sense Multiple Access: Persistent CSMA /Niet Persistent CSMA /CSMA met botsingdetectie




Woord of Afkorting:
CTS


LAAG:
SUBLAAG MAC
Protocollen voor draadloze LAN’s -- MACA
Betekenis:
Clear To Send: Multiple Access With Collision Avoidance is een protocol die gebruikt wordt bij draadloze
netwerken (fig. 4.12). A stuurt een RTS frame (Request To Send) naar B, dit frame bevat de lengte van de te
zenden data. B antwoordt met een CTS frame (Clear To Send) naar A, dit frame bevat eveneens de lengte van
de te ontvangen data. Bij ontvangst van het CTS frame bij A, stuurt A de data. Stations die zich dicht bij station A
bevinden zullen ook deze RTS horen en moeten zwijgen, aan de hand van de data lengt die mee gegeven wordt
met het RTS frame weet hij hoelang hij moet wachten. Stations die zich dicht bij B bevinden zullen ook de CTS
horen en moeten zwijgen, aan de hand van de data lengt die mee gegeven wordt met het CTS frame weet hij
Woord of Afkorting:
D-AMPS


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Mobiele telefoonsystemen: 2de generatie: digitaal
Betekenis:
(Digital Advanced Mobile phone System - Is een afgeleide van AMPS en is volledig digitaal, gebruikt dezelfde
30 kHz kanalen als AMPS en bij dezelfde frequenties. Bij een D-AMPS mobiele telefoon wordt het spraaksignaal
met een microfoon opgenomen, gedigitaliseerd en gecomprimeerd. De compressie vindt in de telefoon plaats en
niet in het basisstation of eindstation om het aantal te verzenden bits over de verzendingsverbinding zo klein
mogelijk te houden.
Woord of Afkorting:
Datagramsubnet


LAAG:

NETWERKLAAG
Betekenis:
Bij verbindingsloze service worden pakketten stuk voor stuk in het subnet gestopt en onafhankelijk van elkaar
naar de bestemming gedirigeerd. De bron en de bestemming hoeven niet vooraf een route overeen te komen.
De pakketten worden dan datagrammen genoemd en het subnet noemt men dan datagramsubnet.




Woord of Afkorting:
de facto


LAAG:
. Standaardisatie van netwerken

Betekenis:
1.6. Standaardisatie van netwerken. Men onderscheidt 2 standaardisaties De facto, is niet erkend als
standaard, maar iedereen doet het (andere standaardisatie is de jure, is wel erkend door een erkende instantie-
-> nationale overheden/ vrijwillige organisaties




Woord of Afkorting:
de jure


LAAG:

. Standaardisatie van netwerken
Betekenis:
1.6. Standaardisatie van netwerken. Men onderscheidt 2 standaardisaties De facto, is niet erkend als standaard,
maar iedereen doet het (andere standaardisatie is de jure, is wel erkend door een erkende instantie-->
nationale overheden/ vrijwillige organisaties




Woord of Afkorting:
demultiplexing


LAAG:


Betekenis:
de - multiplexen van meervoudige data op 1 centrale lijn --> ontbinden van meervoudige signalen op een
centrale lijn in enkelvoudige signalen
Woord of Afkorting:
DHCP


LAAG:
NETWERKLAAG
Besturingsprotocollen in het internet
Betekenis:
Het enige nadeel is nog, dat de tabellen handmatig moeten bijgewerkt worden. En om dat te omzeilen heeft men
DHCP (Dynamic Host Configuration Protcol) ontwikkeld. Met DHCP kunnen IP-adressen zowel handmatig
als automatisch worden toegewezen. Een DHCP server geeft IP-adressen aan de vragende computers, deze
server hoeft niet noodzakelijk in hetzelfde LAN als de aanvragende computer te staan, maar als dat niet zo is
moet het LAN waar de DHCP server niet staat wel uitgerust zijn met een DHCP-relay agent.


Woord of Afkorting:
Digitale


LAAG:


Betekenis:




Woord of Afkorting:
DNS


LAAG:
APPLICATIELAAG

Betekenis:
Domain Name Systems - De essentie van DNS is een hiërarchische, op domeinen gebaseerde
naamgevingsysteem plus een gedistribueerd databasesysteem om deze naamgevingmethode te implementeren.
Om een naam naar een IP-adres te vertalen roept een applicatieprogramma een library-procedure de resolver
aan en geeft de naam als parameter op. De resolver zendt een UDP-pakket naar een lokale DNS-server, die de
naam opzoekt en het IP-adres aan de resolver aflevert en die het op zijn beurt aan de aanroeper aflevert


Woord of Afkorting:
DOCSIS


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Kabelmodems
Betekenis:
Data Over Cable Service Interface Specification, In het begin was er geen standaard voor kabel modems,
zodat iedereen zijn eigen systeem liet ontwikkelen. Achteraf is DOCSIS (Data Over Cable Service Interface
Specification) opgericht.
Woord of Afkorting:
DoD


LAAG:

TCP/IP referentiemodel
Betekenis:
Department of Defence - ARPANET, een netwerk dat in opdracht van het DoD (Department of Defence) werd
ontwikkeld. Dit netwerk bestaat uit 4 lagen: - host naar netwerk - internet (IP) - transport (TCP) - applicatie




Woord of Afkorting:
Draaggolf


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Modems
Betekenis:
Zoals we gezien hebben moduleert een modem de digitale signalen naar analoge en demoduleert de analoge
signalen naar digitale. Bij het moduleren genereert de modem een oscillerend signaal (sinusbeweging,
draaggolf) waarop de bits gecodeerd worden




Woord of Afkorting:
DSLAM


LAAG:
FYSIEKE LAAG
Netlijnen / Modems / DSL
Betekenis:
Digital Subscriber Line Access, doet hetzelfde als de ADSL modem maar aan de kant van de eindcentrale




Woord of Afkorting:
e-commerce

LAAG:

CONTEXT
Bedrijfsnetwerken / Internetten
Betekenis:
Toepassingsgebied van internetten: het communiceren, het aankopen en verkopen tussen bedrijven en
particulieren via internet
Woord of Afkorting:
EDI

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Frequent gebruikt protocol p de applicatielaag
Betekenis:
electronic data interchange is een standaard voor de elektronische uitwisseling van bepaalde
bedrijfsdocumenten, zoals orders, rekeningen, en bepaalde berichten of bevestigingen. Het is een onderdeel van
electronic commerce, met name bij het goederenvervoer. Omdat de betreffende documenten moeten voldoen
aan bepaalde standaardsjablonen wordt het vooral gebruikt voor herhalende transacties.



Woord of Afkorting:
e-mail

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Frequent gebruikt protocol p de applicatielaag
Betekenis:
electronic mail (ook wel email, e-post of elektronische post) is het versturen van digitale boodschappen via onder
andere internet.




Woord of Afkorting:
Ethernet

LAAG:

CONTEXT
TYPE NETWERK
Betekenis:
De bustechnologie bestaat uit een centrale lijn waar meerdere toestellen worden op aangesloten. Iedereen luister naar wat
er op de lijn verstuurd wordt, is de boodschap voor hem dan verwerkt hij die (broadcasting). Het meeste bekende is
ethernet. Snelheden van 10Mbs tot 10Gbs zijn gebruikelijke snelheden... Ethernet moet men bekijken op LAN niveau, we
hebben een backbone waar alle computers (256) op aangesloten zijn. Ieder computer luistert wat er op de kabel verstuurd
wordt. Is het een bericht gericht aan de computer dan neemt hij de boodschap binnen. Wil hij een boodschap versturen, dan
plaatst hij die op het net als die vrij is.

Woord of Afkorting:
exterior gateway protocol

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Internetwerkroutering / Koppeling van netwerken
Betekenis:
Binnen een netwerk wordt er ook aan routering gedaan tussen de verschillende bridges via een interior gateway protocol,
maar tussen de netwerken zelf gebruikt men een exterior gateway protocol of spreekt men van internetwerkroutering.
Hier moet men rekening houden met de grenzen tussen de landen, want die kunnen verschillende wetten hanteren. Zo kan
een land verbieden dat persoonlijke gegevens naar andere landen wordt doorgestuurd of kan een land bepalen dat een
boodschap die ze begin en eindpunt binnen het land heeft, het land niet mag verlaten al moest het daarvoor een omweg
doen.
Woord of Afkorting:
Extranet

LAAG:

CONTEXT
Bijkomende termen
Betekenis:
Is een uitgebreide intranet naar een gesloten groep gebruikers die de faciliteiten van een bepaalde intranet gebruiken




Woord of Afkorting:
FDDI

LAAG:

CONTEXT
LAN. Lokale netwerken: TOPOLOGIEEN
Betekenis:
FDDI is een voorbeeld van een ringnetwerk ……… De ringtopologie (token ring) bestaat uit een ring waarop
meerdere toestellen worden aangesloten. Een boodschap wordt op een token geplaatst die ieder station afloopt, het
toestel waarvoor de boodschap is bedoeld neemt de boodschap vanuit de token en verwerkt die. Snelheden van
26Mbs tot 100Mbs


Woord of Afkorting:
FDM

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
4 Interlokale lijnen en multiplexing
Betekenis:
Frequency Division Multiplexing .. Is een manier om meerdere conversaties over 1 fysieke lijn te sturen … een
andere manier is TDM: Time Devision Multiplexing




Woord of Afkorting:
Flooding

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Routeringsalgoritmen
Betekenis:


Een aankomend pakket wordt doorgestuurd naar alle ander aangesloten routers, dit veroorzaakt een overhead van
onnodige doorgestuurde pakketten waarbij het eindstation de dubbele er moet uit filteren. Dit kan interessant zijn
in oorlogstijd waarbij meerdere routers stuk gemaakt worden en de informatie toch nog kan doorgestuurd
worden. Het ARPANET (voorloper van het internet) is oorspronkelijk daarvoor ontworpen.
Woord of Afkorting:
flooding-algoritme

LAAG:
SUBLAAG MAC (behandeling van colisions Medium Access Control.. Sublaag van datalinklaag)
CONTEXT
Lokale internetwerken
Betekenis:
alles doorgeven … Bridges beschikken over een interne hash tabel waar bijgehouden wordt naar welke LAN de gegevens
moeten doorgestuurd worden. Bij het inpluggen van de bridge in het LAN is de tabel leeg en wordt het flooding-algoritme
gebruikt (alles doorgeven). Na een bepaalde tijd weet de bridge welke adressen op welke LAN staan en bewaard die in
zijn hash tabel, zodat hij weet welke boodschappen hij moet en niet moet doorgeven. Vandaar bij het inschakelen van een
nieuwe bridge zal het enige tijd duren vooraleer hij optimaal werkt en zal er vertraging optreden


Woord of Afkorting:
flow control

LAAG:
DATALINKLAAG OF NETWERKLAAG ??
CONTEXT
stroomregulering tussen zender en ontvanger
Betekenis:
Stroomregulering (flow control) heeft echter te maken met het verkeer tussen een bepaalde zender en ontvanger.
Stroomregulering moet ervoor zorgen dat een snelle zender niet voortdurend sneller data kan verzenden dan de
ontvanger ze kan opnemen. Hierbij is er bijna altijd een rechtstreekse en regelmatige terugkoppeling vanuit de
ontvanger naar de zender, om de zender te laten weten hoe er het aan de andere kant aan toegaat (ACK, NACK).


