57G

Reviews
Shared by: Jaroslav Pros
Categories
Tags
Stats
views:
89
rating:
not rated
reviews:
0
posted:
11/6/2007
language:
pages:
0
Referentiekader Domein onderwijsinstellingen april 1999 pag. 2 KBC politiek Voor scholenbouwkredieten hebben we vrijwel steeds een waarborg van de overheid. Een probleem van risico-concentratie stelt zich dus eventueel uitsluitend op het niveau van de individuele school. Belangrijk bij de appreciatie van het risico is het aanwezig zijn van een blijvend overschot op de werkingstoelagen. Niet-overheidsgewaarborgde termijnkredieten kunnen slechts defensief en uitzonderlijk worden toegestaan, kaderend in een bestaande en globale relatie ( voor de hogescholen mag dit iets genuanceerd worden ). KBC staat terughoudend tegenover aanvragen om schuldherschikking, indien deze vragen voorkomen in probleemdossiers. Zelden zal daarvoor overigens een waarborg van de overheid bekomen worden. Voor onderwijsinrichtingen die via een ander kanaal, dan het Ministerie van Onderwijs, gesubsidieerd worden dienen vergelijkbare en inhoudsvolle ( zakelijke ) zekerheden bedongen te worden. Algemene principes Vooraleer een nieuw dossier " op te starten ", verdient het aanbeveling, teneinde commercieel te scoren, vooraf contact op te nemen met het domein Social Profit en Openbare Sector ( SPOS ), voor de specifieke overheidsgebonden aspecten en voor de techniciteit van het dossier. voor overheidsgewaarborgde kredieten dient, vooraleer een kredietopname kan toegestaan worden, de overeenkomst terzake met de overheid getekend zijn. de lange voorfinancieringsperiode ( 24 maanden ) zal in een aantal gevallen invloed hebben op onze interne prijszetting. Hierdoor kan het zijn dat onze mogelijkheden om concurrentieel tarief te zetten fors worden ingeperkt. door de overheidswaarborg kan gewerkt worden aan relatief beperkte marges. Prijszetting dient steeds te gebeuren in overleg met de Zetel/Regiodirektie en met het domein. - - Algemene kenmerken Dit deeldomein heeft in de voorbije twee jaar enorme herstructurerings-golven ondergaan, en dit voornamelijk in het Hoger Onderwijs Buiten Universiteit (HOBU). Schaalvergroting is daar het nieuwe devies. Het ligt in de lijn van de verwachtingen dat dezelfde concentratie-beweging zich ook zal manifesteren in het secundair onderwijs. Door de zeer stricte overheidsreglementering, en rekening houdend met de toch beperkte kredietmarkt (door het zeer beperkende subsidiebeleid), is de concurrentie hier vaak zeer hevig. Referentiekader Domein onderwijsinstellingen april 1999 pag. 3 Kwalitatieve kenmerken De onderwijsorganisatie is in zeer belangrijke mate in beweging. Dit betekent dat de instellingen, nog veel meer dan vroeger zullen geconfronteerd worden met : noodzaak tot professionalisering van het management van de school. noodzaak tot professionalisering van de Raden van Bestuur en van de Inrichtende Macht van de betrokken inrichtingen. noodzaak tot een veel beter uitgebouwd financieel beleid. noodzaak tot het opbouwen van een financiële buffer. Wat is het beleid van de inrichtende macht inzake zelfstandigheid van de school, zijn er eventuele samenwerkingsverbanden, wil men fuseren met een andere school? Financiële kenmerken Per schooljaar dient de school een rapport op te maken met betrekking tot de inkomsten en uitgaven. Voor een aantal scholen zijn ook de parascolaire inkomsten zeer belangrijk. In een aantal gevallen kan ook hiermee rekening gehouden worden, om de terugbetalingsmogelijkheden te berekenen. Daarnaast is de evolutie van het leerlingenaantal van belang. een beperkt bedrag aan kortlopende kredieten (Groep I) ter overbrugging van kleine courante uitgaven. Dit betekent concreet ook dat de meeste scholen zonder kortlopende kredietlijnen (Groep I) werken. langlopende kredieten (Groep IV) met een looptijd van max. 20 à 25 jaar, waarin standaard een opnameperiode van 24 maanden dient voorzien te worden. Deze kredieten genieten (in de meeste gevallen) standaard van een overheidswaarborg. Praktische afhandeling van deze dossiers dient steeds te gebeuren in samenspraak met het domein Social Profit en Openbare Sector ( in een latere fase zal dit overgenomen worden door Kredietadministratie KAD ). Sommige onderwijsinrichtingen, genieten niet van de subsidiërings- en waarborgmogelijkheden door de Overheid. Risico van deze kredietverlening ligt dan ook heel anders. Gezien het zeer specifieke karakter van schoolgebouwen willen we toch de zeer beperkte waarborgwaarde ervan onderstrepen. Concreet houdt dit in dat onze risico appreciatie toch op een heel andere basis dient te gebeuren. Aard van de kredietverlening Referentiekader Domein onderwijsinstellingen april 1999 pag. 4 Performantieparameters Bij de beoordeling van een aanvraag om een scholenbouwkrediet dienen volgende gegevens opgevraagd bij de cliënt : overzicht van de werkingstoelagen van de twee voorbije schooljaren overzicht van de para-scolaire inkomsten, en dit minimaal over de twee laatste jaren evolutie van het leerlingenaantal van de twee voorbije schooljaren omgevingsanalyse en aanbod studierichtingen ( met het respectievelijk leerlingenaantal ) - Absolute norm Kredietverlening aan scholen die geen werkingstoelagen en investeringssubsidies van het Ministerie van Onderwijs krijgen, dient steeds beslist te worden op Hoofdkantoor.

Shared by: Jaroslav Pros
About
Different experience from various jobs during and after studies. Now i am over 4 years in the banking business,mostly working on different payment cards projects. Since 2006 i am coordinating implementation of Euro in Slovakia for (More...)
Other docs by Jaroslav Pros
52J
Views: 141  |  Downloads: 0
Related docs
Mrs Dash Tomato Basil Garlic - 5 Star Review
Views: 0  |  Downloads: 0
3583037pdf
Views: 0  |  Downloads: 0