Studiehandleiding OER 2008-2009 by cw5U5ut2

VIEWS: 0 PAGES: 31

									                             Algemene Studiehandleiding

                                           2008-2009



                     Van de opleiding Medewerker Beheer ICT
                               Gooi en Vechtstreek




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                  Pagina 1 van 31
Naam ROC                               ROC van Amsterdam
Brinnummer                             25PZ
Crebonummer                            90230
Locatie                                Gooi en Vechtstreek, Hilversum


Naam opleiding                         Medewerker Beheer ICT
Kwalificatieniveau                     Niveau 3
Soort opleiding                        Vakopleiding
Leerweg                                BOL
Wet Studiefinanciering                 ja
Cohort                                 2008
SBU                                    3200
Looptijd                               Maximaal 3 jaar
BPV SBU’s                              1200
BPV %                                  37,5%
Ingangsdatum                           1 augustus 2008
Vervaldatum                            1 augustus 2011
Datum vaststelling bevoegd
gezag
Datum bekendmaking
Handtekening
directie werkmaatschappij




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                          Pagina 2 van 31
Inhoudsopgave

Voorwoord ............................................................................................................................. 5
Hoofdstuk 1:        Algemene informatie over de opleiding ...................................................... 6
   1.1    Doelstellingen van onze school ............................................................................ 6
   1.2    De ICT opleidingen van het ROC van Amsterdam Gooi & Vechtstreek............. 6
   1.2.1 BBL variant ............................................................................................................. 6
   1.2.2 BOL-variant ............................................................................................................. 7
   1.3    Studieduur ............................................................................................................ 7
   1.4    Werktijden en jaarrooster ...................................................................................... 8
   1. 5 Stage (BPV=beroepspraktijkvorming) ................................................................. 9
   1.6    Introductieperiode ................................................................................................ 9
   1.7    Presentieregeling .................................................................................................. 9
   1.8    Studiefinanciering en Tegemoetkoming Studiekosten ....................................... 10
   1.9    Voortgang van je studie ..................................................................................... 10
   1.10 Schorsing en verwijdering .................................................................................. 10
Hoofdstuk 2               Onderwijsregeling .................................................................................... 11
   2.1     De opbouw van de opleiding .............................................................................. 11
   2.2     Visie op competentiegericht leren en beoordelen .............................................. 11
     2.2.1      Het competentiegericht leren ...................................................................... 11
     2.2.2      Het verbindend leren .................................................................................. 11
     2.2.3      Didactisch concept : leren door te doen ..................................................... 12
     2.2.4      Kennisontwikkeling.................................................................................... 12
     2.2.5      Docent is begeleider ................................................................................... 13
   2.3     Kerntaken ........................................................................................................... 13
   2.4     Competenties ...................................................................................................... 13
   2.5     Ontwikkelen van competenties........................................................................... 14
   2.6     Sport- en Bewegingsonderwijs ........................................................................... 14
   2.7     Programmering van het onderwijs...................................................................... 15
     2.7.1 Kerntaken en werkprocessen van Leren, Loopbaan en Burgerschap ................ 16
   Leren, Loopbaan en Burgerschap ................................................................................... 16
     2.7.2 Aanduiding van het niveau Nederlands en Engels ............................................ 17
   2.8     Beroepspraktijkvorming (BPV) ......................................................................... 18
   2.9     POP/PAP en Portfolio ........................................................................................ 19
   2.10 Begeleiding ......................................................................................................... 20
   2.11 Beoordeling ........................................................................................................ 20
     2.11.1     Beoordeling van projecten.......................................................................... 20
     2.12.2     Beoordeling beroepshouding op school ..................................................... 21
     2.12.4     Talen ........................................................................................................... 21
     2.12.5     Beoordeling Bedrijfsprojecten ................................................................... 21
     2.12.6     Beoordeling Proeven van Bekwaamheid (PVB) ........................................ 21
     2.12.7     Beoordeling burgerschapscompetenties ..................................................... 22
     2.12.8     Beoordeling Sport ....................................................................................... 22
Hoofdstuk 3:                Toetsing en examinering........................................................................ 23
   3.1     Examenprogramma ............................................................................................ 23
     3.1.1      Summatieve onderdelen ............................................................................. 23
     3.1.2      Formatieve onderdelen ............................................................................... 23
   3.2     Toelating tot de Proeven van Bekwaamheid ...................................................... 23
   3.3     Diplomering en certificering .............................................................................. 24
   3.4     Instroom, Interne doorstroming, versnelde doorstroom, overstap ..................... 24



95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                                     Pagina 3 van 31
     3.4.1     Instroom ...................................................................................................... 24
     3.4.2     Doorstroom ................................................................................................. 24
     3.4.3     Versnelde doorstroom ................................................................................ 24
     3.4.4     Overstap en Uitstroom................................................................................ 24
     3.4.5     Verlengd jaar .............................................................................................. 24
   3.5     Klachtenregeling ............................................................................................... 25
Bijlage 1: Schema werkproces en projecten ........................................................................ 26
Bijlage 2: Schema per Proeve van BekwaamheidBijlage 3: Schema
burgerschapscompetenties en projecten ............................................................................. 26
Bijlage 2: Schema per Proeve van BekwaamheidBijlage 3: Schema
burgerschapscompetenties en projecten ............................................................................. 27
Bijlage 3: Schema burgerschapscompetenties en projecten ................................................ 28
Bijlage 4: Begrippenlijst ....................................................................................................... 29
Bijlage 5: Verwachtingen van deelnemers en docenten ....................................................... 31




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                                   Pagina 4 van 31
Voorwoord
Beste deelnemer,


Namens alle docenten heet ik je van harte welkom op het ROC van Amsterdam werkmaatschappij
Gooi en Vechtstreek. We zijn verheugd dat je gekozen hebt voor de opleiding Medewerker Beheer
ICT. In de eerste plaats hopen we dat je het snel naar je zin hebt en dat je de opleiding op het
gewenste niveau afsluit.

In deze algemene studiehandleiding vind je belangrijke informatie over de Medewerker Beheer
ICT opleiding. Deze handleiding geeft je informatie over de opleiding, hoe die is opgebouwd en
waaraan je moet voldoen om het diploma te halen.

Je hebt bij het begin van je studie een Onderwijsovereenkomst getekend. Hierin staan de rechten
en plichten van het ROC van Amsterdam en die van jou vermeld. Tijdens de introductie ben je
gewezen op de “wegwijzer” op www.rocva/gooienvechtstreek.nl . Daarin staan de belangrijkste
algemene zaken over de school.

Het is van groot belang dat je deze studiehandleiding goed bestudeert, want van jou wordt
verwacht dat je niet alleen weet wat er in staat, maar ook wat je in bepaalde situaties moet doen
en wat je van de opleiding Medewerker Beheer ICT mag verwachten.
Zo kun je nalezen:
 hoe de opleiding is opgebouwd
 hoe alles rondom de examinering geregeld is
 welk gedrag er van je wordt verwacht
 met welke functionarissen je te maken krijgt
 en welke invloed je kunt hebben op de gang van zaken binnen de opleiding.

Dit document is gebaseerd op het Onderwijs- en Examen Regelement (OER). Omdat deze
Onderwijs- en Examenregeling gemaakt is voor een experimentele opleiding, is het mogelijk dat
tijdens de opleiding wijzigingen plaatsvinden. Deze wijzigingen worden tijdig meegedeeld. Het
ROC van Amsterdam heeft een centrale Onderwijs- en Examenregeling, die op alle
beroepsopleidingen van toepassing is. Het examenreglement vormt hier een integraal onderdeel
van. Deze regeling kun je vinden op www.rocva/gooienvechtstreek.nl.

Mocht je na het lezen nog vragen hebben, stel ze dan gerust. In principe kun je daarvoor terecht
bij Peter Thijssen (pj.thijssen@rocva.nl). Ditzelfde geldt ook als je suggesties hebt ter verbetering
van deze studiehandleiding. De elektronische versie van deze studiehandleiding is te vinden op
onze website: www.ict-bedrijf.com/leerlingenportal/Niveau3

Wij wensen je veel succes en hopen dat je een prettige studietijd zult hebben.