Woord of Afkorting:
Frame

LAAG:
DATALINKLAAG (De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer)
CONTEXT
Functie van de datalinklaag
Betekenis:
Opgesplitst deel van een bericht door de datalinklaag ,,,, Elk frame bevat een frameheader, een payloadveld met daarin het
pakket en een frametrailer, zoals is weergegeven in fig. 3.1. De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer




Woord of Afkorting:
frame relay

LAAG:

CONTEXT
Verbindingsgerichte netwerken
Betekenis:
Verbindingsgericht netwerk: Opvolger van X25 netwerk: (Werkte met:- gehuurde lijnen - ASCII terminals te
verbinden via time sharing - full duplex)
Woord of Afkorting:
Frameheader

LAAG:
DATALINKLAAG (De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer)
CONTEXT

Betekenis:
. Elk frame bevat een frameheader, een payloadveld met daarin het pakket en een frametrailer, zoals is
weergegeven in fig. 3.1. De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer




Woord of Afkorting:
Frames

LAAG:
DATALINKLAAG (De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer)
CONTEXT

Betekenis:
De data die moet doorgestuurd worden delen we op in frames. Een frame moet een begin en een eind kenmerk
hebben, daar zijn meerdere methoden voor, we bespreken de 2 voornaamste. Op de data in het frame wordt er
een algoritme toegepast die een controlesom berekent (CRC) en die ook mee gestuurd wordt, zodat de
ontvanger kan controleren wat ontvangen is gelijk is aan wat is verzonden. Methoden: - het tellen van tekens
(fig. 3.4) - vlagbytes met byte stuffing (fig. 3.5) - start en eindvlaggen met bit stuffing (fig. 3.6) - schending van
de codering van de fysieke laag

Woord of Afkorting:
Framing fouten

LAAG:
DATALINKLAAG (De belangrijkste taak van de datalinklaag is framebeheer)
CONTEXT

Betekenis:
Fouten die optreden op asynchrone seriële lijnen waarop de ontvanger een geldig frame (gewoonlijk een teken)
niet erkend. Framing-fouten kunnen worden veroorzaakt door verschillen in de baudfrequentie van de zender en
de ontvanger (datalinklaag




Woord of Afkorting:
FTP

LAAG:
Applicatierlaag TCP IP
CONTEXT
Protocol van TCP IP model
Betekenis:
Protocol van TCP/IP model File Transfer Protocol, om data van de ene naar de andere machine over te
brengen.. Het TCP/IP model kent geen sessie of presentatielaag. De applicatielaag bevat alle hogere protocollen
zoals telnet, FTP, SMTP , http en www
Woord of Afkorting:
full duplex

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT

Betekenis:
Beide richtingen,,,, Met full-duplex communicatie wordt bedoeld dat men een verbinding tot stand kan brengen
waarbij er tegelijk informatie wordt uitgewisseld in de twee richtingen. Van zender naar ontvanger en van
ontvanger naar zender. Er bestaat ook half-duplex en simplex (communicatie).

Een systeem die dit soort communicatie gebruikt is bijvoorbeeld de GSM.


Woord of Afkorting:
G.lite

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Netlijnen /DSL/ Onderdeel ADSL configuratie
Betekenis:
is ter vervanging van de splitter aan de gebruikers zijde die op elk telefoonstekker moet geplaatst worden, deze
filtert de datagegevens uit zodat enkel de spraak gegevens hoorbaar zijn voor de telefoon




Woord of Afkorting:
Gateway

LAAG:
DATALINK / SUBLAAG MAC
CONTEXT
Switchen in datalinklaag / SUBLAAG MAC: collission beheersing
Betekenis:
Over de hele wereld zijn er meerdere verschillende netwerken, wanneer we deze aan elkaar koppelen zodat een
gebruiker die op een netwerk aangesloten is van type A wil communiceren met iemand die aangesloten is op een
netwerk van type B, worden die 2 verschillende type netwerken via gateways aan elkaar gekoppeld.gateway,
maakt verbinding tussen 2 verschillende netwerken topologieën (bus topologie; ringtopologie; stertopologie


Woord of Afkorting:
Geostationaire

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Communication satellites and some of their properties
Betekenis:
Geostationaire satellieten (35.000 Km). - communicatiesatellieten worden ingedeeld naargelang de hoogte
waarop ze zich bevinden - de satellieten op een hoogte van 35,000 km noemen we geostationaire satellieten. De
overige zijn - Medium-Earth Orbit satellieten (20.000 Km) - Low-Earth Orbit satellieten (5.000 Km)
Woord of Afkorting:
Glasvezel

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Soort bekabeling
Betekenis:
Hierbij worden de elektrisch signalen omgezet in licht, waarbij de snelheden in de toekomst kunnen oplopen tot 50.000 Gbps,
de huidige commerciëele snelheden zijn 1 Gbps. Een optisch transmissiesysteem heeft drie componenten:- de lichtbron - het
transmissiemedium - de detector Het is de gewoonte dat een lichtpuls een 1 bit aangeeft en de afwezigheid van licht een 0
bit. Het transmissiemedium wordt gevormd door een uiterst dunne vezel (fiber) van glas. De detector genereert een
elektrische puls wanneer er licht op valt. Door een lichtbron aan het eind van een optische vezel te verbinden en een detector
aan het andere eind, krijgen we een eenrichtingssysteem voor de transmissie van data. Het krijgt als invoer een elektrisch
signaal, converteert het, verzendt het in de vorm van lichtpulsen en converteert aan de ontvangende kant de uitvoer weer
naar een elektrisch signaal


Woord of Afkorting:
Globalstar

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Communicatiesatellieten
Betekenis:
1 van de meest gebruikte satellietcommunicatiesystemen - globalstar: gebruikt voor spraak - schakelt op aarde



Woord of Afkorting:
GSM

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Mobiele telefoonsystemen - Tweede-generatie mobiele telefoons: digitale spraak
Betekenis:
Global System for Mobile communication, gebruikt in Europa en andere - is 1 van de 4 Tweede-generatie mobiele
telefoons: digitale spraak,


Woord of Afkorting:
Hackers

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Veiligheid van cookies (www op de applicatielaag)
Betekenis:
Een hacker is in het dagelijks spraakgebruik meestal iemand die inbreekt in computersystemen ,,, Een cookie is een
gewone file of string die gegevens bevat maar geen uitvoerbare applicaties, vandaar dat een cookie normaliter geen
virussen kan bevatten. Dat wil niet zeggen dat hackers de inhoud van deze cookies niet kan misbruiken. De indeling
van een cookie kan 5 velden bevatten: - domain, geeft aan waar de cookie vandaan komt - path, geeft aan welke delen
van de server (path structuur) gebruik mogen maken van de cookie, normaliter / - content, is de waarde die de server bepaalt
wat hij wil bewaren in dit cookie - expires, hier staat de datum, in Greenwich mean time, tot dat het cookie geldig is. Na deze
datum zou het cookie moeten verwijderd worden door de web browser. Indien er geen datum ingevuld staat noemt men dat
een nonpersistent cookie en wordt de cookie verwijderd als de web browser de web-site verlaat. Indien het veld wel opgevuld
is noemt men dat een persistent cookie. - secure, geeft aan dat het cookie alleen mag gebruikt worden door een veilige
server
Woord of Afkorting:
half duplex

LAAG:
SUBLAAG MAC - collission beheersing
CONTEXT
Type verbinding
Betekenis:
Bij half-duplex communicatie is het mogelijk om informatie te versturen in beide richtingen (in tegenstelling tot
simplex), maar niet tegelijkertijd (in tegenstelling tot Full-duplex).,,,,, Let er op dat de stations die verbonden zijn met
een SWITCH full duplex werken, maar degene die verbonden zijn met een HUB half duplex werken. Dit komt omdat degen
die verbonden zijn met een switch geen collisions kunnen hebben want ze zijn alleen op de lijn (de switch houdt alles tegen),
terwijl een HUB alles doorlaat (enkel verbinding kanaal). Dit brengt ook mee dat het protocol dat gebruikt wordt bij een
SWITCH niet moet lijsteren als de kabel vrij is (zuiver versus slotted ALOHA).

Woord of Afkorting:
Hamming

LAAG:
DATALINKLAAG (controles om de fouten te kunnen opsporen en eventueel te corrigeren)
CONTEXT
Foutcorrigerende codes
Betekenis:
3.2.1 Foutencorrigerende codes. Corrigerende zal men meestal gebruiken bij trage media en draadloze
verbindingen, daar het opnieuw verzenden van het frame te veel tijd inneemt, vandaar dat de ontvanger zelf
probeert het originele frame op te bouwen. De meest gebruikte methode is Hamming methode.




Woord of Afkorting:
hard handoff

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Pakketschakeling - Advanced Mobile Phone System (AMPS). toewijzing van kanalen wordt door MTSO
Betekenis:
Is 1 van de manieren om celoverdracht te verwezenlijken: - hard handoff, de telefoon wordt door het nieuwe
basisstation overgenomen nadat de oude afhaakt, indien er om een of andere reden dan geen kanaal vrij is dan
wordt het gesprek abrupt afgebroken




Woord of Afkorting:
hash tabel

LAAG:
SUBLAAG MAC - collission beheersing
CONTEXT
Lokele internetwerken
Betekenis:
Interne tabel op een bridge waarin bijgehouden wordt welke adressen op welke netwerken zitten om een goeie routering te
kunnnen doen / om bij te houden naar welke LAN de gegevens moeten doorgestuurd worden - een bridge aangesloten is op
3 LAN’s dan zoekt hij via zijn interne tabel (hash tabel) uit naar welk LAN de boodschap moet verstuurd worden Bij het
inpluggen van de bridge in het LAN is de tabel leeg en wordt het flooding-algoritme gebruikt (alles doorgeven). Na een
bepaalde tijd weet de bridge welke adressen op welke LAN staan en bewaard die in zijn hash tabel, zodat hij weet welke
boodschappen hij moet en niet moet doorgeven.
Woord of Afkorting:
HDLC

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Voorbeeld van datalinklaag protocol
Betekenis:
High Level Data Link Control - HDLC is een bit stuffing georiënteerd protocol, fig. 3.24 geeft u het frame indeling, volgende velden
worden gebruikt: - Begin en eind vlag = 01111110. - adres, duidt de terminal aan - besturing, wordt gebruikt om het volgnummer mee te
geven - gegevens, bevat de data - controlesom, bevat de CRC controle (Elke frame begint en eindigt met een speciaal patroon, namelijk
01111110 (D126), wat in feite een vlagbyte is. Elke keer als de datalinklaag van de zender in de data 5 opeenvolgende 1 bits tegenkomt,
voegt deze automatisch een 0 bit aan de uitgaande bitstroom toe. Als de ontvanger 5 opeenvolgende 1 bits gevolgd door een 0 bit ziet
binnenkomen in het payloadveld, haalt hij automatisch de 0 bit weg )

Woord of Afkorting:
helperapplicaties

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW - client zijde
Betekenis:
helperapplicaties, is een afzonderlijke applicatie die in een afzonderlijk proces wordt uitgevoerd




Woord of Afkorting:
HFC

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Bekabeling : Internet via kabel
Betekenis:
Hyber Fiber Coax - De verbindingen tussen de steden werden door glasvezel voorzien, maar de aansluiting naar
de huizen met coax kabel, dit noemt men een HFC - De elektro-optische converters noemt men fiber nodes




Woord of Afkorting:
Hiërarchiese routering

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
ROUTERINGSALGORITME
Betekenis:
Naarmate een netwerk groter wordt, nemen de routetabellen van de routers evenredig toe. Er wordt niet alleen routegeheugen in beslag
genomen door alsmaar groter wordende tabellen, maar er is ook CPU-tijd nodig om ze te doorzoeken en er is meer bandbreedte nodig om
toestandsrapporten te versturen. Op een bepaald moment kan het netwerk zo groot worden dat het niet lager doenlijk is in elke router een
element voor elke andere router op te slaan, zodat het routeren op een hiërarchische manier moet gebeuren, zoals in het telefoonnetwerk
,Men gaat de routers onderbrengen in regio’s en meerdere regio’s groeperen in groepen zodat men een hiërarchische structuur krijgt
Woord of Afkorting:
Host

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
In de specificaties van het IP-protocol betekent host elk apparaat dat een volledige tweewegcommunicatie kan
uitvoeren met een ander apparaat op het internet. Elke host heeft een eigen IP-adres. Als via een modem
verbinding wordt gemaakt met de Internet Service Provider of ISP, dan krijgt men gedurende die periode een IP-
adres en geldt het systeem als host



Woord of Afkorting:
HTML

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW
Betekenis:
(Hyper Text Markup Language - Markup zijn aanwijzingen die de redacteurs mee gaven aan hun teksten van hoe de drukker ze moest
drukken, vet, schijn, enz… . Deze aanduidingen worden mee gegeven in HTML zodat de browser weet hoe hij de pagina moet voorstellen.
Een HTML document bestaat uit een reeks codes die aangeven wat er moet gebeuren. Deze codes beginnen allemaal met <code> en sluiten
met dezelfde code </code>. Tussen die twee kunnen er meerdere codes met open en close voorkomen zoals u kunt zien in fig. 7.27.




