s de Foareker brinnummer 03GT adres Skoallestrjitte 19 De kinderen van groep 7 maken in de periode mei juni de zogenaamde CITO entreetoets by 59470D

VIEWS: 16 PAGES: 80

									                                    2010/2011

c.b.s. “de Foareker”
brinnummer:        03GT
adres:             Skoallestrjitte 19,
postcode/plaats:   8734 GL Easterein
:                 0515 – 33 22 75
e-mail:            info@foareker.nl
website:           foareker.nl
2
Beste Lezer,

De paginaindeling kan afwijken.
Dit doordat in het kader van de privacy geen adresgegevens in
deze versie zijn opgenomen.




Inhoud :

      woord vooraf                                                               pag. 5

      hoofdstuk 1    de school                                                         7

      hoofdstuk 2    de ver. PCBO-Littenseradiel en adressen                           9

      hoofdstuk 3    waar de school voor staat: visie en missie                        11

      hoofdstuk 4    4.1    de onderwijskundige doelen                                 13
                     4.2    doelen cursusjaar 2009 - 2010 geëvalueerd                  14
                     4.3    doelen cursusjaar 2010 – 2011                              14

      hoofdstuk 5    de organisatie van het onderwijs                                  17

      hoofdstuk 6    de zorg voor kinderen                                             23

      hoofdstuk 7    de resultaten                                                     27

      hoofdstuk 8    de leerkrachten                                                   29

      hoofdstuk 9    informatie voor ouders                                            31
                     de vrijwillige ouderbijdrage                                      33
                     tussen - , voor – en naschoolse opvang                            33
                     verzekeringen                                                     34
                     klachtenregeling                                                  36

      hoofdstuk 10 beleid toelating, verwijzing en verwijdering van leerlingen         39

      hoofdstuk 11 leerlinggebonden financiering                                       45

      hoofdstuk 12 regeling school- en vakantietijden                                  51
                   schoolverzuim                                                       51
                   vakantierooster 2010-2010                                           53

      hoofdstuk 13 enkele bijzonderheden (pestbeleid, sponsoring, verjaardagen
                   v.h. personeel, gymnastiek, zending, rookbeleid, kopieerapparaat,
                   veiligheid etc.)                                                    55

      hoofdstuk 14 namen en adressen                                                   59

      bijlage:       Ons Pestprotocol                                                  61
      bijlage        Beleid foto - en video-opnames                                    67
      bijlage:       Urenberekening, klokurentabel en
                     vakanties en vakantiespreiding 2011-2012 en 2012-2013             69
      bijlage:       Formulier “vaststelling van de schoolgids” bestuur                73
      bijlage        Formulier ”vaststelling van de schoolgids” mr                     75
      bijlage:       afkortingenlijst                                                  77

                                                                                            3
4
5
Woord vooraf

                  Geachte ouder(s),verzorger(s),

Hierbij ontvangt u van ons de schoolgids voor het
cursusjaar 2010 - 2011. Ieder jaar krijgen de
ouders een nieuwe schoolgids en deze ligt dus nu
voor u. Veel zaken zijn hetzelfde gebleven zoals: het algemene gedeelte over de
uitgangspunten, de doelstellingen, de organisatie en dergelijke. Andere zijn
herschreven of aangepast aan de actualiteit.
De stukken over sponsoring, klachtenregeling, schoolverzuim, onderwijskundig
rapport, zorg en verzekeringen zijn geschreven voor alle scholen die onder het
bevoegd gezag vallen.

Waarom nu deze schoolgids ?
De schoolgids moet meer duidelijkheid brengen aan de ouders over de basisschool die
door hun kind(eren) wordt bezocht.

Wat staat er in deze schoolgids ?
De schoolgids vertelt over de visie van de school aangaande opvoeding en
ontwikkeling/leren. Het beschrijft de uitgangspunten van het onderwijs en wat de
school belangrijk vindt om door te geven aan de kinderen.
Ook wordt vermeld, wat er gedaan wordt aan kinderen die extra - speciale - zorg
nodig hebben. Wat doet de school om deze kinderen zo goed mogelijk te begeleiden ?
Tot de inhoud behoort ook een beschrijving hoe de contacten met ouders verlopen en
tevens is er per vakgebied een korte beschrijving omtrent de wijze waarop de
kinderen les krijgen in dat onderdeel.
Verder treft u de namen aan van de personen die op de één of andere manier zijn
verbonden aan de school, alsook enig cijfermateriaal betreffende lesuren en wordt er
iets over de resultaten van het onderwijs gezegd.


Medewerkers aan de schoolgids:
Deze schoolgids is samengesteld door de
      a. algemeen directeur ( de “ bovenschoolse stukken “ die voor elke school min
         of meer gelijk zijn )
      b. directeur, in samenwerking /overleg met het gehele team.



                                                   namens het team “ de Foareker “

                                                   Jan Keuning




                                                                                     6
7
Hoofdstuk 1

De school

          Naam:        Christelijke Basisschool “de Foareker”
          Adres:       Skoallestrjitte 19
                       8734 GL Easterein
          tel.:        0515-332275
          website:     www.foareker.nl
          e-mail:      info@foareker.nl
          Directeur:   Jan Keuning


Schoolgrootte:
Op de peildatum van 1 oktober 2009 telde de school 108 leerlingen ( evenveel als op
de teldatum van 1 oktober 2008). De toegekende formatie voor dit schooljaar is
gebaseerd op het aantal kinderen op 1 oktober 2009. Dat houdt in dat ons team
opnieuw uit negen personeelsleden bestaat, waarvan twee “ fulltime “.

De naam :
De naam van de school is ontleend aan ons leefgebied. Een “
foareker “ is de dwars-akker aan het begin van een weiland.
Deze wordt het eerst gemaaid, zodat er ruimte vrijkomt om het
verdere land te maaien. Op de voorkant van deze Schoolgids
staat een prachtige tekening van Evert van Urk, waarop de naam
treffend in beeld wordt gebracht.

Een stukje geschiedenis.
Jarenlang stond de Chr. School aan het Skilplein. In het vroegere schoolhuis woont nu
de familie Scheltema. De kleuterschool was in die tijd gevestigd in het gebouw waar
nu kapperszaak “ it Kniplokaaltsje “ is.
In 1953 werd aan de Skoallestrjitte een nieuwe, 3-klassige lagere school gebouwd,
met een ruim uitzicht over de weilanden naar het zuiden. De Koaifinne en het
Smidslân waren nog niet bebouwd. De school moest al in 1970 worden uitgebreid.
Intussen verhuisden de kleuters naar een 2-klassige kleuterschool aan de Vrijburg.
Een noodlokaal moest al gauw worden bijgebouwd, want ook de kleuters uit de
omgeving ( Itens, Rien, Hidaard, Reahûs ) gingen hier naar de school. De naam was
“it Bekoar”, ( = veilige plaats ) en deze is in de huidige naamgeving van de
basisschool niet terug te vinden.
Toen in 1985 de Wet op het Basisonderwijs in werking trad, moesten ook in ons dorp
de kleuter- en de lagere school onder één dak worden gebracht. Daarvoor was het
nodig, dat er twee lokalen bij de lagere school kwamen. Dit vond plaats in 1988. Op
16 september van dat jaar vond de feestelijke opening plaats en werd de nieuwe
naam onthuld : “De Foareker”. Een naam, bedacht door juffrouw Wijma, jarenlang
onderwijzeres aan onze school. In 1997 kwam de volgende verbouwing, nodig
geworden vanwege ruimtegebrek, gereed. Als laatste – voorlopig – werd in
september 1999 het vernieuwde plein in gebruik genomen.
In het najaar van 2007 is ons plein opnieuw aangepast. Het is gedeeltelijk opnieuw
gestraat en er zijn twee nieuwe toestellen geplaatst en verder zijn er een aantal
speelhokken geschilderd. Ook is onze school voorzien van een nieuw naambord met
het logo van de school.




                                                                                    8
9
Hoofdstuk 2

De vereniging PCBO-Littenseradiel

Grondslag en doel.
Onze school valt onder de ‘Vereniging voor Protestants Christelijk Basisonderwijs in de
gemeente Littenseradiel’. In de statuten van de Vereniging is het volgende over de
identiteit opgenomen:
De Vereniging aanvaardt de Bijbel als richtsnoer voor haar handelen in de verhouding
tot God, de naaste en de haar omringende wereld (grondslag).
De vereniging stelt zich ten doel werkzaam te zijn tot oprichting en instandhouding
van scholen voor Protestants Christelijk Basisonderwijs in het werkgebied van de
vereniging.
Zij tracht dit doel te verwezenlijken door het zoeken van samenwerking in alles wat
tot de regionale en algemene belangen van het Protestants Christelijk onderwijs
behoort, door het houden van vergaderingen en voorts door alle andere wettige
middelen, welke tot het gestelde doel dienstig zijn.
De Vereniging heeft als doel voor opvoeding en onderwijs:
De jonge mens zo te begeleiden en te stimuleren op zijn weg naar volwassenheid, dat
hij steeds beter toegerust en gemotiveerd is om te bepalen waar hij zijn krachten wil
inzetten, om vanuit een Bijbelse visie op de mens (nl. deze aarde te bewerken en te
bewaren in samenwerking met en tot vreugde van alle medemensen) op persoonlijke
wijze gestalte te geven; daarbij zijn kritische zin ten aanzien van wat echt of onecht,
waar of onwaar, recht of onrecht is te scherpen; en hem bereid te maken op te komen
voor verdrukten en ontrechten, aan welke kant die zich ook bevinden.

Er zijn momenteel zeven scholen die bij de vereniging horen, nl.
  ‘De Foareker’ te Easterein
  ‘De Earnewjuk’ te Easterlittens
  ‘De Grûnslach’ te Wjelsryp
  ‘De Reinbôge’ te Hilaard
  ‘De Stapstien’ te Winsum
  ‘It Fûnemint’ te Wommels
  ‘De Tarissing’ te Spannum

Leden / donateurs.
Mensen, dus niet alleen ouders, die de grondslag en het doel van de vereniging
kunnen onderschrijven, worden van harte uitgenodigd lid van de vereniging te
worden. Zij die dat niet kunnen, maar de vereniging of de school wel een warm hart
toedragen, kunnen donateur worden van de vereniging en/of de school.
Personeelsleden kunnen niet lid worden, wel donateur.
Van alle scholen wordt één lid uit de schoolcommissie afgevaardigd naar het bestuur.
Daarnaast kunnen er een aantal bestuursleden op basis van deskundigheid worden
benoemd. Voor meer informatie over de vereniging kunt u de schooldirecteur of een
bestuurslid benaderen.

Hoe kunt u de vereniging bereiken?
Als u iets naar de vereniging wilt sturen, kan dat met de post:
PCBO-Littenseradiel
Postbus 6
8730 AA WOMMELS

maar ook via de mail:
  administratie@PCBO-Littenseradiel.nl

                                                                                    10
Voor de bestuursvisie en andere informatie kunt u
terecht op de homepage van de vereniging:
   www.PCBO-Littenseradiel.nl

Telefonisch is de vereniging te bereiken op:
Administratie: 0515 – 333 901
Algemeen directeur, dhr. A. Faber: 0515 – 333 814




Adreslijst van het bestuur van de Vereniging voor PCBO-Littenseradiel




                                                                        11
Hoofdstuk 3
Onze Visie:

Onze visie op de mens en de samenleving:

  ieder mens, ieder kind is uniek
  mensen hebben andere mensen nodig om zich te
   kunnen ontwikkelen
  een mens, een kind, leert dagelijks en ontwikkelt zich gaandeweg
  mensen, kinderen, maken binnen hun eigen ontwikkeling voortdurend keuzes. Als
   school, als leerkrachten helpen wij kinderen in het maken van die keuzes en wij
   ondersteunen ze daarbij
  mensen, kinderen verschillen van elkaar in aanleg, interesses, karakter, enz. Ons
   onderwijs sluit aan op die verschillen en vindt variëteit van leren vanzelfsprekend
  de samenleving verandert voortdurend en mensen veranderen mee. Onze school
   is een dynamische organisatie die mee verandert en zich voortdurend aanpast aan
   de nieuwe eisen die de samenleving stelt

Daarbij zijn de volgende waarden erg belangrijk:

  Respect: kinderen en volwassenen tonen in hun houding en gedrag respect voor
   elkaar.
  Zelfvertrouwen: kinderen en volwassenen ondersteunen elkaar en versterken bij
   elkaar het gevoel opgewassen te zijn tegen de eisen die we aan elkaar stellen en
   die de omgeving ons stelt.
  Verantwoordelijkheid: kinderen voelen zich verantwoordelijk voor hun eigen
   gedrag en zijn zich ervan bewust dat ze verantwoordelijkheid hebben naar elkaar
   toe. De leerkrachten begeleiden dit proces.
  Sociaal-emotioneel welbevinden: kinderen moeten goed in hun vel zitten. Dat is
   een belangrijke voorwaarde om te komen tot leren, tot zelfontplooiing. Het
   sociaal-emotioneel welbevinden van kinderen heeft onze voortdurende zorg en
   aandacht.

Wij hanteren bij ons op school 10 leefregels, zie pestprotocol blz. 69, die vormen het
uitgangspunt voor het handelen van volwassenen en kinderen in de school. Die
leefregels staan aan de basis van het inoefenen van de waarden en bijbehorende
normen.

De volgende woorden vormen de kern van ons onderwijs:

  Zelfstandigheid
   Onze leerlingen mogen binnen het kader van vrijheid in gebondenheid zelf bepalen
   welke opdrachten gesteld door de leerkracht middels een takenkaart eerst of laatst
   worden gemaakt. De leerkracht stuurt het onderwijsleerproces. Leerlingen worden
   daardoor in toenemende mate bewust gemaakt van het feit dat ze
   verantwoordelijkheid dragen voor hun eigen handelen en leren. We leren kinderen
   kritisch naar zichzelf te kijken en verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen
   presteren.

  Samenwerken
   Wij vinden dat je samen met elkaar leert, dus samen met de leerkracht en samen
   met andere kinderen in de groep. Je leert van en met elkaar. Je kunt elkaar
   helpen, je kunt zelf om hulp vragen, dus samen staan we sterk.



                                                                                     12
  Verantwoordelijkheid
   Onze leerlingen wordt geleerd medeverantwoordelijk te zijn voor hun eigen
   leerproces. Als er meer verantwoordelijkheid gegeven wordt, krijgt de leerling
   meer mogelijkheden zelfstandig te leren. Hoe zelfstandiger de leerling wordt, des
   te meer verantwoordelijkheid hij kan leren dragen.

  Kindgericht
   Wij gaan uit van de mogelijkheden van ieder kind afzonderlijk. Kindvolgend
   onderwijs houdt voor ons in dat wij gericht de ontwikkeling van ieder kind
   afzonderlijk volgen. Het betekent niet dat ieder kind een eigen programma volgt.
   Het betekent wel dat wij ons onderwijsaanbod afstemmen op de behoeften en
   interesses van kinderen en rekening houden met verschillen in kennen en kunnen
   tussen kinderen. Dat komt het meest tot uiting in de instructie naar kinderen en in
   de verwerking van de leersstof. Beide zijn niet voor ieder kind in de groep steeds
   dezelfde.

  Plezier, vaardigheden, kennis
   Kinderen moeten met plezier naar school gaan. Vanuit het plezier in het werken en
   omgaan met elkaar ontwikkelen kinderen vaardigheden. Vanuit die vaardigheden
   komen kinderen tot kennis, weten ze kennis te vergaren en leren ze die toe te
   passen.

  Creativiteit
   In ons onderwijs is de ontwikkeling van de creatieve vermogens van kinderen een
   belangrijk uitgangspunt. Creativiteit is voor ons belangrijk, omdat het vorm,
   inhoud en uitdrukking geeft aan ons denken, voelen en handelen.

  Kwaliteitszorg
   We voeren een actief kwaliteitsbeleid gericht op verbetering van het onderwijs en
   de organisatie. Dat betekent dat we systematisch werken aan de interne
   kwaliteitszorg op onze school.

  Professionalisering
   Het is voor ons vanzelfsprekend dat de school investeert in
   deskundigheidsbevordering en professionalisering van de leerkrachten. Daarbij is
   richtinggevend ons eigen schoolconcept. Een belangrijk uitgangspunt daarbij dat
   versterking van het professioneel handelen ten goede moet komen aan het directe
   onderwijsproces, dus aan de leerlingen.

Onze MISSIE:

Wij zijn een Christelijke dorpsschool die er steeds naar streeft onze leerlingen te laten
leren en leven in een sfeer van warmte, geborgenheid en veiligheid.

Het bovenstaande dient tot uitdrukking te komen in het klimaat van de school. Er
dient een basis van vertrouwen te zijn, waarin het kind zichzelf kan/mag zijn, zodat
het zich op zijn/haar individuele manier kan ontwikkelen.




                                                                                       13
Hoofdstuk 4

4.1      Onze algemene onderwijskundige doelen

Onze onderwijskundige doelen worden gesteld volgens de kwaliteitscriteria die de
overheid hanteert en volgens kwaliteitscriteria die we zelf hanteren vanuit onze visie.

   1. De bijbel is voor onze school het uitgangspunt en de inspiratiebron voor de
      opvoeding van onze leerlingen. Het vak godsdienstige vorming, vieringen en
      het Christelijk/Bijbels lied nemen daarbij een belangrijke plaats in.

   2. We willen fantasie en creativiteit prikkelen en het zelf ontdekken stimuleren.

   3. We willen zoeken en streven naar continuïteit in de
      begeleiding van de kinderen gedurende hun schoolperiode,
      een ononderbroken ontwikkelingsgang dus van 4 – 12 jaar.

   4. We richten ons op een multiculturele maatschappij en
      willen de kinderen daar ook op voorbereiden/mee in
      aanraking brengen.

   5. We willen proberen een onderwijsaanbod te realiseren wat voldoet aan de
      kerndoelen.

   6. We willen streven naar meer “onderwijs op maat”.

   7. We willen situaties scheppen waarbinnen kinderen zich kunnen oriënteren op de
      wereld om hen heen.

   8. We willen het onderwijs in vooral de eerste groepen afstemmen op de leef- en
      belevingswereld van het kind.

Aanvullingen/opmerkingen bij bovenstaande:
Bij 3.
       Ten aanzien van de leerstof:
       Omdat we werken met jaarklassen moeten we aandacht besteden aan deze
       doorgaande lijn. Dat betekent in de praktijk dat binnen de vakgebieden waar
       we met methoden werken deze methoden een doorgaande lijn in zich moeten
       hebben. Bij die onderdelen die zonder vaste methode worden aangeboden zal
       moeten worden geregistreerd welk onderwijsaanbod er is (geweest).
       Voor ons handelen betekent dit o.a.
       a. dat we rekening houden met de persoonlijkheid van het kind;
       b. dat we, indien mogelijk, de activiteiten mede afstemmen op de ontwikkeling
          van het kind;
       c. dat we de kinderen zonodig en zo lang dat in onze ogen te verantwoorden is
          de mogelijkheid aanbieden om in eigen tempo en naar eigen begaafdheid
          een (minimum)onderwijspakket binnen de verschillende vak- en
          vormingsgebieden te doorlopen.

Bij 4.
         Binnen ons leerstofaanbod willen we de kinderen in aanraking brengen met het
         feit dat de wereld om het kind heen zeer divers is in al zijn facetten. Bij het
         ontdekken en laten zien van verschillen tussen mensen, culturen, godsdienst
         e.d. gaan we niet alleen uit van het overdragen van kennis, maar speelt ook de
         acceptatie een heel belangrijke rol.
                                                                                       14
         Sleutelwoorden zijn o.a. : respect, waardering, normen, waarden

Bij 5.
         We willen binnen ons onderwijs voldoen aan de kerndoelen. Die zijn voor alle
         vakvormingsgebieden beschreven. Op onze school laten wij ons leiden door wat
         de methodemakers zeggen over de aanwezigheid van de kerndoelen in de
         methode.
         De inzet is dat alle leerlingen de gestelde kerndoelen halen. Echter de praktijk
         leert, door de verschillen in cognitieve vermogens bij de leerlingen, dat niet elk
         kind alle gestelde kerndoelen haalt.

