Plan van Aanpak Foyer Almere

Document Sample
Plan van Aanpak Foyer Almere Powered By Docstoc
					            Plan van Aanpak

              Foyer Almere




              Een initiatief van

     de drie Almeerse woningcorporaties



in samenspraak met de gemeente, de provincie,

  het Leger des Heils en de Federatie Opvang




                 Juni 2005
Inhoudsopgave


1.       Aanleiding                                                 2


2.       Behoeftepeiling                                            2


3.       Wat is een Foyer?                                          2


4.       Doel Foyer                                                 3


5.       Nederlandse ervaringen met Foyers                          4
5.1.     Kritische succesfactoren                                   4
5.2      Knelpunten                                                 4


6.       Plan van aanpak                                            4
6.1      De doelgroep                                               5
6.2.     Omvang                                                     5
6.3.     Locatie en programma van eisen                             5
6.4.     Keten / samenwerkingspartners                              6
6.5.     Intake en magic mix                                        6
6.6.     Primair proces                                             8
6.7.     Leren en werken                                            8
6.8.     Uitstroom                                                  9
6.9.     Exploitatie                                                9
6.10.    Beheer en verantwoordelijkheden                            9
6.11.    Openbare orde en veiligheid                                10
6.12.    Wet- en regelgeving                                        10
6.13.    Communicatie                                               11


7.       Werkgroepen                                                11
7.1.     Werkgroep ‘Exploitatie’                                    11
7.2.     Werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’                    12
7.3.     Werkgroep ‘Leren en werken’                                13


8.       Planning                                                   14


9.       Evaluatie                                                  14


- Bijlage 1:   Samenstelling stuurgroep Foyer Almere                15
- Bijlage 2:   Voorbeelden van bestaande Foyers                     16
- Bijlage 3:   Enkele conclusies en aanbevelingen jongerenenquête   18
               Flevoland 2002
- Bijlage 4:   Enkele bijzonderheden uit de Jeugdmonitor 2005       19
               (‘Jeugd in de jonge stad’)
- Bijlage 5:   Beleidskader maatschappelijke opvang en huiselijk    20
               geweld (1 maart 2005)
- Bijlage 6:   Eerste opzet ketenbeschrijving Foyer Almere          21



                                        -   1   -
1. Aanleiding
In Almere zijn drie woningcorporaties in Almere actief, te weten Groene Stad Almere,
Goede Stede en Ymere.
De corporaties rekenen het tot hun taak en (mede-)verantwoordelijkheid om huisvesting
te bieden aan groepen en individuen, die in een kwetsbare situatie verkeren. Daartoe is
eind 2004 door de eerder genoemde corporaties het plan opgevat om in Almere een
Foyer voor jongeren op te starten.
Daarbij is samenwerking en afstemming met een groot aantal andere organisaties (op
het gebied van opvang, welzijn) en de lokale overheid noodzakelijk. Vandaar dat vanaf
het begin het Leger des Heils hierbij betrokken is. Ook de provincie en gemeente zijn van
het voornemen op de hoogte, steunen dit en participeren in de stuurgroep (bijlage 1).
De bovengenoemde partijen in Almere vinden dat de samenleving een kwetsbare groep
jongeren een toekomst moet bieden door gerichte maatregelen, die perspectief op leren,
werk en wonen geven.

Doelstelling van het project is het komen tot een Foyer in Almere. Dit Foyer zal
(gedeeltelijk) per 01-01-2006 operationeel zijn.
Zie voor meer informatie over een Foyer hoofdstuk 3 en bijlage 2.


2. Behoeftepeiling
De regionale/lokale behoefte naar het traject wonen, leren, werken voor jongeren in
Almere is kwantitatief niet precies duidelijk. Wel is het evident dat er sprake is van een
reële vraag en behoefte bij jongeren: Almere heeft meerdere jongeren, die (nu nog) wel
een dak boven hun hoofd hebben, maar een achterstandspositie hebben wat betreft leren
en werken en/of problemen hebben met wonen. Een deel van deze jongeren is van
Antilliaanse afkomst.
De jongerenenquête Flevoland 2002 en de jeugd- en jongerenmonitor 2005 (‘Jeugd in
een jonge stad’) ondersteunen dit. Zie voor een kort overzicht van de conclusies en
aanbevelingen van beide rapporten bijlage 3 en 4.

De gemeente heeft in het concept-beleidskader maatschappelijke opvang en huiselijk
geweld d.d. maart 2005 (‘Smeden aan de keten’) ook aangegeven dat een Foyer een
goede aanvulling is in de keten van opvang. Zie bijlage 5.
Daaruit kan geconstateerd worden dat het voornemen om een Foyer op te richten binnen
het gemeentelijk beleid past.

Het gebrek aan een gedetailleerd inzicht in de vraag en behoefte is geen beletsel om ‘aan
de slag te gaan’. Wel stelt dat eisen aan de flexibiliteit van de gekozen oplossing.
Uitgangspunt voor het opzetten van een Foyer is gebruik te maken van de kansen die er
nu liggen. Geen uitgebreide haalbaarheidsstudies, maar proberen op korte termijn tot
resultaten te komen, zonder uiteraard afbreuk te doen aan de kwaliteit van de
woonvoorziening.
Het is daarbij meer dan een haalbaarheidsstudie. Er moet doorgepakt worden. Daarvoor
is van direct betrokken partijen commitment nodig.


3. Wat is een foyer?
Een Foyer is een huis of flat waar jongeren tussen de 18 en 27 jaar samen kunnen
wonen. Foyer betekent letterlijk ‘plek bij de haard’. En dat is ook precies wat het is: een
plek waar jongeren in alle rust en veiligheid kunnen wonen en werken aan hun toekomst.
Een Foyer is een innovatieve vorm van jongerenhuisvesting: een woonmilieu dat leren,
ontwikkelen, werken en ondersteuning samenbrengt. Het woonconcept is gericht op
jongeren uit verschillende doelgroepen. De Foyer biedt een goede basis voor hen die




                                         -   2   -
moeite hebben om een werk- en/of leercarrière op te bouwen. Met een begeleid,
persoonsgebonden ontwikkelingstraject is de kans op succes groter.
Kort samengevat: een Foyer is huisvesting voor jongeren met een arrangement. Het
arrangement bestaat uit wonen – werken – leren – zorg.

In een Foyer wonen jongeren samen, maar ieder heeft wel zijn eigen kamer. Met de
andere bewoners wordt de keuken, badkamer, toilet en wasruimte gedeeld. Verder is er
ook altijd wel een ruimte waar de mogelijkheid is tot internetten of studeren. Ook is er
begeleiding en zijn er cursussen op allerlei gebieden (geld, schoonmaak, alcohol & drugs,
veiligheid, belastingaangifte etc.).

Als iemand in een Foyer wil wonen heeft hij/zij een dagbesteding nodig: studie of werk.
Verder komen alleen gemotiveerde jongeren in aanmerking voor een plek in een Foyer.