Woord of Afkorting:
HTTP

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW
Betekenis:
                         - Is het overdrachtprotocol dat in de World Wide Web wordt gebruikt. Het
Hyper Text Transfer Protocol
specificeert welke berichten door clients naar servers mogen worden verzonden en welke respons de
clients van de servers mogen verwachten



Woord of Afkorting:
HTTPS

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW
Betekenis:
een beveiligde versie van HTTP , zijnde Is het overdrachtprotocol dat in de World Wide Web wordt gebruikt. Het specificeert welke
berichten door clients naar servers mogen worden verzonden en welke respons de clients van de servers mogen verwachten
Woord of Afkorting:
HUB

LAAG:
SUBLAAg MAC - collission beheersing + FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Switchen in datalinklaag
Betekenis:
verbindingsdoos voor STP, UTP - bevindt zich in de fysische laag, geeft de data niet versterkt door maar wel de storingen - Let er op dat
de stations die verbonden zijn met een SWITCH full duplex werken, maar degene die verbonden zijn met een HUB half duplex werken. Dit
komt omdat degen die verbonden zijn met een switch geen collisions kunnen hebben want ze zijn alleen op de lijn (de switch houdt alles
tegen), terwijl een HUB alles doorlaat (enkel verbinding kanaal)




Woord of Afkorting:
Hyperlink

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Structuuroverzicht WWW
Betekenis:
Elke webpagina kan links (pointers) naar andere pagina’s over de hele wereld bevatten. Door gewoon op de link te klikken (die onderstreept
of in een ander kleur weergegeven worden) komt men bij de pagina waarnaar de link verwijst (hyperlink).




Woord of Afkorting:
ICMP

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Nertwerklaag in het internet: - besturingsprotocol in het internet
Betekenis:
(Internt Controle Message Protocol - IP netwerklaag garandeert geen betrouwbare transmissie maar zal zoveel mogelijk zijn best
doen om alles feilloos te laten verlopen, dit noemt men het best-effort communicatiedienst, waarbij ICMP het protocol is waarbij
onregelmatig heden gerapporteerd worden. De werking van het Internet wordt door de routers nauwkeurig in de gaten gehouden.
Wanneer er iets gebeurt, wordt de gebeurtenis gemeld door het ICMP, dat ook wordt gebruikt om het internet te testen Er zijn een 12 tal
ICMP-berichten, zie fig. 5.61. - A list of ICMP messages. Each message is identified by an 8-bit type field. - Two levels of encapsulation
that occur when an ICMP message is sent. The ICMP message is encapsulated in a datagram, which is encapsulated in a frame for
transmission across a physical network

Woord of Afkorting:
IEEE

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Institute of Electrical and Electronics Engineering: legt internationale standaarden vast zoals: Ethernet = IEEE 802,3
is het onderliggende netwerk waarmee computers met elkaar communiceren als ze hardwarematig met elkaar in een Local
Area Network (LAN) verbonden zijn met behulp van netwerkkaarten en netwerkkabels - IEEE 802,2 Logical link
control (LLC) (fig. 4.24). Is een laag boven de MAC laag die een bijkomende controle doet op de volgorde waarin de
frames verstuurd en ontvangen worden, een bijkomende controle op het HDLC protocol
Woord of Afkorting:
IMAP

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
Bezorgingen van elektronische post
Betekenis:
Amternatief protocol voor POP3 (Post Office Protocol) protocol welke bij afhaling mails bij ISP de boodschap bij de ISP
verwijderd ,,, Wanneer u niet wilt dat u E-mails na aflevering geschrapt worden bij de ISP, dan kunt u het IMAP
protocol hanteren, dit protocol werkt via poort 143



Woord of Afkorting:
I-mode

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
WWW - Draadloze WEB
Betekenis:
Japanse oplossing voor draadloze WEB: I-mode (Information-mode). I-mode is ontwikkeld in Japan waar het
een enorm succes kent. Het i-mode systeem bestaat uit 3 belangrijke componenten: - een nieuw
verzendingssysteem - een nieuwe telefoon bestaande uit een CPU van 100 MHz, meerdere MB flash ROM, 1MB
RAM en een klein ingebouwd scherm - een nieuwe taal voor het maken van web-pagina’s, cHTML dat afgeleid is
van HTML - Het verzendingssysteem bestaat uit 2 afzonderlijke netwerken:

Woord of Afkorting:
IMP

LAAG:
GEEN IDEE
CONTEXT
GEEN IDEE
Betekenis:
The Interface Message Processor (IMP) was een packet-switching node die gebruikt werd bij het connecteren
van computers op het originele ARPANET in de late jaren 60's en 70's.




Woord of Afkorting:
IMTS

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Mobiel telefoonsysteem:Eerste-generatie mobiele telefoons: analoge spraak
Betekenis:
Mobiel telefoonsysteem:Eerste-generatie mobiele telefoons: analoge spraak - Improved Mobile
Telefoonsysteem - dit systeem werkte met een krachtige zender op een hoog punt, maar had twee frequenties,
een voor te zenden en een voor te ontvangen. IMTS ondersteunde 23 kanalen met frequenties tussen 150 en
450 MHz.
Woord of Afkorting:
Inetd

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
Dienstmodel van TCP
Betekenis:
Internet Deamon - Een TCP-dienst ontstaat doordat zowel zender en ontvanger een poort selecteren waarmede ze hun
gegevens gaan sturen, samen met het IP-adres zijn zender en ontvanger bereikbaar - INTERNET DAEMON is een deamon
(proces) die bij het opstarten van een Unix machine opgestart wordt en wacht op de eerst komende verbindingen. Wanneer
dat gebeurt, initialiseert inetd een nieuw proces en voert de betreffende verbinding erin uit, waarbij het deamon (proces) het
verzoek afhandelt. Inetd leest in een configuratiebestand welke poorten het moet gebruiken. Alle TCP-verbindigen zijn full-
duplex en point-to-pointverbindigen.

Woord of Afkorting:
interface

LAAG:

CONTEXT
Netwerksoftware - Protocolhierarchie
Betekenis:
                                              interface (het uitgewerkte protocol, bevat de parameters die mee
De communicatie tussen 2 layers ligt vast in een
moeten gegeven worden). In fig. 1.13 is laag 5 onafhankelijk van laag 3, 2 en 1, zoals laag 2 onafhankelijk is van
laag 4 en 5. --- Een interface zet informatie van het ene systeem om in begrijpelijke en herkenbare
informatie van een ander systeem (of bvb voor verschillende lagen) . De keuze van het woord ‘systeem’ laat
al zien dat interface niet alleen geldt voor mens-computer communicatie. Zo is er ook een interface nodig voor
communicatie tussen twee computeronderdelen
Woord of Afkorting:
interior gateway protocol

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Internetwerkroutering
Betekenis:
Protocol dat zorgt voor de routering tussen de verschillende bridges binnen in een netwerk … dit in tegenstelling tot exterior
gateway protocol dat de routering doet tussen de verschillende bridges tussen de netwerken




Woord of Afkorting:
INTERNET

LAAG:

CONTEXT
Voorbeeld van een netwerk
Betekenis:
Bij een client-server model zijn er 2 processen betrokken, 1 op de client machine die de aanvraag doet en 1 op de
server die de aanvraag uitvoert en de gegevens opstuurt naar de vragende client (fig. 1.2). Als men dit nu uitbreidt
over meerdere netwerken met verschillende bedrijven die aan elkaar gekoppeld zijn, dan spreekt men over
internetten... Internet is een overkoepelend netwerk bestaande uit meerdere verschillende type netwerken,
het koppelt deze netwerken aan elkaar
Woord of Afkorting:
Intranet

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Een intern netwerk binnen het bedrijf die dezelfde technologieën toepast als het internet




Woord of Afkorting:
IPv4

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Protocol van de netwerklaag
Betekenis:
INTERNET PROTOCOL VERSIE 4 - IPv4 (is een deel van het systeem dat gebruikt wordt om
computernetwerken met elkaar te laten communiceren op netwerken, zoals het internet.
) is versie 4 van het Internet Protocol. Deze versie werd voor het eerst op grote schaal gebruikt en vormt de
basis voor adressering (de identificatie van computers) binnen het Internet. IPv4 gebruikt adressen van 32 bits (4
bytes), waarmee in theorie maximaal 4.294.967.296 adressen mogelijk zijn. Onder meer wegens het beperkte
aantal adressen van IPv4 maakt de opvolger IPv6 kans op termijn IPv4 te vervangen
Woord of Afkorting:
IPv6

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Protocol van de netwerklaag
Betekenis:
Versie 6 van het INTERNET Protocol -- Het adressen bereik van IPv4 loopt op zijn einde, een verlenging is er
aan gegeven door de NAT, maar overstappen naar IPv6 is noodzakelijk, die heeft een beschikbare adressering
van 2 tot de 128ste . Volgende eisen zijn opgesteld voor het ontwerpen van IPv6:- werken met miljarden hosts -
het protocol vereenvoudigen - betere beveiliging - meer aandacht geven aan servicetypen - multicasting
vergemakkelijken - het mogelijk maken dat een hosts rondzwerft zonder zijn adres te veranderen - verder
ontwikkeling toelaten - IPv4 en IPv6 samen laten bestaan

Woord of Afkorting:
IPX

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT

Betekenis:
Soort netwerklaagprotocol zoals IP er ook 1 is ,,, IPX wordt ondersteun door Novell Netware ,,, was populair in
de jaren 80 en 90 maar sterk verminderd door de populariteit van TCP/IP
Woord of Afkorting:
Iridium

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Communicatiesatellieten
Betekenis:
1 van de 3 types Communicatiesatellieten in de ruimte - dit type wordt gebruikt voor spraak




Woord of Afkorting:
ISP

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Een Internetprovider (Engels: Internet Service Provider of ISP) is een organisatie of persoon die diensten levert
op of via het internet. Dit kan zowel de verbinding van een gebruiker aan het internet zijn, alsook diensten die de
gebruiker via het internet kan gebruiken.



Woord of Afkorting:
Jitter

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Congestiebeheersing
Betekenis:
verschillen zijn tussen de aankomst tijden van de pakketten - Voor applicaties zoals audio en videostreaming
doet er weinig toe of het afleveren van de pakketten 20 ms of 30 ms duurt, zolang de transmissietijd maar
constant is. De variantie waarin de pakketten aankomen, noemt men jitter




Woord of Afkorting:
JSP

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Dynamische webdocumenten door de servercomponenten
Betekenis:
Java Server Pages - Idem als PHP, maar het dynamische gedeelte wordt in de java programmeertaal
geschreven (PHP = Hypertext PreProcessor PHP instructies bevinden zich in de web-pagina zelf
tussen de HTML tags en worden door de server en de browser geïnterpreteerd)
Woord of Afkorting:
LAN

LAAG:

CONTEXT
Type Netwerk qua schaalbaarheid (1m tot 1 km)
Betekenis:
Local Area Network - lokale netwerken - Is meestal een netwerk binnen 1 of meerdere gebouwen, maar kan ook
via satellietverbinding. Lan’s worden gebruikt als doel om resources te delen (zoals printers). Lan’s
onderscheiden zich in 3 kenmerken van andere soorten netwerken: a) omvang Lan’s hebben een beperkte
grootte, wat betekent dat de transmissietijd voor het ongunstigste geval begrensd en van tevoren bekend is. b)
transmissietechnieken Lan’s gebruiken meestal een transmissietechniek bestaande uit 1 kabel, hebben een
korte vertraging en maken zeer weinig fouten. c) topologieën (fig. 1.7.)