Bij 6.
         Aan het begrip “ Onderwijs op maat “ worden wel eens verschillende gedachten
         en invullingen gekoppeld. Voor ons betekent dit in ieder geval dat we proberen
         zorg op maat te verlenen. De basis daarvoor wordt mede gelegd door ons
         Leerling Volg Systeem en de daaruit voortvloeiende activiteiten.

4.2      De doelen van het cursusjaar 2009-2010 geëvalueerd

   a. We hebben twee gezamenlijke thema’s schoolbreed
      uitgevoerd. De eerste projectweek stond in het kader van de
      kinderboekenweek met het thema “Samen aan tafel”en het
      tweede was een project met als onderwerp “vlinders in je buik”.
   b. In het kader van kwaliteitsverbetering hebben we een viertal bijeenkomsten
      gehad met als thema het vergroten van de mondeling taalvaardigheid bij onze
      leerlingen. Deze bijeenkomsten waren gekoppeld aan de twee projectweken.
   c. Elk jaar proberen we een aantal kwaliteitskaarten te beschrijven om de
      kwaliteit van de Foareker te vergroten en/of te borgen. Dit cursusjaar hebben
      we de kaarten ‘Algemene uitgangspunten’ (2 kaarten), ‘Zorg voor kwaliteit’ (2
      kaarten) en ‘Opbrengsten’ (1 kaart) en ‘Organisatie’ (4 van de 7 kaarten)
      beschreven.
   d. Alle personeelsleden hebben het certificaat behaald om “kanjertrainingen” op
      de eigen school te mogen geven.
   e. Uitbreiding van computeronderwijs. We hebben een goed draaiend netwerk op
      school. De computer wordt steeds meer in ons onderwijs ingezet. Daarbij
      volgen we ons ict-beleidsplan. In januari 2010 hebben we in groep 3/4 ook een
      Digibord gekregen, ons derde.
      Dit levert nieuwe mogelijkheden op voor ons onderwijs. We willen elk
      schooljaar een nieuw digitaal schoolbord aanschaffen, totdat elke groep
      voorzien is van zo’n bord.
   f. Het zaakvakkenonderwijs wordt gegeven aan de hand van de nieuwe methode
      “TopOndernemers”.
   g. We hebben besloten om de methode “De Techniek Torens” aan te schaffen,
      opdat we een goede doorgaande lijn creëren om wetenschap en techniek op
      onze school te kunnen geven. Zie ook ons beleidsplan “Techniek”.


4.3      De doelen voor het cursusjaar 2010 – 2011

         a. Het uitvoeren van twee gezamenlijke thema´s
         b. In het kader kwaliteitsverbetering gaan we als team
            een volgend onderdeel van ons taalbeleidsplan
            gezamenlijk uitwerken. We hebben gekozen om de
            mondelinge taalvaardigheid schoolbreed onder de loep te nemen.

                                                                                         15
c. De cyclus van 4 jaar om de kwaliteit van de school in beeld te krijgen,
   middels kwaliteitskaarten wordt vervolgd in dit schooljaar. We zetten in op
   de zeven kaarten in het kader van het beleid en organisatie in de school. Dit
   zijn de laatste zeven kaarten van alle kaarten. Op deze wijze is de kwaliteit
   van onze school in vele deelterreinen beschreven. Dit is een belangrijk
   hulpmiddel om te komen tot het nieuwe schoolplan dat in 2011 gereed dient
   te zijn.
d. Alle personeelsleden hebben het certificaat behaald om “kanjertrainingen”
   op de eigen school te mogen geven. De implementatie wordt voortgezet. Het
   personeel krijgt in de loop van het jaar een herhalingscursus van één dag.
e. Uitbreiding van computeronderwijs, volgen van het ict-beleidsplan
f. Teamnascholing op ICT gebied m.b.t. de doorgaande lijn
   Alle teamleden hebben in principe genoeg vaardigheden ontwikkeld om het
   ict-onderwijs in de groep gestalte te kunnen geven. Incidenteel worden
   teamleden geïnstrueerd inzake het gebruik van nieuwe programmatuur.
g. Verdere implementatie van tweetalig onderwijs
h. Het “Techniek Onderwijs” implementatie van de methode techniek en
   wetenschap de “Techniek Torens” in de groepen 1 t/m 8.




                                                                             16
17
Hoofdstuk 5

De Organisatie.

De school wordt bezocht door de kinderen uit Easterein en Hidaard, in een enkel
geval ook door leerlingen uit een ander dorp. Het aantal leerlingen was op de officiële
teldatum van 1 okt. 2009 108 leerlingen. Evenveel leerlingen als op de teldatum in
2008. We starten dus met dezelfde personeelsbezetting als vorig schooljaar.

De leerlingpopulatie

De leerlingpopulatie waaruit onze school is opgebouwd is heel divers. Uit alle lagen
van de dorpsbevolking komen de leerlingen naar onze school. Alle leerplichtige
kinderen gaan naar onze school, behalve zij die een school voor
speciaalbasisonderwijs bezoeken.
Ondanks dat wij een multiculturele samenleving kennen, hebben wij geen allochtone
leerlingen.
We weten dat elk kind uniek is en we weten ook dat elke leerling niet over dezelfde
verstandelijke, creatieve etc. mogelijkheden beschikt. Dit heeft vanzelfsprekend
consequenties voor ons onderwijs.
Daartoe stemmen wij ons onderwijs af op de gemiddelde
leerling en hebben zorg voor hen die meer of minder kunnen.
Zie hiervoor hoofdstuk 6 “zorg voor onze leerlingen”.

Ook houdt dit in dat bij aanschaf van nieuwe methoden er
wordt gekeken of de methode aandacht heeft voor
differentiatie en daar ook de mogelijkheden voor verwerking in
aanbiedt.

Daar onze leerlingen voor 95% Friestalig zijn, heeft dat de volgende consequentie
voor ons taalonderwijs: wij hebben een taalbeleidsplan opgesteld en handelen
daarnaar om het taalonderwijs in de drie talen (Nederlands, Fries en Engels) zo goed
mogelijk tot z’n recht te laten komen en ons streven is er opgericht om te voldoen aan
de gestelde kerndoelen voor de voornoemde talen.
Het CFI, een organisatie die elk jaar per 1 oktober diverse leerlinggegevens dient te
krijgen, bepaalt voor diverse instanties, zoals het CITO en de inspectieonderwijs, in
welke schoolsoort een school valt. Er zijn 7 schoolsoorten. Wij vallen in de categorie
schoolsoort 2, de op één na hoogste en op basis daarvan wordt de Cito-eindscore
bepaald.
In negen van de tien keer scoren wij boven het landelijk gemiddelde, ook dit jaar
zaten we weer ruim boven dat landelijk gemiddelde, voorwaar een prima resultaat als
school!
Gezien de goede tot prima opbrengsten op basis van de Cito-eindtoets van de laatste
jaren zijn we als school, met deze populatie van leerlingen, heel goed bezig en dat
geeft ons als personeel veel vertrouwen in de wijze waarop wij als school het
onderwijs aan uw kind gestalte geven.

Samenstelling van de groepen

De kinderen zitten in jaargroepen, dat betekent, dat kinderen van dezelfde leeftijd bij
elkaar in de groep zitten. Vanwege het aantal leerlingen heeft de school recht op ± 6
formatieplaatsen (waaronder de directeur). Omdat we dus de 8 groepen van onze
school moeten verdelen over deze 6 formatieplaatsen, hebben we op onze school ook

                                                                                     18
te maken met combinatieklassen. Dit jaar hebben we tot en met de kerstvakantie de
volgende vijf groepen: 1/2a, 2b/3, 4, 5/6 en 7/8.

Het is in veel gevallen jammer dat er een jaarklas moet worden gesplitst. Helaas is dit
in de praktijk vaak onontkoombaar in verband met de groepsgrootte.
Wanneer een jaarklas wordt gesplitst proberen we rekening te houden met: broertjes
                      of zusjes in één lokaal, eventueel vriendjes/vriendinnetjes die óf
                      wel, óf juist niet bij elkaar kunnen blijven en met de totale
                      samenstelling van de groep. We selecteren niet op niveau!
                      De ouders krijgen in geval van splitsing van een jaargroep ruim
                      voor het begin van een nieuw schooljaar te horen in welke groep
                      hun kind is ingedeeld,

                     Ons beleid is er verder op gericht dat, indien dit enigszins
mogelijk is, de kinderen van de groepen 1 en 2 over twee lokalen worden verdeeld,
waarbij de jongste kinderen in groep 1 zitten - de aangroeigroep - en de oudste dus in
groep 2. We hebben besloten om dit hele schooljaar te werken met twee
gecombineerde groepen.

Tevens streven we ernaar om groep 3 niet te splitsen en hier ook geen combinatieklas
van te maken. Vanwege een onevenwichtige verdeling over de andere groepen
ontkomen we niet aan de situatie, dat er af en toe toch een combinatie met groep 3
daarin zal zijn.
We starten met een 2/3 combinatie. Door de komst van 12 leerlingen in groep 1 in de
periode januari t/m maart 2011 moet groep 3 m.i.v. 10 januari 2011 worden
gesplitst.
Vanaf dat moment werken we dus met de volgende vijf groepen: 1/2a, 2b/3a, 3b/4,
5/6 en 7/8.

Organisatie voor leerlingen met speciale behoeften

De organisatie voor leerlingen met speciale behoeften is een
verantwoordelijkheid voor het gehele team. Op
teamvergaderingen worden leerlingen besproken en
eventueel handelingsplannen opgesteld. De organisatie
hiervan is voor een groot gedeelte in handen van juf Wilma,
de Intern Begeleider van de school. Deze heeft regelmatig
overleg met de desbetreffende leerkracht over het te volgen programma voor de
leerling.

De groepen 1 en 2

Algemeen :
In de eerste twee groepen werken we thematisch en wel volgens het
“schatkistmodel”. Kinderen ontwikkelen zich het beste door het opdoen van
ervaringen. Een rijke leefomgeving moet hen in staat stellen zoveel mogelijk zaken te
onderzoeken en spelervaringen op te doen. Vanuit die spelervaringen ontstaat
betrokkenheid en dat vormt de basis voor wat wij noemen “leren “. Verder besteden
we veel aandacht aan het “zelfstandig werken” d.m.v. het kiesbord.

Taalontwikkeling
In de groepen 1 en 2 zal het klassen - of kringgesprek het uitgangspunt vormen van
de taalontwikkeling. We proberen de kinderen veel en zo goed mogelijk te laten
spreken en te laten luisteren. Om de taalontwikkeling te bevorderen, hebben we op
school een groot aantal prenten - en vertelboeken.
                                                                                      19
Fries
Wij zijn een tweetalige school. Dit komt in groep 1 als volgt naar voren: indien juf
Rennie voor de groep staat wordt er Nederlands gesproken en wanneer juf Gryt
lesgeeft wordt er Fries gesproken. Op deze wijze leren de leerlingen de beide talen
beter te gebruiken en te onderscheiden.
In groep 2 is juf Antsje in principe de Nederlandssprekende en juf Wilma de
Friessprekende leerkracht.

Bewegingsonderwijs.
We proberen de aanwezige lichamelijke mogelijkheden die het kind spontaan toepast
verder te ontwikkelen zodat het kind motorisch steeds beter kan functioneren.
Mogelijkheden en situaties hiervoor zijn: spelletjes, kleutergym en buitenspel.
We zullen gebruikmaken van de methode “bewegingsonderwijs in het speellokaal”.

Werken met ontwikkelingsmateriaal.
Door ontwikkelingsmateriaal wordt het kind spelenderwijs in aanraking gebracht met
begrippen als verhoudingen, afmetingen en dergelijke. Ook wordt met dit materiaal
belangstelling gewekt voor alles wat om ons heen gebeurt.
Met behulp van de spelontwikkeling worden de voorwaarden gecreëerd om te komen
tot lees - en taalonderwijs.

Techniek en wetenschap
In de onderbouw wordt gewerkt de Techniek Torens “onderbouw”. Elke maand wordt
een nieuw thema geïntroduceerd en uitgewerkt. Deze techniekmethode vertoont een
doorgaande lijn t/m groep 8.

Expressie activiteiten
Expressie is een middel om vorm te geven aan indrukken en gevoelens d.m.v.
tekenen, verven, kleien, knutselen, spelen, muziek enz. Dit komt in ruime mate aan
bod.

                 Muzikale vorming
                 Improvisatie, maat, ritme dans en beweging spelen hierin een grote
                 rol. De kinderen leren liedjes die vaak betrekking hebben op de tijd
                 van het jaar.
                 **     Vanwege de doorgaande lijn zoeken we bij de methodes die
                 door de midden- en bovenbouw gebruikt worden “ voorlopers “ voor
                 de onderbouw.

Groep 3 t/m 8

Godsdienstonderwijs.
Het geven van Bijbelse Geschiedenis gebeurt aan de hand van de methode “Kind op
Maandag”. Deze methode werkt met weekthema’s, welke aansluiten bij het kerkelijk
jaar. Iedere week is er een opzet gemaakt voor drie vertellingen en een
verwerkingsles. In de meeste gevallen wordt er verteld uit de Bijbel op de dinsdag-,
woensdag- en donderdagochtend. Op de vrijdag is er dan ruimte voor de verwerking.
Op maandagochtend wordt het lied van de week aangeboden. Er wordt op school
behoorlijk veel gezongen. Dit heeft dan ook geresulteerd in contacten met mensen
van buiten de school, met het verzoek om met midden- en/of bovenbouw aan -
kerkelijke- buitenschoolse muzikale activiteiten deel te nemen.




                                                                                       20
Lezen.
Met het lezen wordt een begin gemaakt in groep 3. Daarvoor worden in groep 2 al
activiteiten ontplooid in de fase van “ voorbereidend lezen “. De kinderen leren het
lezen via de methode “Veilig Leren Lezen”.
                  In de verdere groepen wordt de techniek van het lezen uitgebreid en
                  komen ook andere leesstrategieën aan de orde. Vooral het begrijpend
                  lezen proberen we te stimuleren, omdat dit een zeer belangrijk
                  onderdeel is. Dit heeft geresulteerd in de aanschaf van een methode
                  voor begrijpend lezen voor de groepen 4 t/m 8, nl. “Goed Gelezen” (
                  de meest recente versie)

                Organisatorisch: Door de hele school heen wordt er veel gedaan aan
groepslezen, individueel lezen en begrijpend lezen. In de groepen 3 en 4 worden
leesmoeders ingeschakeld bij het lezen.

Schrijven.
We gebruiken al geruime tijd de schrijfmethode “Schrijf Actief”. Deze sluit prima aan
bij onze taalmethode “Taal Actief” (de nieuwste versie). De methode heeft een
doorgaande lijn van groep 1 t/m 8. Er is apart materiaal voor de “linkshandigen”.

Rekenen.
Bij het rekenen maken we gebruik van de methode “ De Wereld In Getallen “ (de
derde versie). De methode gaat uit van blokken, welke vier weken duren. Aan het
             einde van elk blok volgt een toets die uit twee delen bestaat: een
             minimum- en een uitbreidingtoets. Na deze toets volgt voor kinderen die
             het minimumdoel niet hebben gehaald extra oefenstof om tot voldoende
             beheersing van de sommen te komen.
             Voor andere kinderen is er dan verdiepingsstof, welke differentiatie biedt
             voor ieder kind. Indien nodig, is er op school meerdere oefenstof
             voorradig voor specifieke problemen.

Taal.
Voor Taal gebruiken de nieuwste versie van “Taal Actief”. De methode is nogal
ingrijpend veranderd, maar doet recht aan het hedendaags taalonderwijs. Er is veel
ruimte voor interactief taalgebruik en differentiatie om maar eens twee belangrijke
items te noemen. Ook deze methode werkt met thema´s rondom een bepaald
onderwerp.
Binnen dit onderwerp komen alle aspecten van het
taalonderwijs aan de orde. Of de doelen worden bereikt kan
worden nagegaan aan de hand van de toetsen.
Voor het spellingsonderwijs gebruiken we de vernieuwde
versie van “Woordspel” (deze sluit naadloos aan bij de
taalmethode).

Frysk.
Foar it fak Frysk brûke we yn de groepen 1, 2 en 4 o/m 8,
de metoade “Studio F”.
Dit is in metoade dy’t tematysk de learstof oanbiedt en alle aspekten komme yn dizze
metoade oan ‘e oarder : lústerje, prate, lêze en skriuwe. Yn alle tema’s wurdt brûk
makke fan in DVD of fan de skoalletelevyzje.
It sil dúdlik wêze dat dizze nije metoade hielendal foldocht oan de kearndoelen.
Yn it kader fan de twatalige skoalle hawwe wij keazen foar twa Fryske middeis,
nammelik op tiisdei en freed.



                                                                                      21
Engels.
In groep 7 en 8 krijgen de kinderen het vak Engels. Dit wordt gegeven aan de hand
van de methode “Real English, let’s do it “. De methode werkt aan de hand van
thema’s die aansluiten bij de wereld van het kind. Als doelstelling geldt, dat kinderen
zich leren uit te drukken in het Engels in “echte “situaties : zich voorstellen, de weg
vragen, klokkijken, kleding, sport etc.


Wereldoriëntatie
               We hebben in het vorige schooljaar voor het eerst gewerkt met één
               methode die de vakgebieden aardrijkskunde, geschiedenis, biologie en
               techniek omvat. Deze methode heet “Topondernemers”. De methode
               voldoet aan de kerndoelen, alles wat een leerling van deze vakken zou
               moeten kennen wordt aangeboden. De aanpak gaat ongeveer als volgt:
               elke maand wordt een nieuw thema behandeld. De leerlingen gaan, in
               tweetallen of kleine groepjes, aan de hand van opdrachtkaarten aan de
               slag. Als de kaart is doorgenomen volgt een presentatie van de
               werkzaamheden en uitkomsten aan de gehele groep. Op deze wijze
leren leerlingen van elkaar, ze leren zich te presenteren en de mondelinge
taalvaardigheid neemt toe en ook niet onbelangrijk het begrijpend lezen zal gaan
groeien.
Het onderdeel techniek TopTechneut geeft niet voldoende mogelijkheden om wekelijks
met techniek bezig te zijn. Verder ontbreekt een doorgaande lijn van groep 1 t/m 8.
Als team hebben we besloten om de “Techniek Torens” aan te schaffen, deze methode
biedt de voornoemde mogelijkheden wel.

Techniek en wetenschap
In alle groepen wordt gewerkt met de Techniek Torens. Elke maand wordt een nieuw
thema geïntroduceerd. Kinderen werken in tweetallen aan een opdracht. Op deze
wijze proberen we onze leerlingen wegwijs te maken in de wereld van de techniek.
Voor het gedeelte wetenschap worden studenten van Wetsus ingezet, enkele kaarten
van TopTechneut en diverse mappen(zoals de Ruimte) ingezet. Het wetenschappelijke
deel houdt in dat leerlingen onderzoekjes gaan verrichten.

Gymnastiek.
In de groepen 1 en 2 vermeldt het weekrooster “ bewegingsonderwijs “ en vanaf
groep drie staat er dan gymnastiek. In de onderbouw staat
gymnastiek één keer op het rooster, in de midden- en
bovenbouw twee keer.
Het accent ligt hoofdzakelijk op de diverse spelvormen, maar
ook de verschillende toestellen met de daarbij behorende
oefenstof komen aan de orde. Als bron en leidraad gebruiken
we boeken “Basislessen Bewegingsonderwijs” deel 1 en 2.
M.i.v. dit schooljaar kunnen we vanaf de eerste week gebruik
maken van de sporthal. Helaas vanaf mei blijft de sporthal
voor ons gesloten en wordt er bij mooi weer gesport op het sportterrein of het plein.

