(Model)Fietsregeling Onderwijs Service Groep

Document Sample
(Model)Fietsregeling Onderwijs Service Groep Powered By Docstoc
					    Toelichting cafetaria- en salderingsregeling reiskosten woon-werkverkeer

Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend.



Bronnen:
 Besluit van de Belastingdienst van 7 december 2005, nummer CPP 2005/2518M;
 Uitvoeringsbesluit Loonbelasting 1965, artikel 10f.


Inleiding
Stichting Prisma streeft er naar om zijn werknemers in de gelegenheid te stellen keuzes te kunnen
maken uit een flexibel pakket arbeidsvoorwaarden. Zo’n flexibel pakket of onderdelen daarvan
worden vaak aangeduid als “cafetariamodel”. Hierbij kunnen werknemers keuzes maken of zij hun
salaris of salariscomponenten willen uitruilen tegen andere zaken waar individueel behoefte aan
bestaat. Een voorbeeld daarvan is de Fietsregeling. Stichting Prisma heeft aan zijn flexibel pakket
arbeidsvoorwaarden nu een regeling toegevoegd voor het verkrijgen van een onbelaste
reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer in combinatie met het salderen van verstrekte
vergoedingen voor reiskosten woon-werkverkeer en dienstreizen.


Wat beoogt Stichting Prisma met de invoering van deze regeling?
Stichting Prisma beoogt met het invoeren van deze gecombineerde regeling voor zijn werknemers
een betere vergoeding voor reiskosten woon-werkverkeer te realiseren dan de vergoeding die de
werknemer nu ontvangt op grond van zijn huidige CAO zonder dat dit voor de Stichting Prisma tot
(aanzienlijke) extra uitgaven leidt. De regeling bestaat in feite uit twee delen, te weten het
salderingsdeel en een cafetariadeel. De salderingscomponent voorziet er in om het deel van de
vergoeding voor dienstreizen dat in eerste instantie bruto is vergoed (alles boven de € 0,19 per
km) om te ruilen tegen een netto vergoeding, uiteraard voor zover de salderingsruimte dit toelaat.
De kern van de cafetariaregeling houdt in, dat de werknemer kan profiteren van een onbelaste
vergoeding van € 0,19 per kilometer mits hij, als tegenprestatie hiervoor, bereid is om hiervoor
(een deel van) zijn Structurele eindejaarsuitkering in te leveren dan wel zijn Structurele
eindejaarsuitkering tezamen met (een deel van) zijn Eindejaarsuitkering OOP/OBP. Per saldo
resulteert deze ruil voor hem in het ontvangen van het fiscale voordeel over het bedrag dat wordt
uitgeruild. Dit voordeel bedraagt voor het merendeel van de werknemers 42%.


Uitgangspunten en keuzes
Om tot een goede uitwerking en toepassing van deze regeling te komen heeft de Stichting prisma
eerst een aantal uitgangspunten geformuleerd. De verdere opzet van de regeling moet telkens aan
deze uitgangspunten getoetst kunnen worden. Daarnaast bieden deze uitgangspunten houvast om
uitzonderingssituaties te kunnen beoordelen en hierin tot een beslissing te komen. Deze
uitgangspunten luiden als volgt:

   De regeling mag niet in strijd zijn met de geldende CAO en de doelstellingen van stichting
    Prisma; de in de geldende CAO vastgelegde definities blijven onverminderd van kracht;
   De regeling mag niet leiden tot meerkosten voor de stichting Prisma, met uitzondering van een
    lichte toename van administratieve lasten; termijnen moeten strikt worden toegepast;
   Toepassing van de regeling mag in vergelijkbare situaties niet leiden tot ongelijke behandeling;
    deelname aan de regeling door medewerkers vindt plaats op vrijwillige basis;
   Wijzigingen in de CAO en/ of belastingregelingen kunnen aanpassing van de regeling
    noodzakelijk maken;
   De algemeen directeur beslist indien er zich onvoorziene situaties voordoen.

Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008           pagina 1 van 7
Naast bovengenoemde uitgangspunten heeft de stichting Prisma bij het uitwerken van de regeling
de volgende keuzes gemaakt:

    Vaststelling van het maximum aantal werkdagen voor de categorieën Directie, OP en OOP/OBP:
     Dit aantal is vastgesteld op 206 dagen (conform de Belastingdienst dit heeft bepaald).
     Berekening: 365 dagen minus 104 dagen (52 weken x 2 dagen) minus 54 dagen voor verlof,
     w.o. vakantieverlof;
    Vaststelling van het aantal dagen verlof dat in mindering moet worden gebracht op de opgave
     van werkdagen volgens rooster door de werknemer: ziektedagen en dagen waarop ander verlof
     dan vakantieverlof wordt genoten worden in deze regeling niet in aanmerking genomen indien
     het verlof korter duurt dan 1 week;
    Wijze van vaststelling van het aantal kilometers woon-werkverkeer: de afstand woning-werk zal
     worden bepaald d.m.v. de routeplanner van de ANWB op basis van de snelste route;
    Vaststelling van het maximum aantal te vergoeden kilometers woning-werk: hierbij zal worden
     uitgegaan van een maximum van 60 km enkele reis;
    Vaststelling bronnen voor uitruil voor toepassing van de cafetariaregeling voor reiskosten: geen
     andere bronnen dan de Structurele eindejaarsuitkering en de Eindejaarsuitkering OOP/OBP,
     waarbij de Structurele eindejaarsuitkering als eerste bron zal worden benut.


Toelichting op de belangrijkste uitgangspunten en keuzes

1.    De regeling mag niet in strijd zijn met de geldende CAO en de doelstellingen van stichting
      Prisma; de in de geldende CAO vastgelegde definities blijven onverminderd van kracht.

      Hoewel deze regeling is ontworpen binnen de door de Belastingdienst gegeven kaders, zoals
      vastgelegd in bovengenoemde Besluiten, is deze regeling op een enkel punt beperkter dan
      fiscaal gezien mogelijk is. Omdat het ontwerpen van een regeling tot de vrijheid van de
      stichting Prisma behoort is stichting Prisma vrij om beperkingen aan te brengen. Om niet in
      strijd te komen met eigen doelstellingen op het terrein van verhuisplicht en het terugdringen
      van het ziekteverzuim, heeft stichting Prisma een beperking aangebracht in de maximum te
      vergoeden reisafstand per dag van 120 kilometer.

      De medewerker blijft maandelijks de in de CAO vastgelegde vergoeding woning–werk
      ontvangen als voorschot op de definitieve afrekening in december. Voorheen was deze
      maandelijkse vergoeding de “eindvergoeding”. In het kader van de nieuwe regeling wordt deze
      maandvergoeding gezien als een voorschot. De betalingswijze van dit voorschot ondergaat
      geen verandering. Medewerkers die op een dusdanige afstand van hun standplaats wonen dat
      er, overeenkomstig de CAO, geen vergoeding mogelijk is ontvangen geen voorschot. Zij
      kunnen echter wel deelnemen aan deze regeling door gebruik te maken van de eindafrekening
      in december. Ook de betaalbaarstelling van de vergoeding voor gemaakte dienstreizen
      ondergaat gedurende het kalenderjaar geen verandering.

2.    De regeling mag niet leiden tot meerkosten voor de stichting Prisma met uitzondering van een
      lichte toename van administratieve lasten; termijnen zullen strikt worden toegepast.

      De werknemer kan uiterlijk op 20 november een aanvraag indienen om aan de Cafetaria- en
      salderings-regeling reiskosten deel te nemen. Het initiatief tot gebruikmaking van de regeling
      ligt bij de medewerker, gebruikmaking van de regeling is vrijwillig.

      Ter voorkoming van extra administratieve lasten is gekozen voor één verrekeningsmoment per
      kalenderjaar. Gekozen is voor uitbetaling in de maand december, waardoor verrekening met
      de eindejaarsuitkering mogelijk is. Voor deze regeling is een apart aanvraagformulier
      ontwikkeld. Hierop dient de werknemer de werkdagen aan te kruisen volgens rooster zonder


Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008            pagina 2 van 7
     daarbij rekening te houden met ziektedagen en vakanties. Stichting Prisma doet dit uiteraard
     wel.

     De uiterste inleverdatum van 20 november is hard. Hiervan kan niet worden
     afgeweken!

     Inlevering van de aanvraag na 20 november heeft tot gevolg dat in het betreffende jaar geen
     gebruik van de regeling kan worden gemaakt. De aanvragen zullen in de verwerkingsmaand
     december verwerkt moeten worden om te bewerkstelligen dat deze meegenomen worden in
     het fiscale jaar 2008. Tevens zal er zal voldoende gelegenheid moeten zijn voor de uitvoering
     van een steekproefsgewijze interne controle.
     Medewerkers die in de loop van het kalenderjaar de organisatie verlaten kunnen op het
     moment waarop het dienstverband eindigt van deze regeling gebruik maken zolang en voor
     zover er nog een Structurele eindejaarsuitkering of Eindejaarsuitkering OOP/OBP met stichting
     Prisma moet worden afgerekend. In een dergelijke situatie kan de werknemer zijn aanvraag
     dus op een eerder moment indienen.