Woord of Afkorting:
langzame start

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
Congessiebeheersing in TCP
Betekenis:
Algoritme waarbij congestievenster door de zender wordt aangepast afhankelijk van het antwoord van de ontvanger - Zoals
TCP werkt met een glijdend venster voor het aangeven van de vrije grootte van de ontvangende buffer, zo zal TCP een
bijkomend venster gebruiken voor het voorkomen van congestie. Bij het opstarten geven zowel zender als ontvanger de
grootte op van hun congestie venster. Het kleinste wordt door de zender aangenomen en wordt voor de eerste zending
gebruikt.. Als er een ACK van de ontvanger toekomt binnen de aanvaarbare tijd, dan verdubbelt de zender zijn congestie
venster. Dit doet hij telken male bij het ontvangen van een ACK binnen de tijdslimiet, zodat het congestie venster
exponentieel vergroot. Ontvangt de zender de ACK niet binnen de tijdslimiet dan halveert hij zijn congestievenster, dit
algoritme noemt men de langzame start. Het congestie venster kan niet groter zijn dan de vrije ruimte in de ontvangende
buffer, m.a.w. de grootte van het congestie venster moet zich aanpassen aan de vrije ruimte van de ontvangende buffer


Woord of Afkorting:
LCP

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Datalinklaag in het internet
Betekenis:
Link Control Protocol - - Een verbinding besturingsprotocol voor het opzetten van lijnen, het testen van lijnen, het
onderhandelen over opties en het netjes beëindigen van lijnen wanneer ze niet meer nodig zijn.. Het ondersteunt syncrone en
asyncrone schakelingen en byte en bitgeoriënteerde codering.


Woord of Afkorting:
LMDS

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Openbaar telefoonsysteem - Draadloze Netlijnen
Betekenis:
Local Multipoint Distribution Service - WLL (Wireless Local Loop) is een vaste draadloze verbinding. In plaats dat uw vaste
telefoon verbonden wordt via twisted pair kabel aan de eindcentrale, wordt het verbonden met een richtantenne die gericht is
op de eindcentrale (fig. 2.30), dit noemt men een LMDS
Woord of Afkorting:
Loopback-adres

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Een speciaal adres dat voor testen of debuggen wordt gebruikt. Een naar het loopback-adres verstuurd pakket wordt niet
over het netwerk verzonden, maar wordt door het protocolsysteem geretourneerd alsof het via een netwerk is gearriveerd.
Meeste bekende is 127.0.0.1.




Woord of Afkorting:
Low-Earth Orbit

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Communicatiesatellieten
Betekenis:
Men onderscheidt 3 soorten satellieten al naar gelang hun afstand t.o.v. de aarde, hoe verder van de aarde hoe minder hun
omloopsnelheid t.o.v. de aarde - Low Earth Orbit is 1 van de 3 types communicatie satellieten , deze bevindt zich op
5.000 Km - Hoe dichter ze bij de aarde gestationeerd zijn hoe vlugger de transmissie, hoe minder vermogen de zendstations
nodig hebben maar hoe meer satellieten men nodig heeft om een compleet systeem over de aarde ter beschikking te stellen.


Woord of Afkorting:
MAC

LAAG:
SUBLAAG MAC
CONTEXT
SUBLAAG MAC
Betekenis:
De sublaag medium access control - sublaag van de datalinklaag - Er bestaan 2 technieken om computers te laten
communiceren met elkaar, point-to-point en broadcasting. Broadcasting wordt in de meeste LAN’s gebruikt, terwijl point-to-
point in WAN’s gebruikt worden. Bij broadcasting (multi-accesskanalen, random-accesskanalen) zit iedereen te luisteren als
er een bericht voor hem bestemd is, is dat zo dan behandelt hij de boodschap. Wil hij zelf een boodschap versturen dan
plaatst hij die op de kabel, maar anderen kunnen dat ook doen en wanneer 2 boodschappen tegelijkertijd op de kabel
geplaatst worden dan heeft men een botsing, collisions genaamd. Dit probleem wordt behandeld door de MAC-sublaag
(Medium Access Control), behorend tot een sub laag van de datalink laag


Woord of Afkorting:
MACA

LAAG:
SUBLAAG MAC
CONTEXT
Protocol voor draadloze LAN
Betekenis:
Multiple Access With Collision Avoidance is een protocol die gebruikt wordt bij draadloze netwerken (fig. 4.12). A stuurt
een RTS frame (Request To Send) naar B, dit frame bevat de lengte van de te zenden data. B antwoordt met een CTS frame
(Clear To Send) naar A, dit frame bevat eveneens de lengte van de te ontvangen data. Bij ontvangst van het CTS frame bij A,
stuurt A de data. Stations die zich dicht bij station A bevinden zullen ook deze RTS horen en moeten zwijgen, aan de hand
van de data lengt die mee gegeven wordt met het RTS frame weet hij hoelang hij moet wachten
Woord of Afkorting:
MACAW

LAAG:
SUBLAAG MAC
CONTEXT
Protocol voor draadloze LAN
Betekenis:
MACA for Wireless - verfijnde versie van het MACA protocol




Woord of Afkorting:
MAN

LAAG:

CONTEXT
Type netwerk
Betekenis:
Type netwerk ingedeeld naar schaalbaarheid : 10 km - City - Agglomeratienetwerken of MAN
(Metropolian Netwerk) worden meestal gebruikt bij kabeltelevisienetwerken die hun kabels in een lokale stad of
agglomeratie ook gebruiken om data door te sturen


Woord of Afkorting:
Manchestre codering

LAAG:

CONTEXT
Sublaag MAC bij ETHERNET
Betekenis:
Ethernet gebruikt voor zijn bit codering niet de gewone methode van 0 bit is 0 volt en 1 bit is 5 volt, daar er in een LAN
omgeving verschillende netwerkkaarten kunnen zijn die allen niet zo nauwkeurig zijn. Vandaar de manchester methode en
de differentiële manchester methode (fig.4.16). De meest gebruikte is de manchester methode waar een 0 en 1 bit in 2
spanning verschillen verzonden worden, maar tegengesteld. Dit brengt mee als men aan 10Mbps wil werken er een
frequentie moet zijn van het dubbele.

Woord of Afkorting:
Master

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Woord of Afkorting:
M-commerce

LAAG:

CONTEXT
Toepassing van computernetwerken bij mobiele gebruikers
Betekenis:
Mobile-Commerce), gelijkaardig aan e-commerce maar dan met PDA’s




Woord of Afkorting:
Medium-Earth

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Communicatiesatellieten
Betekenis:
Communicatiesatelliet op een hoogte van 20,000 km (communicatie satellieten worden ingedeeld in 3
categorieën naargelang hun hoogte - - Geostationaire satellieten (35.000 Km). - medium-Earth Orbit satellieten
(20.000 Km) - Low-Earth Orbit satellieten (5.000 Km)



Woord of Afkorting:
message transfer agents

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
archtectuur en diensten bij elektronische post (email)
Betekenis:
Is de AGENT (= PERSOON) die bij email de berichten van de bron naar de bestemming brengen,,, dit is 1 van
de 2 agents die je hebt bij email .. De andere agent is de USER agent … deze dient om emails te lezen
(ontvangen) en te zenden




Woord of Afkorting:
MIME

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
Berichtformaten elektronische mail - protocollen
Betekenis:
Multipurpose Internet Mail Extensions - protocol dat ontworpen is om bij email E-mail niet alleen text
files kunnen verzenden en ontvangen, maar ook binaire files, muziek, video, enz… .
Woord of Afkorting:
Modem

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Openbare telefoonsysteem - De netlijnen: modems, ADSL en draadloze verbindingen
Betekenis:
Wanneer een computer digitale gegevens over een analoge kieslijn wil verzenden, moeten de gegevens
eerst geconverteerd worden naar een analoge vorm, zodat ze kunnen verzonden worden over de netlijn.
Deze conversie wordt uitgevoerd door een modem



Woord of Afkorting:
MTSO

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Mobiel telefoonsysteem - Advanced Mobile Phone System (AMPS
Betekenis:
Mobile Telephone Switching Office - MTSO’s zijn eigenlijk de eindcentrales uit het telefoonsysteem en zijn zelf verbonden met minstens
één eindcentrale van het telefoonsysteem. De MTSO’s communiceren met de basisstations, met elkaar en met het openbare geschakelde
telefoonnetwerk door middel van een pakketgeschakeld netwerk. ...Bij AMTS staat midden in elke cel staat een basisstation waarnaar alle
telefoons in de cel zenden. Het basisstation bestaat uit een computer en een zender/ontvanger die met een antenne verbonden is. Deze
basisstations zijn verbonden met een MTSO

Woord of Afkorting:
MTU

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Fragmentatie
Betekenis:
Max Transaction Unit - Dit is de bovengrens dat een netwerk stelt aan de grootte van zijn pakketten - Als nu een pakket van 1000 bytes
door een netwerk moet gaan die een bovengrens heeft van 250 bytes, dan moet het pakket opgesplitst worden in 4 segmenten van 250 bytes.
Elk segment wordt terug voorzien van een header met daarin een volgnummer zodat de ontvanger weet in welke volgorde hij ze terug moet
samen steken. Bij fragmentatie heeft men 2 methoden: Transparante fragmentatie en niet - transparante fragmentatie / Bij IPv4 wordt de
fragmentatie door de routers gedaan - bij IPv6 is dit NIET het geval - De routers bij IPv6 doen niet meer aan fragmentatie, wanneer een
pakket niet door het netwerk kan gaan wegens de grote van het pakket, wordt de zender er van gewaarschuwd dat hij het moet fragmenteren.
Het is de host die de fragmentatie moet doen naar de juiste MTU (Max Transaction Unit).
Pad-MTU is de lengte dat het fragment moet aannemen wil het ontgefragmenteerd via dat pad gaan.

Woord of Afkorting:
Multicast

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
GEEN IDEE WAT VERSCHIL IS TUSSEN MULTICAST EN MULTICASTING … zie dus maar naar
multicasting ??
Woord of Afkorting:
Multicasting

LAAG:

CONTEXT
Broadcastnetwerken
Betekenis:
Er wordt 1 communicatiekanaal gebruikt door alle machines in het netwerk. De data (berichten) worden in pakketten opgesplitst met een
adres voor de ontvanger en verstuurd naar alle andere machines in het netwerk. Degene voor wie het pakket bestemd is (aan de hand van het
adres) verwerkt het pakket. Een andere computer voor wie het pakket niet bestemd is negeert het pakket. Men spreekt van broadcasting
wanneer het pakket naar alle computers wordt verstuurd, van multicasting wanneer het pakket naar een deel van alle computers worden
verstuurd.



