Commentaar Jan Elshout op Kamerbrief inzake Midden Oosten reis van

Document Sample
Commentaar Jan Elshout op Kamerbrief inzake Midden Oosten reis van Powered By Docstoc
					Commentaar Jan Elshout op Kamerbrief inzake Midden Oosten reis van Minister Verhagen 21-25 juni 2009
Inleiding
De scheiding tussen “verslag” en “appreciatie” is op zich werkbaar, maar bij het laatste missen nog al wat kritische kanttekeningen Syrië (pag. 2-4) Terecht schrijft de minister “Van dubbele standaarden op mensenrechtengebied kan geen sprake zijn”. Daarom is het merkwaardig dat kritiek ontbreekt op vele punten waarop Israël massaal mensenrechten schendt. Israël (pag. 4-6) Dit stuk geeft vooral de Israëlische standpunten weer (die weinig kritiek ondervinden bij Appreciatie). “Verbeteringen op de grond” zijn nodig, maar daarmee bereik je niet meer dan leefbaarder maken van de bezetting. Ik mis Palestijnse rechten als uitgangspunt (leidend naar opheffing van de bezetting). Ongeloofwaardig is Barak’s opmerking “geen nieuwe grond onteigenen voor nederzettingenbouw”. In de eerste plaats zijn in het verleden grote stukken land in de omgeving van nederzettingen als behorend daartoe verklaard. Naar Israëlische opvattingen kan daar “legaal” gebouwd worden. Recent (na de brief) komen er berichten over grote “landaanwinningen” ver van bestaande nederzettingen (zie bijgevoegde artikel Haaretz 18-8-2009). Een onwaarachtige voorstelling zit in Barak’s uitspraak “Zolang Hamas aan het bewind was in Gaza moest Israël zich beschermen tegen mogelijke aanvallen”. Israël was beschermd doordat Hamas zich aan het bestand hield en dat wilde verlengen. Israëlische bombardementen doorbraken het bestand op 4 november. Ik wijs op het artikel van VN-Rapporteur Falk in Le Monde die, vanwege de bestandsbereidheid van Hamas, de gehele Gaza oorlog onwettig noemde. Terecht wordt gesteld dat, met name in Gaza, een verbetering van mensenrechten nodig is. Met kritiek op het MRR mandaat etc. wordt echter al bij voorbaat de basis gelegd om t.z.t. het Goldstone rapport ter zijde te schuiven. Andere rapporten m.b.t. Gaza worden niet eens genoemd. Eerder schoof minister Verhagen rapporten van Human Rights Watch, het Rode Kruis en dat van Dugard-De Waart e.a. terzijde. Wat heeft het voor nut als de Kamer aandringt op onderzoek als de minister de rapporten op basis van mandaat, opdrachtgever, etc. ter zijde schuift zonder in te gaan op de inhoud? Wat betreft mensenrechten mist kritiek op de fundamenteel achter gestelde positie van Arabische inwoners. Dat gaat verder dan “begrip vragen voor de positie van minderheden”. Er is geen kritiek op settler geweld, huisvernielingen in Oost Jeruzalem of in Bedouinen gebieden, ongelijke verdeling van water, het enorme aantal gevangenen dat zonder vorm van proces vastzit, het gevangen houden van wettig gekozen parlementsleden, etc. Ook missen contacten met mensenrechten- of vredesorganisaties (ook bij eerdere bezoeken vermeden). Wat betreft EU-Israël is de oprichting van een subcommissie een stap in de goede richting maar onvoldoende. Gebleken naleving van EU-voorwaarden is nodig. In het verleden nam Israël aan allerlei overleg deel (Routekaart, post-Annapolis, etc.). Deelname door Israël was steeds voldoende; daadwerkelijke concessies zijn nooit van Israël geëist.