Computeronderwijs.
Er is in de afgelopen jaren nogal wat veranderd op ICT gebied. Op school is een
computernetwerk aangelegd waarin op dit moment 41 computers zijn gekoppeld.
We hebben nu in drie lokalen, groep3/4, 5/6 en 7/8 van groep 7/8, een digitaal
schoolbord.
In dit schooljaar zal een vierde digitaal schoolbord worden geplaatst.
Vanaf groep 1 werken onze leerlingen met regelmaat met de computer.
                                                                                      22
Vanaf groep 5 leren onze leerlingen m.b.v. de methode Schoolbits het gebruik van
“Windows”,“Word”, “Internet”, “Excel”, “Powerpoint” en “Word Extra”.
Op de woensdagmorgen voert meester Keuning naast enkele directietaken ook de
functie van ICT-coördinator uit. Hij is de stimulator van het proces wat moet leiden tot
steeds meer en beter computeronderwijs als onderdeel van het onderwijsaanbod.


De expressievakken:

Tekenen.
Het tekenen komt op verschillende manieren aan de orde. In bepaalde gevallen
             worden gerichte opdrachten gegeven, ook komt het voor dat kinderen
             zelf het onderwerp mogen bepalen. Tekenen kan ook een functie
             hebben bij de verwerking van bepaalde lessen. De instructie is mede
             afhankelijk van het doel.

               Handenarbeid.
In de eerste groepen is dit een onderdeel van “werken naar keuze “, kinderen
knutselen, verven, bouwen etc. maar wat graag. In groep 3 en 4 wordt er doorgaans
minimaal één keer per week aan handenarbeid gedaan. Dit kan handenarbeid zijn als
doel en als verwerking.
Vanaf groep 4 staat handenarbeid regulier op het rooster op de vrijdagmiddag.

Muziek.
Op school wordt veel gezongen. In ieder lokaal wordt bijna elke dag wel op de één of
ander manier iets aan zangonderwijs gedaan. Soms aansluitend bij het Bijbels
Onderwijs, soms bij de tijd van het jaar en soms gewoon volgens het lesrooster.

Thema’s
We proberen – naast de thema’s in de verschillende groepen – per schooljaar in ieder
geval minstens twee maal per jaar een centraal thema door de hele school heen te
houden. Een dergelijk thema wordt door de leerkrachten dan ook gezamenlijk
voorbereid. Als afsluiting volgt meestal een presentatie van alle groepen in de eigen
klas of in de gemeenschapsruimte van de school.
Het afgelopen jaar werkten we aan het thema van de kinderboekenweek “aan tafel”
en het gezamenlijk project “vlinders in je buik”.

Buitenschoolse activiteiten
 We noemen hier: schoolreisjes en schoolkamp       sportdag
                   voetbaltoernooi                 schoolkaatsen
                   verkeersexamen                  foardrachtskriich
                   culturele voorstellingen        excursies




                                                                                     23
Hoofdstuk 6

De zorg voor kinderen

Zorgverbreding
Onder zorgverbreding verstaan we: de uitbreiding van
maatregelen en activiteiten op school om een zo goed mogelijke
zorg te garanderen voor alle kinderen, speciaal die kinderen die
specifieke pedagogische of didactische behoeften hebben. We
willen alle kinderen maximale ontwikkelingskansen bieden.
Daarom doen alle scholen éénmaal in de drie jaar aan Video
Interactie Begeleiding (VIB). Dat is een middel om aan de hand
van videobeelden het leerkrachtgedrag en zijn/haar
klassenorganisatie te analyseren. Op deze wijze zijn we preventief bezig om zo
optimaal mogelijk les te kunnen geven.

De organisatie van de Interne Begeleiding staat beschreven in het “Zorgprofiel”, een
document ontwikkeld door de intern begeleiders. Als er opvallende zaken worden
opgemerkt bij een kind, dan wordt dat door de betrokken leerkracht besproken met
de intern begeleider (IB-er). Indien nodig doet de intern begeleider nader diagnostisch
onderzoek.
Na de analyse wordt er een handelingsplan (H.P.) opgesteld. Dat is een hulpplan om
het kind te helpen in kleine stappen het probleem de baas te
worden. Dit plan wordt besproken met de leerkracht en evt. de
remedial teacher. Het kan in sommige gevallen nodig zijn dat
het kind aparte begeleiding bij dit probleem nodig heeft of
aangepaste leermiddelen moet gebruiken. Het plan wordt voor
een gemiddelde periode van 4 - 6 weken vastgelegd en
uitgevoerd. Het H.P. wordt in het leerlingdossier opgeborgen
(het leerlingdossier blijft op school en mag na toestemming
van de directeur of IB-er ingekeken worden). Daarna vindt een
evaluatie plaats en volgt een eventuele bijstelling of aanvul-
ling. Wanneer de lesstof van de groep te hoog gegrepen of te eenvoudig is en de
leerling meer baat zou hebben bij een eigen leerlijn dan kan er een individuele leerlijn
opgesteld worden. Bij leerlingen die niet met de reguliere methode mee kunnen doen
en alternatieve lesstof aangeboden krijgen moet een psychologisch onderzoek
afgenomen worden. Bij leerlingen die op een hoger niveau werken waardoor ze naast
de methode gebruik maken van andere lesstof hoeft geen psychologisch onderzoek
afgenomen te worden. Bij het opstellen van een
handelingsplan of individuele leerlijn worden ouders
altijd op de hoogte gesteld. Ouders kunnen altijd
vragen naar de resultaten van een dergelijk plan.
Soms kan het ook nodig zijn om middelen of een
speciale aanpak te gebruiken voor een grotere groep.
In dat geval maken we een groepsplan.
De school kan gebruik maken van de bovenschools IB-
er (BIB-er), voor advies, observatie of pedagogisch
didactisch onderzoek. De BIB-er van onze
schoolvereniging is Coby Wille. Voor de Bovenschoolse
IB-taken zijn 4 dagdelen per week beschikbaar
(gemiddeld 1 dagdeel per school per 14 dagen). De
BIB-er heeft de mogelijkheid om samen met de leerkracht en IB-er leerlingen te
bespreken en onderzoeken uit te voeren. De BIB-er heeft naast de opleiding Speciaal
Basisonderwijs de opleiding Dyslexiespecialisatie en Video Interactie afgerond en volgt
op het moment de opleiding ‘Integratieve Kindertherapie’.
                                                                                     24
Naast de ondersteuning van de BIB-er kan de school hulp vragen via het
samenwerkingsverband Weer Samen Naar School (WSNS). Het zorgteam en de
ambulante begeleiders beschikken over een ruime expertise (hierbij kan ook hulp
vanuit de schoolbegeleidingsdienst CEDIN ingeschakeld worden) . Hier kunnen
adviezen gevraagd worden als het gaat om bijvoorbeeld een bepaalde aanpak of
gebruik van specifieke hulpmiddelen en methodes, maar ook als het gaat om situaties
waarbij verder diepgaand onderzoek nodig is bijv. door de schoolpsycholoog. Andere
deskundigen die bij de zorg betrokken kunnen worden zijn: de ambulant begeleider
vanuit de school voor speciaal basisonderwijs “De Súdwester”, de schoolarts, de
logopedist, de fysiotherapeut en schoolmaatschappelijk werk.
Dit laatste is vooral voor ouders die behoefte hebben aan opvoedingsondersteuning of
gewoon buiten de school om eens hun hart willen luchten. Het schoolmaatschappelijk
werk wil juist een lage drempel hebben om ouders en kinderen beter te kunnen
helpen. De school kan daarbij een makkelijke ingang zijn.

Het schoolmaatschappelijk werk is bereikbaar op
tel. nr. 06 12546584 of via de e-mail: s.hofman@cedin.nl

De gesprekken met het schoolmaatschappelijk werk zijn gratis en er kan hulp
gevraagd worden op velerlei gebied. Bijvoorbeeld wanneer er problemen zijn met de
opvoeding of als u zich zorgen maakt over uw kind omdat het angstig is of met
tegenzin naar school gaat. Maar ook praktische vragen als formulieren invullen,
uitkering e.d. Op school ligt een informatiefolder voor u klaar.

Weer Samen Naar School

Om de verwijzing naar het speciaal onderwijs terug te dringen werd in 1990 het
akkoord "Weer Samen Naar School" gesloten. Onze school werkt met 69 andere
basisscholen en 1 school voor speciaal basisonderwijs
(de Súdwester, Sneek) samen in een samenwerkings-
verband dat jaarlijks een Zorgplan opstelt voor het
komende schooljaar. Daarin staan o.a. afspraken
vermeld die de scholen met elkaar maken om zo goed
mogelijk passend onderwijs voor alle kinderen te
realiseren. Zo gebruiken bijv. alle scholen hetzelfde
model zorgrapport als een kind wordt aangemeld bij het
zorgteam van WSNS. Dat gebeurt wanneer er een
onderzoek of nader advies wordt gevraagd m.b.t. de ontwikkeling van de leerling.
In het zorgplan staat ook hoe het geld en de uren voor de zorg tussen de diverse
verenigingen zijn verdeeld.

Speciale zorg voor kinderen met speciale behoeften

Al eerder is genoemd dat er regelmatig leerlingbesprekingen worden gehouden.
Indien uw kind in aanmerking komt voor extra zorg hebben we een orthotheek, dit is
een verzameling specifieke orthopedagogische en orthodidactische
begeleidingsmaterialen, ter ondersteuning van de leerlingenzorg en
tevens beschikken we over extra hulpmateriaal. Veel van deze
hulpmiddelen zijn direct voor handen in de groepsruimte, zodat de
leerkracht ze direct kan inzetten. Verder beschikt onze orthotheek
over onderzoeksmateriaal om eerst goed in beeld te brengen wat
het probleem is. Regelmatig wordt er onder de 7 gefuseerde
scholen materiaal uitgewisseld.



                                                                                   25
Ook voor kinderen die zich sneller ontwikkelen is er
ruime aandacht. Binnen de groep wordt voldoende ruimte
geboden om zich dan in eigen (versneld) tempo te
ontwikkelen, o.a. door het aanbieden van voldoende
verrijkingsstof. We doen dit wel in overleg met de
ouders. We vinden dat dit in balans moet zijn met de
sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind.
Ieder kind moet zich gelukkig kunnen voelen binnen onze
school, zowel het kind dat moeite heeft met leren als het
kind dat “fluitend” door de leerstof heen gaat. Gelukkig
zijn heeft ook te maken met de relaties die het kind leert
opbouwen met de leefwereld om zich heen.

Voor verdere informatie betreffende de zorgstructuur verwijzen we u naar het op
school ter inzage liggende ‘zorgprofiel’.

Plaatsing en verwijzing van leerlingen met extra zorg
De school streeft ernaar om het kind zo veel mogelijk in de eigen jaarklas te laten
blijven. Af en toe komt het nog voor, dat een kind een klas twee keer doet. Dit in
overleg met de ouders natuurlijk en alleen als het in het belang is van het kind!
Het omgekeerde, een klas overslaan, gebeurt sporadisch.
Verwijzing naar een andere school proberen we zo veel mogelijk tegen te gaan, maar
soms is het beter voor de ontwikkeling van die leerlingen om tot deze verwijzing over
te gaan. In de afgelopen jaren hebben we daarom enkele kinderen zien vertrekken
naar het speciaal onderwijs.

Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen.
Het werk van de leerlingen wordt dagelijks nagekeken en voor zover
nodig geregistreerd door de leerkracht. Hierbij valt te denken aan
allerlei soorten schriftelijk en mondeling werk en tevens observaties.
Verder maken we gebruik van een LVS (leerlingvolgsysteem). Dit
houdt in dat we middels niet-methode gebonden toetsen en
vervolgens worden de vorderingen van de kinderen in kaart gebracht.

Rapportage naar de ouders toe.
Dit gebeurt middels een rapport voor alle leerlingen van groep 1 t/m 8. Ons inziens
geven we een duidelijk en overzichtelijk rapport voor de ouders. Vanaf groep 2 krijgen
de leerlingen tweemaal het rapport mee naar huis (groep 1 alleen aan het einde van
                het schooljaar). Het komende schooljaar wordt eerste rapport later
                verstrekt. Dit gebeurt eind januari/begin februari.
                Er worden twee gesprekrondes, 10-minuten-gesprekken, met ouders
                georganiseerd, te weten eind januari/begin februari en in april/mei.
                Wellicht vindt u dat de tijd tot januari/februari te lang is. Daarom
                houden we oktober/november als overbrugging een facultatief
                spreekuur. Ouders die geïnformeerd willen worden zijn welkom,
ouders waarvan de school meent dat ze geïnformeerd moeten worden, worden
uitgenodigd.

Tevens kunnen de ouders natuurlijk altijd aangeven eens extra met de leerkracht van
hun kind(eren) te willen spreken.
Indien nodig worden ouders van kinderen die extra zorg behoeven thuis bezocht, of in
ieder geval op de hoogte gebracht van stagnatie in de ontwikkeling van hun kind en
wat de school van plan is daar aan te doen.



                                                                                   26
In het begin van het cursusjaar houden we een informatieavond voor de ouders. Op
een dergelijke avond vertelt de leerkracht wat hij/zij van plan is te doen, hoe hij/zij
dat doet en met welke reden.

Overgang van groep 1 naar groep 2
We hebben criteria opgesteld waaraan leerlingen dienen te voldoen om over te gaan
naar groep 2. Deze criteria liggen ter inzage op school.

Overgang van groep 2 naar groep 3
Het voorgaande geldt ook voor dit item.

Overslaan van een groep
In het komende jaar zullen criteria worden vastgelegd, waaraan een leerlinge moet
voldoen om een groep over te kunnen slaan.

Overgang naar het voortgezet onderwijs
Al het voorjaar worden de ouders via een brochure op de hoogte gebracht van de
mogelijkheden die er zijn in het vervolgonderwijs.
Op school krijgen de kinderen schriftelijk de data van alle “Open Dagen” en “Doe-
Dagen” die er zijn op de scholen, waarvan we redelijkerwijs verwachten dat ze voor
onze kinderen van belang zijn.
In februari wordt dan de CITO eindtoets gemaakt. Vervolgens moet voor 1 april de
definitieve schoolkeuze worden gemaakt.
Wanneer de eindscores bekend zijn, worden de ouders voor een gesprek uitgenodigd
door de groepsleerkracht en wordt de schoolkeuze bepaald. Als het meest belangrijke
criterium geldt hierbij het advies van de school, die het kind in de meeste gevallen 8
jaar binnen de deuren heeft gehad. De CITO scores kunnen van invloed zijn, maar
blijven niet meer en niet minder dan momentopnames van een bepaalde toets op een
bepaalde dag. Vanzelfsprekend wordt ook rekening gehouden met de wensen van de
ouders en van het kind. In eigenlijk alle gevallen wordt in dit gesprek op een
bevredigende manier de schoolkeuze bepaald.
*** De kinderen van groep 7 maken in de periode mei/juni de zogenaamde CITO-
       entreetoets. De uitkomsten hiervan stellen ons in staat om hiaten te ontdekken
       en daar aan te werken.

Onderwijskundig rapport
Er zijn drie - mogelijke - momenten tijdens de basisschoolperiode waarop de school
aan “ derden “ een onderwijskundig rapport verstrekt
betreffende een leerling.
       a. Bij het verlaten van de school door
           verhuizing krijgt het kind een
           onderwijskundig rapport mee voor de
           school die het gaat bezoeken. Dit rapport
           bevat algemene gegevens van het kind én
           verschaft de nieuwe school informatie
           betreffende de leerstof en/of andere zaken die van belang zijn om te weten.
       b. Bij het verlaten van de basisschool aan het einde van groep 8 ontvangt de
           vervolgschool een onderwijskundig rapport van de schoolverlaters. Hiervoor
           worden de modellen gebruikt die door het voorgezet onderwijs aan de
           scholen worden verzonden.
       c. Wanneer een kind wordt aangemeld voor een nader onderzoek door
           zogenaamde “ externe deskundigen “ wordt een onderwijskundig rapport
           naar het Zorgteam van het samenwerkingsverband Weer Samen Naar
           School gezonden.
**     De ouders krijgen een kopie van het onderwijskundig rapport.
                                                                                          27
Hoofdstuk 7

De resultaten

Wanneer er sprake is van resultaten, wordt bijna in alle gevallen gedoeld op de
leerprestaties van de kinderen op school. In dit hoofdstuk wordt daar ook iets van
gezegd, maar voor ons is ook belangrijk of ons onderwijs en onze opvoeding resultaat
heeft gehad met betrekking tot onze visie op onderwijs en opvoeding, zoals eerder
geformuleerd. Dit is echter moeilijk meetbaar.

Verwijzing naar scholen voor speciaal onderwijs.
De verwijzing van kinderen die eerst onze school bezochten en daarna zijn
doorverwezen naar een school voor speciaal onderwijs bedroeg in de afgelopen 5 jaar
minder dan 2 %. De redenen voor verwijzing waren verschillend. Afgezet tegen het
gemiddelde in Friesland van ruim 2% ( en landelijk ligt dit cijfer nogal wat hoger ) kan
men constateren dat er dus een verwijzingspercentage is wat iets onder het
gemiddelde ligt. We blijven het voor de kinderen die hier niet meer op school zitten
jammer vinden dat ze zijn vertrokken. Gelukkig gaat het met hen op de nieuwe school
in de meeste gevallen goed.
*     Gezien de veranderende structuur binnen het WSNS ( Weer Samen Naar School ) hopen
      we steeds meer kinderen op onze school te houden maar onze mogelijkheden zijn niet
      altijd toereikend en de hulp en steun van scholen voor speciaal onderwijs is in de
      praktijk nog zeer summier. Ik schreef hier al eerder over.

Doublures.
Het komt voor, dat kinderen een bepaalde groep twee keer doen. Wanneer dit het
geval is, wordt dit natuurlijk in overleg gedaan met de ouders. In de afgelopen jaren
is dit enkele keren voorgekomen in de groepen 3 t/m 7.
Ook is er bij een aantal kinderen gekozen voor een
verlengde periode in groep 1 of 2. Dit zijn dan leerlingen,
die qua leeftijd en/of ontwikkeling nog erg jong zijn. Na
overleg, met de ouders en soms met hulp van externe
deskundigen van de schoolbegeleidingsdienst, wordt dan
besloten dat het voor het kind het beste is om zich een extra jaar te ontwikkelen,
meestal gebeurt dit in groep 2.

Remedial Teaching
Wanneer tijdens de leerlingenbespreking blijkt, dat een leerling moeite heeft met
bepaalde gedeelten van de oefenstof wordt er een handelingsplan gemaakt om de
resultaten te verbeteren. De ouders helpen in sommige gevallen ook mee door thuis
met hun kind te oefenen.
Ook zijn er kinderen die binnen de groep een aparte leerlijn volgen, die aansluit bij
hun ontwikkeling.
Het aantal kinderen dat extra hulp krijgt is per leerjaar verschillend. Meestal gaat het
om ongeveer 10 % van de leerlingen.

De eindresultaten
De eindresultaten – en dan alleen gekeken naar de cijfers –
van al onze inspanningen vertalen zich wellicht ook een beetje
in groep 7 en 8. In deze groepen worden respectievelijk de
entreetoets en de eindtoets van het CITO afgenomen.
Groep 8 van het afgelopen cursusjaar scoorde helaas onder de
ondergrens. In de voorgaande jaren waren de resultaten goed
                                                                                      28
tot best. Om een “groene” school te zijn, kijkt de inspectie naar de opbrengsten van
de afgelopen drie jaar. Daarbij mag je eenmaal onder de ondergrens zitten. Dit
betekent dat groep 8 van dit schooljaar weer rondom het landelijk gemiddelde dient
te scoren. We hebben daar alle vertrouwen in!