     De uiterste datum van inlevering is tevens vastgesteld om de volgende reden:
     Bij het salderen worden slechts die (vergoedingen voor) dienstreizen in aanmerking genomen
     die op 20 november van het jaar waarvoor een aanvraag is ingediend zijn gedeclareerd èn
     door de stichting Prisma zijn verwerkt. Stichting Prisma zal zich inspannen om de
     verwerkingtermijn van ingediende declaraties voor dienstreizen in november zoveel als
     mogelijk is in te korten.

     In het kader om de administratieve lasten tot een minimum te beperken heeft stichting Prisma
     er ook voor gekozen om geen aanvullende arbeidsovereenkomsten voor contractuele verlaging
     van aanspraken op te maken daar deze een extra schakel betekenen in de afhandeling. In
     plaats daarvan dient de werknemer op zijn aanvraagformulier te verklaren dat hij instemt met
     een eenmalige verlaging van (een deel van) zijn Structurele eindejaarsuitkering of met een
     verlaging van zijn Structurele eindejaarsuitkering tezamen met (een deel van) zijn
     Eindejaarsuitkering OOP/OBP.

3.   Woon-werkkilometers zijn de kilometers die tussen de woonplaats en de standplaats van de
     werknemer daadwerkelijk worden afgelegd.

     De afstand tussen de woning en de standplaats kan variëren, al naar gelang het gebruikte
     vervoermiddel en de wijze van vaststelling van de route. Stichting Prisma moet de reisafstand
     in redelijkheid aannemelijk kunnen maken bij de Belastingdienst.
     Om te voorkomen dat er discussie gaat ontstaan over wat nu wel of niet de juiste afstand is,
     heeft Stichting Prisma besloten om de afstand woning-werk ongeacht de wijze van vervoer
     uniform vast te stellen en wel volgens de ANWB-routeplanner. Dit is een door de
     belastingdienst goedgekeurde berekenings-methode. Hierbij wordt het aantal kilometers van
     de woning tot de standplaats van de werknemer in de sector PO berekend op basis van de
     snelste route en met inachtneming van een maximum van 60 kilometer enkele reis per dag.
     Deze afstand wordt vervolgens verdubbeld. De uitkomst vormt het maximaal te vergoeden
     aantal kilometers per dag. De aard van het gebruikte vervoermiddel is derhalve niet langer
     bepalend voor de hoogte van de vergoeding per afgelegde kilometer.

4.   Vaststelling bronnen voor uitruil voor toepassing van de cafetariaregeling voor reiskosten.

     Zoals hierboven is aangegeven zal de Structurele eindejaarsuitkering als eerste bron worden
     benut. Uitsluitend indien deze bron niet toereikend is om een onbelaste reiskostenvergoeding
     te verstrekken voor het totaal aantal kilometers woning-werk, zal tevens de bron
     Eindejaarsuitkering OOP/OBP worden benut. Deze situatie kan zich voordoen indien de


Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008             pagina 3 van 7
     werknemer veel salderingsruimte heeft als gevolg van het feit dat hij op flinke afstand woont
     van zijn standplaats of als gevolg van uitruil van de Structurele eindejaarsuitkering voor
     vakbondscontributie of een onbelaste fietsvergoeding. De bronnen die thans gelden voor de
     Fietsregeling zullen niet worden beperkt: bij dreigende “opsoupering” van een van beide
     eindejaarsuitkeringen zal de betreffende werknemer die van de fietsregeling gebruik wil
     maken geadviseerd worden om zijn vakantie-uitkering als bron voor uitruil in te zetten.

5.   Deze regeling verliest haar geldigheid op het moment waarop CAO-partijen een andere
     regeling overeenkomen en/of de regels van de Belastingdienst wijziging ondergaan.