Een werkhotel is te vergelijken met een Foyer, maar gaat nog een stapje verder. Ook
daar wonen jongeren samen, maar krijgen ze meteen een opleiding (als ze die nog niet
hebben) en een kans op een vaste baan.
Kamers in een Foyer of Werkhotel worden ook wel ‘Kamers met kansen’ genoemd: het
gaat niet alleen om woonruimte, maar ook om allerlei kansen die goed zijn voor de
toekomst van jongeren.

Vergelijkbare initiatieven in Groot-Brittannië, Frankrijk en Nederland onderstrepen het
belang van een Foyer.
In Nederland zijn op dit moment drie Foyers: in Den Haag, Dordrecht en Vlissingen. In
Leiden staat een werkhotel. De verwachting is dat er in de komende tijd op verschillende
plekken Foyers en Werkhotels geopend zullen worden.
In Frankrijk en Engeland is het Foyerconcept al jarenlang een begrip. In de 19e eeuw
boden zogeheten ‘Bourses de Travail’ in Frankrijk al onderdak, training en onderwijs aan
jonge arbeiders. In de jaren ‘50 werd voor het eerst de naam ‘Foyer de Jeunes
Travailleurs’ gebruikt. Letterlijk vertaald betekent dit ‘thuis voor jonge werkers’. En dat is
precies wat de Foyer doet: het bieden van een thuis, een goede basis, voor jongeren die
aan het begin staan van zelfstandigheid. Zo kunnen ze hun energie richten op hun
toekomst en groeimogelijkheden.
De zwakke economie aan het begin van de jaren ’90, zorgde ervoor dat ook in Engeland
de eerste foyers hun deuren openden. Inmiddels zijn er zo’n 100 Foyers in Engeland te
vinden en zelfs meer dan 500 in Frankrijk. Dat het Foyerconcept werkt, blijkt uit de
cijfers: 75% van de Foyerjongeren in Engeland vindt een baan en 18% volgt een
universitaire opleiding.

Vanuit Almere zijn er al initiatieven met betrekking tot begeleid wonen die een relatie
hebben met het Foyer-concept. Projecten vanuit het Leger des Heils (Enkeltje
Zelfstandig, Zij Aan Zij, Dag Trainings Centrum), activiteiten gericht op Antilliaanse
jongeren (zoals Nos pa Nos en Un Kas Kaluroso) en andere begeleid wonen trajecten
voor jongeren getuigen hiervan. Van deze ervaringen zal bij het Foyer-concept in Almere
gebruik worden gemaakt.


4. Doel Foyer
Het doel van de Foyer Almere kan als volgt omschreven worden:

De Foyer wil een aanvullende functie vervullen op trajecten die jongeren binnen
de jeugdhulpverlening of binnen de opvang afleggen, dan wel hebben afgelegd,
door een woonconcept met begeleiding aan te bieden dat is afgestemd op de
specifieke wensen van de jongeren.
Het uiteindelijke doel is om jongeren vanuit de Foyer toe te leiden naar een
zelfstandig bestaan in de maatschappij.




                                           -   3   -
Daarnaast gelden voor de jongeren die van het Foyer gebruik maken de volgende
subdoelstellingen (neveneffecten):
- Meer doorstroming vanuit de jeugdhulpverlening en de opvang.
- Verhoging van de scholingsgraad.
- Meer integratie van jongeren van allochtone komaf.
- Een betere uitgangspositie op de arbeidsmarkt.

Uiteraard zal te zijner tijd getoetst worden of de het doel en de subdoelstellingen ook
daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Zie daartoe hoofdstuk 9.


5. Nederlandse ervaringen met Foyers
Bijlage 2 geeft aan dat er veel initiatieven in Nederland zijn ontstaan met betrekking tot
kamers met kansen. In enkele steden is dit concept reeds operationeel. In een aantal
andere steden is het in ontwikkeling.
‘Leren van anderen’ is het devies, maar daarbij wel rekening houdend met de situatie in
Almere. Het zondermeer kopiëren van succesprojecten uit andere steden is niet altijd
mogelijk. Maar we moeten wel zoveel mogelijk gebruik maken van de praktijkervaringen
elders.
De basis van dit plan van aanpak is dan ook gevormd door een externe oriëntatie. Er zijn
in maart 2005 werkbezoeken afgelegd aan de Foyer Dordrecht en het werkhotel Leiden.
Ook is informatie ingewonnen over de andere Foyers en initiatieven die elders opgepakt
worden.
Daaruit komen de volgende kritische succesfactoren en knelpunten naar voren.

5.1. Kritische succesfactoren
Dit zijn factoren die voor een belangrijk deel het succes van een Foyer bepalen en
waarbij extra zorgvuldigheid van belang is. Het gaat hierbij om de volgende factoren:
- De kwaliteit van de begeleiding.
- De leefkwaliteit in de Foyer als woongemeenschap en de relatie van de Foyer met
    buurt en wijk.
- De samenstelling en bewaking van de magic-mix.
- De integrale samenwerking (helderheid in rollen en belangen).
- De doorstromingsmogelijkheden vanuit de Foyer naar regulier werk en woning.

5.2. Knelpunten
Waar lopen de huidige foyers tegenaan?
- Financiering/exploitatie (alle Foyers hebben problemen met de continuïteit, d.w.z.
   structurele financiering).
- Schaalgrootte (gebleken is dat de Foyers Vlissingen – 24 plaatsen – en Den Haag –
   38 plaatsen – eigenlijk te klein zijn).
- De Foyer als onderdeel van de ketenaanpak.
- Toezicht en veiligheid.
- Het ‘aanleveren’ van de jongeren.
- Aansluiting onderwijs-jeugdzorg-wonen.


6. Plan van aanpak
Op basis van de doelstellingen, met inachtneming van de praktijkervaringen elders
(kritische succesfactoren en knelpunten) zal het plan van aanpak voor de Foyer Almere
uit de volgende onderwerpen bestaan:

1.   Doelgroep
2.   Omvang
3.   Locatie en programma van eisen
4.   Keten / samenwerkingspartners


                                         -   4   -
5.    Intake en magic mix
6.    Primair proces
7.    Leren en werken
8.    Uitstroom
9.    Exploitatie
10.   Beheer en verantwoordelijkheden
11.   Openbare orde en veiligheid
12.   Wet- en regelgeving
13.   Communicatie.

Hieronder worden de verschillende onderdelen verder uitgewerkt:

6.1. De doelgroep
De Foyer Almere richt zich op jongeren tussen 181 en 25 jaar.
Het gaat daarbij om kwetsbare jongeren, met een beperkte zelfredzaamheid, die op het
gebied van onderwijs een achterstandspositie hebben, onvoldoende tot geen
startkwalificaties tot de arbeidsmarkt hebben en die dan ook ondersteuning nodig hebben
ten aanzien van wonen, leren en werken.
Ca. 25 % van deze jongeren zal van Antilliaanse afkomst zijn.

