Docstoc

Statements Almere Ijland

Document Sample
Statements Almere   Ijland Powered By Docstoc
					Almere IJland
Statements opdrachtgevers en ontwerpers Opdrachtgevers: Adri Duivesteijn, wethouder Ruimtelijke Ordening, Almere ‘De vroegere beschavingen beschouwden steden niet als iets beschamends of onvermijdelijks, maar als bewuste scheppingen voor wier aanleg, onderhoud en verfraaiing men zich terecht offers getroostte’. Donald Olsen, historicus, in De stad als kunstwerk “Waarom deze opdracht? We zien in Nederland binnen de ruimtelijke ordening twee tegengestelde stromingen. Enerzijds is sprake van een sterke rehabilitatie van de rol van de ruimtelijke ordening. Het is een stroming die wordt vertegenwoordigd door Minister Jacqueline Cramer van VROM en Minister Camiel Eurlings van Verkeer en Waterstaat. Beiden geven inhoud aan deze rehabilitatie door nadrukkelijk te kiezen voor een aanpak die op de eerste plaats gebaseerd is op een visie. In ons geval op een duidelijke visie op de Randstad, die een weloverwogen integrale gebiedsontwikkeling kent. Deze gebiedsontwikkeling wordt op haar beurt weer vertaald in heldere, concrete projecten. Visie, samenhang en uitvoeringsgerichtheid zijn terug te vinden in de Structuurvisie Randstad 2040 en het programma Randstad Urgent. Van daar uit wordt een nieuwe kracht ontwikkeld die echt kan worden gekenmerkt als vooruitgangsgeloof, waarbij er vertrouwen is in de maakbaarheid van de stad die kansen biedt voor een sociale samenleving. Daartegenover zien wij een stroming die dit geloof lijkt te zijn te kwijtgeraakt. Zij geloven eigenlijk niet dat de teloorgang van de ruimte in ons land nog kan worden gekeerd met een progressief ruimtelijk ordeningsbeleid. Zij hebben wat je noemt een regressieve houding die wordt gekenmerkt door een op voorhand ‘nee’ zeggen. Het is de ‘tegen’-cultuur. Zij wordt gekenmerkt door een cynisme waarbij ‘Ik moet het nog zien’ of ‘dat zeggen ze altijd’ veel gehoorde ‘argumenten’ zijn. Vaak gaat het samen met angstbeelden en doemscenario’s. In die visie is verandering een bedreiging. De toekomst kan niet beter worden, het bestaande is goed en moet blijven zoals het is, ook al is deze in werkelijkheid niet goed. Het is een uiting van een inmiddels diepgeworteld wantrouwen. Soms kan ik nog wel begrijpen waarom die ‘nee’-cultuur is ontstaan. Maar veel eerder maakt het mij treurig. Dat ontbreken van het geloof dat wij, ook in deze tijd, met elkaar in staat moeten zijn om mooie en bijzondere plannen werkelijkheid te laten worden is weinig hoopgevend. Ik kan en wil geen onderdeel uitmaken van deze cultuur. Ik schaar mij achter de eerste stroming. Die van het vooruitgangsgeloof. Die nog vertrouwen heeft in het feit dat wij met elkaar in staat zijn iets bijzonder tot stand te brengen. Daarvoor gaat het wat mij betreft om het stellen van de vraag, eigenlijk ook tegelijkertijd de opdracht: kunnen bereikbaarheid, ecologie, natuurrecreatie en unieke woonmilieus in één plan samenkomen? Deze vraag hebben wij aan een vooraanstaand ontwerpteam gesteld, vanuit de overtuiging dat een synthese