Het spreekt voor zich, dat er per schooljaar een flink verschil kan zitten in de
eindresultaten : de ene klas is de andere niet. Ook kan een schoolscore worden
beïnvloed door de manier waarop kinderen worden klaargestoomd voor deze toets. De
scores kunnen dan misschien wat hoger uitvallen, maar worden dan een doel op zich
en dat kan nooit de bedoeling zijn!
Het afgelopen jaar bracht de school (in procenten en afgerond) het volgende advies
uit aan de schoolverlaters :

      VWO                 6   %
      HAVO               19   %
      VMBO/HAVO           6   %
      VMBO GT            56   % ( gemengde en theoretische leerweg )
      VMBO BK            12   % ( basis en kadergerichte leerweg )
      VMBO+LWOO           0   %

**    Vrijwel 100 % van de kinderen doorloopt het eerste jaar in de brugklas zonder
      kleerscheuren. Na het tweede jaar volgt er in ± 15 % een bijstelling naar boven
      of naar beneden toe. De redenen daarvan kunnen legio zijn.

      uitstroom in 2009-2010 naar het Voorgezet Onderwijs:




                                                                                       29
Hoofdstuk 8
De leerkrachten
Op basis van de leerlingentelling van 1 oktober 2009 kunnen we dit jaar verder met
dezelfde formatie als vorig schooljaar. Er hoeven geen personeelsleden af te vloeien
en vacatures zijn er niet. We hopen dat we nu stabiliseren of wellicht weer gaan
groeien.
Meester Jan Rispens neemt de volledige BAPO voor onderwijsgevenden op. Dit houdt
in dat hij elke vrijdag (op vier na) afwezig is. Hij houdt zijn ADV op de
donderdagmiddag.
De samenstelling van de groepen, met name in de onderbouw, is
anders dan in voorgaande jaren. We zitten met het luxe probleem dat
wij in januari en februari 2011 tien kleuters mogen verwelkomen en in
maart en mei nog eens twee! Dat betekent voor de groepsverdeling
nog al wat. We hebben daarom besloten om tot 1 januari 2011 als volgt
te gaan werken:

Groep 1/2a:
juf Rennie Landman (dinsdag, donderdag en vrijdagmorgen) en juf Gryt Breeuwsma
(maandag- en woensdagmorgen).
Groep 2b/3: juf Antsje Lolkema (maandag, dinsdag en woensdag) en juf Wilma
(donderdag en vrijdagmorgen).
Groep 4: juf Ineke Duipmans (maandag, dinsdag en woensdag) en juf Gryt
Breeuwsma (donderdag en vrijdagmorgen)
Groep 5/6: meester Jan Rispens, meester Jan Keuning op donderdagmiddag en juf
Anke van Asselt op vrijdag.
Groep 7/8: juf Jeannette Westra (maandag en dinsdag) en juf Hanneke Westra
(woensdag, donderdag en vrijdag)

Na 1 januari volgt een “knip”. Dat betekent dat groep 3 wordt gesplitst en groep 2b
neemt in leerlingenaantal toe. Dat betekent voor het bovenstaand schema dat de
enkele groep 4 een combinatiegroep wordt en wel 3b/4.

We kunnen ons voorstellen dat u hier van op kijkt, immers het hele jaar werken met
dezelfde groep kinderen is natuurlijk heel fijn. Maar nood breekt wetten. We starten
met een combi 2/3. De ervaring heeft geleerd dat een combiklas 2/3 heel goed werkt
met een kleine groep 2. Dat is nu het geval. Regelmatig is groep 3 alleen, de kinderen
van groep 2 zijn dan buiten en krijgen de kinderen van groep 3 alle aandacht. Zo rond
januari kunnen ze allemaal redelijk lezen, rekenen, taal en schrijven en is het
verantwoord om deze groep te splitsen. Welke leerling in welke groep komt, horen de
betrokken ouders op tijd. In ieder geval worden het twee heterogene groepen. Groep
4 heeft in dezelfde periode heel veel aandacht gekregen van de leerkrachten en kan
na december al veel beter zelfstandig werken, dus een paar leerlingen er bij is dan
helemaal geen probleem.

Ook gaan er leerlingen van de combi 1/2a naar 2b/3a. Welke leerlingen dat zullen
zijn, is nog niet bekend, maar ook nu geldt de betrokken ouders worden op tijd
geïnformeerd.

Meester Jan Rispens zal in augustus groep 5/6 niet opstarten. Hij zal na de vakantie
op basis van arbeidstherapie weer gaan re-integreren in de school. Juf Jitske Arendz
neemt zolang de verantwoording op zich.
Meester Jan Rispens neemt m.i.v. dit schooljaar de volledige BAPO voor
onderwijsgevenden op. Dit houdt in dat hij elke vrijdag (op vier na) niet op school is.
Deze dag wordt gelijk na de vakantie ingevuld door juf Anke van Asselt. Tevens heeft
                                                                                      30
hij recht op ADV en die wordt opgenomen op donderdagmiddag en meester Keuning
vult dat in.
Helaas betekent dit drie leerkrachten voor de groep. Liever doen we dit niet, maar ook
nu geldt dat het niet anders kan.

NB .
Evenals vorig schooljaar heeft groep 4 vrijdagmiddag vrij, dat betekent dat groep 1
evenals vorig jaar twee middagen naar school gaat.
Uitleg zie hoofdstuk 12.

Juf Wilma is op woensdagochtend beschikbaar voor IB-werkzaamheden.

Meester Jan Keuning werkt dit schooljaar als volgt:
  o Maandag en dinsdag: directietaken
  o Woensdag: ICT-werkzaamheden en directietaken
  o Donderdagmorgen: Remedial Teaching
  o Donderdagmiddag: lesgevende taken in groep 5/6
  o Vrijdag BAPO en ADV, dus de gehele dag afwezig

Vervanging.
Wanneer een groepsleerkracht afwezig is vanwege adv/bapo ( bapo is ook een vorm
van arbeidstijdverkorting waarvan men vanaf zijn/haar 52ste gebruik van kan maken )
              wordt deze vervangen door een collega. In het weekschema staat dit al
              aangegeven. We streven ernaar, om niet meer dan twee leerkrachten
              voor één klas te hebben. Meestal lukt dit, maar er zijn soms
              uitzonderingsgevallen.
              De vervanging bij scholing en studieverlof wordt per situatie bekeken.
              Vaak vinden scholing en studie plaats buiten de reguliere schooluren.
              Wanneer dit niet het geval is wordt er - in overleg met het algemeen
bestuur - voor vervanging gezorgd. Dit betreft dan niet altijd iemand van onze eigen
school, maar kan dus ook iemand “ van buiten “ zijn. Voor de vervanging bij ziekte is
er een lijst met invalkrachten aanwezig. Deze zijn op afroep beschikbaar als invaller.
Indien mogelijk proberen we in bepaalde situaties de zaken intern op te lossen.
**    Zoals u wellicht bekend, wordt het steeds moeilijker invalkrachten te vinden,
      vooral voor de bovenbouw.

Stagiaires.
De begeleiding van stagiaires geschiedt door de leerkracht van de klas waarin de
stagiaire is geplaatst. Alvorens tot plaatsing wordt overgegaan is er een
kennismakingsgesprek met de student(e), de directie en de aanwezige teamleden.
Dan worden wensen kenbaar gemaakt, wordt informatie uitgewisseld en besloten in
welke groep er les wordt gegeven. De beoordeling en verantwoordelijkheid ligt in de
eerste plaats bij de leerkracht in wiens groep de stagiaire is geplaatst.

Scholing.
Ieder jaar wordt de school overstelpt met een enorm
nascholingaanbod. Uit dit aanbod kan een keuze worden gemaakt.
Dit kan een teamkeuze zijn, zodat we met z´n allen naar een
cursus gaan, maar er kan ook individueel op een cursus worden
ingetekend. Meestal is deze scholing na schooltijd of op
woensdagmiddag. Wanneer dit onder de reguliere schooltijd valt,
wordt voor vervanging gezorgd. Het doel van de scholing is: verbetering van de
kwaliteit van ons onderwijs, zowel op individueel- als op teamniveau en
vanzelfsprekend gekoppeld aan het schoolbeleid.

                                                                                      31
Hoofdstuk 9

De ouders

Een school zonder betrokkenheid van de ouders is eigenlijk niet voor te stellen. Het
gaat op school toch om het belang van uw kind(eren) en welke ouder is daar niet
gevoelig voor? Ook in een breder verband, dus niet alleen vanwege het individuele
kind, hopen – en verwachten – we, dat ouders zich
betrokken voelen. En dan doelen we op het hele
schoolgebeuren, het wel en wee van de school. Een school
“ zonder ouders “ is eigenlijk geen school, geen
gemeenschap.
De verantwoordelijkheid voor het kind t.a.v. alle schoolse
en buitenschoolse activiteiten ligt bij de school, maar
vanzelfsprekend blijven ouders eindverantwoordelijk voor
hun kind.
En net zoals de ouders mogen verwachten van de school,
dat ze haar uiterste best zal doen om hun kind zo goed
mogelijk te begeleiden, mag de school ook van de ouders
hetzelfde vragen. Wanneer – om wat voor reden dan ook – de ouders iets bespeuren
bij hun kind wat van belang is voor de school om te weten, verwachten we dat er
contact met de school wordt opgenomen. Een goede samenwerking tussen ouders en
school is onmisbaar !

Informatie aan ouders.
De ouders worden geïnformeerd :
      a. over hun kind door  * 10-minuten gesprekken;
                             * eindgesprek bij het verlaten van school;
                             * rapporten ( tweemaal per jaar );
                             * op afspraak, indien noodzakelijk ( initiatief kan
                                van beide kanten komen);
                             * spreekuur;
                             * informeel;
                             * informatiebijeenkomsten;
      b. algemeen            * schoolkrant;
                             * website
                             * infobladen;
                             * schoolgids;
                             * ledenvergadering, ouderavond.

Inspraak
Ouders hebben inspraak betreffende het schoolgebeuren vanwege het lidmaatschap
van de schoolvereniging. In onze situatie is dat dus de vereniging voor PCBO te
Littenseradiel, een vereniging waarbij zeven scholen zijn aangesloten. In de meeste
gevallen worden ouders benaderd door de leden van de schoolcommissie om lid te
worden van de schoolvereniging, maar ze kunnen zich ook zelf aanmelden voor het
lidmaatschap. Op dit moment bedraagt de contributie € 6,- per persoon per jaar. ( het
lidmaatschap staat op naam van één persoon )
Verder is er een schoolcommissie aan de school verbonden, bestaande uit zeven
ouders. Deze commissie ondersteunt het team bij allerhande zaken. Tevens heeft één
lid als afgevaardigde van onze school zitting in het overkoepelend algemeen bestuur
van onze vereniging. De schoolcommissie vergadert in principe één keer in de vier
weken en verder zo veel vaker als nodig is.

                                                                                   32
Op school hebben we tevens de medezeggenschapsraad. Dit is een “raad” bestaande
uit vier personen, te weten 2 ouders en 2 teamleden. De directeur is adviserend lid
van de M.R.
De M.R. houdt zich bezig met inhoudelijke- en bestuurlijke zaken. Zij heeft daarin
een adviserende of instemmende rol aangaande de bestuurlijke en/of schoolse
voorstellen. Twee leden van de M.R. vertegenwoordigen onze school in de “G.M.R.”,
een medezeggenschapsraad in het groot, voor de hele schoolvereniging.

                      Contact ouders/leerkracht bij leerproblemen.
                      Indien er problemen zijn bij de leervorderingen van een kind zal
                      de leerkracht dit kenbaar maken aan de ouders. Wanneer dit niet
                      echt urgent is, zal de leerkracht dit aankaarten bij de 10-minuten
                      gesprekken, in andere gevallen wordt er een afspraak gemaakt
                      voor een ouder- of schoolbezoek. Dan worden er ook eventueel
                      afspraken gemaakt over het vervolgtraject.
                      Omgekeerd : ook een ouder kan natuurlijk het initiatief nemen bij
                      vragen/twijfel betreffende hun kind, in welke vorm dan ook. We
stellen dat op prijs !

Ouderactiviteiten.
Op school helpen de ouders o.a. mee bij:

          groepslezen;
          hoofdluiscontrole;
          begeleiding schoolreisjes en kamp;
          incidenteel bij handvaardigheid;
          indien van toepassing n.a.v. een bepaalde activiteit.

Vrijwillige ouderbijdrage

De overheid zorgt voor het grootste deel van de bekostiging van
het onderwijs aan de kinderen. Veel zaken als meubilair,
onderwijsleermiddelen en de gebouwen worden (grotendeels)
betaald met overheidsgeld.
Toch zijn er zaken die niet door de overheid worden betaald,
maar die wel van belang worden geacht voor het kind of de
school.
Binnen onze schoolvereniging heeft iedere school andere activiteiten die niet door de
overheid worden bekostigd en waar ze zelf geen dekking voor hebben.
Voor al dat soort zaken wordt dus een bijdrage in de kosten gevraagd; de
ouderbijdrage.

                       In dat kader vinden wij de volgende items belangrijk voor uw
                       kind(eren): de schoolreisjes, het schoolkamp, het
                       schoolkaatsen, het schoolvoetbal, alle kosten rond de kerst
                       waaronder het kerstgeschenk, verjaardagscadeautjes voor de
                       leerkrachten, alle kosten rondom het Sinterklaasfeest en de
                       Sinterklaascadeautjes voor de lagere groepen, het vervoer van
                       de kinderen naar culturele en/of educatieve activiteiten en de
schoolkrant.
Wellicht ten overvloede, de ouderbijdrage is altijd vrijwillig. Een leerling mag
bijvoorbeeld niet worden geweigerd als de ouders geen ouderbijdrage kunnen/willen
betalen. We kunnen eventueel wel besluiten bij niet betalen dat kinderen dan niet aan
de activiteiten meedoen, ze moeten die dag/dagen wel naar school.

                                                                                      33
Hieronder het overzicht (juni 2010 ) van de inkomsten en uitgaven van de
ouderbijdrage:

Betreft schooljaar 2009-2010

Inkomsten:
   Ouderbijdragen                     € 5390,00
   Schoolreizen                       € 349,73
   Afscheid groep 8                   €   90,19
   Dorpsfeest                         €   70,00

  Totale inkomsten                    € 5899,92

Uitgaven:
   Sinterklaasfeest                   € 139,87
   Kerst                              € 1494,12
   IJshal Leeuwarden                  € 448,00
   Uitstapjes/excursies               € 703,50
   Schoolreisjes/kamp                 € 4272,80
   Afscheid groep 8                   € 533,27
   Dorpsfeest                         € 392,06
   Ouders & COO                       € 447,96

  Totale uitgaven                     € 8431,58

Dat betekent een groot tekort van     € 2531,66 (circa 21 euro per leerling)

Het blijkt dat de ouderbijdrage opnieuw niet dekkend is voor de extra activiteiten. Het
tekort is wederom uit het schoolfonds betaald. Daarom hebben we besloten om de
“vrijwillige” ouderbijdrage te verhogen en wel als volgt.:


De bedragen worden:

                  groep 1/2          € 45,00
                  groep 3 t/m 6      € 55,00
                  groep 7 en 8       € 65,00

                 De bedragen kunnen in één keer op banknummer 3495.01.343
                 t.n.v. Cbs de Foareker o.v.v. ouderbijdrage voor de naam/namen
                 van uw kind(eren) gestort worden, maar in overleg met de directeur
kan een andere vorm gekozen worden.


Tussenschoolse opvang (TSO)/overblijf

Op CBS de Foareker wordt de TSO georganiseerd in samenwerking
met Stichting Kinderopvang Zuidwest Friesland. De Stichting zorgt
voor de administratie, overblijfkrachten en aansturing en
begeleiding van de overblijfkrachten. Er is een TSO coördinator
aangesteld, die het overblijven op meerdere scholen coördineert en
aanspreekpunt is voor u als ouders en voor de school. Bij ons is dat
Alien Tjerkstra.
Tijdens het overblijven eten de kinderen gezellig samen hun lunch
onder toezicht van de overblijfkracht. Overblijfkrachten zijn vrijwillige medewerkers
                                                                                        34
en staan onder supervisie van de TSO coördinator. Na het eten kunnen de kinderen
vrij binnen of buiten spelen of er wordt een activiteit aangeboden.
De TSO vindt plaats in school. Er kan per dag een TSO groep worden samengesteld
wanneer er drie of meer kinderen voor deze dag een abonnement hebben. Op dit
moment is TSO mogelijk op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag.

Wat zijn de mogelijkheden en hoe kunt u uw kind aanmelden?

Wilt u uw kind op vaste dagen laten overblijven, bijvoorbeeld elke maandag en
donderdag, dan kiest u voor een abonnement. U bent dan verzekerd van opvang.
Wilt u flexibele opvang dan kiest u voor een strippenkaart. Er is een strippenkaart
voor 10 keer en één voor 5x. De strippenkaart is voor meerdere kinderen uit het
gezin te gebruiken en blijft tot het einde van de schoolperiode geldig. De
strippenkaart is digitaal en wordt bijgehouden door de TSO-coördinator. In verband
met de planning is het belangrijk de gewenste opvangdagen tijdig door te geven aan
de TSO-coördinator, maar in ieder geval voor 8.30 uur op de gewenste dag. Dit kan
per telefoon of mail. U bent dan bijna altijd verzekerd van opvang van uw kind.
Wanneer de strippenkaart bijna vol is krijgt u daar bericht van of de TSO-coördinator
maakt een nieuwe kaart aan.
U kunt ook kiezen voor een abonnement en een strippenkaart als u uw kind een vaste
dag wilt laten overblijven en daarnaast ook incidenteel.
Tarieven en overige informatie kunt u op de website vinden.
U kunt uw kind aanmelden d.m.v. een aanmeldingsformulier. Deze is te verkrijgen
op school of in te vullen op de site van de stichting www.kinderopvangzwfrl.nl . U
gaat dan naar “tussenschoolse opvang” en naar “aanmelden”. Hier kunt u het
formulier invullen. U geeft dan tevens toestemming tot het automatisch afschrijven
van het door u te betalen bedrag.

Wilt u meer informatie of heeft u vragen dan kunt u contact
opnemen met de TSO-coördinator, Alien Tjerkstra-Meutgeert.
Zij is bereikbaar op 06 10 967 936 of via de mail.

VERZEKERINGEN

PCBO-Littenseradiel heeft diverse verzekeringen afgesloten. De
meeste zitten in het zogenaamde basispakket, dit betreft:
- Een aansprakelijkheidsverzekering voor
  onderwijsinstellingen;
- Een aansprakelijkheidverzekering voor bestuurders van verenigingen en
  stichtingen;
- Een schoolongevallenverzekering.

Het basispakket is uitgebreid met de volgende verzekering:
- Een autocascoverzekering.

Voor ouders/verzorgers zijn de volgende verzekeringen van belang:

DE AANSPRAKELIJKHEIDSVERZEKERING:

De aansprakelijkheidsverzekering biedt zowel de school zelf als zij die voor de school
actief zijn (bestuursleden; personeel; vrijwilligers) dekking tegen schadeclaims als
gevolg van onrechtmatig handelen. Wij attenderen u in dat verband op twee
aspecten, die vaak aanleiding zijn tot misverstand.



                                                                                     35
       Ten eerste is de school of het schoolbestuur niet (zonder meer) aansprakelijk
    voor alles wat tijdens de schooluren en buitenschoolse activiteiten gebeurt.
    Wanneer dit wel het geval zou zijn, zou alle schade die in schoolverband ontstaat
    door de school moeten worden vergoed. Deze opvatting leeft wel bij veel mensen,
    maar berust op een misverstand. De school is alleen aansprakelijk en daarmee
    schadevergoedingsplichtig wanneer er sprake is van een verwijtbare fout. De
    school (of zij die voor de school optreden) moet dus te kort zijn geschoten in haar
    rechtsplicht. Het is dus mogelijk dat er schade wordt geleden, zonder dat er sprake
    is van enige onrechtmatigheid van de kant van de school. Een voorbeeld daarvan
    is schade aan een bril tijdens de gymnastiekles; die schade valt niet onder de
    aansprakelijkheidsverzekering, en wordt (dan ook) niet door de school vergoed.