De kwetsbare jongeren hebben een lichte vorm van begeleiding nodig; zij kunnen
zelfstandig wonen zonder intensieve begeleiding (zie ook 6.5). Uiteraard zal de intensiteit
van de begeleiding gedurende het traject verschillen (deze zal in het begin relatief
intensiever zijn).

6.2. Omvang
Uitgegaan wordt van een Foyer voor 60 jongeren. Op basis van ervaringen biedt dit
voldoende kritische massa om een belangrijke rol binnen de gehele keten van jongeren
en jeugdzorg te kunnen vervullen. Daarnaast is een dergelijk aantal nodig om een
sluitende begroting te kunnen realiseren. Zie ook 6.9.

6.3. Locatie en programma van eisen
Er zijn wat betreft de huisvesting van een Foyer meerdere opties mogelijk: van
nieuwbouw tot de aanschaf en ombouw van bedrijfspanden en wooncomplexen.

Van belang is om in het begin uit te gaan van een flexibel, maar standvastig concept, wat
niet hoeft te wachten op een precieze omvang en beschrijving van wat wel en wat niet.
Daarbij wordt – zeker in de beginperiode – gedacht aan het volgende.

In het centrum van Almere Stad worden door de corporaties (clusters van) woningen ter
beschikking gesteld voor deelnemers aan het Foyer. Zowel woningen bij elkaar, als
woningen apart, verschillende types zodat 4 deelnemers bij elkaar kunnen wonen, maar
ook alleen of met z’n tweeën. Dichtbij de uitvalsbasis of iets verderweg, naar gelang de
mate van zelfstandigheid die beoogd wordt en de begeleiding die vereist is.
In het gebouw van het Leger des Heils aan de Spoordreef wordt de begeleiding en
coördinatie van het Foyer gehuisvest. Dat wordt de uitvalsbasis.

Een dergelijk samenhangend netwerk van woningen, gelieerd aan de uitvalsbasis biedt
een mooi flexibel systeem, waar naar gelang de vraag woningen aan toegevoegd kunnen
worden of vanaf gehaald kunnen worden. Op diverse locaties zou, wanneer daar behoefte
aan is, wat gezamenlijke ruimten gecreëerd kunnen worden.

Het voordeel van dit concept is de flexibiliteit, snelheid (geen aankoop of verbouwing) en
meer financiële onafhankelijkheid met betrekking tot de algemene exploitatie.

1
  Jongeren vanaf 17 jaar is mogelijk, indien er sprake is van trajectfinanciering (verlengde
jeugdzorg). Hierover zullen dan afspraken met bureau Jeugdzorg gemaakt moeten worden.


                                             -   5   -
6.4. Keten / samenwerkingspartners
Welke plaats neemt de Foyer in binnen het netwerk van organisaties die zich bezig
houden met zorg/begeleiding, leren en werken? De ketensamenwerking vormt de basis
voor de Foyer. De Foyer staat niet op zichzelf, maar vormt een onlosmakelijk onderdeel
met organisaties die op één of andere manier bij de doelgroep betrokken zijn.
Daarbij wordt duidelijk omschreven hoe de instroom naar en de uitstroom uit de Foyer
geregeld is. Zie bijlage 6 voor een eerste opzet van de ketenbeschrijving.
De volgende organisaties zijn hierbij ondermeer betrokken:
- De 3 woningcorporaties (Groene Stad Almere, Goede Stede en Ymere)
- Leger des Heils
- Kionda
- Antilliaanse organisaties
- Bureau Jeugdzorg
- Stichting Jeugdhulpverlening Flevoland
- Organisaties op het gebied van scholing (ROC)
- Organisaties op het gebied van werken (bedrijfsleven, MKB, CWI)
- Politie
- Lokale overheid (gemeente en provincie)
- Schuldhulpverlening / budgetbeheer
- Defensie (als werkgever voor de jongeren in de Foyer en degenen die uitstromen).

Nog even wat theorie:
- Een keten is een samenwerkingsverband tussen partners, die zowel zelfstandig als
   afhankelijk van elkaar functioneren.
- Een keten is een reeks van volgtijdelijke activiteiten die de organisatiegrenzen
   overschrijdt.
- Een keten is gebaseerd op ketenafspraken, die duidelijk maken wie waarvoor
   verantwoordelijk is.
- Voor het maken van een keten is ketenregie nodig: een ketenregisseur.
- De ketenafspraken zijn gericht op een duidelijke en gezamenlijk ketendoel: een
   effect, een prestatie, een resultaat, een meerwaarde.
- Een keten maakt effectieve en efficiënte trajecten mogelijk.

De werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’ zal dit verder uitwerken (zie 7.2).

6.5. Intake en magic mix
Intake-criteria
Uitgegaan wordt van de volgende intake-criteria:
- Minimum leeftijd van 18 jaar (17 jaar is alleen mogelijk, indien er sprake is van
    verlengde jeugdzorg).
- Maximum leeftijd van 26 jaar (met een verblijfsduur van 1½ jaar zal de bewoner van
    de Foyer nooit ouder zijn dan 27 jaar).
- Beschikken over een dagbesteding van minimaal 2 dagdelen per week.
- Voldoende gemotiveerd.
- Betrokkenen kan een zelfstandige huisvesting voeren zonder intensieve begeleiding.
- Men stelt zich begeleidbaar op.
- Betrokkene beschikt over eigen financiële middelen (of komt bijvoorbeeld in
    aanmerking voor een uitkering).
- Positieve beoordeling n.a.v. het toelatingsgesprek.

Van belang is dat er duidelijke afspraken gemaakt worden met de jongeren. Tussentijds
zal geëvalueerd worden wat de stand van zaken is.

De volgende exclusiecriteria gelden:


                                        -   6   -
-     Jongeren met actuele criminaliteitsproblematiek en/of veelplegers.
-     Onvoldoende motivatie.
-     Verslaving.
-     Zware psychiatrische problematiek.
-     Ernstige gedragsproblemen.

Het hebben van schulden is geen contra-indicatie. Wel zal betrokkene gemotiveerd zijn
om hieraan te werken. Met hem/haar moeten goede afspraken gemaakt kunnen worden.
Van belang is dat er dan aandacht besteed wordt schuldhulpverlening / budgetbeheer.

Magic mix
Bij de magic mix gaat het om een evenwichtige samenstelling voor het hele Foyer, maar
ook voor de verschillende woningen/onderdelen, waaruit de Foyer bestaat.
De magic mix bestaat uit:
- De instroom (waar komen de verschillende bewoners vandaan).
    Dat is een opdracht voor de werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’ (zie 6.4 en
    7.2).
- De samenstelling per groep.
    Uitgangspunt is dat er sprake is van een gevarieerd gezelschap, waarbij voorkomen
    moet worden dat er bepaalde culturen overheersen.
    Hoewel een magic mix van belang wordt geacht (het wordt zelfs als kritische
    succesfactor beschouwd), blijkt dit in de praktijk binnen de huidige Foyers nog
    onvoldoende te werken.