Woord of Afkorting:
multicastroutering

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Dynamisch Routeringsalgoritme
Betekenis:
Indien men een boodschap niet aan iedereen (broadcasting) maar aan geselecteerde ontvangers die tot een groep behoren wil versturen dan
spreekt men van multicasting en gebruikt men multicastroutering. Het is van belang dat routers weten welke van hun hosts tot welke
groepen ze behoren, m.a.w. routers moeten periodiek bij hun hosts informeren tot welke groepen ze behoren en omgekeerd, dat de host de
router op de hoogte moet brengen als er veranderingen zijn. Routers geven die informatie door aan hun buren zodat de informatie zich
verspreid over het volledige subnet. Om multicastroutering uit te voeren berekent elke router een spanning tree die all routers van het
subnet omvat.
Woord of Afkorting:
Multidestination

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Broadcastroutering
Betekenis:
Multidestination routing is 1 van de types van broadcastroutering - het pakket bevat een lijst met de bestemmelingen zodat de
ontvangende router weet naar welke adressen de boodschap moet gestuurd worden. Bij aankomst wordt de bestemmeling geschrapt uit de
lijst en gaat naar de volgende bestemmmeling - de andere types broadcastrouteringen zijn Flooding en sink tree en reverse path forwarding




Woord of Afkorting:
Multihomed

LAAG:

CONTEXT
Bijkomende termen
Betekenis:
Multihomed host - Een host die met meerdere netwerken verbonden is.
Woord of Afkorting:
multiplexing

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Openbare telefoonsystemen --> enkel hierbij ???
Betekenis:
1 fysische lijn delen onder meerdere communicerende processen - Als meerdere communicerende processen maar over 1
fysische verbinding beschikken dan moet men naar multiplexing en demultiplexing overschakelen, m.a.w. men zal de ene
fysische lijn moeten delen onder de communicerende processen (vb: taakverdeling om de x microseconden)). Diverse
methoden van Multiplexing: FDM en TDM (freq en Time Division multiplexing) --> FDM: De bandbreedte wordt opgesplitst in
meerdere kanalen, waardoor men meerdere gegevens tegelijkertijd kan doorsturen. / TDM: Iedereen krijgt een bepaalde tijd
om zijn gegevens door te sturen, deze methode kan enkel maar gebruikt worden bij het versturen van digitale data...
Bijvoorbeeld: in telecommunicatie kunnen verschillende telefoongesprekken over één lijn vervoerd worden, en bij netwerken
kunnen verschillende datastromen over één (dure) glasvezelkabel verstuurd worden.



Woord of Afkorting:
NACK

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Afhandeling van fouten bij bevestigde verbindingsgerichte diensten
Betekenis:
= NOT ACKNOWLEDGE NEGATIEVE BEVESTIGING - Afhandeling van fouten bij bevestigde verbindingsgerichte
diensten … Bij bevestigde verbindingsgerichte diensten, wordt er een positieve of negatieve bevestiging
verwacht van de ontvanger (H06 ACK en H21 NACK) binnen een bepaalde tijd limiet, komt die er niet of krijgt hij
een negatieve bevestiging, dan stuurt hij het frame opnieuw op. Om dubbele ontvangst van het frame te
herkennen gebruikt men een volgnummer, zodat het frame geen 2 maal doorgegeven wordt aan de hogere laag.
Protocollen waarin de zender één frame zendt en dan op een bevestiging wacht alvorens door te gaan, worden
stop-and-waitprotocollen (stop and go) genoemd
Woord of Afkorting:
NAP

LAAG:

CONTEXT
Structuur van het internet
Betekenis:
ruimte waar de backbones van de verschillende netwerken bij elkaar komen en via een LAN aan elkaar gekoppeld zijn.


Woord of Afkorting:
NAT

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Netwerklaag in het internet - IP Adressen
Betekenis:
Network Address Translation - Vertalen van IP adressen - Een veel gebruikt doel is het toelaten om meerdere gebruikers van
een thuisnetwerk toegang te geven tot het internet via één IP-adres. De oorzaak voor het veelvuldig gebruik van NAT is het
tekort aan IPv4-adressen, de populariteit van het internet en de opkomst van steeds meer machines die het TCP/IP model
gebruiken. NAT stelt netwerkbeheerders en eigenaars van een thuis en klein bedrijf netwerk in staat om via het privaat
netwerk op het internet te kunnen surfen met een beperkt aantal IP-adressen. NAT is niet ontworpen om een lange termijn
oplossing te zijn, dit is namelijk de opvolger van IPv4, IPv6. Vele IPv6 experts geloven dan ook dat IPv6 de noodzaak naar
NAT zal verwijderen
Woord of Afkorting:
NCP

LAAG:
Datalinklaag
CONTEXT
Opbellen van ISP
Betekenis:
                        paketten die gezonden worden door de ISP bij opbellen van ISP nadat er verbinding tot
Network Control Protocol -
stand is gekomen - met als doel de netwerklaag te configureren




Woord of Afkorting:
NFS

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Network file system - Een mechanisme voor de toegang tot bestanden op afstand, gedefinieerd door Sun Microsystems,
voor gebruik met het Unix besturingssysteem. Met NFS kunnen applicaties op een computer bestanden op een ander
computer op afstand benaderen.




Woord of Afkorting:
NID

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
DSL configuratie
Betekenis:
Network Interface Device - Onderdeel van een gebruikelijke ADSL configuratie: wordt geplaatst aan het einde van de netlijn
(aan de zijde van de customer ,,, )




Woord of Afkorting:
niet transparante fragmentatie

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Fragmentatie - MTU
Betekenis:
Is 1 van de 2 methodes van fragmentatie .. (=opsplitsen van pakket wegens beperking MTU) …Bij niet - transparante
fragmentatie wordt het pakket pas terug samengesteld bij het doelnetwerk … dit in tegenstalling tot de 2de methode: de
transparante fragmentatie waarbij de gefragmenteerde pakketten in de volgende router opnieuw wordt samengesteld
Woord of Afkorting:
nonpersistent cookie

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW - Cookies
Betekenis:
nonpersistent cookie Is een cookie waarbij in het veld expires geen datum ingevuld staat .. Dergelijk cookie
wordt verwijderd als de web browser de web-site verlaat. Indien het veld wel opgevuld is noemt men dat een
persistent cookie.




Woord of Afkorting:
NSFNET

LAAG:

CONTEXT
Voorbeelden van netwerken - Internet
Betekenis:
Alternatief netwerk dan ARPANET… werd opgericht door de niet- aangeslotenen van het ARPANET die er wel
het nut van in zagen… de 2 netwerken werden uiteindelijk aan elkaar gekoppeld … het gemeenschappelijk
protocol werd TCP/IP


Woord of Afkorting:
OSI-referentiemodel

LAAG:

CONTEXT
Relationship services en protocollen
Betekenis:
Het eerste gestandaardiseerde lagenmodel was het OSI-referentie model. Met de opkomst van het internet is het TCP/IP
referentiemodel ontworpen. Het OSI model bestaat uit 7 lagen … het is geen netwerkarchitectuur, omdat het niet de exacte
diensten en protocollen specificeert die in elke laag moeten worden gebruikt. Het zegt alleen wat elke laag moet doen,, Het
OSI-model is een gestandaardiseerd middel om te beschrijven hoe data wordt verstuurd over een netwerk. Het zorgt er voor
dat er compatibiliteit en interoperabiliteit is tussen de verschillende types van netwerktechnologieën van organisaties over de
hele wereld. Dit model deelt de communicatie in in zeven lagen. Daarom wordt dit ook wel het Zevenlagenmodel genoemd.
De lagen zijn, van hoog naar laag: Toepassing, Presentatie, Sessie, Transport, Netwerk, Datalink en Fysiek.



Woord of Afkorting:
OSPF

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Netwerklaag in het internet: Internetwerkroutering
Betekenis:
Open Shortest Path First - internet gateway routeringsprotocol - is een open protocol (RFC 2328) dat routers in staat stelt om
het IP verkeer naar de eindbestemming te sturen
Woord of Afkorting:
paden

LAAG:

CONTEXT
Ontwerpaspect vdlagen
Betekenis:
pad = De weg / wegen dat een bericht aflegt .. Hierbij zijn er vele mogelijkheden ,,, Het kiezen van het meeste
efficiënte pad gebeurt door de routers en noemt men routering.




Woord of Afkorting:
Payloadveld

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Ontwerpaspect van de datalinklaag
Betekenis:
Payloadveld is dat deel van een frame waarin het pakket zit (pakket = deel van het bericht) .. Wordt
voorafgegaan door een frameheader en wordt gevolgd door een frametrailer,,, datalinklaag accepteert de
pakketten van de netwerklaag (hogere laag), en verpakt die vervolgens voor verzending in frames. Elk frame
bevat een frameheader, een payloadveld met daarin het pakket en een frametrailer,


Woord of Afkorting:
PDA

LAAG:
NVT
CONTEXT
voorbeeld van een draadloze toepassing
Betekenis:
-   PDA’s (Personal Digital Assistens) , draadloze handterminals die voor alle doeleinden kunnen gebruikt
worden zoals stock opname, enz…




Woord of Afkorting:
PDC

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
2de generatie mobiele telefoons
Betekenis:
Personal communications services .. 1 van de 4 systemen van de 2de generatie en digitale mobiele telefoons ..
De overige 3 zijn D-AMPS, GSM en CDMA
Woord of Afkorting:
peer-to-peer P2P

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Type netwerk .. Thuisnetwerk
Betekenis:
communicatie, waar er geen vaste clients en servers zijn (fig. 1.3.). Een groep personen delen hun client waarbij ze allerhande gegevens
kunnen downloaden en uploaden, hetzij legaal of illegaal, In het algemeen verwijst een peer-to-peernetwerk (of P2P) naar een
computernetwerk dat geen vaste werkstations en servers heeft, maar een aantal gelijkwaardige (Engels: peer = gelijke) aansluitingen die
samen tegelijkertijd functioneren als server en werkstation voor de andere aansluitingen in het netwerk.




Woord of Afkorting:
persistent cookie

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
WWW - Cookies
Betekenis:
nonpersistent cookie Is een cookie waarbij in het veld expires geen datum ingevuld staat .. Dergelijk cookie
wordt verwijderd als de web browser de web-site verlaat. Indien het veld wel opgevuld is noemt men dat een
persistent cookie. De overige velden van een cookie zijn DOMAIN, PATH, CONTENT en SECURE



Woord of Afkorting:
Pert

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Routeringsalgoritmen
Betekenis:
Pertmethode is de methode waarop de Methode van Dijkstra is gebaseerd (statisch padrouterings algortime) .
Deze methode baseert zich op de duur dat een bepaalde activiteit gaat duren en de verschillende tussen fasen
die men kan hebben. Het pad met de langste duur is het kritisch pad, en die moet men in de gaten houden want
als er daar vertraging op treed dan loopt het ganse project vertraging op. Deze methode heeft Dijkstra
omgekeerd aangewend, zijn kritisch pad was het kortste pad en niet het langste.