     Stichting Prisma heeft de mogelijkheid om eigen regelingen te ontwerpen zolang en voorzover
     deze regelingen passen binnen de kaders van de CAO en/of overige wettelijke bepalingen.
     Zodra hierin wijzigingen optreden kan dit gevolgen hebben voor de opzet en uitvoering van
     deze regeling. Wijzigingen in de CAO en wet- en regelgeving zullen telkens op de mogelijke
     effecten voor toepasbaarheid van deze regeling worden beoordeeld. Stichting Prisma stelt de
     medewerkers van relevante wijzigingen op de hoogte. In dit kader behoudt Stichting Prisma
     zich het recht voor deze regeling te wijzigen of te herroepen mocht daartoe aanleiding zijn.
     Reeds goedgekeurde aanvragen zullen onder de condities waarop deze zijn goedgekeurd
     worden gehonoreerd, tenzij dit van overheidswege niet langer wordt toegestaan.



Vraag en antwoord
In de praktijk blijken cafetariaregelingen tot veel vragen te leiden. De naar verwachting meest
voorkomende vragen en antwoorden zijn hierna opgenomen. Stichting Prisma verwacht u door
deze toelichting meer duidelijkheid in deze materie te verschaffen. Mocht er desondanks iets niet
duidelijk zijn, schroomt u dan niet u nader te laten informeren door Arien Theewen of Wim
Timmermans.

De vragen en antwoorden luiden als volgt:



1)   Kan iedereen gebruik maken van deze regeling?
     In principe wel (ook het kort-tijdelijk personeel ) mits - zoals is aangegeven in het reglement
     - wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

        u voldoet aan de eisen die zijn gesteld in het reglement onder artikel 4 (Aanvraag-
         procedure);
        u bent bereid af te zien van (een deel van) uw aanspraken op de Structurele
         eindejaarsuitkering en (in voorkomend geval) tevens van (een deel van) uw aanspraken op
         de Eindejaarsuitkering OOP/OBP.


2)   Hoe groot is het fiscale voordeel dat ik met deelname kan bereiken?
     Het fiscale voordeel dat met deelname bereikt kan worden hangt af van uw persoonlijke
     situatie en wordt grotendeels bepaald door de hoogte van het tarief bijzondere beloningen dat
     op u van toepassing is. Voor het merendeel van de medewerkers zal dit percentage 42%
     bedragen over het bedrag dat wordt uitgeruild.

     Door het premievoordeel bij de berekening van de (pseudo)premie WW (dit is van toepassing
     bij beide bronnen mits geen sprake is van overschrijding van het maximum premieloon) kan
     het totale voordeel iets gunstiger worden.


3)   Waarom wordt in deze regeling niet de mogelijkheid geboden om bruto salaris uit te
     ruilen tegen een onbelaste reiskostenvergoeding?


Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008           pagina 4 van 7
     Stichting Prisma heeft besloten om een tijdelijke verlaging van het bruto salaris niet als bron
     aan te wijzen omdat hij van mening is dat er teveel nadelen zijn verbonden aan het uitruilen
     van bruto salaris. Een tijdelijke verlaging van bruto salaris betekent namelijk dat:

        Deze verlaging direct consequenties heeft voor de hoogte van de vakantiegelduitkering en
         de Structurele eindejaarsuitkering;
        het uitruilen van salaris minder fiscaal voordeel oplevert daar in die situatie geen sprake is
         van toepassing van het tarief voor bijzondere beloningen maar van de maandtabel;
        deze keus de hoogte van een jubileumgratificatie nadelig kan beïnvloeden;
        naast het gegeven dat de verlaging van bruto salaris de grondslagen aantast waarop
         eventuele uitkeringen voor werkeloosheid en arbeidsongeschiktheid worden gebaseerd de
         verlaging ook gevolgen kan hebben voor andere inkomensafhankelijke uitkeringen zoals
         huursubsidie e.d.
        Stichting Prisma wordt geconfronteerd met een beduidend hogere administratieve last.


4)   Heeft gebruikmaking van deze regeling financiële gevolgen of kan gebruikmaking
     financiële gevolgen hebben?
     Het uitruilen van uw Structurele eindejaarsuitkering of uw eindejaarsuitkering OBP heeft als
     consequentie dat de grondslag voor het bepalen van pensioen, een WIA-uitkering of
     ontslaguitkering wordt verlaagd. De consequenties hiervan zijn echter gering.