Bij de magic mix kan rekening worden gehouden met:
- Verhouding man-vrouw.
- Opleidingsniveau.
- Leeftijd.
- Etniciteit.
- Fase van persoonlijke ontwikkeling.
- Mate van zelfstandigheid.
- Mate van begeleiding.
- De verwijzende organisatie/instantie.

Daarnaast moet nagedacht worden over de ‘match’: passen jongeren bij elkaar en helpen
ze elkaar verder?

Wachtlijst
Wanneer komt iemand op de wachtlijst. Hoe verhoudt zich dit tot aanmelding en intake?

Procedure rondom de intake.
Deze jongeren die begeleiding nodig hebben, kunnen alleen door de
samenwerkingspartners aangemeld worden (zie 6.4 en bijlage 6).

Bij   de intake behoort ook de uitleg van enkele procedures, zoals:
-     Contract (de jongere verplicht zich tot het volgen van een traject).
-     Huisregels.
-     Huur- en betalingsafspraken.
-     Etc.

De werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’ zal dit verder uitwerken (zie 7.2).




                                            -   7   -
6.6. Primair proces
Voor de jongeren die begeleiding nodig hebben, wordt uitgegaan van een verblijfsduur
van maximaal 1½ jaar.
Met betrekking tot de begeleiding in de Foyer zal onder andere het volgende vastgelegd
moeten worden:
- Coaching en begeleiding
   De begeleiding zal voor een groot gedeelte verzorgd worden door de organisaties die
   de jongeren aanleveren. Het zou kunnen dat in een aantal gevallen extra en
   specifieke begeleiding moet worden ingehuurd, zoals huiswerkbegeleiding,
   sollicitatiebegeleiding, loopbaanbegeleiding, studiebegeleiding, inwerkbegeleiding,
   etc. Daarbij zal waar mogelijk gebruik gemaakt worden van de reïntegratiebudgetten
   van de dienst Sociale Zaken van de gemeente.
- Het beschrijven van bepaalde trajecten (*).
- Behandelingsplan (*).
- Dossiervorming (*).
- Het in kaart brengen van relevante cursussen (wie kan dat leveren, etc.).
- Doorgroei van jongeren binnen de Foyer.

(*) Daarbij kan gebruik gemaakt worden van de kwaliteitsnormen maatschappelijke
    opvang en vrouwenopvang, die onlangs op basis van de HKZ-systematiek
    geactualiseerd zijn.

Deze werkzaamheden met betrekking tot het primaire proces zullen na de zomer door de
werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’ (zie 7.2) opgepakt worden. Daarbij zullen de
resultaten van andere werkgroepen meegenomen worden. Ook zal deze werkgroep zich
buigen over de organisatiestructuur en regie (aanmelding – intake – primair proces,
taken en verantwoordelijkheden).

6.7. Leren en werken
De kracht van een Foyer is de nadruk en aandacht voor de trits wonen, leren en werken.
Deze aspecten worden integraal benaderd en vullen elkaar aan.
Naast wonen is het hebben van een dagbesteding noodzakelijk. Daarmee wordt in de
intake rekening gehouden.
Daarbij is er sprake van leertrajecten en werk(ervarings)trajecten.

-   Leren
    Dit zal in samenspraak met het ROC worden ingevuld. Daarbij dient duidelijk te zijn
    over:
    • Over welke leertrajecten hebben we het eigenlijk? Dit zal gedeeltelijk
        aanbodgericht zijn, waarbij uiteraard wel zoveel mogelijk rekening wordt
        gehouden met de vraag van de jongeren. Dit zal nog goed bij de andere Foyers
        getoetst worden. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld electrotechniek,
        automonteur, trajecten t.b.v. horeca en supermarkten.
    • Over welke aantallen gaat het? Hoeveel leertrajecten?
    • De omvang van de leertrajecten (één jaar of meerdere jaren?).
    • Wanneer kunnen jongeren instromen? Daarbij zal een bepaalde mate van
        flexibiliteit van het ROC gevraagd worden.
    • Hoe worden deze trajecten gefinancierd?

-   Werken
    Het werk-traject zal aan de ene kant in samenspraak met het leertraject worden
    ingevuld. Op basis van het werktraject zullen met bedrijven afspraken gemaakt
    worden met betrekking tot werk(ervarings)trajecten. Dat zal mede afhankelijk zijn
    van het aanbod van de leertrajecten.
    Aan de andere kant zijn er ook werkervaringstrajecten ‘dichterbij’ te vinden.
    Trajecten die ook onafhankelijk van het leren kunnen worden uitgevoerd.
    Voorbeelden daarvan zijn:



                                         -   8   -
   •   De drie deelnemende corporaties kunnen stages en werkervaringstrajecten
       aanleveren, bijvoorbeeld op administratief gebied en onderhoud.
   •   De drie deelnemende corporaties kunnen bevorderen dat stages en
       werkervaringsplekken worden gerealiseerd bij hun zakelijke partners, zoals
       aannemingsbedrijven, drukkerijen.
   •   Het maken van afspraken met enkele grote bedrijven in Almere (via het MKB
       en/of Rotary regelen).

De werkgroep ‘Leren en werken’ (zie 7.3) zal dit verder oppakken.

6.8. Uitstroom
Na maximaal 1½ jaar zullen de jongeren uitstromen. Het streven is erop gericht dat
jongeren dan kunnen wonen en geen begeleiding meer nodig hebben.
Uitgaande van 60 jongeren met een verblijfsduur van maximaal anderhalf jaar zullen er
jaarlijks naar verwachting tussen de 30 en 40 jongeren in Almere uitstromen. Voor deze
jongeren zal (zelfstandige) woonruimte beschikbaar moeten zijn, in de goedkope
prijsklasse. De woningcorporaties zullen gezamenlijk ervoor zorgen dat het aanbod ook
daadwerkelijk jaarlijks beschikbaar is.

6.9. Exploitatie
Het rond krijgen van de exploitatie is één van de grootste knelpunten waar Foyers nu
tegenaan lopen.
Naast de relatief stabiel bron van inkomsten van inkomen van de huurpenningen is het
verkrijgen van aanvullende financiering van de Foyer een belangrijke bron van zorg.
Gestart is veelal met eenmalige startsubsidies. Structurele financiering is echter
grotendeels nog niet voorhanden.

Voor de Foyer zijn er de volgende kostenposten:
1. Huisvestingskosten.
2. Algemene kosten (niet individueel herleidbaar).
3. Begeleidingskosten (individueel herleidbaar).