       Ten tweede is de school niet aansprakelijk voor (schade door) onrechtmatig
    gedrag van leerlingen. Leerlingen (of, als zij jonger zijn dan 14 jaar, hun ouders)
    zijn primair zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Een leerling die tijdens
                           de schooluren of tijdens andere door de school
                           georganiseerde activiteiten door onrechtmatig handelen
                           schade veroorzaakt, is daar dus in de eerste plaats zelf (of de
                           ouders) verantwoordelijk voor. Het is dus van belang dat
                           ouders/verzorgers zelf een particuliere
                           aansprakelijkheidsverzekering afsluiten.

DE SCHOOLONGEVALLENVERZEKERING:

Op grond van de ongevallenverzekering zijn alle betrokkenen bij schoolactiviteiten
(leerlingen; personeel; vrijwilligers) verzekerd. De verzekering geeft recht op een
(beperkte) uitkering als een ongeval tot blijvende invaliditeit leidt.
Ook zijn de geneeskundige en tandheelkundige kosten
gedeeltelijk meeverzekerd, voor zover de eigen verzekering van
betrokkene geen dekking biedt (bijvoorbeeld door eigen risico).
Materiële schade (kapotte bril, fiets etc.) valt niet onder de
dekking.
Ook één uur voor en één uur na deze activiteiten biedt deze
verzekering dekking, of zoveel langer als het rechtstreeks komen
naar en gaan van genoemde schoolactiviteit vergt.

Waartegen is men verzekerd?

Wat is nu precies een ongeval? De polisvoorwaarden zeggen er het volgende over:
“Onder een ongeval wordt verstaan een gebeurtenis waarbij de verzekerde plotseling
en onafhankelijk van zijn wil wordt getroffen door een van buiten komend op hem
inwerkend geweld, met als gevolg een geneeskundig vast te stellen lichamelijk letsel”.

Wanneer wordt er niet uitgekeerd?

De verzekering kent enkele beperkingen. Bijvoorbeeld wanneer een ongeval
opzettelijk is veroorzaakt, ontstaan door roekeloos gedrag, onder invloed van alcohol
of drugs, of indien letsel ontstaat als gevolg van een vechtpartij, tenzij dit gebeurt uit
zelfverdediging.

Welk bedrag wordt uitgekeerd?

De dekking van de verzekering is verdeeld in vier rubrieken; de
maximum uitkeringsbedragen per rubriek zijn (onder voorbehoud
van de van toepassing zijnde voorwaarden):
                                                                                        36
a.   €    2.500,-       bij   overlijden;
b.   €    25.000,-      bij   algehele blijvende invaliditeit;
c.   €    1.000,-       bij   geneeskundige kosten;
d.   €    1.000,-       bij   tandheelkundige kosten (per element)

De onder c. en d. genoemde bedragen zijn aanvullend op bestaande ziekenfonds- of
particuliere ziektekostenverzekeringen.

Mocht u als ouder de bovenstaande verzekering onvoldoende vinden (u wilt
bijvoorbeeld een 24-uurs dekking voor ongevallen of u wilt hogere maximum
uitkeringsbedragen), dan zult u daar zelf in moeten voorzien middels een particuliere
(gezins-)ongevallen-verzekering.

NB. Bij buitenschoolse activiteiten zoals excursies, schoolreisjes, etc. wordt een extra
verzekering afgesloten, waardoor eventuele schadegevallen mits hoger dan € 40,00
mogelijk uitgekeerd gaan worden.

DE AUTOCASCOVERZEKERING:

Deze verzekering is van kracht tijdens ritten met een auto die eigendom is van een
verzekerd personeelslid – waaronder tevens te verstaan vrijwilligers, inleenkrachten
etc. – op verzoek van de onderwijsinstelling in verband met schoolreizen, kampen en
excursies.
De verzekering biedt – voorzover niet reeds verzekerd krachtens een voor het
                           betreffende motorrijtuig gesloten cascoverzekering –
                           dekking voor schade aan het motorvoertuig tot maximaal €
                           15.000,-.
                           Tevens dekt de verzekering de financiële gevolgen van het
                           geheel of gedeeltelijk verlies van no-claim korting,
                           respectievelijk bonuskorting voor een periode van één
verzekeringsjaar, die op de eigen verzekering van het motorrijtuig van toepassing is.
Ook een op de polis van het motorrijtuig van kracht zijnd eigen risico wordt vergoed.
Voor de onder deze autocascoverzekering gedekte schade geldt een eigen risico voor
de verzekerde van € 45,- per gebeurtenis.
Met deze verzekering hoopt PCBO-Littenseradiel ouders, die zich zorgen maken over
eventuele schade aan hun auto tijdens het vervoer van kinderen, tegemoet te komen.

Klachtenregeling

Je maakt je zorgen, zit met een klacht; wat moet je er mee?

Eenieder die deel uitmaakt van de schoolgemeenschap, kan een
klacht indienen over gedragingen en beslissingen of het nalaten
daarvan van het bevoegd gezag en het personeel.
We adviseren betrokkenen met problemen/klachten het
volgende:
- Blijf niet rondlopen met problemen, maar praat er in eerste instantie over met
                de directe veroorzaker;
                een vertrouwde collega;
                een bestuurder;
                een lid van de directie.
- Lossen deze gesprekken niets op of is de drempel voor een gesprek te groot, maak
  dan een afspraak met de contactpersoon op school of één van de
  vertrouwenspersonen.

                                                                                      37
- U kunt ook (direct) een officiële klacht indienen bij het bevoegd gezag of de
klachtencommissie.
  In onze klachtenregeling staat beschreven hoe alles precies is geregeld.
- Klachten over seksueel misbruik, seksuele intimidatie en ernstig fysiek of geestelijk
  geweld kunnen rechtstreeks bij de inspectie worden gemeld. Voor behandeling
  daarvan zijn bij de inspectie vertrouwensinspecteurs aangewezen. Zoek contact met
  de vertrouwensinspecteur, als u vermoedt dat er sprake is van een zedenmisdrijf
  met een minderjarige leerling. Ook kunt u hen bellen voor: extremisme,
  discriminatie en fundamentalisme. Zij fungeren als aanspreekpunt en adviseur en
  zien er op toe dat deze klachten met de grootste zorgvuldigheid worden afgehandeld.

Een klacht wordt pas een echte klacht als de klacht wordt ingediend bij òf het bevoegd
gezag òf de klachtencommissie. Vanaf dat moment wordt de procedure gevolgd zoals
omschreven staat in ons document "De Klachtenregeling voor een veilig
schoolklimaat". (Onze klachtenregeling is gebaseerd op het modelreglement van de
Besturenraad en onze vereniging is aangesloten bij de landelijke klachtencommissie).
Daarbij zijn twee dingen wel van belang:
-Een klacht wordt alleen in behandeling genomen als de klacht schriftelijk is ingediend
met de naam en adres van de klager en met de dagtekening, tenzij de
klachtencommissie of het bevoegd gezag anders beslist, en:
-De klacht dient te worden ingediend binnen een jaar na de gedraging of beslissing,
tenzij de klachtencommissie of het bevoegd gezag anders beslist.

In onderstaand schema (waarbij u iedere ‘stap’ kunt overslaan) kunt u zien waar u
met uw probleem naar toe kunt gaan:

  betrokkene/veroorzaker directielid/bestuurslid contactpersoon
  vertrouwenspersoon (vertrouwensinspecteur) bevoegd gezag
  klachtencommissie


Bij een officiële klacht die is ingediend bij de klachtencommissie,
komt de klachtencommissie uiteindelijk met een advies richting
bevoegd gezag over de gegrondheid van de klacht en vaak ook met
adviezen welke maatregelen het bevoegd gezag zou kunnen
nemen. Het bevoegd gezag beslist daarna hoe de klacht
daadwerkelijk wordt afgehandeld.

Namen/adressen/gegevens:

-De vertrouwenspersonen:                         -Centraal meldpunt
                                                 vertrouwensinspecteurs:
Dhr. D.T. van der Werf   Mevr. E. Wiersma        tel.: 0900 – 111 3 111 (landelijk nummer).
                                                 Voor klachten over seksueel misbruik,
                                                 seksuele intimidatie, ernstig fysiek of
                                                 geestelijk geweld.
                                                 Zie ook www.onderwijsinspectie.nl
                                                 E-mailadres: info@owinsp.nl
-De klachtencommissie:
Landelijke klachtencommissie PCO          De Landelijke klachtencommissie PCO is te bereiken
T.a.v.: Mevr. mr. Achien Melis-Gröllers   op iedere werkdag van 9.00u tot 12.30u op
Postbus 694                               telefoonnummer:      070 - 386 16 97
2270 AR Voorburg                          E-mailadres: info@klachtencommissie.org



                                                                                               38
-De namen van de contactpersonen vindt u achter in deze schoolgids.

P.S. De klachtenregeling is op school ter inzage en opvraagbaar en is ook op internet
te vinden op: www.PCBO-Littenseradiel.nl
Ook kunt eens kijken op: www.minocw.nl/ouderabc en www.besturenraad.nl voor
meer informatie.




                                                                                    39
40
Hoofdstuk 10

Beleid toelating, verwijzing en verwijdering van leerlingen
bij besluit van het Algemeen Bestuur: 23 april 2003

Toelating leerlingen.
Nieuwe leerlingen.

4-jarigen
Wanneer een kind de leeftijd van 4 jaar bereikt, mag het naar de basisschool.
Alvorens het kind bij ons op school komt, wordt het - met de ouders - uitgenodigd om
eens op school te komen kijken en een deel van een ochtend
mee te draaien. Dit gebeurt meestal enkele dagen/weken
voor de verjaardag van het kind. De opvang gebeurt door de
groepsleidster(er). Deze verstrekt ook de eventuele
gewenste informatie.
Wanneer het kind daarna 4 jaar wordt, komt het op school.
De ouders krijgen een inschrijfformulier mee voor de
schoolregistratie, hetgeen ondertekend weer naar school
dient te worden gebracht.
Pas in uitzonderingsgevallen - te bepalen door de directie -
kan een kind enkele dagen/weken vóór de vierde verjaardag
op school worden toegelaten. Vuistregel blijft echter: de dag van - of nà - de
verjaardag is de eerste schooldag.
Wanneer het een eerste kind van een gezin betreft, worden de ouders eerst thuis
bezocht door een leerkracht van groep 1.

Het komt vanzelfsprekend ook voor dat nieuwe inwoners van ons dorp hun kinderen
op onze school aanmelden. Wanneer deze melding - soms mondeling, soms
telefonisch - de school bereikt, wordt er een afspraak met de ouders gemaakt voor
een gesprek met de directie of de desbetreffende leerkracht. De nieuwe kinderen
dienen van hun oude school een onderwijskundig rapport mee te nemen en een
bewijs van uitschrijving. Daarna worden ze bij ons ingeschreven in de
leerlingenadministratie.

Leerlingen van een andere school
Bij leerlingen die van een andere school komen wordt, voordat tot daadwerkelijke
toelating wordt overgegaan, eerst altijd contact gezocht met de vorige school. Als de
schooldirecteur inschat dat zo’n contact geen relevante informatie op zal leveren,
kan/mag dit worden overgeslagen.
Leerlingen worden niet zondermeer toegelaten als er een beschikking door een PCL is
afgegeven of als een leerling is geïndiceerd of in een traject voor indicering zit voor een
leerlinggebonden budget. Er wordt dan eerst overlegd met de coördinatoren van ons
samenwerkingsverband. Zie ook onder ‘verwijzing’ hoe we met deze problematiek
omgaan.
Leerlingen worden niet toegelaten als ouders niet schriftelijk verklaren de doelstelling en
grondslag van de Vereniging voor Protestants Christelijk Basisonderwijs in de gemeente
Littenseradiel te onderschrijven of (op zijn minst) te respecteren. Deze verklaring maakt
deel uit van het inschrijfformulier.
De toelating tot de school is niet afhankelijk van de bereidheid tot betaling van enige
geldelijke bijdrage van de ouders, daar die altijd vrijwillig is.
Bij de aanmelding van leerlingen wordt het door het bevoegd gezag vastgestelde
protocol gevolgd:

                                                                                      41
Protocol aanmelden leerlingen.

De meeste aanmeldingen van leerlingen zullen vrijwel altijd zonder problemen tot het
daadwerkelijk inschrijven van de leerlingen leiden. Echter bij sommige gevallen is het
handig afspraken te hebben die als leidraad kunnen fungeren hoe te handelen. Voor die
gevallen is deze procedure opgesteld.

Nieuwe leerlingen (uit het voedingsgebied van een andere school van de Vereniging):
Als er leerlingen aangemeld worden bij een school van PCBO-Littenseradiel die voor het
eerst naar school gaan en (gevoelsmatig) uit het voedingsgebied van een andere school
van de vereniging komen, probeert de directeur te achterhalen waarom niet gekozen is
voor die andere school. Met die kennis kunnen we misschien ons voordeel doen. De
directeur schrijft dergelijke leerlingen wel gewoon in en brengt de algemeen directeur op
de hoogte van zijn bevindingen.

Verandering van school:
Kinderen kunnen om uiteenlopende redenen van school ‘moeten’ veranderen.
Binnen WSNS-verband mag de mogelijkheid van verwijzen van de ene basisschool naar
de andere basisschool als optie niet ontbreken.
Maar hoe om te gaan met leerlingen, afkomstig van een andere school, die aangemeld
worden omdat de ouders het niet met die andere school
eens zijn?
Richtlijn (per situatie inschatten of het kan):
Voordat een nieuwe leerling daadwerkelijk ingeschreven
wordt, neemt de schooldirecteur eerst contact op met de
‘oude’ school om zich over de problematiek te laten
informeren.
Alleen bij een zekere patstelling in het conflict en als
beide partijen (ouders/verzorgers en de 'oude school') het er over eens zijn dat
verandering van school de beste keus is, neemt de school de leerling ‘gewoon’ aan. De
algemeen directeur wordt hiervan in kennis gesteld.
Als er een meningsverschil is, waar misschien nog aan gewerkt kan worden, neemt de
school de leerling alleen aan als de ouders het kind niet zolang op de ‘oude’ school willen
houden en al heel veel geprobeerd is om tot een oplossing te komen, zodat het kind
onderwijs kan ontvangen. Wel worden de contacten tussen de ouders en de ‘oude’
school aangemoedigd. Ook bij een dergelijk geval zorgt de schooldirecteur dat de
algemeen directeur van de situatie op de hoogte is.

Verwijzing of verwijdering van leerlingen.

In artikel 40 en 63 van de Wet op het primair onderwijs (WPO) staan regels waar het
bevoegd gezag zich aan te houden heeft met betrekking tot het verwijderen van
leerlingen.
Aangezien het bevoegd gezag vrij is richtlijnen op te stellen die aangeven wanneer tot
verwijdering wordt overgegaan, heeft het bevoegd gezag het volgende vastgesteld:

Verwijzing:

-Wanneer de schooldirecteur met de leerkracht(en) van mening is dat een leerling niet
op de school thuishoort, wordt contact gezocht met de ouders/verzorgers om over een
vervolgtraject te praten voorzover het door de leerkracht niet tijdens de normale
contacten (rapportbesprekingen en/of huisbezoeken) met de ouders/verzorgers
besproken is. Zo’n gesprek behoort te worden gevoerd met de leerkracht en de
schooldirecteur. Een leerkracht die een dergelijk gesprek alleen aangaat, heeft dat
                                                                                      42
vooraf met de schooldirecteur afgesproken en wordt geacht mede namens de
schooldirecteur te handelen. (Men kan zo’n keuze maken als men inschat dat het voor
de ouders/verzorgers te bedreigend is als ook de locatiedirecteur meekomt).
Aanbeveling: Van dergelijke gesprekken (dus ook van de gesprekken die verder in de
procedure volgen) worden verslagen/aantekeningen gemaakt die door de
ouders/verzorgers worden ondertekend voor akkoord/gezien. De ouders hoeven het
daarbij niet met de inhoud van het gesprek eens te zijn. De ondertekende
verslagen/aantekeningen worden daarna bewaard in het leerlingendossier.

-Indien een Permanente commissie leerlingenzorg (PCL) een beschikking afgeeft voor
een speciale school voor basisonderwijs, wordt de school van de vereniging geacht niet
geschikt te zijn voor de leerling en zal worden getracht de leerling over te plaatsen naar
een geschikte school.
Ook wanneer de PCL geen beschikking afgeeft, maar wel
adviseert het kind aan te melden voor een andere
speciale voorziening dan het gewone basisonderwijs,
wordt de school van de vereniging geacht niet geschikt te
zijn voor de leerling en zal worden getracht de leerling
over te plaatsen naar een geschikte school.
In eerste instantie zal deze procedure in overleg en in
overeenstemming met de ouders doorlopen worden.
Alleen wanneer de school van de vereniging meent de
leerling toch passend op te kunnen vangen, kan, in
overleg met de ouders, ondanks de beschikking of het
advies, besloten worden de leerling niet over te plaatsen.

Verwijdering:

-Tot officiële verwijdering wordt overgegaan als de PCL een beschikking heeft
afgegeven voor een speciale school voor basisonderwijs of geen beschikking heeft
afgegeven maar heeft geadviseerd het kind aan te melden voor een andere
voorziening dan het gewone basisonderwijs en de ouders willen de leerling niet
aanmelden bij een dergelijke school of instituut terwijl het bevoegd gezag van de
vereniging van mening is dat een dergelijke overplaatsing noodzakelijk is.

-Officiële verwijdering volgt ook als het bevoegd gezag van mening is dat een leerling op
een school vallend onder het bevoegd gezag niet adequaat opgevangen kan worden,
maar de ouders/verzorgers van de leerling weigeren mee te werken aan een onderzoek
door de PCL. In een dergelijk geval worden de onderzoeken, observatiegegevens en
aangelegde leerlingendossiers van de school en schriftelijke verslagen van
praktijkvoorbeelden van de leerkracht(en) als relevante informatie aangemerkt. Ouders
mogen dergelijke gegevens inzien en opvragen.

Protocol schorsing en verwijdering van leerlingen

Dit protocol treedt in werking als er sprake is van ernstig ongewenst gedrag door een
leerling, waarbij psychisch en of lichamelijk letsel aan derden is toegebracht. Er
worden 3 vormen van maatregelen genomen:

   • Time-out

   • Schorsing

   • Verwijdering

                                                                                      43
Time-out
Een ernstig incident leidt tot een time-out met onmiddellijke ingang. Hierbij gelden de
volgende voorwaarden:

   • In geval van een time-out wordt de leerling voor de rest van de dag de toegang
       tot de school ontzegd.
   • Tenzij redelijke gronden zich daartegen verzetten worden de ouders/verzorgers
       onmiddellijk van het incident en de time-out gemotiveerd op de hoogte
       gebracht. (zie noot 1)
   • De time-out maatregel kan eenmaal worden verlengd met 1 dag.
       Daarna kan de leerling worden geschorst voor maximaal 1 week.
       In beide gevallen dient de school vooraf of – indien dat niet
       mogelijk is – zo spoedig mogelijk na het effectueren van de
       maatregel contact op te nemen met de ouders.
   • De ouders/verzorgers worden op school uitgenodigd voor een
       gesprek. Hierbij is de groepsleerkracht en een lid van de directie
       van de school aanwezig.
   • Van de het incident en het gesprek met de ouders wordt een
       verslag gemaakt. Dit verslag wordt door de ouders voor gezien
       getekend en in het leerlingendossier opgeslagen. (zie noot 2)
   • De time-out maatregel kan alleen worden toegepast na goedkeuring door de
       directie van de school.
   • De time-out maatregel wordt na toepassing schriftelijk gemeld aan het bevoegd
       gezag.