Namens alle medewerkers,



Bart Brouwer
Opleidingsmanager (A.I.)




Waar ‘hij’ staat kan ook ‘zij’ gelezen worden.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                Pagina 5 van 31
Hoofdstuk 1:                     Algemene informatie over de opleiding


1.1      Doelstellingen van onze school
ROC van Amsterdam Gooi en Vechtstreek ontwikkelt zich tot een loopbaancentrum. Dat betekent
dat jouw (studie)loopbaan centraal staat. Vanaf de intake tot de diplomering word je begeleid om
zoveel mogelijk het opleidingstraject te volgen dat bij jou past.
Daarbij stelt de opleiding Medewerker Beheer ICT zich bepaalde doelen:

     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek verzorgt een breed opleidingsaanbod, vari-
      ërend in niveau, leerweg en opleidingsduur.
     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek probeert je zo snel mogelijk op het juiste
      studietraject te plaatsen, waarbij rekening wordt gehouden met je capaciteiten en interesses.
     Tijdens je opleiding wordt niet alleen aandacht besteed aan een goede voorbereiding op een
      toekomstige beroepsuitoefening of vervolgopleiding, maar krijg je ook onderwijs dat betrekking
      heeft op je persoonlijke ontwikkeling en je maatschappelijke en culturele vorming.
     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek wil je een goede persoonlijke studiebegeleiding
      geven.
     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek streeft ernaar een aangenaam en afwisselend
      studieklimaat voor je te creëren.
     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek gaat bij de uitvoering van het onderwijs uit van
      de gelijkwaardigheid van mensen.
     Het ROC van Amsterdam, Gooi & Vechtstreek bevordert een sfeer waarin deelnemers en
      medewerkers open met elkaar communiceren op basis van eerlijkheid en wederzijds respect.


1.2      De ICT opleidingen van het ROC van Amsterdam Gooi & Vechtstreek
Het opleidingsaanbod bestaat uit de volgende opleidingen:

     Medewerker ICT             niveau 2
     Medewerker Beheer ICT      niveau 3
     ICT Beheer                 niveau 4

Informatie over deze en andere opleidingen kun je halen bij de balie van het Frontoffice in de
centrale hal van de school. (Ruimte C21).

Elke opleiding wordt geleid door een opleidingsmanager die eindverantwoordelijk is. Voor de
opleiding Medewerker Beheer ICT is dit de heer Bart Brouwer


1.2.1 BBL variant
Deze handleiding concentreert zich op de BOL-variant (BOL = Beroeps Opleidende Leerweg) van
de opleiding Medewerker Beheer ICT. Hier noemen we de verschillen en overeenkomsten en de
gevolgen daarvan voor de BBL-variant. Met de opleiding Medewerker Beheer ICT via de Beroeps
Begeleidende Leerweg (BBL) kun je het erkende mbo diploma behalen.

Voorheen leerlingwezen: werken én leren
In de Beroeps Begeleidende Leerweg - dat vroeger leerlingwezen heette – werk je voor minstens
60% in de praktijk bij een bedrijf en ga je 1 dag per week naar school. Je wordt daarbij door een
praktijkopleider van het bedrijf of de instelling geholpen om de juiste competenties te verwerven.
Ook wordt je vanuit school begeleidt door een BBL-docent. Daarbij voer je ook praktische
opdrachten voor school uit. Hierdoor kan het geleerde direct in de praktijk worden gebracht en
maakt het werken een belangrijk onderdeel uit van de opleiding; het zogenaamde “werkend leren”.

Programma




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 6 van 31
Omdat je maar één dag op school zult zijn, ziet je programma er natuurlijk anders uit dan dat van
de BOL-variant. Het stuk over Sport en Bewegen is niet op jou van toepassing en omdat je
meestal in het bedrijf aan de slag zult zijn ziet jouw jaarplanning er anders uit.
Om het diploma te behalen zul je het volgende succesvol af moeten sluiten/op moeten leveren:

         Kerntaken en proeven van bekwaamheid
         ICT trainer
         Cisco I en II
         Kernprojecten
         Kwaliteitskaart

Arbeidscontract
Voorwaarde om de BBL-variant van de opleiding Medewerker Beheer ICT te volgen is een
arbeidscontract van minimaal 6 maanden en 24 uur per week bij een erkend leerbedrijf dat door
de Ecabo goedgekeurd is voor de opleiding Medewerker Beheer ICT.

Noot:
Waar in de handleiding in het geval van BOL gesproken wordt over de beroepspraktijkvorming
(BPV) en/of stage kun je in de BBL-variant spreken van beroepspraktijkvorming (BPV) en/of werk
bij het bedrijf.

1.2.2 BOL-variant
De Bol-opleiding of Beroeps Opleidende Leerweg is een combinatie van school en stage. Je gaat
de hele week naar school en loopt één of meer periodes stage, in het mbo de
beroepspraktijkvorming (bpv) genaamd. De bol is een dagopleiding, waarbij je de hele week naar
school gaat. De nadruk ligt dus op onderwijs. Tijdens de opleiding doe je praktijkervaring op
wanneer je stage gaat lopen bij een erkend leerbedrijf. Dat is de beroepspraktijkvorming (bpv).


1.3       Studieduur
Hoe lang de opleiding duurt, hangt voor een groot deel af van je eigen inzet en vooropleiding. De
gemiddelde studieduur is 2 jaar. Dat geldt voor de meeste leerlingen. Je mag maximaal 3 jaar
over de opleiding doen. De opleiding is dusdanig ingericht dat je het gehele opleidingsaanbod
tijdens de duur van je opleiding kunt volgen.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                             Pagina 7 van 31
1.4     Werktijden en jaarrooster
Je volgt de opleiding Medewerker Beheer ICT. Wat wij je bieden is een tweejarige opleiding
waarbij de nadruk ligt op (leren) samenwerken.

Het jaarrooster bestaat uit 4 periodes van minimaal 9 weken. In het jaarrooster vind je naast de
vakantie- en vrije dagen voor het komend schooljaar ook de POP en Bufferweken.
Tussen deze onderwijsperiodes zitten beoordelingsperiodes (bufferperiodes).
De summatieve (praktijk)beoordelingen, de examens, kunnen elk moment plaats vinden. Dit
overleg je met je opleider binnen het bedrijf en de BPV -begeleider van school. Hieronder volgt je
rooster:

Eerstejaars
Weekdag                            Tijden                             Activiteit
Maandag                            09:30u t/m 15:00u                  Projecturen en Workshops
Dinsdag en Woensdag                08.30u t/m 15:00u                  Projecturen en Workshops
Donderdag                          08:30u t/m 12:00u                  Projecturen
Vrijdag                            08:30u t/m 15:00u                  Projecturen en Workshops

Tweedejaars
Weekdag                            Tijden                             Activiteit
Maandag                            09:30u t/m 14:50u                  Projecturen en Workshops
Dinsdag en Woensdag                08.30u t/m 14.50u                  Projecturen en Workshops
Donderdag en Vrijdag               08:30u t/m 12:00u                  Projecturen

Tijdens de projecturen maak je projecten, help je anderen, werk je aan je communicatie en je
sociale vaardigheden. Tijdens de workshops worden aanvullende lessen gegeven op het gebied
van bijvoorbeeld burgerschapscompetenties, taal (Engels en Nederlands), sollicitatievaardigheden
en planningsvaardigheden.

In het eerste leerjaar zal je deelnemen aan projecten en workshops waarbij Hardware en Software
centraal staan. Je zult deel gaan uitmaken van de verschillende afdelingen in ons lokaal. De
afdelingen zijn receptie, front-office en back-office. Ook zal je in het eerste jaar in de gelegenheid
gesteld worden om je CCNA1 te behalen. Dit is een wereldwijd erkend Cisco Netwerk diploma.

