In memoriam Wim de Baas by lmv20934

VIEWS: 0 PAGES: 2

									In memoriam Wim de Baas
Op 29 december jl. overleed Wim de Baas, op de leeftijd van 82 jaar. Wim kwam in 1955 van
Hoogovens naar De Horst om de personeelswerkopleiding op te zetten, toen een novum in
Nederland. In 1971 nam hij afscheid en trad in dienst bij Philips Eindhoven. Wim schreef een in de
opleidingen veelgebruikt handboek Sociaal werk en personeelswerk (1974, 6 drukken), in 1991
opgevolgd door Personeelsmanagement. In 2005 publiceerde hij nog De kern van
personeelsmanagement (met Gerard de Leeuw).

Hieronder de woorden die Ies van Leerdam sprak bij de afscheidsbijeenkomst op 3 januari 2007.

Een woord ter herdenking van Wim, als collega-docent
Toen Wim op 26 maart 1971 na 16 jaar dienstverband, afscheid nam van de toenmalige Academie
De Horst publiceerde hij een afscheidsgeschrift onder de titel Verantwoording en beoordeling.
‘Geen verhaal heb ik ooit met zoveel moeite geschreven als dit. Dat werd veroorzaakt door mijn
ambivalentie’, zo vertelt hij daarin. Hij had al die jaren met veel plezier en met succes gewerkt aan
de opbouw, eerst van de dagopleiding en vanaf februari 1962 vooral aan de Part-time opleiding
Personeel werk.
   Vanaf september '62 mocht ik als zijn naaste collega-stafdocent meewerken aan de verdere
uitbouw van ‘zijn’ opleiding. Gedurende acht en een half jaar was onze samenwerking in die jaren
zestig van de vorige eeuw heel intensief. We hebben elkaar toen goed leren kennen en waarderen.
  Maar ondanks alle positieve ervaringen met elkaar in de microverhoudingen binnen de
Personeelwerkopleiding was er op het eind van de woelige jaren zestig in de Academie als geheel
iets veranderd. Er was een algemeen klimaat ontstaan dat - naar het oordeel van Wim - ongeschikt
zou zijn voor de verdere voorspoedige ontwikkeling van de PW opleiding in een door hem wenselijk
geachte richting. In zijn afscheidsgeschrift legde hij uitvoerig en zorgvuldig-evenwichtig
verantwoording af van zijn besluit om de Academie te verlaten.
En zo heeft Wim zich – ook bij voortgezette latere contacten – steeds laten kennen als iemand die
zich wil verantwoorden, die blijft reflecteren en nadenken.
   Vele jaren later, in 1996, stuurde hij me – naar aanleiding van diverse gesprekken – enkele
teksten toe, die hij typeerde als deels autobiografisch en deels essayistisch beschouwend,
bijvoorbeeld over zijn beleving van religie. Enige tijd daarna kreeg ik dan een briefje met de
volgende inhoud: ‘Hierbij een nieuwe versie van mijn verhaal. Je ziet dat er nog al wat veranderd is.
Toen ik jou een maand geleden de tekst gaf, dacht ik werkelijk dat ik "klaar" was. Maar zo gaat het
vaker: een of twee opmerkingen van een kritische lezer brengen het denkproces weer in beweging.
Je kunt zien wat je veroorzaakt hebt’. Zo wil ik Wim graag blijven gedenken: als een kostbaar mens
met vele kwaliteiten.
Vanuit mijn waarneming en beleving wil ik drie daarvan benoemen.
  Eerst de kwaliteit van ‘aandachtig-kritisch beschouwer’. Hij herkende zich, denk ik, in de typering
die Hella Haasse gaf van een romanfiguur (geciteerd in de proloog van zijn afscheidsgeschrift): ‘De
twijfel, de neiging om te reflecteren en alles te overdenken, is mijn kostbaarste bezit’.
  Vervolgens de kwaliteit van ‘gedreven sociaal onderzoeker’. Hij was vooral geïnteresseerd in
vragen als wat speelt zich echt af in de wisselwerkingsrelaties tussen mensen, wat oefent werkelijk
werking uit bij de mens die wij ontmoeten en bij onszelf. In zijn woorden:
‘Eerbied voor de mensen vraagt om eerbied voor de feiten’
‘Hoe zakelijker iemand wil zijn, des te meer moet hij met gevoelens van mensen rekening houden’
‘De onderzoekshouding is superieur aan de oordeelshouding’. Hij wilde het verkeerde denkbeeld
bestrijden dat vergoeilijkend constateert: ‘Denken en zorgvuldig onderzoek is zo vermoeiend dat de
meeste mensen er de voorkeur aan geven te oordelen.’
Als derde de kwaliteit van ‘vruchtbaar conceptueel denker en genuanceerd vertolker’ in woord en
geschrift van door hem verworven inzichten.


                                                                                                     1
  Niet alleen op het terrein van sociale processen in arbeidsorganisaties met zijn fundamentele
doordenking van sociaal beleid en personeelwerk resp. personeelmanagement. Ook met betrekking
tot wezenlijke vragen van rede en geloof, van het begrijpelijke en het onbegrijpelijke.
  Ik acht het een voorrecht om met name ook nog in de laatste 6 jaar als lid van de z.g. Club 2000
jaarlijks in het voor- en najaar een dag in gesprek met Wim te zijn geweest met name over
onderwerpen op de laatstgenoemde gebieden.
Ik meen mede namens de andere Clubleden (Gerard de Leeuw, Jan Das, Siem Boering) te mogen
constateren dat wij heel veel te danken hebben aan de persoon en het werk van Wim. Wie had op
10 oktober jl. kunnen vermoeden dat het onze laatste bijeenkomst met hem geweest zou zijn. Ook
al kon de broze gestalte ons niet zijn ontgaan.

Wij gedenken Wim met genegenheid en eerbied. In deze dagen van droefheid en gemis leven we
van harte mee met jou, Ineke en met jullie als kinderen en kleinkinderen.
Ik wil eindigen met een kort gedicht van Bauwke Zijlstra :
Wat daarin wordt vertolkt is mogelijk ook voor Wim herkenbaar en invoelbaar geweest.

             Er zijn dagen.
             Boordevol vragen.
             Er zijn uren
             Die eeuwig duren
             Er zijn seconden
             Die stekend wonden
             Maar altijd weer
             Is er het licht
             Dat bijstuurt
             Naar het evenwicht.

     03-01-2007




                                                                                                2

								
To top