Voor de Foyer Almere zijn er de volgende potentiële financiers:
- De gemeente Almere (DMO, Sociale Zaken).
- De provincie Flevoland.
- Het zorgkantoor (voor geïndiceerde cliënten).
- Organisaties die de begeleiding leveren (zij hebben toch al begeleidingskosten voor
   een cliënt).
- Verlengde jeugdzorg.
- De inwoners van het Foyer, die huur betalen2.
- Reïntegratietrajecten/-budgetten.
- Woningcorporaties (voor de waarschijnlijk ‘onrendabele top’ en mogelijk een deel van
   de ‘organisatiekosten’, die niet aan de individuele hulpverlening zijn toe te rekenen).
- Rijksoverheid (bijvoorbeeld voor de begeleiding van Antillianen).
- Projectsubsidies (zowel lokaal, nationaal als europees).
- Donaties van grote lokale bedrijven, die hiermee hun sociaal-maatschappelijke taak
   tot uitdrukking willen brengen.




2
  Overzicht huurprijzen andere Foyers: Vlissingen, van € 178 tot € 296; Den Haag, van € 235 tot €
335; Dordrecht: van € 230 tot € 300.


                                            -   9   -
Schematisch:

HUISVESTINGSKOSTEN            ALGEMENE KOSTEN               BEGELEIDINGSKOSTEN
                                                     - Gemeente Almere
                                                    - Provincie Flevoland
                                                      - Projectsubsidies
                                                             - Donaties
                  -   Woningcorporaties
-   Huur
                                                             -   Organisaties die de
                                                                 begeleiding leveren
                                                             -   Zorgkantoor (voor
                                                                 geïndiceerde cliënten)
                                                             -   Reïntegratiebudgetten
                                                             -   Rijksoverheid
                                                                 (begeleiding Antillianen)

De uitdaging is om een goede mix te vinden, met de nadruk op structurele inkomsten.
Het is waarschijnlijk niet te voorkomen dat juist voor de eerste jaren er ook
projectsubsidies geworven zullen moeten worden, maar het kan en mag niet zo zijn dat
de Foyer grotendeels afhankelijk is van projectmatige financiering.
Er zal een werkgroep ‘Exploitatie’ geïnstalleerd worden (zie 7.1).

6.10. Beheer en verantwoordelijkheden
Er wordt een stichting opgericht. Door deze stichting vindt de totale coördinatie plaats
van het Foyer. Vanuit de stichting wordt door een klein bureau de regie gevoerd: het
totale concept wordt bewaakt en er worden afspraken over de toelating en de individuele
begeleiding gemaakt.

De begeleidende en hulpverlenende organisaties sluiten contracten af met de stichting.
De stichting zou gevormd kunnen worden door de drie corporaties en het Leger des Heils.

De stichting huurt de woningen van de corporaties. De deelnemers betalen huur aan het
overkoepelend orgaan. Op deze manier kan makkelijker het huurcontract beëindigd
worden wanneer deelnemers zich niet aan de afspraken houden. Wanneer deelnemers
zelfstandiger worden kan overgestapt worden naar een direct huurcontract met de
corporaties.
Er bestaat de mogelijkheid om ontheffing te krijgen op de algemene regel dat aan
huurders van onzelfstandige woonruimtes geen IHS verstrekt wordt. Zie ook 6.12.

6.11. Openbare orde en veiligheid
Hoe hiermee om te gaan zal voornamelijk afhangen van de keuze van de locatie(s) (zie
6.2). Dit punt zal verder uitgewerkt worden, indien deze keuze duidelijk is en/of hiertoe
aanleiding bestaat.

6.12. Wet- en regelgeving
Zoals eerder gemeld zijn er enkele knelpunten die betrekking hebben op de geldende
wet- en regelgeving.
Daarbij kan gedacht worden aan:
- Het verkrijgen van huursubsidie voor onzelfstandige woonruimte.
   Oplossing: hiervoor kan bij VROM ontheffing aangevraagd worden. Dat moet vooraf
   geregeld worden (hoeveel jongeren, adres, etc.).
- Inschrijving in het GBA.
- Etc.



                                          - 10 -
Op de bijeenkomsten van de stuurgroep zal geïnventariseerd worden welke knelpunten
er zijn en zal per knelpunt bekeken worden hoe hiermee om te gaan.

6.13. Communicatie
Het betreft hierbij communicatie op verschillende niveau’s:
- Bestuurlijk niveau: met College en wethouders van Almere, eventueel de betrokken
   gedeputeerde van Flevoland.
- Ambtelijk niveau: met de betrokken diensten/ambtenaren van de gemeente Almere.
- Op ketenniveau: overleg/afstemming met de verschillende ketenpartners.
- Met inwoners: met name indien de locatie van de Foyer bekend is, zal al in een vroeg
   stadium hierover met buurtbewoners contact over plaatsvinden.
- Met de pers: voor de promotie van de Foyer kan het handig zijn daar waar nodig de
   lokale pers en media in te schakelen. Timing is daarbij cruciaal. Het kan niet zo zijn
   dat belangrijke ketenpartners belangrijke informatie uit de krant vernemen.

Het is niet nodig hiervoor een aparte werkgroep op te richten. De contacten met de pers
worden gekanaliseerd via de voorzitter van de stuurgroep.
Er zal, in samenspraak met de gemeente, aandacht besteed worden aan de
communicatie met de omwonenden van de Foyer-locaties. Dit vergt een grondige en
zorgvuldige aanpak. Hierbij zal ook de betreffende stadsdeelmanager betrokken worden.

Jongeren zullen via de Almeerse jongerenwebsite gevraagd worden om een geschikte
naam voor de Foyer te verzinnen. Indien er een naam geselecteerd is, zal er een logo
ontwikkeld worden.


7. Werkgroepen
In het vorige hoofdstuk zijn de onderdelen van het plan van aanpak gepresenteerd. Er is
al veel in gang gezet, aan de andere kant dient er nog veel uitgezocht en uitgewerkt te
worden. Dat is niet alleen een verantwoordelijkheid van projectleider en/of stuurgroep.
Ook anderen, die behoren tot de keten van de Foyer, zullen hierbij betrokken worden.
In dit hoofdstuk worden de verschillende in te stellen werkgroepen weergegeven. Per
werkgroep is in ieder geval het volgende aangegeven:
- Taak/doelstelling.
- Planning.
- Samenstelling.
In de werkgroepen zit in ieder geval minimaal één lid van de stuurgroep.
Elke werkgroep is tijdelijk.

7.1. Werkgroep ‘Exploitatie’
Deze werkgroep heeft tot doel om te onderzoeken op welke manier er een sluitende
begroting voor de Foyer gerealiseerd kan worden. Daarbij zal de werkgroep zich op de
volgende onderdelen richten.
- De (exploitatie)kosten van de Foyer.
    Uitgangspunt zijn de onder 6.9. genoemde kostenposten. De ervaringen van de
    Foyers elders zullen daarbij meegenomen worden. Het gaat hierbij niet alleen om de
    fysieke kosten, maar ook de begeleiding en de leer- en werktrajecten (zie ook 6.5,
    6.6, 6.7, 7.2 en 7.3).
- De inkomsten van de Foyer.
    Daarbij gelden in principe de onder 6.9. genoemde financieringsbronnen (zie ook het
    daarbij opgenomen schema). Er wordt een onderscheid gemaakt naar projectmatige
    en structurele inkomsten. Resultaten van de werkgroepen ‘Ketensamenwerking en
    intake’ en ‘Leren en werken’ zullen meegenomen worden.
Planning: juni – november 2005.