Het eerste leerjaar sluit je af met een stageperiode van 400 uur. Hierin maak je een Proef van
Bekwaamheid. Deze proeve is een onderdeel van je eindexamen.

In het tweede leerjaar zijn de projecten meer georiënteerd op programmeertalen en de ICT
omgeving in het algemeen. Van je zal verwacht worden om ook je CCNA2 diploma te behalen.
Je stageperiode in het tweede jaar bestaat uit een periode van 800 uur waarin je twee andere
Proeve van Bekwaamheid aflegt.

Het stageverslag over deze Proeve (PVB) 1,2 en 3 is een onderdeel van je eindexamen.

Voor het behalen van het diploma niveau 3 zijn daarnaast de volgende zaken dus nodig:
 BPV verslag (Proeven van Bekwaamheid 1, 2 en 3)
 Verplichte projecten
 Verplichte workshops
 Nederlands niveau B2
 Engels niveau B1
 Burgerschapscompetenties
 Sport
 Diploma CCNA 1
 Diploma CCNA 2




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                Pagina 8 van 31
1. 5    Stage (BPV=beroepspraktijkvorming)
De opleiding biedt maatwerktrajecten aan. Beschik je over de nodige ICT kennis, vaardigheden en
werkhouding dan is het mogelijk de praktijk in te gaan. Je zoekt en solliciteert zelf naar een
geschikt stagebedrijf. Tijdens je opleiding krijg je begeleiding om je CV en sollicitatiebrieven te
schrijven. Daarmee geven wij je de vaardigheden om, als de tijd daar is, een stageplaats te
vinden.

De opleiding is Competentie Gericht. Dit betekent dat je uiteindelijk over voldoende kennis en
vaardigheden beschikt om je toekomstige beroep uit te oefenen. Dit doen we door een
praktijksituatie in de klas, bedrijfsprojecten, BPV en een aantal verplichte projecten. Voor de
diverse projecten zie:
http://www.ict-bedrijf.com/leerlingenportal/Niveau3/projectennN3.html

In het jaarrooster vind je naast de vakantie- en vrije dagen voor het komend schooljaar ook de
POP (Persoonlijk Ontwikkel Plan) en Bufferweken. Tussen deze onderwijsperiodes zitten
beoordelingsperiodes (bufferperiodes).
De summatieve (praktijk)beoordelingen, de examens, kunnen elk moment plaats vinden. Dit
overleg je met je opleider binnen het bedrijf en de BPV -begeleider van school. Je legt dit ook
weer vast.


1.6     Introductieperiode
De eerste 10 weken van de opleiding is een introductieperiode. In de eerste week valt de nadruk
op het kennismaken met elkaar, de school, de docenten en de begeleiders. Daarnaast kijk je naar
je eigen kwaliteiten en talenten. Om elkaar ook in een ander omgeving mee te maken wordt er een
tweedaags kamp georganiseerd waaraan je verplicht bent deel te nemen.
Vanaf de tweede week zijn er verschillende workshops. Deze eerste periode moet met voldoende
resultaat zijn gevolgd om toegelaten te worden tot de tweede leerperiode die in november start. Bij
het niet halen van de introductieworkshops overleg je met je begeleider wat de mogelijkheden zijn.
In het uiterste geval kun je het advies krijgen een andere studie te volgen of te gaan werken.
Deze eerste periode heeft ook tot doel om te kijken of je de goede opleidingskeuze hebt gemaakt.
Dit doe je in overleg met je begeleider aan de hand van een POP gesprek. Ook worden bij de
evaluatie jouw gedrag en (werk)houding met je besproken.


1.7     Presentieregeling
Je stelt het vast op prijs om als (jong) volwassene te worden behandeld. Wij kunnen daar volledig
achter staan. Wees alleen niet verbaasd, dat wij dus ook volwassen gedrag van jou verwachten.
Volwassenen hebben rechten, maar ook plichten. Het lijkt ons vanzelfsprekend dat een goede
werksfeer in een bedrijf als “school” staat of valt met het nakomen van die verplichtingen. Eén van
de verplichtingen die je bent aangegaan (zie daarvoor de onderwijsovereenkomst) is het nakomen
van de afspraken voor aanwezigheid.

De presentieregeling komt op het volgende neer: vanuit de onderwijsinspectie is bepaald dat jij als
MBO student minimaal 850 uur aan lesuren per lesjaar gevolgd moet hebben.

Als je ziek bent of te laat dan meld je dit vóór 8.30 uur via de mail of SMS aan je docenten en de
receptie van jouw werkruimte. Verzoeken om verlof altijd vooraf en schriftelijk indienen bij je
begeleider en de opleidingsmanager.
Voor het behalen van het diploma niveau 3 zijn de volgende zaken dus nodig:
 Verplichte projecten
 Verplichte workshops
 Nederlands niveau B2
 Engels niveau B1
 Burgerschapscompetenties



95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 9 van 31
   Sport
   Proeven van Bekwaamheid 1, 2 en 3
   BPV verslag
   Diploma CCNA 1
   Diploma CCNA 2

Ongeoorloofd verzuim betekent dat je aanwezigheidspercentage daalt. Als dit onder de 850 uren
norm komt volgt automatisch een waarschuwingsbrief (zie 1.9)


1.8     Studiefinanciering en Tegemoetkoming Studiekosten
De opleiding voldoet aan de eisen om in aanmerking te komen voor studiefinanciering. Elk
studiejaar van bovengenoemde opleiding omvat tenminste 850 contact(klok)uren, zoals
neergelegd in artikel 9, lid 1 a, van de Wet op de Studiefinanciering (WSF) en de nadere
invullingen die daaraan zijn gegeven. Op jaarbasis telt de opleiding een studielast van 1600
studiebelastinguren.

Er kunnen aanvullende eisen zijn met betrekking tot bijvoorbeeld leeftijd, nationaliteit, en
verblijfsvergunning. Om te weten of jij in aanmerking komt voor de Wet op de Studiefinanciering
(WSF) of de Wet Tegemoetkoming Studiekosten (WTS), kun je informatie vinden op de website:
www.ib-groep.nl.

De formulieren voor het aanvragen vind je bij de Front Office in de centrale hal.
Als je studiefinanciering hebt, is de school verplicht om je presentie door te geven aan de instantie
van wie je de studiefinanciering ontvangt.

1.9     Voortgang van je studie
Indien gedurende het cursusjaar blijkt dat je onvoldoende voortgang vertoont, dan zal in een POP
gesprek met je begeleider, eventueel in het bijzijn van de coördinator, een advies worden
uitgebracht over het vervolg van jouw studie.
Nadrukkelijk zal in dat gesprek de mogelijkheid van een tussentijdse overstap naar een andere
opleiding binnen Gooi en Vechtstreek besproken worden. Aan het eind van elke onderwijsperiode
kan het advies een bindend karakter krijgen.
Daarnaast volgt bij onvoldoende verbetering van je studieresultaten een schriftelijke
waarschuwing. Na de derde waarschuwing volgt verwijzing naar het Leer Expertise Centrum
(LEC) met als doel: uitschrijving.