In het verslag valt op dat geen bezoek gebracht is aan het sterkst getroffen gebied, Gaza. In feite is de minister daardoor slechts matig geïnformeerd. Een punt dat in het overleg met de minister zeker aan de orde zou moeten komen is de steeds verder gaande toegangs beperkingen. Vorig jaar verloor Bir Zeit universiteit, door visa restricties, al een flink deel van zijn staf en recent werden (in strijd met de Oslo Accoorden) verdere beperkingen aan het reizen naar de Westoever gesteld (zie aangehechte bericht Haaretz 13-8-2009). PA (pag. 6-8) De lof wat betreft de “harde veiligheidssituatie” is wat misplaatst. Het toont dat in wezen de PA een verlengstuk van de Israëlische bezettingsmacht geworden is. Aan een minderheid (Fatah) worden geweldsmiddelen verstrekt om een meerderheid (Hamas) te kunnen onderdrukken. Vernietiging van het “fabric of life” (sociale instellingen die al decennia bestonden) is het gevolg. Appreciatie (pag. 8-9) Voor de missie van Mitchel is alleen maar lof. Toch moet men zich afvragen of het momentum niet al verstreken is. Mitchell is al 8 maanden bezig en er is slechts over randdetails m.b.t. een nederzettingenstop overlegd. In de VS staat Obama bloot aan hevige kritiek (ex-presidentscandidaat Huckabee stelde bijv. onlangs dat er geen ruimte is voor een Palestijnse staat en nederzettingen moeten worden uitgebreid). Europa zou een veel krachtiger steun aan Obama’s vredesstreven moeten geven, als tegenwicht tegen de grote binnenlandse druk in de VS en de vertragingen door Israël. De opmerking dat Iran, Hezbollah en Hamas belang hebben bij het ontsporen van het vredesproces mist elke onderbouwing. Allereerst is het slordig 3 zo ongelijksoortige organisaties op één hoop te gooien. Gewezen kan worden op de constructieve voorstellen die Hamas met name in de periode 2005-2007 deed. De nadruk op Kwartetvoorwaarden is onwerkbaar gezien de onevenwichtigheid daar van. In wezen is het de wereld op zijn kop als de onderdrukte partij aan allerlei voorwaarden moet voldoen, terwijl aan de bezetter geen enkele eis gesteld wordt. Fundamentele kritiek mist Wat vooral mist is fundamentele kritiek op de Israëlische uitgangspunten. Uit de doorgaande nederzettingenbouw blijkt dat de keuze tussen “vrede” of “Groot Israël” nog steeds in het voordeel van de realisatie van zo veel mogelijk van Groot Israël valt (in lijn met het consistente beleid van de laatste ca. 40 jaar en nooit gestopt door Westerse regeringen). Uit de voorstellen die Israël deed in het kader van post-Annapolis overleg bleek dat het uitgangspunt “heersen over Palestijnen” nog steeds van kracht is (volledige beheersing van alle grenzen). Uit beide punten blijkt dat Israël nog steeds uitgaat van “het recht van de sterkste”. Tegen deze fundamenteel verkeerde uitgangspunten dient duidelijk stelling genomen te worden. Onder deze omstandigheden zou ook overleg met de EU over verdere handelsvoordelen ondenkbaar moeten zijn. De EU zou juist meer druk op Israël moeten uitoefenen, Obama krachtiger moeten steunen en zo voorkomen dat door verdere “facts on the ground” de Palestijnse leefruimte steeds verder wordt ingeperkt.

Jan Elshout, 26 augustus 2009

www.haaretz.com
Last update - 02:26 18/08/2009

Did Netanyahu drop demand for recognition of Israel as 'Jewish state'?
By Akiva Eldar

.........(other subject)

Natural grape growth Even a veteran settlement-hunter like Dror Etkes of Yesh Din Volunteers for Human Rights was surprised by the sight of a large sign proclaiming "The Settlement Department - Ofra Plantations." The sign hangs in the heart of broad agricultural areas between the settlement of New Givon and one of the new neighborhoods of the settlement of Givat Ze'ev. As the crow flies, the distance from there to the settlement of Ofra is more than 15 kilometers, but in order to cultivate the orchards the farmers of Ofra need to bypass Ramallah, a distance of 35 kilometers. The olive groves and the fruit orchards stretch over hundreds of dunams and some of them are over 10 years old. What connection is there between Ofra and these lands? The Settlement Department and the Israel Defense Force's Civil Administration know the answers. In the course of a project to map lands seized for agricultural purposes, Etkes has discovered that in recent months, while the world has been busy counting residential structures and new prefabricated homes, the Jewish settlers have been busy taking over agricultural lands and preparing them for new plantings. He has documented new plantings at eight locations, most of them adjacent to outposts. Unlike residential construction, which needs relatively large amounts of time and money and attracts attention, establishing facts in fields yields a lot of fruit in a short time and at a low cost and is easy to conceal from the authorities and the media. Even Obama is talking about stopping the building and not about stopping the planting. Someone should inform the president of the United States that Ofra, too, began with the planting of a single tree. Incidentally, the person who was honored with planting that tree is now serving as the president of Israel.