Voor de werkgroep worden vertegenwoordigers uit de volgende organisaties gevraagd:



                                         - 11 -
-  Leger des Heils (in verband met geïndiceerde cliënten, die gebruik zouden kunnen
   maken van de AWBZ);
- gemeente Almere, dienst Maatschappelijke Ontwikkeling, dienst Sociale Zaken;
- provincie Flevoland;
- woningcorporatie;
- zorgkantoor;
- projectleider, voorzitter.
De werkgroep zal zonodig externe expertise inschakelen.

De exploitatie-kosten van de Foyer zullen mede afhankelijk zijn van de locatie en het
programma van eisen (zie 6.3).
Voorlopige uitgangspunten zijn ondermeer:
- In totaal 60 wooneenheden, geclusterd naar een flexibel concept
- Oppervlakte kamers: tussen de 14 en 18 m2.
- Centrale ingang.
- Gemeenschappelijke ruimten.
De werkgroep zal dit verder uitwerken en meenemen bij haar opdracht.

In september 2005 volgt een eerste tussenrapportage in de stuurgroep. Op basis hiervan
zullen woningen gereserveerd worden.

De kosten voor de locatie (koop/huur en bouwkundige aanpassingen komen voor
rekening van de woningcorporaties. Deze kosten zullen (grotendeels) terugverdiend
worden met de huuropbrengsten.

7.2. Werkgroep ‘Ketensamenwerking en intake’
Deze werkgroep krijgt twee opdrachten mee.
De eerste opdracht is om de keten rondom de Foyer verder uit te werken. Het begrip
keten wordt daarbij breed opgevat: niet alleen instroom, maar ook uitstroom.
De volgende vragen zijn daarbij van belang:
- Zijn alle ketenpartners in kaart gebracht.
- Hoe verhouden de ketenpartners zich tot elkaar.
- Hoe zou de instroom vanuit de verschillende ketenpartners geregeld kunnen worden?
   Wat is de meest ideale verdeling over de ketenpartners?
- Hoe passen de lopende projecten (Leger des Heils, Antillianen) hierin?
- Hoe ziet naar verwachting de doelgroep eruit? Welke behoefte is aanwezig? Is op
   basis van doelgroep en behoefte een clustering mogelijk?
- Welke trajecten kunnen voor de verschillende jongeren vastgesteld worden (qua
   begeleiding, leren en werken)?
- Wat zijn de kosten van de begeleiding en hoe dient dit gefinancierd te worden?
- Hoe dient de uitstroom geregeld te worden?
- Hoeveel woningen dienen jaarlijks beschikbaar gesteld te worden (uitgaande van 60
   wooneenheden, een verblijfsduur van maximaal 1½ jaar en een bezettingsgraad van
   minimaal 90%)?
Daarbij zal ondermeer gebruik gemaakt worden van de aangeleverde inventarisaties en
het in de Jeugd- en jongerenmonitor opgenomen overzicht m.b.t. projecten begeleid
wonen (blz. 39) en het onlangs uitgevoerde onderzoek naar zwerfjongeren in Flevoland.

Vlak na de zomer (eind augustus / begin september) zal de werkgroep met resultaten
komen:
- Ketenbeschrijving;
- Aantallen aan te leveren jongeren vanuit de verschillende organisaties;
- Kosten begeleiding en mogelijkheden tot financiering (de resultaten daarvan worden
   doorgegeven aan de werkgroep ‘Exploitatie’);
- Een concept-samenwerkingsovereenkomst (met welke partijen, welke afspraken?).


                                         - 12 -
De tweede opdracht heeft betrekking op het proces van aanmelding en intake.
Vragen:
- Hoe is de relatie aanmelding – intake?
- Welke intake-criteria worden gehanteerd?
- Wat is de beoogde herkomst van de jongeren?
- Hoe de magic mix in te vullen?
- Wat is de organisatie rondom het proces van aanmelding en intake (wie is waarvoor
   verantwoordelijk)?
- Welke protocollen zijn van toepassing?

Planning: juli – september 2005.

Ook hier geldt dat het wiel niet opnieuw uitgevonden moet worden. Het Leger des Heils
heeft veel ervaring. Ook kan voor deze onderwerpen een delegatie van de werkgroep nog
langsgaan bij de reeds bestaande Foyers.

De resultaten zullen gepresenteerd worden tijdens een miniconferentie, die eind
september 2005 zal plaatsvinden. Voor deze bijeenkomst worden de belangrijkste
ketenpartners uitgenodigd. Tijdens deze bijeenkomst zal met betrekking tot de Foyer een
samenwerkingsovereenkomst tussen de ketenparters ondertekend worden.

Voor de werkgroep worden vertegenwoordigers uit de volgende organisaties gevraagd:
- Leger des Heils, voorzitter;
- KIONDA;
- Stichting Jeugdhulpverlening en/of bureau Jeugdzorg;
- Rentray;
- gemeente Almere, dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (zowel MO als Jeugd);
- provincie;
- woningcorporatie;
- projectleider, secretaris.
De werkgroep zal contact opnemen met alle mogelijke ketenpartners.

7.3. Werkgroep ‘Leren en werken’
Opdracht: stel leer- en werktrajecten voor jongeren samen, die in het Foyer verblijven.
Uitgangspunt daarbij is de vraag en behoefte van de jongeren. De uitkomsten van de
werkgroepen ‘Ketensamenwerking en intake’ worden daarbij meegenomen. De resultaten
zijn concrete leer- en werktrajecten, gericht op een aantal, vooraf te definiëren, groepen
jongeren.
Planning: juli – oktober 2005.

In de werkgroep worden vertegenwoordigers vanuit de volgende organisaties benoemd:
- ROC;
- MKB;
- CWI;
- woningcorporatie;
- gemeente Almere, dienst Sociale Zaken;
- gemeente Almere, dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (Jeugd);
- Leger des Heils;
- projectleider, secretaris.

Bewust is ervoor gekozen om leren en werken in één werkgroep te combineren. Reden
daarvoor is dat beide aspecten veel met elkaar te maken hebben.

De werkgroep kijkt ook naar kosten van de verschillende leer- en werktrajecten en de
mogelijke financiering hiervan en geeft dit door aan de werkgroep ‘Exploitatie’.