1.10 Schorsing en verwijdering
Bij ontoelaatbaar gedrag treedt de verwijderingprocedure in werking. Deze is als volgt:
      schriftelijke waarschuwing (tot maximaal 3)
      schorsing van 1 dag
      schorsing van 3 dagen
      verwijdering van school
Ga je niet akkoord met de genomen maatregelen, dan kun je hiertegen in beroep gaan. Kijk
hiervoor op www.rocva.nl. In de ‘Wegwijzer Arena 301’ kun je ook nalezen welke stappen je moet
ondernemen. Je kunt hierbij ook hulp inroepen van de Opleidingsmanager Assistente (O.M.A.).
Voor onze opleiding is dat Mevrouw Atie Schaap.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 10 van 31
Hoofdstuk 2                      Onderwijsregeling


2.1       De opbouw van de opleiding
De opleiding Medewerker Beheer ICT is een Middelbare Beroepsopleiding met een studieduur van
maximaal 3 jaar. Je bent vanaf de eerste dag bezig met het "opbouwen" van je diploma door
middel van het ontwikkelen van competenties. Competenties zijn de mogelijkheden die je hebt om
een bepaalde beroepstaak goed uit te oefenen. Het gaat hier om een combinatie van kennis,
vaardigheden en beroepshouding.
Na het behalen van het diploma Medewerker Beheer ICT is het mogelijk om op een hoger niveau
door te leren. Je kunt dan bijvoorbeeld de opleiding Netwerkbeheerder of ICT beheerder volgen.
Aan deze overstap zijn echter wel eisen verbonden waaraan je moet voldoen. Eén van de eisen is
een intakegesprek waarin jij jouw motivatie centraal staat.


2.2       Visie op competentiegericht leren en beoordelen

2.2.1 Het competentiegericht leren

De diploma’s van ICT-lyceum werkmaatschappij Gooi en Vechtstreek zijn vanaf het begin 2005
gebaseerd op de nieuwe kwalificatiestructuur. Die structuur is aan het begin van schooljaar
2003/04 ingevoerd en de deelnemers die nu twee jaar later hun studie afronden krijgen nu het
diploma waarop geen vakken meer staan maar de bekwaamheden (competenties) van onze
ICT-ers als onder andere: hardware assembleren, software installeren en helpdesk uitvoeren. Alle
deelnemers die geslaagd zijn van alle niveaus twee, drie en vier krijgen een diploma zonder cijfers
en zonder vakken maar met de vermelding dat zij voldaan hebben aan onze Proeve van
Bekwaamheid.


2.2.2 Het verbindend leren

Om het didactisch concept te begrijpen is een korte uitleg van de achterliggende visie op zijn
plaats. De samenleving heeft verbinding nodig. De nieuwe kwalificatiestructuur maakt daarom
onderdeel uit van het verbindend leren. Deze manier van leren werkt op de volgende manieren:

         de verbinding met elkaar is aan de orde. Wij zeggen vaak: ‘alleen weet je het niet, maar
          samen weten wij het wel’. De multiculturele uitdaging hier op school feitelijk en actief
          ingevuld;
         wij verbinden ons als docenten met de kansarmen van onze samenleving en we vragen
          onze deelnemers hetzelfde te doen;
         de verbinding van jou met de loopbaan die je kiest.
         assessment

Als deelnemer ‘verbindt’ je de eigen interesses met je buitenwereld. Ligt je interesse bijvoorbeeld
bij ICT, dan komt je motivatie van binnen uit, tenminste als je met ICT activiteiten bezig bent. We
noemen dit intrinsieke motivatie. Het leren gaat van ‘binnen naar buiten’ op het moment dat je
‘intrinsieke motivatie’ bezit.

We merken dat wanneer je het onderwijs wilt vernieuwen, je 'buiten de kaders’ moet treden. In het
geval van onderwijsvernieuwing behaal je successen door uit het bestaande patroon te stappen
en van binnen naar buiten te gaan. De vernieuwing geeft antwoorden op vragen als, met welke
competenties ben je kansrijk op de markt van het beroepsonderwijs?




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 11 van 31
                                                       Nieuwe kwalificatiestructuur met
    Oude kwalificatiestructuur met vakken
                                                               competenties
                   boeken                                       geen boeken
                  didactiek                                      psychologie
                 vaardigheid                          motivatie (ambitie van binnen uit)
            je houden aan regels                            authentiek durven zijn
            het gebeurt in de klas                          het gebeurt in het vak
           de lessen staan centraal                      de deelnemer staat centraal
      leren gaat van buiten naar binnen               leren gaat van binnen naar buiten

Figuur 1: vergelijking van de oude en de nieuwe manier van leren

2.2.3 Didactisch concept : leren door te doen

Het didactisch concept gaat uit van de gedachte dat het leren door te doen het snelste en het
leukste verloopt. Waarom? Door eerst te doen ervaar je de dingen en begin je je dan pas af te
vragen wat je wel en niet weet. Je verbindt je interesse met wat je aan het doen bent. Deze vorm
van leren wordt ook wel Producerend Leren genoemd, maar is ook te vinden onder de noemer
Natuurlijk Leren.
Een persoonlijk voorbeeld. “Als ik een reisboekje over een bepaald land lees, dan lees ik het pas
met interesse als ik in het land zelf reis en ‘leeft’ de inhoud pas echt als ik ook daadwerkelijk de
steden bezoek. Vooraf lezen heeft weinig zin, want er blijft erg weinig hangen en ik krijg het boek
waarschijnlijk niet eens uit.”
Een veel aangehaald voorbeeld is het boekje “Koop een auto op de sloop” .Knap een sloopauto
op, laat hem APK keuren en verkoop hem met winst. Het boekje is door APS in Utrecht
uitgegeven. Het boekje verteld over het paradigma A en B, waarin A het klassieke onderwijsmodel
voorstelt en B is een andere manier van leren.
Op de website van APS (www.aps.nl) staat te lezen:
”Veel scholen steken enorm veel energie in het verbeteren van het huidige onderwijs. De meeste
blijven daarbij binnen de huidige kaders die we in het onderwijs aantreffen: lessen, vakken, rooster
e.d. In het boekje "Koop een auto op de sloop" staat beschreven hoe onderwijs eruit ziet dat is
vorm gegeven buiten die bestaande kaders. Vakken, methodes, roosters, vaksecties e.d. worden
losgelaten. Als we nagaan hoe mensen leren, dan maken we binnen Niveau 3 met name gebruik
van de onderste meest effectieve methodes 5, 6 en 7 onderaan het overzicht.

Hoe mensen leren                Wetenschappelijk gemeten score
1 Lezen                         10%
2 Horen                         10%
3 Zien                          30%
4 Zien+Horen                    50%
5 Bespreken                     70%
6 Zelf ervaren                  80%
7 Uitleggen aan anderen         95%


2.2.4 Kennisontwikkeling

Bij de opleiding Medewerker Beheer ICT ligt de nadruk op kennisontwikkeling in plaats van
kennisoverdracht. Kennisoverdracht is kenmerkend voor opleidingen vanuit de oude
kwalificatiestructuur. Kennisontwikkeling richt zich op integratievermogen,
samenwerkingsbereidheid, gebruik van intuïtie en zelfkennis. Kennisontwikkeling verbindt. Dat zijn
vermogens die gebruikt worden bij het ontdekken, ondernemen, en bewust worden van zaken. De
kennisontwikkeling krijgt speciaal aandacht door de burgerschapscompetenties.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                              Pagina 12 van 31
2.2.5 Docent is begeleider

De rol van de docent verandert daardoor in die van een begeleider of coach, die zorg draagt voor
een veilig, goed en afwisselend leerproces. Veiligheid wordt geboden omdat deelnemers in
principe niets verboden wordt. Behalve de eis om 850 uur aanwezig te zijn, bepalen de
deelnemers zelf hun werktempo en –inhoud, waarbij de docenten als vangnet functioneren.
De spel- en omgangsregels worden grotendeels door de deelnemers zelf bepaald, mits ze geen
anderen van het werk houden, of de veiligheid van andere in gevaar brengen. De voertaal is
Nederlands, omdat dit een gevoel van openheid en veiligheid bevordert.

2.3      Kerntaken
De opleiding Medewerker Beheer ICT is opgedeeld in kerntaken. Dit zijn de werkzaamheden die
de Medewerker Beheer ICT doet in zijn beroep. Daarnaast zijn de kerntaken ingedeeld in
werkprocessen.
In de onderstaande tabel staan de vakspecifieke kerntaken van de opleiding Medewerker Beheer
ICT.