Schorsing
Pas bij een volgend ernstig incident, of in het afzonderlijke geval dat het voorgevallen
incident zo ernstig is, kan worden overgegaan tot een formele schorsing. De wettelijke
regeling voor het Bijzonder/Openbaar* onderwijs is hierbij van toepassing.
Hierbij gelden de volgende voorwaarden:

   • Het bevoegd gezag van de school wordt voorafgaand aan de schorsing in kennis
      gesteld van deze maatregel en om goedkeuring gevraagd.
   • Gedurende de schorsing wordt de leerling de toegang tot de school ontzegd. Voor
      zover mogelijk worden er maatregelen getroffen waardoor de voortgang van
      het leerproces van de leerling gewaarborgd kan worden. (zie noot 3)
   • De schorsing bedraagt maximaal 3 weken en kan hooguit 2 maal worden
      verlengd. (zie noot 4)
   • De betrokken ouders/verzorgers worden door de directie uitgenodigd voor een
      gesprek betreffende de maatregel. Hierbij dienen nadrukkelijk
      oplossingsmogelijkheden te worden verkend, waarbij de mogelijkheden en de
      onmogelijkheden van de opvang van de leerling op de school aan de orde
      komen.
   • Van de schorsing en het gesprek met de ouders wordt een verslag gemaakt. Dit
      verslag wordt door de ouders/verzorgers voor gezien getekend en in het
      leerlingendossier opgeslagen.

   • Het verslag wordt ter kennisgeving verstuurd aan:
         o Het bevoegd gezag
         o De ambtenaar leerplichtzaken
         o De inspectie onderwijs
   • Ouders kunnen beroep aantekenen bij het bevoegd gezag van de school. Het
      bevoegd gezag beslist uiterlijk binnen 14 dagen op het beroep.



                                                                                     44
Verwijdering
Bij het zich meermalen voordoen van een ernstig incident, dat ingrijpende gevolgen
heeft voor de veiligheid en/of de onderwijskundige voortgang van de school, kan
worden overgegaan tot verwijdering. De wettelijke regeling voor het
Bijzonder/Openbaar* onderwijs is hierbij van toepassing. Hierbij gelden de volgende
voorwaarden:

   • Verwijdering van een leerling van school is een beslissing van het bevoegd
      gezag.
   • Voordat men een beslissing neemt, dient het
      bevoegd gezag de betrokken leerkracht en de
      directie te horen. Hiervan wordt een verslag
      gemaakt wat aan de ouders ter kennis worden
      gesteld en door de ouders voor gezien wordt
      getekend.
   • Het verslag wordt ter kennisgeving opgestuurd naar
          o De ambtenaar leerplichtzaken
          o De inspectie onderwijs
   • Het bevoegd gezag informeert de ouders schriftelijk
      en met redenen over het voornemen tot
      verwijdering, waarbij de ouders gewezen wordt op
      de mogelijkheid van het indienen van een bezwaarschrift.
   • De ouders krijgen de mogelijkheid binnen zes weken een bezwaarschrift in te
      dienen.
   • Het bevoegd gezag is verplicht de ouders te horen over het bezwaarschrift.
   • Het bevoegd gezag neemt een uiteindelijke beslissing binnen vier weken na
      ontvangst van het bezwaarschrift.
   • Een besluit tot verwijdering is pas mogelijk nadat een andere basisschool of een
      andere school voor speciaal onderwijs is gevonden om de leerling op te nemen
      of dat aantoonbaar is dat het bevoegd gezag, gedurende acht weken, er alles
      aan heeft gedaan om de leerling elders geplaatst te krijgen.

Noot 1: Als veiligheid voorop staat, en dat zal regelmatig het geval zijn, moet de
time-out niet afhankelijk gesteld worden van het contact met ouders. De vraag blijft
dan staan wat er moet gebeuren als de ouders niet te bereiken zijn. Eventueel is het
verwijderen uit de klas en opvang elders nog een oplossing?
Noot 2: de time-out is geen officieel instrument, maar kan niettemin bruikbaar zijn bij
onveilige situaties of bij het herstellen van de rust binnen de school: het is principieel
geen strafmaatregel maar een ordemaatregel in het belang van de school; daarom
geen aantekening van de time-out maar van het incident in het dossier van de
leerling.
Noot 3: Schorsing mag niet betekenen dat het doen van toetsen (denk aan cito-entree
of eindtoetsen) wordt belemmerd. Dit vraagt passende maatregelen, bijv. het wel tot
de school toelaten voor het doen van deze toets. Daarnaast kan het beschikbaar
stellen van (thuis)studiemateriaal tot de mogelijkheden behoren.
Noot 4: wezenlijk is dat de schorsing aan een maximum termijn gebonden is; zij mag
geen verkapte verwijdering worden; de termijn is zo gekozen dat in het ernstigste
geval de school voldoende tijd ter beschikking heeft om een eventuele
verwijderingbeslissing op zorgvuldige wijze voor te bereiden.

Dit protocol is gebaseerd op een publicatie van de AVS. Auteur AVS: Candida van
Verschuer




                                                                                       45
46
Hoofdstuk 11

De leerlinggebonden financiëring

Algemene informatie

De scholen zijn bezig met het ontwikkelen van beleid t.a.v. `de
rugzak`.
Deels is dit bovenschools mogelijk, maar aangezien elke school
niet dezelfde mogelijkheden kan bieden ontwikkelen wij als
school hiernaast ons eigen beleid.

Welke leerlingen komen hiervoor in aanmerking:

Leerlingen die een zintuiglijke of verstandelijke handicap en/of lichamelijke stoornis of
een gedragsstoornis hebben. Visueel gehandicapte kinderen en meervoudig
gehandicapte kinderen met een visuele handicap vallen onder een andere financiële
regeling.

Beoordeling van leerlingen die wel of niet in aanmerking komen voor LGF:

De Commissie Voor Indicatiestelling (C.V.I.) is een onafhankelijke commissie van het
R.E.C. (Regionaal Expertise Centrum).
Deze commissie screent de leerling (kijkt o.a. naar dossiers en onderwijskundig
rapport) en kijkt volgens opgestelde criteria of een leerling in aanmerking komt voor
toelating tot een speciale school dan wel in aanmerking komt voor leerling-gebonden
financiering.
De beslissing ligt bij de C.V.I.. Zijn ouders het niet met de beslissing eens, dan
kunnen ze eventueel bij de rechter tegen zo`n besluit in beroep gaan.

Keuze tussen speciaal en regulier onderwijs:

Indien een leerling toelaatbaar is tot een speciale school dan wel in aanmerking voor
een leerling-gebonden financiering komt, dan kunnen de ouders of verzorgers van de
leerlingen een keuze maken tussen deze twee genoemde vormen van onderwijs.
                            Ouders hebben de mogelijkheid om zich te oriënteren op
                            verschillende scholen.
                            De ouders kunnen een gesprek aanvragen met de
                            directeur van de school. In zo`n gesprek geeft de directeur
                            aan welke mogelijkheden er zijn om het kind onderwijs te
                            bieden. Hierbij staat voorop dat de leerling recht heeft op
                            het type onderwijs wat het meest geschikt is waardoor de
                            leerling zich zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen.
Mocht na enige tijd blijken dat de gekozen school toch niet goed bij de leerling past,
dan is het mogelijk om alsnog voor een andere school te kiezen.


Functie van het Regionaal Expertise Centrum:

Het R.E.C. verzorgt speciaal onderwijs op de eigen school en ambulante begeleiding
aan reguliere scholen.
Ouders kunnen adviezen vragen bij het R.E.C., en het R.E.C. adviseert hoe ouders een
verzoek om indicatiestelling moeten indienen. Ook kan het R.E.C. ouders helpen bij de

                                                                                       47
keuze van een school en kan er hulp geboden worden bij ondersteuning van
gesprekken en het opstellen van een handelingsplan.

Het opstellen van een handelingsplan:

Een reguliere school die instemt met plaatsing van een leerling met een handicap,
moet een handelingsplan opstellen.
Dit gebeurt in overleg met de ouders en de speciale
school die de begeleiding gaat verzorgen. In het
handelingsplan staan de doelen en de manier hoe de
doelen bereikt kunnen worden. Als de ouders met het
plan akkoord gaan, komt de rugzak beschikbaar voor de
school en kan het plan uitgevoerd worden. Met de
middelen uit de rugzak kan de school het kind extra
aandacht en ondersteuning bieden.

Leerlinggebonden financiering op onze school

* Als team willen we ieder kind de kans bieden om zich op een volwaardige manier te
ontwikkelen.
* Verzoeken van ouders voor plaatsing van een leerling met een rugzak zullen we
conform de vastgestelde procedure behandelen. De procedure is ter inzage op school.
* De toelating of weigering hangt af van de handicap/stoornis van het kind, de
motivatie van het kind en de ouders/verzorgers en de mogelijkheden van de school.
* Er is in de groepen ruimte om af en toe leerlingen individueel te helpen. Het werken
in combinatiegroepen vergt wel van de leerlingen dat ze op de tijden dat er ergens
anders instructie wordt gegeven, zelfstandig en rustig door kunnen werken. Kinderen
met een (ernstige gedrags)stoornis die te veel onrust in de groep te weeg brengen
kunnen op onze school daarom niet opgevangen worden.

extra middelen:

* Afhankelijk van de handicap krijgt onze school ongeveer 1 dagdeel aan formatie.
Voor de overige schooltijden moet er verantwoorde opvang kunnen plaatsvinden.

Waar kijken we naar als een kind met een ‘rugzakje’ wordt aangemeld:

pedagogisch klimaat:

* Alle leerlingen bij ons op school moeten zich veilig en geborgen voelen.
* Leerlingen met een handicap worden door andere leerlingen geaccepteerd.
* Onze leerlingen krijgen t.z.t. extra begeleiding over de omgang met leerlingen die
gehandicapt zijn of een specifieke leer- of gedragstoornis vertonen.

didactisch klimaat:

* We hebben weinig ervaring met leerlingen met een handicap.
* Vanaf groep 3 wordt er bij elk vak en vormingsgebied gewerkt met methoden.
* De leerling hoeft in cognitieve, motorische en sociaal-emotionele zin niet te voldoen
aan het ontwikkelings- en leerniveau van de groep.
* Ontwikkelingsdoelen worden aangepast bij de leerling die een individuele leerlijn
volgt.
* Op onze school wordt hoofdzakelijk klassikaal les gegeven. Leerlingen die extra hulp
nodig hebben krijgen extra instructie en/of aangepaste leerstof/verwerking.

                                                                                       48
leerlingenzorg:

* Afhankelijk van de ernst van de handicap en
het aantal leerlingen dat al extra zorg nodig heeft
in het kader van WSNS, kunnen wij waarschijnlijk
één of meerdere leerlingen ‘met een rugzakje’
toelaten.
* Er zullen mogelijk nieuwe leer- en
hulpmiddelen aangeschaft moeten worden.
* Ambulante hulp is waarschijnlijk noodzakelijk.
* Begeleiding vanuit W.S.N.S. en het G.C.O. is
gewenst.

Ondersteuning:

Zoeken naar externe bronnen en mogelijkheden
Inventarisatie van mogelijkheden om hulp te krijgen via andere instanties dan de
eigen school:
Personeel    aanvullende formatie – ambulante hulp – extra inzet WSNS - extra inzet
             BIB-er – extra hulp ouders
Huisvesting aanpassingen gebouw (ruimte in budget van de gemeente)
             aanvulling AWBZ of verzekering
Materiaal    lening materiaal van andere scholen
             orthotheek SBD

oudercontacten:
* Ouders worden betrokken bij het maken van een handelingsplan.
  Ouders, school en deskundigen buigen zich over inhoudelijke plannen.
* Resultaten worden regelmatig geëvalueerd.
  Indien de doelstellingen niet waar gemaakt kunnen worden, wordt er naar een
andere
  oplossing gezocht.

t.a.v. onze accommodatie:

* Er is een ruimte waar deskundigen redelijk ongestoord met een kind kunnen
werken.
* Er is een sanitaire voorziening (zonder een douche) voor leerlingen (of
leerkrachten) met
   een lichamelijke handicap die speciale voorzieningen nodig hebben .
* Ons gebouw is niet aangepast voor rolstoelgebruikers.
* Er is geen ringleiding of geluidsinstallatie o.i.d. aanwezig in verband met
   slechthorendheid.

Randvoorwaarden

De aanpassingen van gebouw, meubilair of leermiddelen worden bekostigd door
externe instanties.

Structurele, niet onderwijskundige werkzaamheden, die direct of indirect verband
houden met de handicap worden na toestemming van de directie, verricht door
externe instanties. In dit kader kan gedacht worden aan het geven van injecties,
regelmatig verschonen etc. Ook als leerlingen tegen zichzelf beschermd moeten
worden of als ze regelmatig een gevaar voor de omgeving zijn, willen we structurele
dagelijkse hulp bij alle lessen van externe instanties.
                                                                                      49
De ouders of verzorgers moeten bereid en in staat zijn alle coördinerende taken op
zich te nemen, zodat de school niet belast wordt met niet onderwijskundige taken.
Blijken externe instanties hun taken niet goed uit te voeren, dan spreekt de school de
ouders daarop aan en niet de betreffende externe instantie.

Procedure bij aanvraag voor plaatsing

aanmelding

-   gesprek met de ouders
-   toelichting visie van de school
-   toelichting procedure
-   schriftelijke toestemming van de ouders om
    informatie bij derden op te vragen

informatie verzamelen

- gegevens opvragen bij de huidige school
- gegevens opvragen bij de onderwijsbegeleidingsdienst
- gegevens opvragen in medisch en/of zorgcircuit

informatie bestuderen

- binnengekomen gegevens worden bestudeerd en besproken door directie, interne
   begeleider en bovenschoolse intern begeleider.
- eventueel kan besloten worden om het kind te observeren binnen zijn huidige
school.

inventarisatie

van de leerling wordt het volgende in kaart gebracht:

                   aandacht   mogelijkheden      onmogelijkhede    externe
                   s          van de school      n                 mogelijkhede
                   punten                        van de school     n
pedagogisch
Didactisch
kennis/
vaardigheden
van de
leerkracht
organisatie van
school en klas
gebouw/materie
el
medeleerlingen
Ouders
anders, nl.


Overwegingen

De school onderzoekt op basis van bovenstaand schema welke mogelijkheden de

                                                                                    50
school zelf heeft en welke ondersteuningsmogelijkheden geboden kunnen worden en
door wie: gebouw (gemeente) en o.l.p. (speciaal onderwijs)
aanvullende formatie (circulaire)
vervoer (gemeente)
ondersteuning qua expertise (S.O., de zorginstellingen, e.d.)

Besluitvorming door de directie.

De betreffende inventarisatie van de hulpvragen van het kind
worden afgezet ten opzichte van de visie van de school en de
mogelijkheden om een genoegzaam onderwijsaanbod te
realiseren. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met de
ondersteuningsmogelijkheden (zowel materieel als
immaterieel) die geboden kunnen worden. Bij het besluit tot
toelating of weigering door de directie zal het teambesluit
zwaar mee wegen.


Slot procedure

Gesprek met de ouders waarbij het besluit van de school wordt besproken.
* Bij plaatsing: opstellen van een plan van aanpak met daarbij een overzicht van inzet
van middelen (O.L.P./gebouwelijke aanpassingen e.d.), ondersteuning door S.O. of
derden, inzet van aanvullende formatie
* Voorlopige plaatsing: alleen wanneer er sprake is van een observatieperiode als niet
onmiddellijk duidelijk is of plaatsing succesvol kan zijn. Deze optie is alleen mogelijk
als een leerling zo lang op een andere school ingeschreven blijft staan.
* Bij afwijzing: een inhoudelijke onderbouwing door de school waarom men van
mening is dat het kind niet geplaatst kan worden. Deze afwijzing wordt schriftelijk
beargumenteerd en aan ouders en inspectie overhandigd.




                                                                                     51
52
Hoofdstuk 12

Regeling school- en vakantietijden

Schooltijden
De school begint ook dit schooljaar elke dag om 08.25 uur. De ochtend wordt
afgesloten om 11.45 uur, behalve op de woensdagochtend dan gaan de kinderen om
12.00 uur uit.´s Middags is er les van 13.15 – 15.30 uur.
De kinderen van groep 1 gaan dit jaar twee middagen per week naar school en wel op
dinsdag en donderdagmiddag. De groepen 2, 3 en 4 gaan drie middagen naar school,
dus hebben ze vrij op woensdag- en vrijdagmiddag. De overige groepen gaan volledig
naar school dus: vijf dagen naar school en op de woensdagmiddag vrij.

Regeling voor de aanvang van de school.
De deuren van de school gaan ’s morgens om 8.15 uur open en ’s middags om 13.15
uur. Kinderen kunnen daarna kiezen wat ze willen: binnen of buiten ( met in acht
neming van bepaalde regels ).
In de pauze en ´s middags een kwartier voor aanvang van de school is er pleinwacht,
het blijkt dat ’s morgens weinig kinderen buiten zijn, daarom is dan geen pleinwacht.


Schoolverzuim

Als uw kind niet op school kan komen, dan kunt u dat
schriftelijk of telefonisch melden. Dat kan zijn wegens
ziekte, een bezoek aan een arts of tandarts, vervulling
van plichten voortvloeiend uit godsdienst of
levensovertuiging of door familieomstandigheden.
Dagelijks wordt er door de groepsleerkracht een
absentielijst bijgehouden. Indien de absentie vooraf niet
is gemeld, wordt er meteen contact met de ouder / verzorger opgenomen om
zodoende duidelijkheid te krijgen over de reden van het verzuim. Indien er geen
telefonisch contact mogelijk is, gebeurt het schriftelijk.

Verlof:
In de leerplichtwet staat onder andere vermeld dat uw kind(eren) buiten de normale
schoolvakanties de school geregeld moet(en) bezoeken. Uiteraard wordt ziekte van
uw kind buiten beschouwing gelaten. U krijgt met de leerplichtwet te maken als u uw
kinderen buiten de normale vakanties “zo maar” van school houdt / wilt houden. De
leerplichtwet geeft voor bepaalde situaties de mogelijkheid verlof aan te vragen. Er
wordt onderscheid gemaakt tussen ‘vakantieverlof’ en ‘ander verlof’.
Zodra een leerling voor de derde keer in een schooljaar zonder toestemming van de
locatieleiding of de leerplichtambtenaar (zie de beschreven gevallen hieronder) absent
geweest is, wordt dit zondermeer direct aan de leerplichtambtenaar van de gemeente
doorgegeven. Alle ‘ongeoorloofd verzuim’ wordt wel altijd op een formulier van de
rijksoverheid aangegeven.
Voor vragen betreffende verlof kunt u ook altijd contact opnemen met de
leerplichtambtenaar. Bereikbaar via het gemeentehuis (0515-334444).




                                                                                    53
Richtlijnen verlof buiten de schoolvakanties

1.    Vakantieverlof
      Een verzoek om vakantieverlof op grond van artikel 13a van de Leerplichtwet
      1969 dient minimaal acht weken van tevoren aan de directeur van de school te
      worden voorgelegd.

      Verlof indien:
          wegens de specifieke aard van het beroep van één van de ouders het
           slechts mogelijk is buiten de schoolvakanties op vakantie te gaan;
            (als er sprake is van werknemersschap wordt een werkgeversverklaring
            overgelegd waaruit blijkt dat geen verlof binnen de officiële
            schoolvakantie mogelijk is).

      Vakantieverlof mag, binnen deze voorwaarden:
          éénmaal per schooljaar worden verleend;
          niet langer duren dan tien schooldagen;
          niet plaatsvinden in de eerste twee lesweken
           van het schooljaar.

2.   Andere gewichtige omstandigheden: tien
schooldagen per schooljaar of
     minder
     Een verzoek om extra verlof in geval van andere gewichtige omstandigheden
     voor tien schooldagen per schooljaar of minder dient vooraf of uiterlijk binnen
     twee dagen na ontstaan van de verhindering aan de directeur van de school te
     worden voorgelegd.