                                         - 13 -
8. Planning
Hieronder is de planning van de verschillende activiteiten schematisch weergegeven.
Per bijeenkomst van de stuurgroep wordt van elke werkgroep de voortgang besproken.
Dat gebeurt aan de hand van een korte schriftelijke rapportage of een mondelinge
toelichting.
Op basis hiervan wordt de planning geactualiseerd of aangepast.


                            Mei  Juni Juli Aug Sept Okt   Nov Dec   Jan
                            2005 2005 2005 2005 2005 2005 2005 2005 2006
Wg Exploitatie
Wg Ketensamenwerking
en intake
Wg Leren en werken

Definitieve keuze locatie

Stuurgroep

Overleg gemeente
(ambtelijk)
Overleg gemeente
(bestuurlijk)
Informatie-uitwisseling
met de corporaties
Miniconferentie
Ondertekenen convenant

Foyer operationeel


9. Evaluatie
Op termijn zal er een evaluatie moeten plaatsvinden. Beantwoordt de Foyer aan de
verwachtingen? Hoe verloopt de samenwerking? Is er veel uitval? Hoe verloopt de
doorstroming? Zijn de doelen gerealiseerd?
Deze evaluatie zal in 2007 uitgevoerd worden.
Daartoe zal eind 2006/begin 2007 een projectvoorstel opgesteld worden. De evaluatie zal
extern gefinancierd worden.




                                       - 14 -
Bijlage 1
Samenstelling stuurgroep Foyer Almere


-   Allet Dopmeijer (gemeente Almere, dienst Maatschappelijke Ontwikkeling)
-   Hans Feddema (gemeente Almere, dienst Maatschappelijke Ontwikkeling)
-   Marina de Groot (Ymere)
-   Gerdien van Harten (Goede Stede)
-   Wim Kanis (Leger des Heils)
-   Bram Koppenaal (Federatie Opvang), projectleider
-   Hemmo Sander (provincie Flevoland)
-   Ineke Smidt (Federatie Opvang)
-   Annemieke Veltkamp (gemeente Almere, dienst Stedelijke Ontwikkeling)
-   Jan Wachtmeester (Groene Stad Almere), voorzitter stuurgroep




                                        - 15 -
Bijlage 2
Voorbeelden reeds bestaande Foyers


Foyer Den Haag
In de Foyer Den Haag wonen 38 jongeren. De Foyer is bedoeld voor jongeren die door
een lastige en onzekere huisvestingssituatie of door problemen binnen het gezin moeilijk
toekomen aan werken en leren. De jongeren worden voorgedragen bij de Foyer door
maatschappelijke instanties die de jongeren begeleiden. De jongeren moeten de opstap
naar zelfstandig wonen bewust kiezen en gemotiveerd zijn om dat doel te bereiken.

Binnen de Foyer is een speciale plaats voor Antilliaanse jongeren. Voor deze doelgroep
zijn 10 kamers gereserveerd. De projectmedewerker, die zelf van Antilliaanse afkomst is,
begeleidt de Antilliaanse jongeren: daarnaast krijgen ze allemaal een eigen Antilliaanse
mentor. Het is de bedoeling dat de jongeren tussen 6 en 24 maanden doorstromen naar
een reguliere woning.

De jongeren hebben ieder een eigen kamer, maar delen voorzieningen. Er zijn in totaal
vijf woongroepen. Er wordt per woongroep gestreefd naar diversiteit in culturele
achtergrond, nationaliteit, geslacht en leeftijd. Elke groep heeft een eigen keuken,
woonkamer, douches en toiletten. In de Foyer worden incidenteel cursussen en
workshops (geld, schoonmaak, alcohol & drugs, veiligheid, belastingaangifte etc.)
aangeboden


Foyer Dordrecht
Foyer Dordrecht is bedoeld voor jongeren tussen de 18 en 25 jaar die een vaste
dagbesteding hebben. Jongeren die hun weg zelfstandig kunnen bewandelen, vinden in
de foyer een aantrekkelijke plek om te wonen, met voldoende sociale contacten. Dit
sociale netwerk vergroot de kansen van jongeren aanzienlijk, zeker in combinatie met
eventuele studie- en carrièrebegeleiding. Ook jongeren die hierin net wat meer
ondersteuning nodig hebben, vinden zo hun thuis in de Foyer. Zij kunnen hun sociale
vaardigheden vergroten, hun capaciteiten ten volle benutten en hun ambities
waarmaken.

In de Foyer kunnen jongeren zich aan elkaar spiegelen en zij kunnen van elkaar leren.
Het is dan wel heel belangrijk dat jongeren het goed met elkaar kunnen vinden en als
groep in balans zijn (‘Magic Mix’).

De jongeren wonen in kleine groepen van maximaal 6 personen en delen het gebruik van
keuken, wasgelegenheid en toilet. Daarnaast is er een aantal voorzieningen waar alle
bewoners gebruik van kunnen maken, zoals een wasserette, een huiswerklokaal en
diverse sportmogelijkheden in de buitenruimte. Voor diegenen die net dat extra beetje
hulp nodig hebben, zijn er zorg/steun/activeringspunten in de Foyer aanwezig.


Foyer Vlissingen
In mei 2001 opende Stichting AZZ als eerste in Nederland de deuren van een Foyer. De
Foyer Vlissingen heeft sindsdien afgelopen drie jaar ontwikkeld tot een stabiele, veilige
en goedkope woonplek voor jongeren van 17 tot 23 jaar. Het gaat om jongeren die
zelfstandig willen wonen en leven, maar daar om diverse redenen nog niet toe in staat
zijn. In de Foyer krijgen zij de ruimte en gelegenheid om aan hun toekomst te werken.
Met de nodige coaching vinden zij zo hun weg naar zelfstandigheid: eigen woonruimte,
een vaste baan of opleiding. In de Foyer is plaats voor 24 jongeren. De Foyer is erg
populair: tussen mei 2001 en juni 2004 meldden maar liefst 243 jongeren zich aan




                                         - 16 -
De Foyer Vlissingen is opgezet als een driejarig project met een startsubsidie van de
Provincie Zeeland en de drie Walcherse gemeenten. Inmiddels is de projectstatus voorbij.
De onderzoeksresultaten en het nog steeds groeiende aantal aanmeldingen vragen
echter om een voortzetting van deze ondersteuning van jongeren. In nauw overleg met
de betrokken gemeenten en instellingen wordt op dit moment gekeken hoe de Foyer een
structurele plaats in de Zeeuwse samenleving kan krijgen.

Bewoners en oud-bewoners waarderen het verblijf in de Foyer en de ondersteuning die
zij daar krijgen. Zij zien de Foyer van wezenlijk belang bij het bereiken van een grotere
zelfstandigheid. Dit blijkt uit een onderzoek van de Katholieke Universiteit Nijmegen in
2003 naar de beleving van bewoners en het effect op het leven na de Foyer. De jongeren
geven aan dat ze op verschillende gebieden sterke vooruitgang hebben geboekt. Zij
noemen dan zaken als het leren omgaan met geld, het opbouwen van een sociaal
netwerk, het omgaan met officiële instanties, het ontwikkelen van arbeidsperspectief en
het wonen zonder conflicten met de omgeving. De jongeren waardeerden de hulp van de
Vlissingse Foyer daarbij met een 8.