                                                                              Uitstroom
Kerntaak                      Werkproces
                                                                       Medewerker beheer
                                                                       ICT
1 Installeren van hard- en
  software
                              1.1 Assembleren van systemen                         x
                              1.2 Installeren en configureren van                  x
                                  systemen
                              1.3 Realiseren van de                                x
                                  bekabelinginfrastructuur
2 Onderhouden en
  beheren van hard- en
  software
                              2.1 Voorkomen van (ver)storingen                     x
                              2.2 Lokaliseren en verhelpen van                     x
                                  (ver)storingen
3 Ondersteunen van
  systeemgebruikers
                              3.1 Instrueren van gebruikers                        x
                              3.2 In behandeling nemen en                          x
                                  afhandelen van
                                  incidentmeldingen


2.4      Competenties
Competenties zijn een samenspel van kennis, ervaring, motivatie, vaardigheden en
talentontwikkeling die je kan zien door zichtbaar gedrag. Tijdens je studie ontwikkel je de volgende
competenties:

      Beroepscompetenties
      1. Formuleren en rapporteren
      2. Vakdeskundigheid toepassen
      3. Materialen en middelen inzetten
      4. Op de behoefte en verwachtingen van de klant richten
      5. Kwaliteit leveren
      6. Instructies en procedures opvolgen
      7. Met druk en tegenslag omgaan




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                              Pagina 13 van 31
      Burgerschapscompetenties
      1. Economische (vinden van werk, ontwikkelen van beroepsvaardigheden, handelen als
         kritische consument)
      2. Sociale (samenleven met anderen, je weg weten bij instellingen)
      3. Culturele (deelnemen aan de multiculturele samenleving)
      4. Politieke (vormen van een politieke mening, meedoen aan politieke besluitvorming)
      5. Normatieve (normen en waarden in maatschappij)
      6. Organisatorische (organiseren, coördineren, samenwerken en problemen oplossen)

      Taalcompetenties
      1. Nederlands (lezen, schrijven, gesprekken voeren, spreken en luisteren) niveau B2
      2. Engels (lezen, schrijven, gesprekken voeren, spreken en luisteren) niveau B1

      Leercompetentie
      1. Leeractiviteiten uitvoeren

De ontwikkeling van de competenties leg je vast in je eigen te ontwikkelen website (Digitaal
portfolio). In dit portfolio kun je dan nakijken hoe je ontwikkeling van de competenties is geweest
en of je al een goed niveau hebt bereikt. Je kunt tijdens je studie grotendeels zelf kiezen in welke
volgorde je aan de competenties wilt werken. Je maakt hiervoor afspraken met je begeleider. Die
afspraken leg je vast in je persoonlijke opleidingsplan (POP) en het persoonlijk actieplan (PAP).
Dit is een deel van je portfolio die je na tijdens je POP gesprek invult.
Voor het behalen van het diploma niveau 3 zijn de volgende zaken dus nodig:
 Verplichte projecten
 Verplichte workshops
 Nederlands niveau B2
 Engels niveau B1
 Burgerschapscompetenties (zie bijlage)
 Sport
 Proeven van Bekwaamheid 1, 2 en 3
 BPV verslag
 Diploma CCNA 1
 Diploma CCNA 2

2.5      Ontwikkelen van competenties
Tijdens de opleiding ontwikkel je competenties. Voordat je met die ontwikkeling aan de slag kunt
gaan, moet je eerst weten hoe zo’n competentie in elkaar zit. Het ontwikkelen van competenties
doet iedereen op zijn eigen manier. Met je begeleider maak je een plan om aan je ontwikkeling te
werken. Daarbij ga je steeds uit van gedrag dat je nodig hebt om je toekomstig beroep als
Medewerker Beheer ICT goed uit te voeren. Je mag ook meerdere competenties gelijktijdig
oefenen. Aan het eind van je studie moet je dan in staat zijn om taken uit je beroep goed uit te
voeren. De keuzes die je maakt, leg je vast in je POP/PAP.
Je kunt je competenties zowel op school als in de praktijk ontwikkelen. Op school kun je
workshops / trainingen volgen, werken in het ICT-Bedrijf en in de praktijk werk je in een bedrijf,
instelling of organisatie.


2.6      Sport- en Bewegingsonderwijs
Het ROCvA Gooi en Vechtstreek vindt het belangrijk dat deelnemers zich breed ontwikkelen.
Daarin past dat Sport- en Bewegingsonderwijs (S&BO) een verplicht onderdeel is van de opleiding
waar je tijdens je eerste en tweede leerjaar aan moet deelnemen. Tijdens het S&BO
onderwijsprogramma worden burgerschaps-, beroeps- en sport vaardigheidscompetenties
behaald. Het voldoende afronden van het S&BO -onderwijsprogramma is één van de voorwaarden
voor het behalen van het opleidingsdiploma.
Het S&BO -onderwijsprogramma is opgenomen in het Opleidings en Examen Regelement van
“Sport en Bewegen”.



95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                Pagina 14 van 31
2.7      Programmering van het onderwijs
Uitgangspunt van het onderwijs is het centraal stellen van de loopbaan van de deelnemer. Dit
heeft consequenties voor de vormgeving van het onderwijs.
Een belangrijk gevolg hiervan is dat de leervraag en loopbaanwens van deelnemer richting geeft
aan het onderwijsleerproces. Middels het Persoonlijk Ontwikkel Plan stuurt de deelnemer in
overleg met zijn/haar docent de eigen studieloopbaan. In het kwalificatiedossier zijn de
vermogens benoemd waaraan een competent beginnend beroepsbeoefenaar moet voldoen.
Aan het ontwikkelen van deze vermogens onderscheiden we twee dimensies: de
beroepsvaardigheden inclusief de daarbij behorende kennis van vakinhoudelijke aard die leerbaar
zijn door middel van instructie en oefening en de persoonlijke kwaliteiten die zich ontwikkelen door
ervaring, feedback en reflectie.
De examinering bestaat uit de volgende componenten:
     Proeven van Bekwaamheid.
     Het behalen van het CCNA 1 en 2 certificaat van CISCO
Tussentijdse toetsing is formatief, dat wil zeggen om deelnemer en opleider inzicht te geven in de
voortgang van het leerproces.

De beoordeling van het taalniveau en de persoonlijke ontwikkeling op het gebied van leren,
loopbaan en burgerschap is summatief. Het diploma geldt als bewijs van beroepsbekwaamheid op
de arbeidsmarkt en toelaatbaarheid voor een opleiding op een hoger niveau.

Voor de proeve van bekwaamheid 1 geldt dat de werkprocessen 1.1 en 1.2 worden afgenomen bij
het stagebedrijf van de deelnemer en het werkproces 1.3 kan worden afgenomen in het eigen
erkende leerbedrijf.

Voor de proeve 2 en 3 geldt dat deze standaard worden afgenomen bij het stage bedrijf van de
deelnemer.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 15 van 31
     2.7.1 Kerntaken en werkprocessen van Leren, Loopbaan en Burgerschap
     Leren, Loopbaan en Burgerschap
Kerntaak 1:                             Benoemt leerdoelen voor de eigen ontwikkeling.
Benoemt zijn eigen ontwikkeling en      Inventariseert geschikte manieren van leren.
gebruikt middelen en wegen om           Kiest bij de situatie en bij zichzelf passende manieren van leren.
daarbij passende leerdoelen te          Plant zijn eigen leerproces en voert het uit.
bereiken                                Evalueert de gekozen manier van leren.

Kerntaak 2:                             Reflecteert op eigen kwaliteiten en motieven
Stuurt de eigen loopbaan                Onderzoekt welk werk er is en wat bij hem past.
                                        Stuurt de eigen loopbaan en onderneemt acties die daarbij nodig
                                                zijn.

Kerntaak 3:                             Oriënteert zich op onderwerpen waarover politieke besluiten
Participeert in het politieke domein,   genomen worden.
in besluitvorming en                    Vormt een eigen mening.
beleidsbeïnvloeding                     Onderneemt acties naar aanleiding van gemaakte keuzen.