The Civil Administration responded that Ofra Plantations is located in an area registered to Himanuta (a subsidiary of the Jewish National Fund) which transfered it to the government authority for the West Bank. They then leased the land to a Jewish Agency department which transferred it to settlers from Ofra. .......... (other subject)
/hasen/objects/pages/PrintArticleEn.jhtml?itemNo=1108326 close window

www.haaretz.com
Last update - 08:37 13/08/2009

Israel toughens entry for foreigners with West Bank ties
By Amira Hass, Haaretz Correspondent

Israel has recently been putting up more obstacles for foreign nationals who enter the country if they have family, work, business or academic ties in the West Bank. It now restricts their movements to "the Palestinian Authority only." The people concerned are citizens of countries that have diplomatic ties with Israel, mainly Western countries. In imposing such restrictions, Israel is in breach of the Oslo Accords. For about the last three months, border control officials at the Allenby Bridge have been stamping visitors' passports with a visa and the additional words "Palestinian Authority only." Officials from the Coordinator of Government Activities in the Territories (COGAT), who are also present at the Allenby crossing, have in some cases told visitors that they must apply to the Civil Administration for a permit to leave the West Bank and enter Israel. According to Interior Ministry spokeswoman Sabine Haddad, the same procedure also exists at Ben-Gurion International Airport, though Haaretz has not encountered any such cases. However, Interior Ministry officials at the airport have been known to require foreign nationals to sign a pledge that they will not enter the PA without permission from COGAT. Officials have also warned tourists who want to visit the West Bank that the next time, they should enter via the Allenby Bridge. Haddad confirmed that anyone "entering Palestinian Authority territory should go via the Allenby Bridge." But the practice of restricting visitors to the PA only has not yet been applied to all visitors entering the country via the Allenby Bridge. Haddad declined to answer Haaretz's question as to why this rule was being applied selectively and who decides on its application. The people on whom travel restrictions have been imposed, and with whom Haaretz has spoken, include businesspeople and foreign investors, people with relatives in the West Bank, university faculty, and international development and welfare workers. All are citizens of Western countries.

"PA territory" comprises the 40 percent of the West Bank (Areas A and B) over which the PA has civilian authority. These areas are enclaves interspersed throughout Area C, which is under full Israeli control. Theoretically, therefore, these tourists may not leave one enclave for another, enter the Jordan Valley, or cross to the other side of the separation fence. When asked whether the limitation to the "PA only" indeed referred to Areas A and B, Haddad said: "Because this issue involves an army permit, the question must be referred to the army." The Israel Defense Forces Spokesman said the question must be referred to the Defense Ministry. A Defense Ministry spokesman initially said this question and others must be referred to COGAT, while COGAT's spokesman said that "most of the questions" should be referred to the Interior Ministry. On Monday night, Haaretz was told that COGAT's response would be included in the Defense Ministry's response. However, no such response had been received by press time. Another question that thus remains unanswered is whether legal experts in the interior and defense ministries are aware of the fact that the travel restrictions Israel is imposing are a violation of the 1995 Interim Agreement, also known as Oslo-2. The agreement states that citizens of countries that have diplomatic ties with Israel may enter the West Bank and the Gaza Strip on their Israeli visa and a valid passport. According to Interior Ministry spokeswoman Haddad, the new procedure is based on "a 2006 decision by the interior minister and the defense minister [Roni Bar-On and Amir Peretz, respectively] that any foreign national who wants to enter the Palestinian Authority must have a permit from the army, and entry is permitted only into PA territory." But Haddad refused Haaretz's request for a copy of the text of the decision, and a similar request to Defense Ministry spokesman Shlomo Dror received no response at all. In early 2006, Israel annuled a rule that had been in place for decades whereby foreign nationals - whether of Palestinian origin or not were permitted to visit, live and work in the territories based on tourist visas that they renewed every three months. Thereafter, Israel began preventing the entry of thousands of people, including businesspeople, investors, students, university faculty and spouses of Palestinians. Several of these people launched an international public campaign against the restrictions. Foreign embassies protested, and America's then-secretary of state, Condoleezza Rice, also voiced criticism. As a result of the pressure, the interior and defense ministers canceled the restrictions in December 2006, and GOGAT was told to revise the

procedures. However, both the text of the procedures that was sent to the PA on December 28, 2006 and a letter the Foreign Ministry sent to foreign embassies and consulates on March 5, 2007 revealed that Israel had created a new restriction: Entry to the West Bank was henceforth conditioned on "the military commander's consent ... the foreign national will be required to keep the consent form with his/her passport." In contrast to Haddad's response, however, the text states that the area in question is "the West Bank," not "PA territory." And neither of these documents states that entry to Israel is prohibited or requires additional bureaucratic steps. The new procedure effectively places many tourists and visitors under closure and discriminates against them compared to their compatriots who do not have relations with the Palestinian community and whose main destination is not the West Bank. (Israel has kept the number of foreign nationals it allows into Gaza to a minimum since the August 2005 disengagement.) Closure has been the permanent state of affairs in the occupied territories since January 1991, when Israel forbade Palestinians to enter its territory without a permit from the Civil Administration. Related articles:  Settler youths build new outpost in West Bank  Israel bars Fatah men with terror ties from West Bank summit  Judge: Israeli law applies in disputed West Bank territory
/hasen/objects/pages/PrintArticleEn.jhtml?itemNo=1107223 close window


				
DOCUMENT INFO
Shared By:
Categories:
Stats:
views:22
posted:11/6/2009
language:Dutch
pages:7