Werkhotel Leiden
Het werkhotel biedt een gecombineerde aanpak van Wonen -Leren-Werken. Jongeren
wonen in het werkhotel en volgen in of buiten het 'Werkhotel' een Woon-Leer-
Werktraject. Na afronding is er een garantie op een woning en perspectief op een baan
en/of vervolgopleiding.Elke jongere die in het werkhotel verblijft en afrondt kan met
succes een stap maken naar de arbeids- en woningmarkt. Het is een preventieve aanpak,
die voorkomt dat jongeren de aansluiting verliezen. Het biedt jongeren een nieuwe kans
in de samenleving.

De doelgroep van het werkhotel bestaat uit jongeren van 17-27 jaar met
huisvestingsproblemen en onvoldoende opleiding of startkwalificaties. Het Werkhotel
levert maatwerk voor elke jongere. Het werkhotel sluit met elke jongere een "Werkhotel
Contract" af, waarin de drie trajectonderdelen rond Wonen-Leren-Werken zijn
vastgelegd. Het gaat om een traject gericht op het behalen van een startkwalificatie die
leidt tot een arbeidsplaats. Daarnaast krijgt elke jongere lichte coaching gericht op
persoonlijke ontwikkeling.

Het werkhotel heeft voor elke jongere een zelfstandige woonvoorziening De duur van het
verblijf in het werkhotel hangt af van het leer-werktraject. Uitgegaan wordt van 1 à 2
jaar. Jongeren die met succes het Woon-Leer-Werktraject afronden verlaten het
werkhotel. Zij hebben dan een startkwalificatie en daarmee perspectief op de
arbeidsmarkt en een garantie op een woning.




                                        - 17 -
Bijlage 3
Enkele conclusies en aanbevelingen jongerenenquête Flevoland 2002



-   Vangnet voor vroegtijdige schoolverlaters
    Jongeren die zonder diploma de school verlaten zijn over het algemeen een
    risicogroep. Volgens de enquête gaat het hier om drie procent van de Flevolandse 12-
    23 jarigen. Dit is waarschijnlijk een onderschatting. Van deze jongeren is 26%
    werkloos tegen 6% van de jongeren die wel een diploma hebben. Preventie van
    vroegtijdig schoolverlaten is mede mogelijk, door te zorgen voor een ‘vangnet’ voor
    jongeren die vroegtijdig school dreigen te verlaten. Een belangrijke indicator hiervoor
    is het spijbelgedrag van jongeren.

-   Preventie en aanpak van psychosociale problemen
    • Psychosociale problemen komen niet alleen (meer) voor bij meisjes en bij 18-23
       jarigen, maar ook bij jongeren uit Lelystad en bij jongeren uit éénoudergezinnen.
    • Psychosociale problematiek lijkt ook in het algemeen te zijn toegenomen onder de
       totale groep 12-23 jarigen ten opzichte van 1998. Ook is er een toename te zien
       van het aantal jongeren dat aangeeft dag en nacht met een probleem rond te
       (hebben) (ge) lopen. Bovendien is er een forse toename van het gerapporteerd
       gebruik van slaap- en kalmeringsmiddelen ten opzichte van 1998 waargenomen,
       waarbij ook weer het gebruik hoger is onder meisjes dan jongens en toeneemt
       met stijgende leeftijd van de jongeren.
       Aanbevolen wordt om psychosociale problemen vroegtijdig te signaleren op
       scholen in combinatie met diagnostische follow-up. Een contactmoment van de
       afdeling Jeugd op het voortgezet onderwijs behoort tot het basispakket. Hierbij
       zou aandacht besteed moeten worden aan psychosociale problemen, waarbij
       aansluiting gezocht moet worden met de jeugdhulpverlening.




                                         - 18 -
Bijlage 4
Enkele bijzonderheden uit de Jeugdmonitor 2005 (‘Jeugd in een jonge stad’)



-   In totaal, dus inclusief de huurwoningen die niet specifiek voor jongeren of studenten
    gebouwd zijn, zijn er maximaal 1000 starterswoningen met een huurprijs onder de
    317 euro.
    Deze voorraad blijkt niet voldoende voor de huidige en verwachte vraag naar
    jongerenhuisvesting in Almere. De huidige vraag naar woningen voor jongeren is
    gebaseerd op de volgende gegevens: in 2003 waren er ongeveer 10.000
    jongvolwassenen (18-24 jaar), daarvan hebben zich 6.700 huishoudens ingeschreven
    bij WoningNet. Van die 6.700 ingeschreven jonge huishoudens reageerden er in 2003
    zo’n 1.650 actief op het huurwoningen-aanbod. In 2003 werden er ongeveer 280
    woningen toegewezen aan jongeren
-   De capaciteit voor begeleid wonen voor Almeerse jongeren wordt niet toereikend
    geacht. De omvang van de doelgroep in Almere wordt geschat op zo’n 150 jongeren.
-   Een recent onderzoek naar zwerfjongeren in Flevoland wijst uit dat er tussen de 45
    en 50 zwerfjongeren in Almere zijn en nog eens 25 tot 30 jongeren in de risicogroep.
-   De jeugdwerkloosheid is in Almere tussen 2002 en 2004 afgenomen (van 743 naar
    700). Daarentegen staan relatief meer werkzoekende jongeren langer dan een jaar
    ingeschreven.
-   De helft van de werkzoekende jeugd is fase 3 en fase 4.




                                         - 19 -
Bijlage 5
Het beleidskader maatschappelijke opvang en huiselijk geweld (‘Smeden aan de keten’),
concept vastgesteld door het College van B&W Almere op 1 maart 2005



Ten aanzien van de varianten 2 en 3 (citaat):

Met betrekking tot de ontwikkeling van een Foyer des Jeunes kan een (kleine) extra
bijdrage in de exploitatiekosten worden geleverd.
Een Foyer des Jeunes biedt jongeren met een beperkte zelfredzaamheid en zonder een
startkwalificatie tot de arbeidsmarkt de kans om in anderhalf à twee jaar alsnog op het
gewenste niveau te komen. In de keten van opvang moet de Foyer gezien worden als de
voorlaatste fase voor het zelfstandig wonen, leven en werken van jongeren met een
risico. Meestal gaat een periode van intensieve woontraining vooraf aan het wonen in een
Foyer. Een Foyer van bijvoorbeeld 60 jongeren biedt een grootschaliger woon- en
leefmilieu waarin verschillende groepen jongeren in een goede mix met elkaar wonen,
leren, etc. Een Foyer biedt ook de kans om nieuwkomers zoals een deel van de
Antilliaanse (risico)jongeren voor te bereiden op een plaats in de Almeerse samenleving.




                                        - 20 -