van belangen mogelijk is. Een stad die wij, vrij vertaald naar Donald Olsen, net als ‘vroegere beschavingen zien als een bewuste schepping voor wier aanleg, onderhoud en verfraaiing men terecht offers getroost’. Anne Bliek, gedeputeerde Ruimtelijke Ordening, Provincie Flevoland In de Nota Ruimte is de reservering van de Markerwaard vervallen. Het niet afmaken van het Zuiderzeeproject heeft een aantal nieuwe ruimtelijke inrichtingsopgaven opgeleverd. Daarbij is de natuuropgave in het IJmeer en Markermeer een belangrijk provinciaal onderwerp. Daarnaast worden concepten ontwikkeld voor het gebruik van het water en de kustlijn om wonen, werken en recreëren aantrekkelijker te maken. Zowel Almere als Lelystad stonden lang met de rug naar het water. De Markerwaard zou worden gebouwd waar een deel van stedenbouw zou gaan plaatsvinden. Nu deze inpoldering definitief niet doorgaat, hebben beide steden zich georiënteerd op deze nieuwe situatie en ontvouwen ze plannen voor het gebruik van water en kustlijn. Flevoland is nog niet af zolang de nieuwe definitieve functie van IJmeer en Markermeer niet in samenhang is gebracht met de stedelijke ontwikkeling achter de dijk. De provincie Flevoland heeft altijd ondubbelzinnig haar steun betuigd aan een hoogwaardige verdere ontwikkeling van Almere. Deze ontwikkeling is voor ons geen doel op zichzelf. In de Nota Ruimte en de Noordvleugelbrief vraagt het rijk om in Flevoland ruimte te bieden om de vraagstukken van het oude land op te lossen. De partners in de Metropoolregio Amsterdam herbevestigen de noodzaak hiervan in het ontwikkelingsbeeld 2040. Dus als we hier verder gaan bouwen dan doen we dat voor woningzoekenden uit Noord-Holland en Utrecht. Het is juist vandaag op zijn plaats om te onderstrepen dat we de woningnood, of zo u wilt, het niet bebouwen van de nationale landschappen in Utrecht en het niet bebouwen van Waterland in Noord-Holland, met de opgave in Zuidelijk Flevoland voor genoemde provincies oplossen. Onderdeel van de hoogwaardige ontwikkeling is wat de provincie betreft een sterke verbreding van de diversiteit van woonmilieus. Daarom is een massieve doorontwikkeling van Almere aan de oostkant, op de wijze waarop Almere zich de afgelopen 25 jaar heeft ontwikkeld, op dit moment niet aan de orde. Dat betekent dat vooral ingezet moet worden op de ontwikkeling van nieuwe attractieve woonmilieus, aan de westkant van de stad. Door het gebruik van de lange kustlijn, door te bouwen aan het water en zo mogelijk in het water, kunnen op verantwoorde wijze aantrekkelijke nieuwe woonmilieus gecreëerd worden. Een schaalsprong is alleen maar mogelijk als de verbindingen met het oude land sterk worden verbeterd. Daarbij spelen huidige en toekomstige vervoerswaarden een belangrijke rol. Maar Flevoland moet ook op robuuste wijze verbonden zijn met de noordelijke randstad. Alleen dan functioneert Almere als versterkend onderdeel van die Noordelijke Randstad. Robuust betekent toekomstvast, ook voor de periode na 2030 en niet afhankelijk van een enkele, kwetsbare lijnverbinding. Het gaat om een stevig netwerk van auto en OV verbindingen, waarbij de provincie zeer veel belang hecht aan een directe verbinding met Amsterdam door het IJmeer. Het doet ons goed dat de eerste resultaten van de vervoerwaardestudie van de IJmeerlijn, als variant van de lange termijn studie OV SAAL, boven verwachting hoge vervoerwaarden laten zien. Een veel hogere waarde dan een verbetering van de OV verbinding over de Hollandse Brug. De IJmeerlijn heeft daarmee een hogere maatschappelijke en duurzaamheidswaarde: meer automobilisten stappen in het OV, en er ontstaat een betere interactie met Amsterdam. Dit zal nooit blijken uit een maatschappelijke kosten en baten analyse. Daarin wordt alleen gekeken naar kwantificeerbare kosten en baten. Een uiteindelijke afweging bevat gelukkig ook bij het rijk meer argumenten dan alleen maar kwantitatieve kosten en baten. Anders was er nooit meer een meter spoorlijn aangelegd in Nederland. De provincie realiseert zich de budgettaire beperkingen van het rijk op dit moment, maar kan dit niet zien als bepalend voor de door het rijk en noordvleugelpartners gewenste lange termijn ontwikkeling van Almere. Daarom is een principe besluit over de IJmeerlijn nu van groot belang voor