Woord of Afkorting:
PHP

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
Genereren van dynamische webpagina’s door de servercomponenten
Betekenis:
Hypertext PreProcessor … vorm van dynamische webpagina’s door servercomponenten gegenereerd, hierbij zal
de server bij aanvraag van het web pagina het document genereren met de actuele gegevens vanuit de data
base; Hierbij kan men gebruiken maken van: ofwel CGI (Common Gateway Interface) - PHP (Hypertext
PreProcessor) - JSP (Java Server Pages) - ASP (Active Server Pages
Woord of Afkorting:
Piconet

LAAG:

CONTEXT
Structuur van Bluetooth
Betekenis:
PICONET = Bluetooth - PAN (PAN= Personal Area Network: computernetwerk dat gebruikt wordt voor
communicatie tussen computer-apparaten ) De structuur van een bluetooth bestaat uit een Piconet met max. 7
actieve slaves. Ieder slave kan max. 255 geparkeerde nodes hebben die zich in een slaap toestand bevinden en
reageren op een activeringssignaal. Meerdere Piconetten vormen een Scatternet


Woord of Afkorting:
Piggybacking

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Protocollen met glijdend venster - wachten op bevestiging
Betekenis:
Indien men met een full duplex protocol werkt (beide richtingen) dan heeft men de mogelijkheid om de
bevestiging uit te stellen en het aan een uitgaand dataframe te koppellen die naar de zender wordt opgestuurd, dit
noemt men piggybacking


Woord of Afkorting:
plug-ins

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
WWW - structuuroverzicht - kant van de client
Betekenis:
Plugin is een module die de browser in een speciale map op de vaste schijf ophaalt en vervolgens als een uitbreiding
op zichzelf installeert en uitvoert binnen het browser proces ,,, 1 van de 2 mogelijkheden die zich voordoet wanneer
een Mime Type niet in de browser zit ingebouwd: Niet alle MIME-types zijn ingebouwd in de browser en als dit zich
voordoet dan kijkt de browser naar een interne tabel waar de MIME-types vermeldt staan met hun aan te roepen
programma. Hierbij onderscheiden we 2 mogelijkheden Plugins en helperapplicaties


Woord of Afkorting:
POP

LAAG:

CONTEXT
Onderdeel van de internetstructuur
Betekenis:
Onderdeel van de internetstructuur: POP = Point Of Presence - is het aanknopingspunt tussen het telefoonsysteem
en het internet, bevindt zich meestal bij de ISP.
Woord of Afkorting:
POP3

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
 = Post Office Protocol version 3 .. Protocol dat gebruikt wordt om de emails van de machine van de ISP te halen
.. Dit protocol werkt op poort 110. Van zodra de verbinding tot stand is gekomen doorloopt het 3 toestanden: -
autorisatie, is het inloggen - transactie, is het ophalen van de E-mails - update, is het schrappen van de E-
mails uit de postbus !!! Wanneer u niet wilt dat de emails van de server worden geschrapt dan kan u het IMAP
protocol hanteren


Woord of Afkorting:
PPP P2P protocol

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Datalinklaag in het internet --> datalinklaagprotocol
Betekenis:
Point To Point Protocol .. Is een protocol dat gebruikt wordt bij internet tussen de routers en tussen de gebruikers en ISP …
Het is één van de TCP/IP-protocollen. Het is een communicatieprotocol dat wordt gebruikt om een verbinding tot stand te
brengen tussen twee computers, bijvoorbeeld een PC van een gebruiker en de inbelserver van diens internetprovider. PPP
werd oorspronkelijk veel gebruikt bij inbelverbindingen, waarbij de communicatie over de telefoonlijn plaatsvindt, maar ook
voor breedbandverbindingen wordt het wel toegepast.


Woord of Afkorting:
private peering

LAAG:

CONTEXT
Structuur van het internet
Betekenis:
Private peering is een rechtstreekse verbinding tussen backbones, niet via een NAP (NAP, ruimte waar de backbones van
de verschillende netwerken bij elkaar komen en via een LAN aan elkaar gekoppeld zijn)




Woord of Afkorting:
Promiscue mode

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Een modus waarin een met een gedeeld netwerk verbonden computers alle pakketten ontvangt, inclusief de pakketten die
voor andere computers bestemd zijn. Dit is handig voor het beheer van een netwerk, maar houdt tevens een veiligheidsrisico
in voor een productienetwerk. Veel standaard interfaces staan promiscue toe.
Woord of Afkorting:
protocol

LAAG:

CONTEXT
Protocolhiërarchiën en ontwerpaspecten van de lagen .
Betekenis:
Om de complexiteit van datacommunicatie te herleiden, splitsen we alles op in lagen (layers), lagen die de input
van de ene laag verwerken voor output van de volgende laag en dit in tweeërlei richtingen (fig. 1.13). De regels
en conventies die daarbij gepaard gaan noemt men een protocol. Een protocol bepaalt wat er gedaan
moet worden, een interface bepaalt hoe dit moet gebeuren



Woord of Afkorting:
protocolstack

LAAG:

CONTEXT
Protocolhiërarchiën en ontwerpaspecten van de lagen .
Betekenis:
Een serie protocollen binnen één bepaald netwerkstructuur noemt men een protocolstack




Woord of Afkorting:
push-to talksystem

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Mobiel telefoonsysteem
Betekenis:
Eerste-generatie mobiele telefoons: analoge spraak… In 1946 werd voor het eerste autotelefoons in gebruik
genomen in St. Louis. Dit systeem gebruikt één grote zender bovenop een hoog gebouw en had één kanaal dat
voor zowel verzenden als ontvangen werd gebruikt. Om te spreken moest de gebruiker een knop indrukken
waarmee de zender in en de ontvanger uitgeschakeld werd, dit systeem is gekend onder de naam push-to
talksystem


Woord of Afkorting:
QoS

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Belasting van netwerken
Betekenis:
Quality of service : kwaliteit van de geleverde diensten .. We onderscheiden hierbij de kwaliteit van
betrouwbaarheid, vertraging, jitter en bandbreedte
Woord of Afkorting:
Ranging

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
kabelmodems
Betekenis:
Ranging = proces waarbij de modem bepaalt wat de afstand tot het kopstation is door een speciaal pakket te
verzenden en de tijd te meten die verstrijkt tot het pakket beantwoord is. Dit proces doet zich voor bij
kabelmodems … Dit is een onderdeel in het opstartproces bij het onder spannnig brengen van een kabelmodem




Woord of Afkorting:
RARP

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Besturingsprotocollen in het internet -
Betekenis:
Soms moet men ook kunnen bepalen welk Ethernet-adres correspondeert met welk IP-adres, het omgekeerde van ARP -->
RARP (Reverse Address Resolution Protocol). In de RARP server liggen alle links tussen Ethernet en IP adressen vast.
Per LAN segment moet er een RARP server aanwezig zijn, daar de routers de RARP boodschappen waarvan het
bestemmingsadres bestaat uit allemaal 1, niet doorlaten. Om dit euvel te vermijden hebben ze het protocol BOOTP


Woord of Afkorting:
RED

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
congessiebeheersing
Betekenis:
Random Early Detection.. Methode waarbij de router bij congessie een willekeurig pakket eruit gooit .. Waardoor de zender
geen feedback zal krijgen .. MAAR bij meervoudige herheling de zender toch de verzendtijd zal verminderen zodat de
congestie automatisch vermindert




Woord of Afkorting:
Remote bridges

LAAG:
SUBLAAG MAC
CONTEXT
Switchen in de datalinklaag / koppelen van LANS
Betekenis:
Wil men LAN’s aan elkaar koppellen op lang afstand dan moet men gebruik maken van remote bridges die over
gehuurde lijnen of over satelliet aan elkaar verbonden worden via een Point-to-Point verbinding.
Woord of Afkorting:
resource sharing

LAAG:

CONTEXT
Bedrijfsnetwerken
Betekenis:
Beschikbaar stellen van programma’s, apparaten en gegevens aan iedereen op het netwerk




Woord of Afkorting:
reverse path forwarding

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Congessiebeheersing bij Broadcastroutering
Betekenis:
Vorm van broadcastroutering - (routering die gebruikt wordt bij broadcasting) als er bij een router een broadcastpakket
aankomt, kijkt de router of het is aangekomen over de lijn die gewoonlijk gebruikt wordt om paketten naar de bron van de
broadcast te zenden. Zo ja, dan bestaat er een goede kans dat het broadcastpakket zelf de beste route vanaf de bron router
heeft gevolgd en dus het eerste exmplaar is dat bij de router aankomt. Daarom zendt de router kopieën van het pakket door
over alle lijnen behalve de lijn waarover het is aangekomen. Is dit niet zo, dan wordt het pakket weggegooid omdat het
waarschijnlijk een duplicaat is
Woord of Afkorting:
Ringtopologie

LAAG:

CONTEXT
1 vd Topologieën van lokale netwerken:LAN
Betekenis:
De ringtopologie (token ring) bestaat uit een ring waarop meerdere toestellen worden aangesloten. Een
boodschap wordt op een token geplaatst die ieder station afloopt, het toestel waarvoor de boodschap is bedoeld
neemt de boodschap vanuit de token en verwerkt die. Snelheden van 26Mbs tot 100Mbs (FDDI is een voorbeeld
van een ringnetwerk).


Woord of Afkorting:
Rooter

LAAG:

CONTEXT
Structuur van Internet
Betekenis:
router, een bridge maar tussen heterogene netwerken / een computer die de pakketten verstuurt naar de plaats van
bestemming, hetzij rechtstreeks naar de host of naar een andere router / is een apparaat of software op een computer, dat
twee of meer verschillende computernetwerken aan elkaar verbindt, bijvoorbeeld internet en een bedrijfsnetwerk. Een
router kan gezien worden als een schakelapparaat voor datapakketten dat actief is op OSI-laag 3. Dit in tegenstelling
tot een hub, die een laag 1 apparaat is, of een switch, die opereert op OSI-laag 2
Woord of Afkorting:
routering

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Ontwerpaspecten van de lagen
Betekenis:
Berichten kunnen van het ene werelddeel naar een ander werelddeel verstuurd worden, bij deze kan men langs
verschillende wegen (paden) gaan. Het kiezen van het meeste efficiënte pad gebeurt door de routers en noemt
men routering



Woord of Afkorting:
routingalgoritme

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT

Betekenis:
De door te sturen gegevens worden in pakketten opgedeeld en zo van de ene naar de andere router doorgestuurd
(store and forward). De route die het pakket moet volgen om bij de bestemmeling te komen wordt door een
routingalgoritme bepaald


Woord of Afkorting:
RPC
LAAG
TRANSPORTLAAG
UDP - Procedureaanroep op afstand
De taak van de transportlaag is het leveren van een betrouwbaar, goedkoop datatransport van de bronmachine naar de doelmachine,
onafhankelijk van het fysieke netwerk of de fysieke netwerken die gebruikt worden

Betekenis:
Het communiceren tussen applicaties draaiende op verschillende computers, wordt uitgevoerd door het
uitwissellen van berichten tussen de computers. De client beschikt over een kleine bibliotheekprocedure die de
clienstub wordt genoemd, de server beschikt ook over een bibliotheek die de serverstub wordt
genoemd. De oproep van de client naar de server, noemt men een RPC (Remote Procedure Call).

Woord of Afkorting:
RS-232

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Kabeltelevisie
Betekenis:
Lokale asyncrone communicatie - Bij het verbinden van computers met bv. printers gebruik makend van koperen kabels, gebruikt men het
default standard RS-232 protocol, deze bestaat uit volgende voorschriften: - is serieel, de ene bit wordt na de andere verstuurd - een 1 bit
wordt vertaald in een -15 voltage, een 0 bit door een +15 voltage - een karakter bestaande uit 7 of 8 bits wordt aansluitend verstuurd - een
pariteit bit wordt al dan niet toegevoegd, indien wel dan keuze tussen even en oneven pariteit - de 7 bits worden voorafgegaan van een start
bit (0 bit)
- de 7 bits worden afgesloten met 0, 1 of 2 stop bits ( 1 bits) - wanneer er geen data over de lijn verstuurd wordt, wordt een blijvende -15
volt aangehouden
Woord of Afkorting:
RTS

LAAG:
SUBLAAG MAC
CONTEXT
Protocollen voor een kanaal met multiple access - voor draadloze netwerken
Betekenis:
Request To Send FRAME / Onderdeel van MACA protocol bij dradloze netwerken : Multiple Access With Collision Avoidance - PC a
stuurt eerst een RTS Framenaar PC B … dit frame bevat de lengte van de te zenden data




Woord of Afkorting:
Scatternet

LAAG:

CONTEXT
Structuur van bluetooth
Betekenis:
De structuur van een bluetooth bestaat uit een Piconet met max. 7 actieve slaves. Ieder slave kan max. 255
geparkeerde nodes hebben die zich in een slaap toestand bevinden en reageren op een activeringssignaal.
Meerdere Piconetten vormen een Scatternet


Woord of Afkorting:
server

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Onderdeel van een (niet - peer to peer) netwerk: Een server is een computer of een programma dat diensten
verleent aan andere programma's. In de eerste betekenis wordt met server de fysieke computer aangeduid
waarop een programma draait dat deze diensten verleent




Woord of Afkorting:
Serverfarms

LAAG:

CONTEXT
Structuur van internet
Betekenis:
carrier hotels, serverfarms, firma’s die computerruimte verhuren, bevinden zich meestal bij de backbone
waardoor een korte en snelle verbinding kan worden gerealiseerd
Woord of Afkorting:
Serverstub
LAAG
TRANSPORTLAAG
UDP - Procedureaanroep op afstand
De taak van de transportlaag is het leveren van een betrouwbaar, goedkoop datatransport van de bronmachine naar de doelmachine,
onafhankelijk van het fysieke netwerk of de fysieke netwerken die gebruikt worden

Betekenis:
Het communiceren tussen applicaties draaiende op verschillende computers, wordt uitgevoerd door het
uitwissellen van berichten tussen de computers. De client beschikt over een kleine
bibliotheekprocedure die de clienstub wordt genoemd, de server beschikt ook over een bibliotheek die
de serverstub wordt genoemd

Woord of Afkorting:
simplex

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Simplexcommunicatie is communicatie waarbij enkel in één richting informatie wordt verstuurd. Dit type
communicatie vindt men vooral in broadcastnetwerken, waar één bron de informatie verspreidt en de ontvangers
geen signalen terugsturen naar de verzender.