      Hiervoor gelden de volgende richtlijnen:
          voor het voldoen aan een wettelijke verplichting, voor zover dit niet
           buiten de lesuren kan geschieden;
          voor verhuizing voor ten hoogste één dag;
          voor het bijwonen van het huwelijk van bloed- of aanverwanten t/m de
           vierde graad voor een of ten hoogste twee dagen, afhankelijk of dit
           huwelijk wordt gesloten in of buiten de woonplaats van belanghebbende;
          bij ernstige ziekte van ouders of bloed- of aanverwanten t/m vierde
           graad, duur in overleg met de directeur van de school;
          bij bevalling van de moeder, verzorgster, voogdes, duur in overleg met
           de directeur van de school;
          bij overlijden van bloed- of aanverwanten in de eerste graad voor ten
           hoogste vier dagen; van bloed- of aanverwanten in de tweede graad voor
           ten hoogste twee dagen; van bloed- of aanverwanten in de derde of
           vierde graad ten hoogste een dag;
          bij 25-, 40- en 50-jarige ambtsjubileum en het 12½-, 25-, 40-, 50- en
           60-jarige huwelijksjubileum van bloed- of aanverwanten t/m de vierde
           graad voor één dag;
          voor andere calamiteiten en naar het oordeel van de directeur
           belangrijke redenen, maar geen vakantieverlof.

3.    Gewichtige omstandigheden: meer dan tien schooldagen per schooljaar
      Een verzoek om extra verlof in geval van gewichtige omstandigheden op grond
      van artikel 14, lid 3 van de Leerplichtwet 1969 voor meer dan tien schooldagen
      per schooljaar dient minimaal zes weken van tevoren, via de directeur van de
      school, aan de leerplichtambtenaar van de woongemeente van de leerling te
      worden voorgelegd.




                                                                                   54
      Verlof kan bijvoorbeeld voor verlening in aanmerking komen indien:
      de ouders van de leerling een verklaring van een arts of een maatschappelijk
      werk(st)er kunnen overleggen waaruit blijkt dat een verlof noodzakelijk is op
      grond van medische of sociale indicatie betreffende een van de gezinsleden.

      Waarschuwing
      De directeur van de school is verplicht de leerplichtambtenaar mededeling te
      doen van vermoedelijk ongeoorloofd schoolverzuim. Tegen die ouders die hun
      kind(eren) zonder toestemming van school houden, zal proces-verbaal worden
      opgemaakt.

Als uw kind niet op school kan komen, dan kunt u dat schriftelijk of telefonisch
melden.

                    De leerplichtambtenaar van de gemeente Littenseradiel kunt u
                    bereiken via:
                    Postbus 1
                    8730 AA Wommels
                    Bezoekadres: Keatsebaen 1, Wommels
                    Tel.: 0515 – 33 44 11




Vakantierooster schooljaar 2010-2011.

start van dit cursusjaar : maandag 23 augustus 2010

vakantie                  van                      tot en met

Herfstvakantie      zaterdag 23 oktober 2010       zondag 31 oktober 2010
Kerstvakantie       vrijdag 24 december 2010       zondag 9 januari 2011
Voorjaarsvakantie   zaterdag 19 februari 2011      zondag 27 februari 2011
Paasvakantie        vrijdag 22 april 2011          maandag 25 april 2011
Meivakantie         donderdag 30 april 2011        zondag 8 mei 2011
Hemelvaart          donderdag 2 juni 2011          zondag 5 juni 2011
Pinkstervakantie    zaterdag 11 juni 2011          maandag 13 juni 2011
Zomervakantie       zaterdag 23 juli 2011          zondag 4 september 2011




                                                                                      55
56
Hoofdstuk 13

Enkele bijzonderheden

Pestbeleid
Ook dit jaar volgen we het door ons, de leerkrachten, de MR en de schoolcommissie- ,
vastgestelde pestbeleid. We hopen dat u ook uw bijdrage hieraan wilt leveren, zodat
het pestprotocol door een ieder gedragen wordt, met als gevolg dat er mede hierdoor
de veilige school voor de kinderen ontstaat die ons allen voor ogen staat.
Zie voor uitgebreidere informatie ons pestprotocol dat als bijlage in deze schoolgids is
opgenomen.

Veiligheid
Op onze school hanteren we het beleid “sociale veiligheid” zoals dat op alle scholen
van de vereniging geldt. U kunt dit beleid vinden op: www.PCBO-Littenseradiel.nl en
dan kunt u links inloggen met inlognaam: ouder en wachtwoord: pcbo.
In dit beleid staat beschreven hoe we de sociale veiligheid op onze school proberen te
waarborgen.
Daarnaast hebben we te maken met gebouwen en toestellen die veilig moeten zijn.
Daartoe houden we voor de speeltoestellen logboeken bij. Voor de gebouwen werken
we met een Plan van Aanpak dat we ieder jaar bijstellen.
Het afgelopen schooljaar zijn er geen noemenswaardige incidenten geweest
Ziet u mogelijk gevaarlijke situaties in en rondom de school, dan willen we dat graag
van u weten.

Sponsoring
Voor alle scholen van de vereniging geldt hetzelfde beleid voor sponsoring.
Uitgangspunt binnen dat beleid is dat zowel het team als de schoolcommissie en MR
achter een bepaald voorstel voor sponsoring moeten staan.
Bij een echte vorm van sponsoring moet er een officiële overeenkomst worden
ondertekend door beide partijen.
Als het om een vorm van sluikreclame gaat (men kan als school bijvoorbeeld gebruik
maken van gratis materiaal waarop de naam van een fabrikant staat), kan geen
overeenkomst worden getekend, maar wel moeten alle geledingen zich uitgesproken
hebben voor het toestaan van die vorm van ‘sponsoring’.
Het beleid omtrent sponsoring is op alle scholen opvraagbaar en bovendien kan men
het op internet bekijken op het volgende adres:
www.PCBO-Littenseradiel.nl
Iedere school met een sponsorcontract hoort de ouders daarvan op de hoogte te
stellen.

Onze school wordt op het moment van schrijven (= juni 2010) niet gesponsord,

Verjaardagen personeel.
Op onze school is het de gewoonte, dat de jarigen van het
personeel een cadeautje krijgen van de kinderen van de groepen
1 t/m 8. Het bedrag hiervoor zit verwerkt in de ouderbijdrage. De
leerlingen nemen dus geen geld mee, maar wellicht ten
overvloede er wordt natuurlijk wel feest gevierd!

Wilma Overal         10 augustus          Antsje Lolkema            15 maart
Hanneke Westra       24 oktober           Jan Rispens                8 mei
Ineke Duipmans        9 november          Jan Keuning                5 juni
Jeanette Westra      31 december          Gryt Breeuwsma            28 juni
Rennie Landman       12 maart             Anke van Asselt           13 oktober
                                                                                      57
Gymnastiek.
In de periode augustus – mei vindt het gymnastiekonderwijs plaats in de sporthal.
Tijdens de andere maanden wordt er bij goede weersomstandigheden buiten
gymnastiek gegeven en wel op het sportveld of op het plein. De gymlessen zijn dit
jaar op de maandag- en vrijdagmiddag ( voor de groepen 3 t/m 8 ).

Zending
Elke maandagmorgen wordt er op vrijwillige basis geld meegenomen voor de zending.
We steunen sinds vorig schooljaar de Stichting “Blessed Generation” (voorheen Spirit
of Faith) te Hardegarijp. Ria Fennema en haar man geven namens deze Stichting
leiding aan drie weeshuizen in de plaatsen Ruiru, Nyamira en Malindi in Kenia. Van
elke euro gaat het volledige bedrag naar de drie weeshuizen. Alle geldelijke steun is
voor de kinderen die onze hulp heel erg nodig zijn. We hopen dat u allen deze
kinderen geldelijk wilt steunen.
Zie voor meer informatie www.riafennema.nl of www.fryskedream.nl.

Rookbeleid in en om de school
In de school wordt niet gerookt. Op het plein mag worden gerookt, echter uit het zicht
van de leerlingen. De peukjes dienen te worden opgeruimd.
Indien men behoefte heeft om te roken tijdens leerlingactiviteiten, dan gelieve dit te
doen buiten het schoolplein en uit het zicht van de kinderen.

Kopieerapparaat.
Gebruik van deze machine is mogelijk tegen een vergoeding van € 0.08 per kopie.
** Graag wel even melden !

En verder
Enkele steeds weerkerende activiteiten op school :
*     Kerk-School-Gezinsdienst.
      Meestal organiseren we twee van dergelijke diensten aan de hand van een
      bepaald thema. De voorbereiding geschiedt in samenwerking met de predikant.
*     Kerstfeest.
      De kinderen van de groepen 1 t/m 8 vieren elk jaar het Kerstfeest en wel op de
      laatste donderdag voor de kerstvakantie. Ruim van te voren krijgt u te horen
      hoe en waar het Kerstfeest gehouden gaat worden. Het is namelijk niet zo dat
      we elk jaar het Kerstfeest in de Martinikerk houden.
*     Oorlogsmonumenten.
      Onze school heeft de oorlogsmonumenten, ter herinnering aan Enne Bruinsma
      en Andries Joustra - respectievelijk in het koor en aan de toren van de
      Hervormde Kerk -, geadopteerd. Op vier mei worden kransen gelegd en
      herdenken we de oorlogsslachtoffers.
*     Musicals.
      Aan het einde van het schooljaar vertonen enkele groepen regelmatig een
      musical. Voor veel kinderen een hele fijne ervaring. Groep 8, doet dit elk jaar
      en wel op hun afscheidsavond.
*     Examens.
      In groep 8 doen de kinderen mee aan het verkeersexamen, it Frysk eksamen
      en een examen EHBO. Tevens organiseert Instituut Noord op school een
      typecursus, waar elk jaar ook enkele kinderen aan mee doen.
*     Sport.
      Met één- of enkele teams doen we mee aan het
      voetbalkampioenschap van Littenseradiel.
      De kaatsers doen hetzelfde in verschillende klassen.
      Als het weer wil meewerken wordt er geschaatst op de Sebeare of
                                                                                    58
      “Wynserfeart “ of de ijsbaan in Wommels.
      Als school doen we mee aan het schoolschaatsprogramma van de ijshal in
      Leeuwarden. De leerlingen uit de groepen 5 en 6 doen hier aan mee.
      Verder doen de kinderen van de groep 5 t/m 8 mee aan de schoolsportdag
      Littenseradiel.

      **    De school bepaalt de indeling van voetbalteams en kaatsparturen.

Plein en pleinwacht
De school is open vanaf 8.15 uur. De meeste leerlingen kiezen ’s morgens er voor om
naar binnen te gaan. Enkelen blijven buiten, daarom is er geen pleinwacht van 8.15
t/m 8.25 uur. In de pauzes gaan de leerlingen naar buiten, dan is er pleinwacht . ’s
Middags voor schooltijd blijven veel meer leerlingen buiten, daarom is er dan wel
pleinwacht. Indien de eigen leerkracht ’s middags pleinwacht heeft, blijven de
leerlingen van die groep(en) buiten.

Op het plein mag niet worden gevoetbald en alleen de kinderen in de
basisschoolleeftijd mogen na schooltijd op het plein zijn!)

           Schoolspullen.
           De school heeft natuurlijk al het materiaal wat op school nodig is, zoals
           pennen, potloden e.d. De kinderen kunnen echter zelf ook zaken, als
           stiften, kleurpotloden e.d., meenemen in een etui dat aan het eind van de
           dag in het vak opgeborgen dient te worden.

Mobiele telefoons
         Het gebruik van mobiele telefoons door leerlingen in school, op het plein en
         tijdens buitenschoolse activiteiten is niet toegestaan. De kinderen zijn
         immers op school bereikbaar d.m.v. de vaste telefoon en bij buitenschoolse
         activiteiten wordt door de leerkracht(en) een mobiele telefoon meegenomen.


Op de fiets naar school.
In principe gaan alle kinderen binnen de
bebouwde kom lopend naar school. Dit
i.v.m. de grootte van ons fietsenhok.
De volgende uitzondering geldt al jaren: de
leerlingen uit Hidaard, van het Skrok, de
Fabrykswei en een deel van de Sibadawei,
vanaf huisnummer en vanf huisnummer 20,
mogen op de fiets naar school komen.

Vanaf cursusjaar 2010-2011 geldt daarbij
ook nog de volgende regel:

Kinderen uit de groepen 1 t/m 4 uit gebied
B (zie plattegrond) mogen onder
begeleiding van een ouder op de fiets naar school. (We menen dat d.m.v. het
toepassen van deze regel ook het autogebruik bij school zal afnemen!)
Vanaf groep 5 komen alle kinderen binnen het omlijnde gebied A en B lopend naar
school.

Tot slot:
Hebt u op- of aanmerkingen, vragen of iets dergelijks over deze schoolgids, dan kunt
u hierover altijd even naar school bellen.
                                                                                   59
60
Hoofdstuk 14

Namen en de adressen zijn wegens privacygegevens niet opgenomen in de
digitale versie.


Het personeel
Naam                   adres               pc + woonplaats    telefoon
Jan Keuning
Jan Rispens
Hanneke Westra
Ineke Duipmans
Antsje Lolkema
Jeanette Westra
Gryt Breeuwsma
Rennie Landman
Wilma Overal
Anke van Asselt

de Schoolcommissie
Naam               adres                   pc +               telefoon
                                           woonplaats
Sietske v.d. Horst
Akke Veldman
Johannes Dijkstra
Greet Jorritsma
Thijmen Dijkstra
Hieke Hiemstra
Jan Jukema

de Medezeggenschapsraad
naam              adres                    pc +               telefoon
                                           woonplaats
Sjoukje van der Eems
Pep de Boer



De contactpersoon van de klachtencommissie is dhr. J.Strikwerda

Het bestuur : Vereniging voor Protestants Christelijk Basisonderwijs Littenseradiel,
             Postbus 6, 8730 AA Wommels.

Algemeen directeur :     dhr. A. Faber, stêfburo PCBO-Littenseradiel Nij Stapert te
                         Wommels: 0515 - 333814


De GGD:       GGD Fryslân, Postbus 612, 8901 BK Leeuwarden. Tel. 058 - 2334334




                                                                                       61
Inspectie:

Inspectie van het onderwijs
      info@owinsp.nl
      www.onderwijsinspectie.nl

Vragen over het onderwijs: 0800-8051 (gratis)

Klachtmeldingen over seksuele intimidatie,
seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek
geweld: meldpunt vertrouwensinspecteurs 0900-113111 (lokaal tarief)

Leerplichtambtenaar:

De leerplichtambtenaar van de gemeente Littenseradiel kunt u bereiken via:
Postbus 1
8730 AA Wommels
Bezoekadres: Keatsebaen 1, Wommels
Tel.: 0515 – 33 44 11




                                                                             62
           CBS "De Foareker"
           Skoallestrjitte 19, 8734 GL Easterein
             (0515) 33 22 75, fax (0515) 33 31 26
           e-mail : info@foareker.nl
                                                    Pestprotocol



Wat is een pestprotocol?
Een pestprotocol is een aantal overeenkomsten over het tegengaan van pesten. Een
afspraak tussen de school, de kinderen en de ouders.

Waarom een pestprotocol?
Een kind kan zich pas volledig ontwikkelen in een situatie waar het zich veilig weet en
voelt. Dit is een deel van onze missie als school. Pesten heeft een negatieve invloed
op het welbevinden van een kind en staat een goede ontwikkeling van een kind in de
weg.

Daarom mag er niet gepest worden.

Dit is ook neergeschreven in de universele verklaring van de rechten van het kind
beginsel 6:

Ieder kind heeft liefde en begrip nodig voor de volledige en harmonische ontplooiing
van zijn persoonlijkheid

Wat is plagen?
Bij plagen is sprake van incidenten. Vaak is het een kwestie van elkaar voor de gek
houden. Er zijn gelijke machtsverhoudingen dus kan de geplaagde zich verdedigen en
loopt derhalve geen blijvende psychische of fysieke schade op.

Wat is pesten?
Pesten is het systematisch uitoefenen van psychische en/of fysieke mishandeling door
één of meer individuen op een persoon die niet in staat is zich te verdedigen. Bij
pesten is de macht ongelijk verdeeld. Pesten heeft negatieve gevolgen voor het
slachtoffer.

Elk kind wordt wel eens geplaagd, maar wie gepest wordt is altijd het slachtoffer,
altijd de verliezer.

Pesten is een vorm van mishandeling!!!

Waarom vraagt de cbs de Foareker aandacht voor pesten?
Wij willen onder andere onze leerlingen een veilig schoolklimaat bieden, waarin zij
zich evenwichtig kunnen ontwikkelen. Daartoe bevorderen de leerkrachten een goede,
prettige werksfeer in de klas. Als school hebben we een aantal leefregels opgesteld die

                                                                                       63
mede de sfeer op school bepalen. Naast deze afspraken zijn er ook nog klassikale
afspraken met de leerlingen die het onderwijs in de klas bevorderen.
De leefregels zijn:


      1.    Ik LUISTER naar jou, maar jij luistert ook naar mij.

      2.    Iedereen is anders en ziet er anders uit, maar dat is nog
              geen reden dat je iemand BUITENSLUIT.

      3.    Alleen zijn is niet fijn, SPEEL SAMEN in de klas en op het
             plein.

      4.    LELIJK PRATEN doen we niet over elkaar, zeg het tegen
             hem of haar.

      5.    Als je GEPEST wordt, voel jij je naar, je hoort er niet bij, ze
              vinden je RAAR. Hou dit NIET GEHEIM, VERTEL het thuis
              maar. De meester of juf staat ook VOOR JOU KLAAR.

      6.    SCHOPPEN, SCHELDEN, SLAAN doet PIJN, dat vinden we
             niet fijn.

      7.    RUZIE?
              Stap 1: Zeg tegen de ander dat je het NIET LEUK vindt
                        en vraag hem/haar ermee te STOPPEN.
              Stap 2: Houdt de ander niet op? Ga dan naar de MEESTER of JUF


      8.    Een GRAP is GOED, als de ander er ook om kan LACHEN.

      9.    Doe met ANDERMANS spullen alsof het van JOU is, dan
             blijft het MOOI en gaat er NIETS mis.

      10.   PRATEN helpt meer dan GEWELD, wie het met zijn/haar
             mond oplost is een HELD



Ook menen we dat het belangrijk is om regels voor ouders/verzorgers te moeten
hebben, dat zijn er 7.


  De 7 regels voor ouders :

      1. Ouders tonen respect voor de meester/juf en andere kinderen.
      2. Ouders zorgen er voor dat de kinderen tijdig, uitgerust en gevoed
         naar school komen, dat is voor half negen en/of kwart over één.
      3. Ouders geven bericht van verhindering.
      4. Ouders bespreken zaken die hen dwars zitten met de betrokken
         leerkracht.
      5. Ouders bespreken voor schooltijd geen “grote zaken”, maar maken
         een afspraak.
      6. Ouders zijn actief betrokken en belangstellend ten opzichte van de
         ontwikkelingen van hun kind en de school en stralen dat ook uit naar
         hun kind.
      7. Ouders weten en beseffen - en gaan er van uit - dat de school
         handelt in het belang van hun kind, ook al wordt niet ieder verzoek
         ingewilligd.

                                                                                   64
We hopen door deze leefregels toe te passen dat leerlingen, ouders, leerkrachten
elkaar respecteren en in hun waarde laten!

Het kan voorkomen dat een kind systematisch door anderen wordt genegeerd of
gepest. Met als gevolg dat dat kind zodanig psychisch in de knel komt, dat
pedagogische maatregelen van de leerkracht of van de school niet meer volstaan. Dan
hebben we te maken met een ernstig probleem. We hebben dan te maken met een
beschadigd kind. Tevens houdt dit in dat we ook te maken hebben met pester(s) die
door hun acties een negatieve invloed heeft/hebben op de sfeer in de groep.
Een schoolklimaat waarin gepest wordt, tast iedereen aan.
In een klas waarin gepest wordt, kan iedereen slachtoffer zijn.
Dit willen we als school voorkomen, vandaar dit pestprotocol.

Het pestprotocol.

   1.   Wij pesten niet
   2.   Wij accepteren niet dat er gepest wordt
   3.   Er zijn duidelijke sancties afgesproken wanneer er sprake is van pesten
   4.   Leerlingen en ouders zijn bekend met het pestprotocol en de sancties.