Kerntaak 4:                             Gedraagt zich als werknemer bij het uitvoeren van het werk.
Functioneert als werknemer in een       Maakt gebruik van werknemersrechten.
arbeidsorganisatie                      Stelt zich collegiaal op.

Kerntaak 5:                             Oriënteert zich op de consumentenmarkt en houdt rekening met
Functioneert als kritisch consument     eigen wensen en mogelijkheden.
                                        Onderneemt acties om producten en diensten aan te schaffen.

Kerntaak 6:                             Neemt deel in diverse sociale verbanden en leeft in de openbare
Deelnemen in allerlei sociale           ruimte.
verbanden en respectvol gebruiken       Voert activiteiten uit voor de leefbaarheid van zijn sociale omgeving.
van de openbare ruimte
Kerntaak 7:                             Zoekt informatie over een gezonde leefwijze.
Zorgt voor de eigen gezondheid          Beslist op basis van informatie en handelt ernaar.
(vitaal burgerschap)                    Onderneemt activiteiten om de gezondheid te bevorderen.




     95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                               Pagina 16 van 31
2.7.2 Aanduiding van het niveau Nederlands en Engels
       Voor het vak Nederlands geldt dat de deelnemer het niveau B2 en voor Engels het niveau B1 moet
       behalen.
B2      Ik kan een langer          Ik kan artikelen en       Ik kan duidelijke,         Ik kan zodanig         Ik kan een duidelijke,
        betoog en lezingen         verslagen lezen die       gedetailleerde             deelnemen aan          gedetailleerde tekst
        begrijpen en zelfs         betrekking hebben op      beschrijvingen             een vloeiend en        schrijven over een
        complexe                   eigentijdse problemen,    presenteren over een       spontaan gesprek,      breed scala van
        redeneringen volgen,       waarbij de schrijvers     breed scala van            dat normale            onderwerpen die
        wanneer het                een bepaalde houding      onderwerpen die            uitwisseling met       betrekking hebben op
        onderwerp redelijk         of standpunt innemen.     betrekking hebben op       moedertaalspreke       mijn interesses. Ik kan
        vertrouwd is. Ik kan       Ik kan eigentijds         mijn interesse gebied.     rs redelijk            een opstel of verslag
        de meeste nieuws- en       literair proza            Ik kan een standpunt       mogelijk is. Ik kan    schrijven, informatie
        actualiteitenprogramm      begrijpen.                over een actueel           binnen een             doorgeven of redenen
        a’s op de tv begrijpen.                              onderwerp verklaren        vertrouwde             aanvoeren ter
        Ik kan het grootste                                  en de voordelen en         context actief         ondersteuning vóór of
        deel van films in                                    nadelen van diverse        deelnemen aan          tégen een specifiek
        standaarddialect                                     opties uiteenzetten.       een discussie en       standpunt. Ik kan
        begrijpen.                                                                      hierin mijn            brieven schrijven
                                                                                        standpunten            waarin ik het
                                                                                        uitleggen en           persoonlijk belang van
                                                                                        ondersteunen.          gebeurtenissen en
                                                                                                               ervaringen aangeef.
B1      Ik kan de hoofdpunten      Ik kan teksten            Ik kan uitingen op een     Ik kan de meeste       Ik kan eenvoudige
        begrijpen wanneer in       begrijpen die             simpele manier aan         situaties aan die      samenhangende tekst
        duidelijk uitgesproken     hoofdzakelijk bestaan     elkaar verbinden,          zich kunnen            schrijven over
        standaarddialect wordt     uit hoogfrequente,        zodat ik ervaringen en     voordoen tijdens       onderwerpen die
        gesproken over             alledaagse of aan mijn    gebeurtenissen, mijn       een reis in een        vertrouwd of van
        vertrouwde zaken die       werk gerelateerde         dromen,                    gebied waar de         persoonlijk belang zijn.
        ik regelmatig              taal. Ik kan de           verwachtingen en           betreffende taal       Ik kan persoonlijke
        tegenkom op mijn           beschrijving van          ambities kan               wordt gesproken.       brieven schrijven
        werk, school, vrije tijd   gebeurtenissen,           beschrijven. Ik kan in     Ik kan                 waarin ik mijn
        enz. Ik kan de             gevoelens en wensen       het kort redenen en        onvoorbereid           ervaringen en
        hoofdpunten van veel       in persoonlijke brieven   verklaringen geven         deelnemen aan          indrukken beschrijf.
        radio- of tv-              begrijpen.                voor mijn meningen en      een gesprek over
        programma’s over                                     plannen. Ik kan een        onderwerpen die
        actuele zaken of over                                verhaal vertellen, of de   vertrouwd zijn, of
        onderwerpen van                                      plot van een boek of       mijn persoonlijke
        persoonlijk of                                       film weergeven en          belangstelling
        beroepsmatig belang                                  mijn reacties              hebben of die
        begrijpen,wanneer er                                 beschrijven.               betrekking hebben
        betrekkelijk langzaam                                                           op het dagelijks
        en duidelijk gesproken                                                          leven
        wordt.                                                                          (bijvoorbeeld
                                                                                        familie, hobby's,
                                                                                        werk, reizen en
                                                                                        actuele
                                                                                        gebeurtenissen).
        Ik kan zinnen en de        Ik kan zeer korte         Ik kan een reeks           Ik kan                 Ik kan korte,
        meest frequente            eenvoudige teksten        uitdrukkingen en           communiceren           eenvoudige notities en
        woorden begrijpen die      lezen. Ik kan             zinnen gebruiken om        over eenvoudige        boodschappen
        betrekking hebben op       specifieke                in eenvoudige              en alledaagse          opschrijven. Ik kan
        gebieden die van           voorspelbare              bewoordingen mijn          taken die een          een zeer eenvoudige
        direct persoonlijk         informatie vinden in      familie en andere          eenvoudige en          persoonlijke brief
        belang zijn                eenvoudige,               mensen,                    directe uit-           schrijven, bijvoorbeeld
        (bijvoorbeeld              alledaagse teksten        leefomstandigheden,        wisseling van          om iemand voor iets te
        basisinformatie over       zoals advertenties,       mijn opleiding en mijn     informatie over        bedanken.
        mezelf en mijn familie,    folders, menu's en        huidige of meest           vertrouwde
A2      winkelen, plaatselijke     dienstregelingen en ik    recente baan te            onderwerpen en
        omgeving, werk). Ik        kan korte, eenvoudige,    beschrijven.               activiteiten
        kan de belangrijkste       persoonlijke brieven                                 betreffen. Ik kan
        punten in korte,           begrijpen.                                           zeer korte sociale
        duidelijke eenvoudige                                                           gesprekken aan,
        boodschappen en                                                                 alhoewel ik
        aankondigingen                                                                  gewoonlijk niet
        volgen.                                                                         voldoende begrijp
                                                                                        om het gesprek
                                                                                        zelfstandig gaande
                                                                                        te houden.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                                    Pagina 17 van 31
        Ik kan vertrouwde          Ik kan vertrouwde         Ik kan eenvoudige      Ik kan deelnemen       Ik kan een korte,
        woorden en                 namen, woorden en         uitdrukkingen en       aan een                eenvoudige
        basiszinnen begrijpen      zeer eenvoudige           zinnen gebruiken om    eenvoudig              ansichtkaart schrijven,
        die mezelf, mijn           zinnen begrijpen,         mijn woonomgeving      gesprek, wanneer       bijvoorbeeld voor het
        familie en directe         bijvoorbeeld in           en de mensen die ik    de                     zenden van
        concrete omgeving          mededelingen, op          ken, te beschrijven.   gesprekspartner        vakantiegroeten. Ik
        betreffen, wanneer de      posters en in catalogi.                          bereid is om           kan op formulieren
        mensen langzaam en                                                          zaken in een           persoonlijke details
        duidelijk spreken.                                                          langzamer              invullen, bijvoorbeeld
                                                                                    spreektempo te         mijn naam,
                                                                                    herhalen of            nationaliteit en adres
                                                                                    opnieuw te             noteren op een
A1                                                                                  formuleren en mij      hotelinschrijvingsform
                                                                                    helpt bij het          ulier.
                                                                                    formuleren van
                                                                                    wat ik probeer te
                                                                                    zeggen. Ik kan
                                                                                    eenvoudige
                                                                                    vragen stellen en
                                                                                    beantwoorden die
                                                                                    een directe
                                                                                    behoefte of zeer
                                                                                    vertrouwde
                                                                                    onderwerpen
                                                                                    betreffen.



