ANATOMIE IN VIVO_ by hcj

VIEWS: 249 PAGES: 3

									ANATOMIE IN VIVO:

Anatomie van de levende mens.
Toepassing van de anatomie die je in atlassen bent tegengekomen.
In anatomie in vivo wordt gebruik gemaakt van een aantal technieken:

   Inspectie
   Palpatie
   Projectie
   Percussie (het bekloppen)
   Auscultatie (het beluisteren

In deze lessen gaan we alleen gebruik maken van palpatie en inspectie.

In deze les: wervelkolom en schoudergordel.



RUG (Algemeen):

Inspecteer de volgende rugkenmerken:




Let op de ligging van de Claviculae: omhoog / omlaag.
WERVELKOLOM / COLUMNA VERTEBRA

Inspectie:
 inspecteer de krommingen (sagittaal en frontaal vlak)




 inspecteer of er sprake is van een scoliose




 inspecteer herkenbare structuren in de Columna vertebra


Palpeer de volgende wervels:
 7 Cervicale wervels (alleen C6-C7)
 12 Thoracale wervels (alle 12)
 5 Lumbale wervels (alle 5)
SCHOUDERGORDEL:

Palpeer de volgende structuren van de Scapula:
 Margo medialis
 Margo lateralis
 Angulus inferior
 Spina scapulae
 Acromion
 Processus coracoideus

Palpeer de volgende structuren van de Clavicula:
 Extremitas sternalis
 Extremitas acromialis
 Corpus claviculae
 Articulatio sternoclavicularis
 Articulatio acromioclavicularis

Palpeer de volgende structuren van de Humerus:
 Tuberculum minus
 Tuberculum majus
 Sulcus intertubercularis
 Tendo van de Musculus Biceps Brachii, Caput longum
 Epicondylus medialis
 Epicondylus lateralis

Herkenningspunten:

C7 : buigen : de meest uistekende
       Controle:      hyperextensie ook nog palpabel : C6 niet meer
                      Rotatie : vooral cervicaal: tussen C7 en Th1

L1 : eerste dikke na thoracaal (Th12)

Hoogste punt op crista iliaca : op dat niveau horizontaal :
              Man             L3-L4
              Vrouw           L4

Tuberculum majus en minus : ter hoogte van processus coracoideus naar lateraal bij
anatomische houding

								
To top