De tweede regel richt zich nadrukkelijk op leerlingen, leerkrachten en ouders
gezamenlijk. Ieder heeft zijn eigen verantwoordelijkheid bij het tegengaan van
pesten. Die eigen verantwoordelijkheid wordt in dit protocol geconcretiseerd door af te
spreken welke stappen er gezet moeten worden als er sprake is van pesten.

Aanpak van ruzies en pestgedrag in vier stappen

VOORAF:
We gaan op de Foareker uit van de zogenaamde “Stop-methode”.
Indien een leerling zich gepest voelt kan hij/zij dat laten weten door “STOP” te
zeggen. De ander weet dat hij/zij over een grens is gegaan. Degene weet dat hij/zij
dan moet ophouden. Indien dit niet gebeurt, wordt dit door de gepeste gemeld (of
door een medeleerling) aan de eigen leerkracht, maar dat kan ook een andere
leerkracht zijn indien het bijv. buiten gebeurt.
De leerkracht roept de beide leerlingen bij elkaar en dan treedt het volgende
stappenplan in werking:

Wanneer leerlingen ruzie met elkaar hebben en/of elkaar pesten proberen zij
en wij:

STAP 1:
Er eerst zelf ( en samen) uit te komen.

STAP 2:
Op het moment dat één van de leerlingen er niet uitkomt ( in feite het onderspit delft
en verliezer of zondebok wordt) heeft deze het recht en de plicht het probleem aan de
meester of juf voor te leggen.

STAP 3:
De leerkracht brengt de partijen bij elkaar voor een verhelderingsgesprek en probeert
samen met hen de ruzie of pesterijen op te lossen en (nieuwe) afspraken te maken.
Bij herhaling van pesterijen / ruzies tussen dezelfde leerlingen volgen sancties
(zie bij sanctiebeleid).
                                                                                      65
STAP 4:
Bij herhaaldelijke ruzie/ pestgedrag neemt de leerkracht duidelijk stelling en houdt
een bestraffend gesprek met de leerling die pest /ruzie maakt. De fases van
bestraffen treden in werking (zie bij consequenties).
Ook wordt de naam van de ruziemaker / pester in de “Dit-kan-niet” map genoteerd.
Bij iedere melding in de map omschrijft de leerkracht ‘de toedracht’. Bij de derde
melding in de map worden de ouders op de hoogte gebracht van het ruzie-
pestgedrag. Leerkracht(en) en ouders proberen in goed overleg samen te werken aan
een bevredigende oplossing.

De leerkracht biedt altijd hulp aan de gepeste en begeleidt de pester, indien
nodig in overleg met de ouders en/of externe deskundigen.

Sanctiebeleid
De leerkracht heeft het idee dat er sprake is van onderhuids pesten:

In zo’n geval stelt de leerkracht een algemeen probleem aan de orde om langs die
weg bij het probleem in de klas te komen.

De leerkracht ziet dat een leerling wordt gepest (of de gepeste of medeleerlingen
komen het bij hem melden)

En vervolgens leveren stap 1 tm 4 geen positief resultaat op voor de gepeste.
De leerkracht neemt duidelijk een stelling in.
De straf is opgebouwd in 5 fases; afhankelijk hoelang de pester door blijft gaan met
zijn/ haar pestgedrag en geen verbetering vertoont in zijn / haar gedrag:


FASE 1:
  o  Een of meerdere pauzes binnen blijven
  o  Nablijven tot alle kinderen naar huis vertrokken zijn
  o  Een schriftelijke opdracht zoals een stelopdracht over de toedracht en zijn of
     haar rol in het pestprobleem
   o Door gesprek: bewustwording voor wat hij met het gepeste kind uithaalt
   o Afspraken maken met de pester over gedragsveranderingen. De naleving van
     deze afspraken komen aan het einde van iedere week (voor een periode) in een
     kort gesprek aan de orde.

FASE 2:
  o Een gesprek met de ouders, als voorgaande acties op niets uitlopen. De
     medewerking van de ouders wordt nadrukkelijk gevraagd om een einde aan het
     probleem te maken. De school heeft alle activiteiten vastgelegd in de ‘Dit-kan-
     niet’ map en de school heeft al het mogelijke gedaan om een einde te maken
     aan het pestprobleem.

FASE 3:
  o Bij aanhoudend pestgedrag kan deskundige hulp worden ingeschakeld zoals de
     Schoolbegeleidingsdienst, de schoolarts van de GGD of schoolmaatschappelijk
     werk.

FASE 4:


                                                                                       66
    o   Bij aanhoudend pestgedrag kan er voor gekozen worden om een leerling
        tijdelijk in een andere groep te plaatsen, binnen de school.
    o   Ook het (tijdelijk) plaatsen op een andere school behoort tot de mogelijkheden.

FASE 5:
    o   In extreme gevallen kan een leerling geschorst of verwijderd worden.
        (zie hoofdstuk aanname en/of verwijdering van leerlingen)


Begeleiding van de gepeste leerling
    o   Medeleven tonen en luisteren en vragen: hoe en door wie wordt er gepest
    o   Nagaan hoe de leerling zelf reageert, wat doet hij/zij voor tijdens en na
        het Pesten
    o   Huilen of heel boos worden is juist vaak een reactie die een pester
        wil uitlokken. De leerling in laten zien dat je op een andere manier kunt
        reageren.
    o   Zoeken en oefenen van een andere reactie bijvoorbeeld je niet afzonderen
    o   Het gepeste kind in laten zien waarom een kind pest.
    o   Nagaan welke oplossing het kind zelf wil
    o   Sterke kanten van de leerling benadrukken
    o   Belonen (schouderklopje) als de leerling zich anders/beter opstelt
    o   Praten met de ouders van de gepeste leerling en de ouders van de
        pester(s)
    o   Het gepeste kind niet overbeschermen bijvoorbeeld naar school brengen of
        ‘ik zal het de pesters wel eens gaan vertellen’. Hiermee plaats je het
        gepeste kind juist in een uitzonderingspositie waardoor het pesten zelfs
        nog toe kan nemen.


Begeleiding van de pester
    o   Praten; zoeken naar de reden van het ruzie maken/ pesten (baas willen
        zijn, jaloezie, verveling, buitengesloten voelen)
    o   Laten inzien wat het effect van zijn/ haar gedrag is voor de gepeste.
    o   Excuses aan laten bieden
    o   In laten zien welke sterke (leuke) kanten de gepeste heeft
    o   Pesten is verboden in en om de school: wij houden ons aan deze regel;
        straffen als het kind wel pest – belonen (schouderklopje) als kind zich aan
        de regels houdt.
    o   Kind leren niet meteen kwaad te reageren, leren beheersen, de ‘stop-
        eerst-nadenken-houding’ of een andere manier van gedrag aanleren.
    o   Contact tussen ouders en school; elkaar informeren en overleggen.
        Inleven in het kind; wat is de oorzaak van het pesten? *
    o   Zoeken van een sport of club; waar het kind kan ervaren dat contact met
        andere kinderen wel leuk kan zijn.
    o   Inschakelen hulp; sociale vaardigheidstrainingen ; Jeugdgezondheidzorg;
        huisarts; GGD


* Oorzaken van pestgedrag kunnen zijn:

·       Voortdurend met elkaar de competitie aan gaan
·       Een voortdurende strijd om macht in de klas of in de buurt
·       Een problematische thuissituatie
·       Voortdurend in een niet-passende rol worden gedrukt
·       Voortdurend gevoel van anonimiteit (buitengesloten voelen)
                                                                                      67
ADVIEZEN aan de OUDERS van onze school:
Ouders van gepeste kinderen:

  o   Houd de communicatie met uw kind open, blijf in gesprek met uw kind.
  o   Als pesten niet op school gebeurt, maar op straat, probeert u contact op te
      nemen met de ouders van de pester(s) om het probleem bespreekbaar te
      maken.
  o   Pesten op school kunt u het beste direct met de leerkracht bespreken
  o   Door positieve stimulering en zgn. schouderklopjes kan het zelfrespect
      vergroot worden of weer terug komen.
  o   Stimuleer uw kind tot het beoefenen van een sport
  o   Steun uw kind in het idee dat er een einde aan het pesten komt




Ouders van pesters:

  o   Neem het probleem van uw kind serieus
  o   Raak niet in paniek: elk kind loopt kans pester te worden
  o   Probeer achter de mogelijke oorzaak te komen
  o   Maak uw kind gevoelig voor wat het anderen aandoet
  o   Besteed extra aandacht aan uw kind
  o   Stimuleer uw kind tot het beoefenen van een sport
  o   Corrigeer ongewenst gedrag en benoem het goede gedrag van uw kind
  o   Maak uw kind duidelijk dat u achter de beslissing van school staat

Alle andere ouders:

  o   Neem de ouders van het gepeste kind serieus
  o   Stimuleer uw kind om op een goede manier met andere kinderen om te
      gaan
  o   Corrigeer uw kind bij ongewenst gedrag en benoem goed gedrag.
  o   Geef zelf het goede voorbeeld
  o   Leer uw kind voor anderen op te komen.
  o   Leer uw kind voor zichzelf op te komen




  Leerkrachten en ouders uit de Schoolcommissie en de MR
       onderschrijven gezamenlijk dit PESTPROTOCOL




                                                                                    68
                       PCBO-Littenseradiel
                       Protestants Christelijk Basisonderwijs Littenseradiel • Postbus 6 • 8730 AA Wommels
                       tel. (0515) 333 901 • email: administratie@PCBO-Littenseradiel.nl • bank 34.95.10.180




  Beleid foto’s en video-opnames
  Regelmatig worden er op school foto’s en video-opnames gemaakt.
  Dit betreft o.a:
       Foto’s die o.a. op de website, in een (school)krant of in vakliteratuur komen te
         staan.
       Foto- en video-opnames die gemaakt worden tijdens bepaalde activiteiten
          (bijv: toneelspel, taalopdrachten, PowerPoint presentatie).
       Video-opnames van het personeel in het kader voor Video Interactie
         Begeleiding, afgekort VIB (coaching). Zie ook onder het kopje ‘zorgverbreding’
         in de schoolgids.
       Video-opnames ten bate van intensieve leerlingbegeleiding*.

  Over ’t algemeen vinden (groot)ouders, andere familieleden, dorpsgenoten en de
  kinderen zelf het prachtig als ze in de krant staan, op een video voorkomen die op de
  ouderavond is te zien enz. maar er zijn redenen te bedenken waarom men daar niet
  van gediend is.
  Dit kan ook spelen bij video-opnames waarbij uw kind niet het onderwerp van de
  opname is, maar als ‘bijproduct’ toch wordt opgenomen*.

  We gaan er vanuit dat dergelijke foto- en / of video-opnames voor u geen
  probleem zijn en dat we er zonder tegenbericht vanuit mogen gaan dat u
  akkoord bent.

  Mocht u het hier niet mee eens zijn, dan vragen we u op een papiertje te schrijven
  waar u geen toestemming voor geeft. Als u duidelijk de naam van uw kind erop zet en
  dit ondertekend op school inlevert, zullen we rekening houden met de door u
  aangegeven bezwaren.

  Mocht u hierover vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met de directie van de
  school.


* Video-opnames met betrekking tot leerlingbegeleiding

  Omdat de waarde van het filmen steeds meer erkend wordt, vinden we het als school
  belangrijk dat er voor observaties van leerlingen ook gebruik gemaakt kan worden
  van video-opnames. Tijdens het terugkijken van de filmfragmenten kunnen veel zaken
  beter geanalyseerd worden.
  Bij een specifieke hulpvraag zien wij het als een meerwaarde om samen met ouders
  te kijken naar het gedrag van de leerling (in dat geval hun eigen kind). Dit betekent
  wel dat die ouders, naast hun eigen kind, ook eventueel andere kinderen op de film
  kunnen zien. Dat zou uw kind kunnen zijn en daar gaat het hier om.

  Natuurlijk kunnen we alleen op deze wijze werken als u het eens bent met deze vorm
  van leerlingbegeleiding. Als u geen bezwaar maakt, gaan we er vanuit dat we uw kind
  (deels) mogen filmen als dat zo uitkomt bij het filmen van een ander kind.

                                                                                                               69
Op school gaan we zeer discreet om met de video-opnames, daar mag u ons op
aanspreken.

Mochten we uw kind willen helpen door middel van filmopnames, dat uw kind dus het
onderwerp van de opname wordt, dan vragen we daar uiteraard apart toestemming
voor. In het hoofdstuk ‘zorgverbreding’ dat u in de schoolgids terug kunt lezen, staat
duidelijk omschreven dat er overleg met u plaatsvindt zodra we denken dat uw kind
anders dan op de gewone manier moet worden begeleid.




                                                                                    70
Urenberekening

Totaal aantal beschikbare uren :

30 september 2011 valt op een vrijdag: één dag extra

Op basis van 52 weken gaat:
Groep 1:          1116,13 uur naar school        5 ochtenden, 2 middagen
Groep 2 t/m 4:    1233,13 uur naar school        5 ochtenden, 3 middagen
Groep 5 t/m 8:    1350,13 uur naar school        5 ochtenden, 4 middagen

Maar daar moet af: de vakanties en facultatieve uren :
Vakantie            Omvang      Groep 1           Groep 2 t/m 4   Groep 5 t/m 8
Herfstvakantie      1 week           21,40             23,65           25,90
Kerstvakantie       2 weken          42,80             47,30           51,80
Voorjaarsvakantie   1 week           21,40             23,65           25,90
Paasvakantie        vr.+ ma.          6,66             8,93            11,16

Meivakantie,       1 week +          24,70              26,95         31,45
                   vr.
Hemelvaartvakantie 2 dagen           8,91               8,91           11,16
Pinkstervakantie   1 dag             3,48               5,58           5,58
Zomervakantie      6 weken          128,40             141,90         155,40

       Totaal                       263,18             292,42         323,93
Studiedag                            5,58               5,58           5,58
Vereniging
3 studiedagen                        16,74              16,74         16,74

                                    279,92             309,16         340,67

Beschikbaar                         1116,13            1233,13       1350,13
Uren onderwijs                       834,63             923,97       1009,46

De groepen 1 t/m 4 moeten verplicht in de eerste vier jaar gemiddeld 880 uur per
jaar maken = totaal 3520 uren. In dit schema maken ze dus 1 x 834,63 + 3 x 923,97
(= 2771,91) = 3606,54 uur. Dat is gemiddeld dus 901,64 uur. Ze hebben dus ruim 22
uren over.
De groepen 5 t/m 8 moeten elk minstens 1000 uur per jaar naar school. In dit
schema maken zij 1009,46 uur, derhalve hebben zij elk bijna 10 uren over.




                                                                                  71
klokurentabel vak- en vormingsgebieden ( in kwartieren per week )

Vakgebied:                   gr.1 gr.2 gr.3 gr.4 gr.5 gr.6           gr.7 gr.8
Kring                        5      5     0     0     0      0      0     0
Godsdienstige vorming        5      5     10    10    10     10     10    10
Arbeid ontw. mat.            22     22    0     0     0      0      0     0
Taal/taalontw.               8      8     20    20    17     17     17    17
Spelling                     0      0     0     3     7      7      7     7
Taalleesactiv.               6      10    0     0     0      0      0     0
Leesactiv.                   0      0     13    10    10     8      5     5
 Schrijven                   0      0     6     6     4      2      2     2
Rekenen/wiskunde             0      0     15    15    18     18     18    18
Frysk                        0      0     5     5     5      3      3     3
Engels                       0      0     0     0     0      0      3     3
Wereldoriëntatie             2      2     6     6     10     16     16    16
Verkeersonderwijs            2      2     2     2     2      2      2     2
Muzikale vorming             5      5     4     4     3      3      3     3
Expressieactiv.              4      4     5     5     6      6      6     6
Bewegingsonderw.             21     26    3     3     6      6      6     6
Pauze /fruit eten            5      5     5     5     5      5      5     5
Totaal                       85     94    94    94    103    103 103      103

Er is besloten ook dit jaar weer elke dag vijf minuten langer naar school te gaan.
De 25 minuten die daar mee “gewonnen“ worden, worden gekoppeld aan het
taal/leesonderwijs.


Voorlopige vakantiedata Primair Onderwijs 2011-2012

Soort vakantie      Regio         Data als de wetswijziging       Data als de
                                  wel is ingetreden               wetswijziging niet is
                                                                  ingetreden

Herfstvakantie      Noord                                         15 okt. t/m 23 okt.2011
                    Midden                                        15 okt. t/m 23 okt. 2011
                    Zuid                                          22 okt. t/m 30 okt. 2011
Kerstvakantie       Alle                                          24 dec. 2011 t/m 8 jan.
                                                                  2012
Voorjaarsvakantie   Noord                                         25 feb. t/m 4 maart 2012
                    Midden                                        18 feb. t/m 26 feb.2012
                    Zuid                                          18 feb. t/m 26 feb. 2012
Meivakantie         Alle                                          28 april t/m 6 mei 2012
Zomervakantie       Noord         21 juli t/m 2 sep. 2012         21 juli t/m 2 sep. 2012
                    Midden        14 juli t/m 26 aug. 2012        7 juli t/m 19 aug. 2012
                    Zuid           7 juli t/m 19 aug. 2012        30 juni t/m 12 aug. 2012




                                                                                             72
Voorlopige vakantiedata Primair Onderwijs 2012-2013

Soort vakantie      Regio    Data als de wetswijziging      Data als de
                             wel is ingetreden              wetswijziging niet is
                                                            ingetreden

Herfstvakantie      Noord    20 okt. t/m 28 okt. 2012
                    Midden   13 okt. t/m 21 okt. 2012
                    Zuid     13 okt. t/m 21 okt. 2012
Kerstvakantie       Alle     22 dec. 2012 t/m 6 jan. 2013
Voorjaarsvakantie   Noord    16 feb. t/m 24 feb. 2013
                    Midden   16 feb. t/m 24 feb. 2013
                    Zuid     23 feb. t/m 3 maart 2013
Meivakantie         Alle     27 april t/m 5 mei 2013
Zomervakantie       Noord    13 juli t/m 25 aug. 2013       6 juli t/m 18 aug. 2013
                    Midden   20 juli t/m 1 sep. 2013        20 juli t/m 1 sep. 2013
                    Zuid      6 juli t/m 18 aug. 2013       29 juni t/m 11 aug. 2013




                                                                                       73
74
75
76
77
78
afkortingenlijst

Ab                 ambulant begeleider = vanuit het speciaal
                   onderwijs van lestaken vrijgestelde begeleider.

ADV                ArbeidsDuurVerkorting

AOC                Agrarisch OpleidingsCentrum

BAPO               Bevordering Arbeids Participatie Ouderen (verlofregeling voor
                   werknemers vanaf 52 jaar)

BHV                BedrijfsHulpVerlening

BIB-er             Bovenschools Interne Begeleider

BV                 Bestuursvergadering

CBS                Christelijke Basis School

Cédin              Centrum voor Onderwijsbegeleiding voorheen het GCO-fryslân

GGD                Gemeentelijke Geneeskundige Dienst

HAVO               Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs

IB-er              Interne Begeleider

IPB                Integraal Personeel Beleid

ICT                Informatie- en Communicatie Technologie

KBS                Kristlike BasisSkoalle

KSG-dienst         Kerk-, School- en Gezinsdienst

LGF                Leerling Gebonden Financiering

LIO                Leraar In Opleiding

LVS                Leerling Volg Systeem

LWOO               Leer Weg Ondersteunend Onderwijs

MR                 Medezeggenschapsraad

PCBO               vereniging voor Protestants-Christelijk Basis Onderwijs

PCL                Permanente Commissie Leerlingenzorg

PDO                Pedagogisch-Didactisch Onderzoek

POP                Persoonlijk Ontwikkeling Plan

                                                                                   79
REC          Regionaal Expertise Centrum

RT-er        Remedial Teacher

SC           School Commissie

SO           Speciaal Onderwijs

SBO          Speciale school voor Basis Onderwijs

VLL          Veilig Leren Lezen

VMBO         Voorbereidend Middelbaar Beroeps Onderwijs

VWO          Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs

WSNS    Weer Samen Naar School




                                                          80

								
To top