     Een voorbeeld:
     De bruto eindejaarsuitkering wordt voor € 600,- (onbenutte fiscale ruimte) ingeruild tegen een
     onbelaste vergoeding voor woon-werkverkeer. Het eenmalig fiscaal voordeel voor deze
     medewerker bedraagt 42% over € 600,- is € 252,-. Daarnaast heeft die werknemer nog een
     premievoordeel omdat over het bedrag van € 600,- in het betreffende jaar geen (pseudo-)
     premie WW hoeft te worden betaald en in het volgende jaar geen pensioenpremie. Samen
     gemakshalve even geschat op € 48,-. Het totale voordeel van de werknemer bedraagt dan €
     300,-
     Het nadeel voor de medewerker is dat hij over een bedrag van € 600,- geen pensioen
     opbouwt. Dit leidt tot € 600,- maal 2.05% is € 12,30 minder pensioenopbouw. Met andere
     woorden: vanaf de pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar ontvangt deze medewerker €
     12,30 bruto minder aan pensioen per jaar. Dit is netto per maand ca. € 0,75. Daarnaast is er
     in dit voorbeeld een klein negatief effect voor een eventuele WW- en WIA-uitkering.

     De uitruil bewerkstelligt ook dat het fiscale jaarloon wordt verlaagd. Dit kan in grenssituaties
     leiden tot het toepassen van een lager tarief bijzondere beloningen in het volgende
     kalenderjaar.

     Indien op enig moment in het jaar om een werkgeversverklaring voor een hypotheekaanvraag
     wordt gevraagd, dan zal Stichting Prisma op dat moment rekening moeten houden met de
     gegevens die dan bekend zijn. Concreet betekent dit dat alleen in de maanden november en
     december rekening gehouden kan worden met een verlaging van de eindejaarsuitkering. De
     contactpersoon op de salarisadministratie is in voorkomend geval graag bereid u te adviseren
     en daarmee een bijdrage te leveren aan uw besluitvorming.


5)   Kan   de   regeling         verduidelijkt      worden       door        het   uitwerken    van     twee
     voorbeeldsituaties?

     Ja. In beide voorbeelden wordt voor de start gemakshalve uitgegaan van 200 reisdagen
     (40weken x 5 dagen).



Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008                     pagina 5 van 7
       Voorbeeld 1.
       Stel dat u:

         Tot de categorie docerend personeel behoort en op 4 dagen per week werkt;
         op de 160 dagen per jaar (40 weken van 4 dagen) geen dagen in mindering hoeven te
          worden gebracht wegens ziekteverlof of buitengewoon verlof dat langer dan 1 week heeft
          geduurd;
         u op 15 kilometer afstand van uw werk woont;
         u in het kalenderjaar waarvoor u een vergoeding heeft aangevraagd tot en met de maand
          november 2.000 kilometers heeft afgelegd voor dienstreizen;
         uw Structurele eindejaarsuitkering € 2.200,00 bedraagt;
         en het percentage tarief bijzondere beloningen dat op u van toepassing is 42% bedraagt.

       En u op basis van de CAO u:

         gedurende 12 maanden een reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer heeft ontvangen
          ter grootte van € 22,40 per maand, in totaal € 268,80;
         een Netto vergoeding voor dienstreizen heeft ontvangen van € 380,00 (2000 km x € 0,19)
          en een Bruto vergoeding voor dienstreizen van € 180,00 (2000 km x € 0,09).

       Het toepassen van de Cafetaria- en salderingsregeling leidt dan tot het volgende resultaat:

         Vaststellen totaalbedrag dat onbelast mag worden vergoed:
         15 km x 2 (v.v.) x 160 dagen = 4.800 km x € 0,19 = € 912,00.
         Vaststellen bedrag dat voor uitruil van aanspraken in aanmerking kan komen:
         € 912,00 minus € 268,80 (ontvangen voorschot vergoeding woon-werkverkeer) minus €
          180,00 (omboeking Bruto vergoeding voor dienstreizen in Netto vergoeding voor
          dienstreizen) = € 463,20.
         Vaststellen maximumbedrag dat daadwerkelijk uitgeruild kan worden:
         De Structurele eindejaarsuitkering van € 2.200,00 is toereikend om alle resterende
          kilometers woon-werkverkeer (4800 minus 2000) te vergoeden tegen het tarief dat fiscaal
          mogelijk is. Er mag derhalve € 463,20 uitgeruild worden.

       Op uw salarisspecificatie van december kunt u dan het volgende vermeld zien worden:
       (Voor de duidelijkheid worden hier twee situaties naast elkaar gesteld. In werkelijkheid ziet u
       bij deelname de eerste kolom niet, terwijl de Bruto vergoeding voor dienstreizen eerder dan
       december in het salarissysteem is verwerkt; verder is gemakshalve de berekening van de
       pseudopremie WW achterwege gelaten).