2.8      Beroepspraktijkvorming (BPV)
Omdat je een beroepsopleiding volgt is de praktijk een goede plaats om alles over het beroep van
Medewerker Beheer ICT te ontwikkelen. Vandaar dat je een deel van de competenties opdoet bij je
BPV- bedrijf/instelling, maar ook binnen het ICT-Bedrijf.
Als je samen met je begeleider bepaald hebt dat je klaar bent voor de beroepspraktijk, start je met je
BPV. In de volksmond noemt men dit stage. De totale duur van de BPV is 1200 uur. Dit wordt
verdeeld over 400 uur voor Proeve 1 in het eerste leerjaar en 800 uur BPV voor Proeve 2 en 3 in het
tweede leerjaar.
Het vinden van een BPV plaats doe je vooral zelf onder begeleiding van je BPV begeleider.
Voorwaarde is dat het bedrijf of de organisatie een erkend leerbedrijf is. De Ecabo is verantwoordelijk
voor het accrediteren van jouw BPV plaats. Alle goedgekeurde bedrijven of organisaties zijn te vinden
op www.ecabo.nl.
In het bedrijf word je begeleid door een BPV – praktijkopleider. Die weet alles over het bedrijf en de
werkzaamheden. Vanuit school is er begeleiding door een BPV -docent. In de praktijk leg je ook de
summatieve beoordelingen, de examens, af, die we de Proeve van Bekwaamheid noemen.

Het doel van de beroepspraktijkvorming is je ervaring te laten opdoen met de werkzaamheden op het
niveau van de Medewerker Beheer ICT. Een deel van de beroepscompetenties kun je alleen maar
ontwikkelen in de praktijk. Immers, in de praktijk voer je echt het beroep uit!

De BPV wordt doorlopen bij een verscheidenheid aan bedrijven. ICT is binnen veel branches terug te
vinden. De praktijkopleider ondersteunt je bij het uitvoeren van de opdrachten en beoordeelt samen
met de BPV begeleider hoe je ontwikkeling is bij de competenties. Bij de examinering in de praktijk
beoordeelt de praktijkopleider samen met de school je eindopdracht, zijnde de Proeven van
Bekwaamheid.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                                Pagina 18 van 31
2.9      POP/PAP en Portfolio
Bij de opleiding werken we met een Digitaal portfolio. Je kunt je een portfolio het best voorstellen als
een eigen site waarin alles staat wat je tijdens je studie gedaan hebt. Zo houd je goed overzicht over
je vorderingen en kun je die regelmatig met je begeleider doornemen.
Een belangrijk onderdeel van de jouw portfolio zijn de opleidingsplannen. Er zijn twee soorten
plannen:                 1. Persoonlijk Ontwikkelingsplan (POP)
                         2. Persoonlijk Actieplan (PAP)

In je POP staat een planning per opleidingsperiode (+/- 10 weken). Je legt aan het begin van je
opleiding vast welke weg je denkt te gaan volgen om een diploma te halen. Ook staat in je POP
duidelijk aangegeven wat je al hebt gehaald en wat je nog moet doen. Dit plan kun je tijdens je studie
steeds bijstellen. Hierin leg je ook vast, na overleg met je BPV -docent van school, wanneer je een
summatieve beoordeling gaat doen. Drie keer per jaar vindt er een POP gesprek plaats met je
begeleider.

In je PAP staat hoe je wilt werken. Met andere woorden: je schrijft hierin welke actie je wilt
ondernemen om welk doel te bereiken. Een PAP stel je vaak voor een kortere periode op. Sommigen
willen een PAP per week. Anderen hebben genoeg aan een PAP voor een onderwijsperiode van 10
weken. Dat is allemaal mogelijk, want iedereen volgt zijn eigen leerweg. De POP en de PAP vormen
een basis voor de reflectiegesprekken die je regelmatig met je begeleider en je leergroep hebt

Je portfolio bestaat uit drie hoofdonderdelen:
        1. Ontwikkelingsportfolio
                                   1. POP’s en PAP’s
                                   2. Competenties (zie kwalificatiedossier Medewerker Beheer ICT)
                                   3. Burgerschapscompetenties

         2. Beoordelingsportfolio
                                1.         Bewijslast projecten
                                2.         Verplichte workshops
                                3.         Nederlands
                                4.         Engels
                                5.         Burgerschapscompetenties
                                6.         Sport
                                7.         Proeven van Bekwaamheid 1, 2 en 3
                                7.         BPV verslag

         3. Showcase portfolio
                                       1. CV
                                       2. Sollicitatiebrief
                                       3. Referenties en beoordelingen

In je ontwikkelingsportfolio bewaar je alles wat je gedaan hebt bij je ontwikkeling van je competenties.
Dat kunnen bijvoorbeeld de formatieve beoordelingen zijn, de werkstukken die je gemaakt hebt en de
verslagen van je stage. In dit deel doe je ook je PAP, POP en reflectieverslagen.
In je beoordelingsportfolio doe je de bewijzen voor de summatieve beoordeling. Dit zijn de
beoordelingen waarin je laat zien dat je de competentie op een voldoende niveau beheerst.
Je show case portfolio maak je voor de buitenwereld en kun je bijvoorbeeld gebruiken voor een
sollicitatie. Hierin bewaar je dus jouw beste producten en beoordelingen.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                         Pagina 19 van 31
2.10 Begeleiding
We hebben gekozen voor een team van begeleiders en niet voor een individuele begeleider omdat
samenwerking de essentie van onze manier van werken vormt. Vanaf de eerste dag dat je op onze
opleiding zit heb je dus een team van begeleiders. Dat zijn de mensen die jou gedurende het
schooljaar begeleiden en met jou bijhouden hoe je je ontwikkelt, om zo er aan bij te dragen dat je de
opleiding succesvol afsluit. Iedere begeleider let op onderdelen van je gedrag, begeleiders letten op:

             op de ontwikkeling van je werkprocessen
             op de ontwikkeling van je competenties

Naast het halen van je diploma en daarmee eigenlijk het scheppen van jouw loopbaan vinden wij
tevredenheid essentieel. Wij vinden het belangrijk dat je het leuk vindt wat je bij ons aan het doen
bent. Tevredenheid is misschien wel de belangrijkste voedingsbron van je motivatie. We hebben
tevredenheid verwoord als het voldoen aan je verwachtingen. We spreken gezamenlijk aan het begin
van het schooljaar af welke verwachtingen we van elkaar hebben, in elk POP -gesprek komen we
hierop terug.

Het schooljaar wordt onderverdeeld in vier periodes van elk ongeveer 10 weken. Je hebt vier keer per
jaar aan het eind van elke periode een POP -gesprek. Na het POP -gesprek vul je samen met je
begeleider je PAP in. Je hoort aan het begin van het schooljaar en in elk POP -gesprek van welke
docent je welke inbreng kunt verwachten, afhankelijk van je eigen ontwikkeling krijg je met de
begeleiding te maken. De POP -gesprekken die we voeren hebben de volgende vaste agendapunten:

             de beoordeling van je resultaten, presentie en productie
             de schets van hoe je de komende periode aan gaat pakken (van nu naar straks, PAP)
             een meting van je tevredenheid, in hoeverre is afgelopen periode gelopen volgens de
              verwachtingen die we samen hebben uitgesproken

De begeleider zal op gezette tijden behoefte hebben je ouder(s) of verzorgers(s) te informeren over
jouw gedrag en prestaties op school. Omgekeerd is de begeleider ook de eerst aangewezen persoon
waarmee jouw ouder(s) of verzorger(s) contact kunnen opnemen wanneer zij over jouw gedrag of
studievoortgang geïnformeerd willen worden. Als je nog geen achttien bent ontvangen je ouder(s) of
verzorgers(s) deze informatie. Als je reeds achttien bent zullen wij ook het verzoek om informatie van
ouder(s) of verzorgers(s) honoreren, tenzij jij zelf schriftelijk aangegeven hebt dit niet te willen.


