Biologie voor Jou - Havo 4 - mRNA by timons106

VIEWS: 74 PAGES: 1

More Info
									FEITEN:
mRNA = een enkelstrengskopie (dus
      een halve “ladder”) van een
      stukje DNA (meestal een gen)

       met ribose i.p.v. desoxyribose

       met uracil (U) i.p.v. thymine (T)

TRANSCRIPTIE = een stukje DNA kopiëren naar mRNA

TRANSLATIE = de nucleotidevolgorde van het mRNA omzetten in een aminozuurvolgorde (=
eiwit)

RIBOSOOM = eiwitfabriekje in cytoplasma

tRNA = een klein stukje RNA met anticodon en het bijbehorende aminozuur

CODON = een code zoals AGU

ANTICODON = spiegelcode van een codon

Anticodon + aminozuur = tRNA



VOLGORDE TRANSCRIPTIE – TRANSLATIE – EIWITSYNTHESE:
GEN (stukje DNA)  bestaande uit bepaalde basevolgorde  deze basevolgorde wordt
gekopieerd als mRNA (transcriptie) dit mRNA verlaat de celkern en gaat naar de
ribosomen in het celplasma  ribosomen vertalen deze basevolgorde van het mRNA in een
Aminozuurvolgorde (translatie m.b.v. tRNA) Dit levert een eiwit op (eiwitsynthese) dat
een bepaalde reactie of eigenschap veroorzaakt.



MITOSE en MEIOSE:
Zie blad.

								
To top