       Componenten:                                     Bruto-netto berekening Bruto-netto berekening
                                                        zonder uitruil:        met uitruil:

       Salderingsregeling:
       Terugboeking Bruto vergoeding dienstreizen                            -/- €    180,00
       AF: loonheffing (42,00%)                                              -/- €     75,60
       BIJ: Netto vergoeding dienstreizen
       (2000 km x € 0,09)                                                       €     180,00
       Netto                                                                    €      75,60

       Cafetariaregeling:
       Structurele eindejaarsuitkering:                 €   2.200,00            €    2.200,00
       AF: Korting eindejaarsuitkering bijzondere
           regeling (woon-werkverkeer)                  €      n.v.t.           €      463,20
       AF: loonheffing (42,00%)                         €    924,00             €      729,46
       BIJ: Netto vergoeding voor woon-werkverkeer      €       n.v.t.          €      463,20
       Totaal netto                                     €   1.276,00            €    1.470,54




Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008                  pagina 6 van 7
       Uw fiscale voordeel bedraagt in dit voorbeeld € 75,60 (resultaat omboeking bruto vergoeding
       dienstreizen in netto vergoeding dienstreizen) plus € 194,54 (€ 1.470,54 minus € 1.276,00) =
       € 270,14, oftewel 42,00% van 643,20 (€ 180,00 omboeking plus € 463,20 uitruil).

       Voorbeeld 2.
       Stel dat u:

         Tot de categorie docerend personeel en op 5 dagen per week werkt;
         op de 200 dagen per jaar (40 weken van 5 dagen) 5 dagen in mindering moeten worden
          gebracht wegens ziekteverlof of buitengewoon verlof dat langer dan 1 week heeft geduurd;
         u op 25 kilometer afstand van uw werk woont;
         uw Structurele eindejaarsuitkering € 2.000,00 bedraagt;
         en het percentage tarief bijzondere beloningen dat op u van toepassing is 42% bedraagt.

       Op basis van de huidige CAO heeft u dan:

         gedurende 10 maanden een reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer ontvangen ter
          grootte van € 75,00 per maand, in totaal € 750,00.

       Het toepassen van de Cafetaria- en salderingsregeling leidt dan tot het volgende resultaat:

         Vaststellen totaalbedrag dat onbelast mag worden vergoed:
         25 km x 2 (v.v.) x 200 - 5 dagen = 9.750 km x € 0,19 = € 1.852,50.
         Vaststellen bedrag dat voor uitruil van aanspraken in aanmerking kan komen:
         € 1.852,50 minus € 750,00 (ontvangen voorschot) = € 1.102,50.
         Vaststellen maximumbedrag dat daadwerkelijk uitgeruild kan worden:
         De Structurele eindejaarsuitkering van € 2.000,00 is toereikend om alle afgelegde
          kilometers woon-werkverkeer te vergoeden tegen het tarief dat fiscaal mogelijk is.

       Op uw salarisspecificatie van december kunt u dan het volgende vermeld zien worden:
       (Voor de duidelijkheid worden hier twee situaties naast elkaar gesteld. In werkelijkheid ziet u
       bij deelname de eerste kolom niet).


       Componenten:                                     Bruto-netto berekening Bruto-netto berekening
                                                        zonder uitruil:        met uitruil:

       Structurele eindejaarsuitkering:                 €   2.000,00           €   2.000,00
       AF: Korting eindejaarsuitkering bijzondere
           regeling (woon-werkverkeer)                  €      n.v.t.          €   1.102,50
       AF: loonheffing 42,00%                           €    840,00            €     376,95
       BIJ: Netto vergoeding voor woon-werkverkeer      €       n.v.t.         €   1.102,50
       Totaal netto                                     €   1.160,00           €   1.623,05


       Uw fiscale voordeel bedraagt in dit voorbeeld € 463,05 (€ 1.623,05 minus € 1.160,00),
       oftewel 42,00% van € 1.102,50 (het bedrag dat in dit voorbeeld voor uitruil in aanmerking
       kwam).




Ten slotte
U dient voor u zelf te bepalen of het fiscale voordeel dat u bij deelname verkrijgt, opweegt tegen
het (geringe) nadeel van lagere uitkeringen. Die keus heeft u ieder jaar.




Toelichting Cafetaria- en salderingsregeling reiskosten, versie 30-09-2008                pagina 7 van 7

				
DOCUMENT INFO
Shared By:
Categories:
Tags:
Stats:
views:8
posted:5/27/2012
language:Dutch
pages:7