het vertrouwen in de intenties van het rijk met de kwaliteit van de schaalsprong. Voor een financieel besluit kunnen we nog even het geduld opbrengen tot betere tijden aanbreken. Een duurzaam ontwerp van buitendijks bouwen, geënt op de gedachte van een directe verbinding met Amsterdam en passend binnen de breed gedeelde visie over de ecologische toekomst van IJmeer en Markermeer, kan op grote sympathie van de provincie rekenen. De voorliggende ontwerpcasus voldoet daar in belangrijke mate aan. De casus laat in elk geval op inspirerende wijze zien welk mooi resultaat zoiets kan opleveren, en hoe goed een en ander in te passen is in het bestaande landschap van openheid en wijdse vergezichten. De provincie Flevoland en zeker de gemeente Almere hebben een ontwikkelingsgericht karakter. Dat is logisch gelet op de korte en dynamische geschiedenis van het gebied. In dat licht hebben we ook de ontwikkeling van IJburg aan de NoordHollandse kant van het water gezien. Na het bouwen van IJburg 2 is de verstedelijking aan de Flevolandse kant van het IJmeer een logisch vervolg. De voorliggende ontwerpcasus, en de inzichten van IJmeer-Markermeer over de daadwerkelijke invloed van een IJmeerlijn en vormen van buitendijks bouwen, laten zien dat de invloed op de zichtlijnen vanuit het oude land, met een goed ingepast ruimtelijk ontwerp, zeer beperkt is. Tot slot: IJmeerlijn, buitendijks bouwen. Ik hoor sommige rijkspartners wel eens verzuchten: wel mooi bedacht maar ook erg duur. Ik heb zelf nooit de illusie gehad dat de schaalsprong een project zou zijn van het ergens low budget neerzetten van 60.000 woningen. Daar leent de woningmarkt zich niet voor, en daar leent het nieuwe land zich niet voor. (Overigens ook op het oude land, ik noem u de Bloemendaler Polder, kan het ook niet zonder majeure financiële bijdrage). Een schaalsprong moet kwalitatief verantwoord zijn en kwaliteit heeft een prijs. Nu besluiten om te willen investeren in kwaliteit en duurzaamheid is het beste uitgangspunt om te kunnen deelnemen in een nieuwe periode van groei in de wereldeconomie. Met de voorliggende verbeelding Almere IJland is de schaalsprong in de Metropoolregio Amsterdam van Almere goed mogelijk! Maarten van Poelgeest, wethouder Ruimtelijke Ordening, Amsterdam “Door een verbinding onder water tussen Almere en Amsterdam wordt Almere een hecht onderdeel van de metropool. Door de combinatie met de voor de natuur zo noodzakelijke wetlands wordt ons bovendien de unieke kans in de schoot geworpen om een bijzonder stukje stad te maken.” Opdrachtnemers: William McDonough, McDonough+partners “It has been an honour to work with this team on a project with such high ambitions. IJland is a remarkable gift to the world – a model of how, with the right frame conditions, human activity can become a healing, regenerative act that continuously grows economic, social and environmental value over time. IJland’s effectiveness is a result of embracing it’s ‘Islandness’. It’s location and design revitalizes ecosystem health by improving the water quality of the meers and providing new habitat that connects adjacent nature reserves. An entirely new infrastructure – free of the vestiges of another era – integrates innovative energy, waste and water systems in ways that produce clean energy, create positive water flows, maintain materials in cradle to cradle cycles, and build healthy soils.

Diverse luring and mobility options encourage new relationships between community and ecosystem and reconnect inhabitants to the ever changing natural world. IJland is not just another model of good urbanism; it proposes solutions to global challenges at a local level. By embracing the values embodied in the Almere Principles, IJland seeks to no less than to create a delightfully clean air, soil, water and power – economically, equitably, ecologically and elegantly enjoyed.” Adriaan Geuze, West 8 “Het IJmeer heeft de belofte uit te groeien tot een majeur natuurgebied met groot open water en Naardermeer-achtige oevers. Tegelijkertijd is dit Blauwe Hart in wording het ‘Zuiderzee equivalent’ van San Francisco Bay, waaraan Amsterdam, Almere en het Gooi zich manifesteren. IJland zal een sensibele, aan water en wetlands gerelateerde life-style bieden, die de Noordvleugel van de Randstad zal versterken en een impuls geeft aan de veelkleurigheid en stedelijkheid van Almere.

Door de noodzakelijke grondstromen (zandwinning) te combineren, ontstaat grootschalige nieuwe natuur en waterkwaliteit. Het IJmeer zal de nieuwe standaard worden voor duurzaam samengaan van stad en natuur.” Winy Maas, MVRDV “Een nieuw Atlantis! Het is een historisch moment om, na het niet doorgaan van de Markerwaard, een nieuwe stap te ondernemen in de evolutie van de Zuiderzee. Het Markermeer en het IJmeer verdienen een volgende fase. Een fase met meer leven! Voor planten, vogels, vissen en mensen! Een fantasie van een nieuwe samenleving wordt voorstelbaar. Dat leidt tot een Markermeer met helder water in plaats van verslibd water. Door het maken van moerassen en onderwatermilieus. Waar ook in gewoon en gewerkt kan worden, maar waar toch de grote maten behouden blijven. En wat zich op een volstrekt autarkische manier ontwikkelt. Is het tijd voor een nieuw Atlantis? Een archipel in het Markermeer als een kwaliteitsinjectie voor de noordelijke Randstad. Een blauw hart komt tot leven, en een unieke, wellicht noodzakelijke toevoeging aan de Schaalsprong van het gebied.”