Woord of Afkorting:
sink tree

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Routeringsalgoritme
Betekenis:
Optimalisatiebeginsel van routeringsalgoritmen … sink tree = boomstructuur tussen de verschillende
routes om elkaar te bereiken zodat er geen lussen ontstaan




Woord of Afkorting:
Slave

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Woord of Afkorting:
Smileys

LAAG:
APPLICATIE LAAG
CONTEXT
EMAIL
Betekenis:
Een smiley (ook wel lachebekje ) is een eenvoudig tekeningetje van een lachend gezichtje, vandaar de naam,
Het begrip smiley wordt ook uitgebreider gebruikt voor gelijkaardige gezichtjes die andere gemoedstoestanden
uitbeelden.Smileys worden gebruikt om intonatie aan een geschreven boodschap te geven




Woord of Afkorting:
SMTP

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
EMAIL
Betekenis:
Simple Mail transfer Protocol - protocol dat gebruikt wordt voor het versturen van email. In het Internet laat men E-mail
afleveren door de bronmachine een TCP-verbinding te laten maken met poort 25 van de doelmachine. Naar deze poort
luistert een E-maildeamon die SMTP spreekt. Als deze de inkomende berichten kan accepteren, dan kopieert hij de
berichten daaruit naar de van toepassing zijnde mailboxes. Als een bericht niet kan worden afgeleverd, wordt een
foutmelding met daarin het eerste deel van het onbestelbare bericht teruggezonden naar de afzender

Woord of Afkorting:
SNA

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Type netwerk … Systems Network Architecture of SNA is de eigen computernetwerk architectuur van IBM,
ontworpen in 1974. Het is een complete protocolstack om gebruikers met een computer te verbinden… is ook
een transportprotocol




Woord of Afkorting:
Sniffer

LAAG:

CONTEXT
netwerk
Betekenis:
Een synoniem voor netwerkmonitor.
Woord of Afkorting:
SNMP

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Simple Network Management Protocol. Het protocol dat gebruikt wordt voor het beheren van de verschillende routers
binnen Internet




Woord of Afkorting:
Socket

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT

Betekenis:
Een socket is de combinatie van uw IP-adres met uw poortnummer zoals:Socketnummer 111.121.131.141:21 verwijst naar IP-adres
111.121.131.141 naar poort 21. Als 2 computers willen met elkaar communiceren, moeten ze elkaars IP-adres kennen (opgegeven in IP
protocol) en hun poort nummer (opgegeven in TCP protocol). Op die poort is bij een server een dienst ter beschikking zoals SQL server
2003, m.a.w. als de server SQL 2003 opgestart wordt dan moet men mee gegeven op welke poort hij de aanvragen wil binnen krijgen en
moeten de clients hun aanvragen doen via deze poort. De poort van de client waar de aanvraag wordt doorgestuurd hoeft niet gelijk te zijn
aan het poort nummer waarop de service draait van de server (fig. 6.8).
Woord of Afkorting:
soft handoff

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Het mobiele telefoonsysteem
Betekenis:
In iedere cel staat een basisstation. Wanneer een telefoon in het bereik komt van een naburige cel zal deze de
verbinding overnemen. Dit kan op 2 manieren, gebeuren. Eén van deze 2 manieren is: - soft handoff, de telefoon
wordt door het nieuwe basisstation overgenomen vooraleer de oude afhaakt




Woord of Afkorting:
Spam

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
email
Betekenis:
ongevraagde (en meestal ongewenste) e-mail, die naar duizenden e-mail-adressen tegelijk gestuurd wordt.
Meestal bevatten deze mails reclameboodschappen. Sommige ISP’s leveren filters dat automatisch werkelijke
persoonlijke bedoelde berichten scheidt van spam en de berichten ook in de juiste postbus plaatst.
Woord of Afkorting:
spanning tree

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
broadcastroutering
Betekenis:
Is een deelverzameling van het subnet waarin alle routers voorkomen, maar die geen lussen bevat. Als elke
router weet welke van zijn lijnen tot de spanning tree behoren, kan hij een inkomend broadcastpakket kopiëren
naar alle lijnen die deel uitmaken van de boom, behalve de lijn waarover het is binnengekomen.




Woord of Afkorting:
Spectrum

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
draadloze transmissie
Betekenis:
Wanneer elektronen zich verplaatsen, produceren ze elektromagnetische golven die zich door lege ruimten (zelfs in vacuüm) voortplanten.
Het aantal trillingen per seconde van een elektromagnetische golf noemen ze een frequentie f van de golf, die in Hz wordt uitgedrukt. Als
we aan een elektrisch circuit een antenne van de juiste grootte koppelen, kunnen de elektromagnetische golven efficiënt worden uitgezonden
en worden ontvangen door een ontvanger op enige afstand. Alle draadloze communicatie berust op dit principe. In een vacuüm reizen alle
elektromagnetische golven met dezelfde snelheid, onafhankelijk van hun frequentie (300.000 Km/sec). In koperdraad en glasvezel wordt
deze gereduceerd tot 2/3 en wordt deze afhankelijk van de frequentie.
Woord of Afkorting:
Splitter

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
ADSL
Betekenis:
Is een analoge filter die de spraakgegevens splitst van de data, de data wordt doorverzonden naar de ADSL
modem.




Woord of Afkorting:
Stertopologie

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
De stertopologie bestaat uit een centraal knooppunt waar alle toestellen mee verbonden zijn. Snelheden van
10Mbs tot 10Gbs zijn gebruikelijke snelheden.Toepassing: HUB
Woord of Afkorting:
store and forward

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
De door te sturen gegevens worden in pakketten opgedeeld en zo van de ene naar de andere router doorgestuurd
(store and forward). De route die het pakket moet volgen om bij de bestemmeling te komen wordt door een
routingalgoritme bepaald



Woord of Afkorting:
STP

LAAG:
SUBLAAG MEDIUM ACCES CONTROL
CONTEXT
Kabel
Betekenis:
Korte afgeschermde koperen kabels. Het probleem daarbij is dat deze moet concurreren met snelle glasvezel
aan de bovenkant en goedkoop UTP aan de onderkant van de mogelijkheden




Woord of Afkorting:
Stuffing

LAAG:
DATALINKLAAG
CONTEXT
Frames : byte-stuffing en bit-stuffing
Betekenis:
Byte-stuffing: de datalinklaag van de zender voegt een speciale byte (ESC) in voor elke 'toevallige' vlagbyte die
in de data voorkomt. De datalinklaag aan de ontvangstkant verwijdert de extra escapebytes weer voordat de data
aan de netwerklaag worden doorgegeven. Bit-stuffing: Elk frame begint en eindigt met een speciaal patroon, nl
01111110, wat in feite een vlagbyte is. Elke keer als de datalinklaag van de zender in de data vijf opeenvolgende
enen tegenkomt, voegt deze automatisch een 0-bit aan de uitgaande bitstroom toe.


Woord of Afkorting:
submasker

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
IP-adres
Betekenis:
Om het de router gemakkelijk te maken te kijken tot welke klasse het IP-adres behoort, gebruikt men een submasker, deze gebruikt dezelfde decimale
puntnotatie als het IP-adres. 255.000.000.000 geeft aan dat er voor het netwerk naar de eerste byte moet gekeken worden, klasse A.
255.255.000.000 geeft aan dat er voor het netwerk naar de twee eerste bytes moet gekeken worden, klasse B.
255.255.255.000 geeft aan dat er voor het netwerk naar de eerste drie bytes moet gekeken worden, klasse C.
255.255.255.255 geeft aan dat de 4 bytes het netwerk aangeven, dus geen host adres, deze worden gebruikt voor mulicast en gereserveerde adressen
Dit subnetmask kan ook gebruikt worden om binnen een netwerk het netwerk op te splitsen in meerdere netwerken.
Woord of Afkorting:
Switch

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
switch, is een box met bridges. Een switch wordt gebruikt om uw netwerk op te splitsen in afzonderlijke delen,
zodat de gegevens bestemd voor een computer op hetzelfde deel niet over het volledige LAN netwerk verspreid
worden maar enkel over dat deel, en zodat de andere delen ook niet gestoord worden. Zo ontstaan er minder
collisions en minder collisions is hogere snelheid


Woord of Afkorting:
syncroon

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
betekent algemeen 'tegelijkertijd', 'samen op één moment in de tijd'. Alle bytes worden in 1 keer verzonden in
tegenstelling to asychroon waar de bytes 1 voor 1 worden doorgezonden




Woord of Afkorting:
TCP/IP

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
protocol
Betekenis:
TCP (Transmission Control Protocol) is speciaal ontworpen om een betrouwbare end-to-endbytestroom in een onbetrouwbaar Internetwerk te krijgen. Een
machine die met TCP werkt heeft een TCP-transportentiteit bestaande uit:
- bibliotheekprocedure
- een gebruikersproces of een deel van de kernel
Deze levert TCP-stromen en vormt zo een interface naar de IP-laag.
Een TCP-entiteit neemt gebruikersdatastromen van lokale processen (applicaties) in ontvangst, verdeelt ze in stukken die niet groter zijn dan 64K (in praktijk
vaak 1460 bytes data zodat deze, inclusief de IP- en TCP-headers, in een enkel Ethernet-frame passen) en zendt elk stuk als apart IP-datagram. Als IP-
datagrammen met TCP-data bij een machine aankomen, worden ze aan de TCP-entiteit gegeven, die de oorspronkelijke bytestroom reconstrueert.


Woord of Afkorting:
TDM

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
Multiplexing
Betekenis:
Iedereen krijgt een bepaalde tijd om zijn gegevens door te sturen, deze methode kan enkel maar gebruikt
worden bij het versturen van digitale data, daardoor moeten eerst de analoge signalen omgezet worden naar
digitale. (Time Division Multiplexing)
Woord of Afkorting:
Teledesic

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
satellietcommunicatie systeem
Betekenis:
Is gericht op Internetgebruikers over de hele wereld die behoefte hebben aan veel bandbreedte. Het doel is om
miljoenen Internetgebruikers gelijktijdig een uplink te bieden met een banbreedte van 100Mbps en een downlink
van maximaal 720Mbps door gebruik te maken van een kleine, stationaire VSAT-achtige antenne, waardoor het
telefoonsysteem volledig rechtsom ingehaald wordt.



Woord of Afkorting:
TELNET

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
netwerkprotocol
Betekenis:
om in te loggen op een andere machine en daarop te werken




Woord of Afkorting:
terminator

LAAG:
SUBLAAG MEDIUM ACCES CONTROL
CONTEXT

Betekenis:
Coax zijn bedradingen die van de ene naar de andere computer verlopen en afgesloten worden met een
terminator (afsluitweerstand)
Woord of Afkorting:
TFTP

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
applicatieprotocol
Betekenis:
Trivial File Transfer Protocol. TFTP is een lichte vorm van FTP die veel gebruikt wordt om computers vanaf een
netwerk te starten en andere apparatuur zoals routers, switches, ADSL- en kabelmodems van firmware en
configuraties te voorzien.




Woord of Afkorting:
Throughput

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Zijn de netto aantal bits die per tijdseenheid worden verstuurd, m.a.w. zijn de aantal data bits, header
en andere besturing bits niet mee gerekend. Deze kan max. gelijk zijn aan de bandbreedte.



Woord of Afkorting:
time to leave

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Het IP-protocol.
Betekenis:
is een veld van 8 bits lang, vermeldt de waarde (in seconden of in router hops) dat het datagram nog kan blijven
leven voordat het verloren gaat. Elke router bekijkt dit veld en verlaagt de waarde in dit veld minimaal met 1, of
het aantal seconden vertraging dat het datagram binnen de router oploopt. Het datagram wordt weggegooid
zodra dit veld de waarde 0 heeft bereikt en wordt er een waarschuwingspakket naar de bronhost gezonden.



Woord of Afkorting:
token ring

LAAG:

CONTEXT
lokale netwerken
Betekenis:
De ringtopologie (token ring) bestaat uit een ring waarop meerdere toestellen worden aangesloten. Een
boodschap wordt op een token geplaatst die ieder station afloopt, het toestel waarvoor de boodschap is bedoeld
neemt de boodschap vanuit de token en verwerkt die. Snelheden van 26Mbs tot 100Mbs (FDDI is een voorbeeld
van een ringnetwerk).
Woord of Afkorting:
Token

LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
netwerktopologie
Betekenis:
De ringtopologie (token ring) bestaat uit een ring waarop meerdere toestellen worden aangesloten. Een
boodschap wordt op een token geplaatst die ieder station afloopt, het toestel waarvoor de boodschap is bedoeld
neemt de boodschap vanuit de token en verwerkt die. Snelheden van 26Mbs tot 100Mbs (FDDI is een voorbeeld
van een ringnetwerk).


Woord of Afkorting:
TPDU

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
één van de5 algemenen primitieven van de transportlaag
Betekenis:
Connect, vanuit de client een connectie maken met de server, de client stuurt een TPDU (Transport Protocol
Data Unit) connection request naar de server, en die antwoord met een connection accepted, de verbinding is tot
stand.



Woord of Afkorting:
transparante fragmentatie

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
fragmentatie
Betekenis:
het pakket wordt gefragmenteerd, wordt door het netwerk gestuurd en bij aankomst in de volgende router terug
samengesteld




Woord of Afkorting:
Tunnelen

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
Internetworking.
Betekenis:
Is het oorspronkelijke pakket inkapselen door de multiprotocolrouter volgens het hangbaar WAN protocol en
serieel versturen naar de bestemming waar de multiprotocolrouter het ontkapselt
Woord of Afkorting:
UDP

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
transportprotocollen van het Internet
Betekenis:
De twee voornaamste protocollen gebruikt in het Internet zijn UDP (User Datagram Protocol) en TCP
(Transaction Control Protocol). UDP is verbindingsloos, TCP is verbindingsgericht.
UDP doet niet aan stroomregulering, foutcontrole of opnieuw verzenden. UDP wordt gebruikt voor zeer korte
berichten en waar het aantal berichten zeer klein zijn. Indien de zender geen antwoord krijgt, dan stuurt het
nogmaals het bericht.


Woord of Afkorting:
URL
Uniform Resource Locators
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
WWW
Betekenis:
bestaat uit:
- naam van het protocol die gebruikt zal worden
- de naam van de machine waarop de pagina is opgeslagen (meestal de DNS naam)
- de naam van de file die de pagina bevat
http://nl.wikipedia.org/wiki/DNS-rootserver
- http is het protocol
- nl.wikipedia.org is de machine
- wiki is de map
- DNS-rootserver is de file

Woord of Afkorting:
URN’s
Universal resource Names
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
WWW
Betekenis:
Naast de grootte voordelen van URL’s hebben we toch een zwakte, nl. een URL verwijst naar een
bepaalde host. Voor pagina’s die zeer vaak worden bezocht, is het gewenst dat er meerdere exemplaren
op grote afstand van elkaar beschikbaar zijn om het netwerkverkeer te verminderen. Bij een URL moet
men de server opgeven waar die staat. Momenteel is het IETF aan een systeem ontwerp bezig, het
URN’S (Universal resource Names) die dit probleem zou moten oplossen. Dit probleem wordt
onrechtstreeks opgelost door de vele zoekmachines die er ter beschikking zijn. De URL is een label dat
verwijst naar een informatiebron, bijvoorbeeld een webpagina of een ander bestand.

Woord of Afkorting:
user agent

LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
e-mail
Betekenis:
om e-mails te lezen en te zenden
Woord of Afkorting:
UTP
Unshielded Twisted Pair
LAAG:
Fysieke Laag
CONTEXT
soort kabel
Betekenis:
Als we de signalen omzetten in stroom dan moeten we altijd een terugloop voorzien, vandaar 2 kabels. Er ontstaat
een magnetisch veld wanneer we stroom door een kabel sturen, door twisting wordt die geneutraliseerd. Hoe
korter de twisting hoe betere kwaliteit, zo spreekt men van categorie 3 en 5 UTP

Woord of Afkorting:
Verbindingsgerichte dienst

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
dienst transportlaag
Betekenis:
Bij verbindinggerichte service moet er eerst tussen de bron en de bestemming een vaste route vastgelegd worden
voordat de pakketten verzonden worden. Deze verbinding wordt een virtueel circuit genoemd en het subnet een
virtuele-schakelingsubnet. De gedachte achter virtuele circuits is te voorkomen dat voor elk te verzenden pakket
een nieuwe route moet worden gevonden.


Woord of Afkorting:
Verbindingsloze dienst

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
dienst transportlaag
Betekenis:
Bij verbindingsloze service worden pakketten stuk voor stuk in het subnet gestopt en onafhankelijk van elkaar
naar de bestemming gedirigeerd. De bron en de bestemming hoeven niet vooraf een route overeen te komen.
De pakketten worden dan datagrammen genoemd en het subnet noemt men dan datagramsubnetten.


Woord of Afkorting:
VLAN
Virtuele LAN
LAAG:
MAC sublaag
CONTEXT
type netwerk
Betekenis:
Wanneer een organisatie zo ingedeeld is dat ze fysisch ook in andere ruimtes zitten is het gemakkelijk deze
afdelingen op een afzonderlijke LAN’s te plaatsen zodat de ene afdeling de andere niet stoort, met een bridge er
tussen te plaatsen is het opgelost. Maar wanneer afdelingen niet fysische bij elkaar zitten, of een werknemer
wordt van de ene afdeling overgeplaatst naar de andere afdeling met behoud van zijn bureau, dan kunnen die
afdelingen niet meer in aparte LAN’s worden ondergebracht (fig. 4.48), vandaar VLAN.We gaan een logische
verbinding op de fysische verbinding installeren (fig. 4.49), zodat de netwerkbeheerder geen kabels meer moet
versteken wat ook niet altijd mogelijk is.
VPN’s
Virtual Private Network
LAAG:

CONTEXT
Type Netwerk
Betekenis:
Dit zijn netwerken die bovenop de openbare netwerken liggen, maar het grootste deel van de
eigenschappen van niet-openbare netwerken hebben. Ze worden virtueel genoemd omdat ze niet als een
afzonderlijke fysieke entiteit bestaan, net als virtuele circuits geen echte circuits zijn en virtueel
geheugen geen echt geheugen is.


Woord of Afkorting:
WAN
wide area netwerk
LAAG:

CONTEXT
Type Netwerk qua schaalbaarheid (100 km tot 1,000 km)
Betekenis:
Wan’s strekken zich uit over een groot geografisch gebied of een werelddeel waarbij via een subnet bestaande uit
routers en transmissielijnen de verschillende hosts van de lokale netwerken aan elkaar gekoppeld worden (fig.
1.9.). De door te sturen gegevens worden in pakketten opgedeeld en zo van de ene naar de andere router
doorgestuurd (store and forward). De route die het pakket moet volgen om bij de bestemmeling te komen wordt
door een routingalgoritme bepaald (fig. 1.10).


Woord of Afkorting:
WAP
Wireless Application Protocol
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
draadloos WEB
Betekenis:
WAP (Wireless Application Protocol), die u kunt terugvinden in uw GSM



Woord of Afkorting:
W-CDMA
Wideband CDMA
LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
mobiele telefoon
Betekenis:
van Ericsson, gebruikt een direct spread spectrum en werkt op 5MHz bandbreedte en is ontworpen om te kunnen
samenwerken met GSM netwerken, hoewel het niet achterwaarts compatibel is met GSM. Het heeft echter wel de
mogelijkheid dat een beller een W-CDMA cel kan verlaten en een GSM cel kan betreden zonder dat het gesprek
onderbroken wordt.
Woord of Afkorting:
WDM
Wavelength Division Mutiplexing
LAAG:
FYSIEKE LAAG
CONTEXT
multiplexing
Betekenis:
Is FDM toegepast op glasvezel (Fig. 2.32).

Woord of Afkorting:
well-know ports

LAAG:
TRANSPORTLAAG
CONTEXT
TCP, poorten
Betekenis:
Een computer beschikt over 64K poorten waarvan de eerste 1024 well-know ports zijn en gereserveerd
voor standaarddiensten (fig. 6.27).

Woord of Afkorting:
WML
Wireless Markup Lanuage
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
webpagina wireless
Betekenis:
Het grootte nadeel van WAP is dat het niet werkt met standaard HTML maar met WML (Wireless
Markup Lanuage), waardoor de HTML pagina’s telken male moeten geconverteerd worden naar WML.


Woord of Afkorting:
WWL

LAAG:

CONTEXT

Betekenis:
Woord of Afkorting:
WWW
World Wide Web
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
webpagina
Betekenis:
Het WWW is een architectuur voor de toegang tot gekoppelde documenten verspreid over duizenden
machines in het hele Internet.



Woord of Afkorting:
X25

LAAG:
NETWERKLAAG
CONTEXT
NETWERKPROTOCOL
Betekenis:
X25 is een verbindinggericht netwerk uit de jaren 1970 opgezet door de telefoonbedrijven en later vervangen
door frame relay.
Werkte met:
- gehuurde lijnen
- ASCII terminals te verbinden via time sharing
- full duplex


Woord of Afkorting:
XHTML
eXtended Hyper Text Markup Language
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
opmaak webpagina's
Betekenis:
Is de opvolger van HTML 4 waarbij de syntax veel strikter genomen wordt


Woord of Afkorting:
XML
eXtensible Markup Language
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
opmaak webpagina's
Betekenis:
beschrijft de webinhoud op een gestructureerde manier, de data zelf
Woord of Afkorting:
XSL
eXtensible Style Language
LAAG:
APPLICATIELAAG
CONTEXT
opmaak webpagina's
Betekenis:
de opmaak onafhankelijk van de inhoud, hoe de data moet gepresenteerd worden

				
DOCUMENT INFO
Shared By:
Categories:
Tags:
Stats:
views:358
posted:7/21/2011
language:Dutch
pages:60
handongqp handongqp
About