2.11 Beoordeling

2.11.1 Beoordeling van projecten

De verslagen die bij de projecten horen worden beoordeeld op de kenmerken inhoud, structuur en
presentatie.

- inhoud      = informatie correct en compleet
- structuur = interne samenhang, duidelijk, helder en doorzichtig
- presentatie = begrijpelijk, opmaak, leesbaar en vriendelijk voor lezers

Elk gezichtspunt/kenmerk geeft een beoordeling. Als twee van de drie beoordelingen een voldoende
zijn, is het geheel voldoende.
De beoordeling kan volstaan met het oordeel van Competent of Niet Competent, in de praktijk
onderscheiden wij bij Competent de kwalificaties goed (G) en voldoende (V):

GOED = het project, de werkervaring of het verslag voldoet in één keer aan de eisen, wordt niet
teruggegeven voor nadere uitwerking

VOLDOENDE = het project/verslag voldoet aan de eisen nadat de deelnemer het heeft aangepast of
de werkervaring wordt op een andere plek herhaald en voldoet dan wel aan de eisen




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                       Pagina 20 van 31
Onvoldoendes worden niet gegeven omdat de deelnemer feedback krijgt om zijn resultaat bij te
werken en zijn inzichten aan te passen. Er bestaan hierop geen deadlines, omdat de deelnemers
verantwoordelijk blijven voor hun eigen werktempo.


2.12.2 Beoordeling beroepshouding op school
De beroepshouding meet in hoeverre je present en productief bent. Het zegt iets over hoe zelfstandig
en gemotiveerd je aan het werk bent. Werkgevers vinden deze eis vaak het belangrijkst. Een score
van 100% betekent dat je 100% van je tijd productief of present bent geweest. De productie wordt
gemeten tijdens productiviteitsrondjes. Resultaten van deze waarnemingen worden vastgelegd op
onze website ict-bedrijfsprojecten.com.

De minimumeis van de bedrijfshouding is dat je minimaal 80% present en voor minimaal 50% van je
tijd productief bent. Als je niet voldoet aan deze eis wordt dit een onderdeel van het POP gesprek.
Echter zal je in een eerder stadium aangesproken worden of contact met je opgenomen worden.

PRESENTIE = aanwezig in de klas van ma t/m vrij van 08:30 - 14:30 uur.
PRODUCTIEF = bezig zijn met, organiseren van, elkaar helpen, communiceren tbv
(bedrijfsprojecten)projecten en de Helpdesk/Front/Backoffice/Systeembeheer bedrijfssimulatie en -
organisatie in de klas.

2.12.4 Talen
Dialang en Muiswerk zijn methode waar het niveau van de Nederlandse taal, Engelse taal en ICT
vaardigheden getest wordt. Na deze test volg je een individuele route om het niveau omhoog te
brengen. Eis is het verhogen van het niveau Nederlands en Engels als de leerling onder het niveau
scoort (zie punt 2.7.1).

2.12.5 Beoordeling Bedrijfsprojecten
Omdat de leerstijl van deelnemer niet altijd hetzelfde is, kan het voorkomen dat je een deel van je
projecten wil maken binnen een bedrijf. Omdat dit niet als stage (BPV) gerekend wordt, noemen wij dit
een bedrijfsprojecten. De bewijslast voor het maken van projecten moet wel ingeleverd en beoordeeld
worden door je begeleider. Ook is het i.v.m. verzekering nodig dat je voor de duur van het
bedrijfsproject een S.O.K. (Stageovereenkomst) aanvraagt. In overleg met je begeleider is het
mogelijk een bedrijfsproject om te zetten in reguliere BPV.

2.12.6 Beoordeling Proeven van Bekwaamheid (PVB)
Je kunt een PVB vergelijken met een praktijkexamen. Tijdens een afgebakende periode laat je zien
dat je vakbekwaam bent, dus competent. Dit doe je voor elke kerntaak.
Kerntaken en Proeve van Bekwaamheid (PVB)
Voor de Medewerker Beheer ICT -opleiding niveau 3 gelden drie kerntaken, te weten
kerntaak 1     Assembleren en demonteren van hardware
kerntaak 2     Installeren en onderhouden van hard- en software
kerntaak 3     Ondersteunen van systeemgebruikers

De kerntaken bestaan uit een verzameling werkprocessen, waarvan je aan moet tonen dat je deze
100% beheerst. Een PVB is een praktijkexamen van een Kerntaak in de praktijk uitgevoerd, waarbij je
competenties worden beoordeeld.
Je legt tijdens de opleiding drie PVB’s af in de BPV.

Een PVB kan aan de hand van een zgn. Format PVB opgesteld, maar kan ook vooraf en in
samenspraak met de BPV begeleider ook flexibel worden ingevuld door de praktijkopleider en
deelnemer (zie BPV -gids Medewerker Beheer ICT).

Voorafgaand aan de PVB




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                     Pagina 21 van 31
   doornemen, bespreken en voorbereiden en schriftelijk formuleren van de opdracht middels een
    Plan van Aanpak (PVA).
   opdracht laten goedkeuren door deze te mailen aan de begeleidend BPV docent en
    praktijkopleider. De begeleider let hierbij op de kwaliteit en de volledigheid.

Uitvoering Proeve van Bekwaamheid
 Hier wordt gekeken naar de vakinhoudelijke Kernactiviteiten die van toepassing zijn op de
    betreffende Kerntaak.

Beoordeling Proeve van Bekwaamheid
 maken van een voorlopig reflectieverslag;
 voeren van een evaluatiegesprek;
 maken van een definitief reflectieverslag;
 Voeren van een beoordelingsgesprek
(deelnemers hieraan zijn: Leerling, BPV-begeleider en Praktijkopleider).

Voor uitgebreide documentatie zie BPV-gids Medewerker Beheer ICT

2.12.7 Beoordeling burgerschapscompetenties
Om je vorderingen op dit gebied te beoordelen worden een begin- en een eindassesment afgenomen.
Hierin wordt bekeken wat je beginsituatie is. De tweede assessment is ervoor om te beoordelen in
welke mate je groei hebt laten zien.

2.12.8 Beoordeling Sport
Zie bijlage Opleiding en Examen Reglement (OER) van Sport en Bewegen.
Deze is te lezen op onze website: http://www.ict-bedrijf.com


Ben je het niet eens met een beoordeling, dan meldt je dit bij je begeleider. Hij heeft dan een
bemiddelende rol. Kom je er op dat moment nog niet uit, dan meldt je dat schriftelijk bij de secretaris
van de examencommissie van de opleiding ICT. De Opleidingsmanager Assistent (O.M.A.) kan je
hierbij helpen.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                        Pagina 22 van 31
Hoofdstuk 3:                                     Toetsing en examinering


3.1      Examenprogramma
Het examenprogramma heeft twee onderdelen. De formatieve onderdelen (toetsen gericht op de
ontwikkeling van het leren) en alle summatieve onderdelen (toetsen gericht op de som van het
geleerde) bij elkaar vormen het examenprogramma. Dit programma is gebaseerd op de kerntaken en
competenties uit het Kwalificatiedossier. Deze is ter inzage bij je begeleider.

Het gaat erom om dat je aantoont dat je competent bent om je beroep uit te oefenen. Daarom moet je
op drie (3) kerntaken minimaal een voldoende beoordeling behalen. Dit kun je behalen door het
uitvoeren van drie Proeven van Bekwaamheid.

3.1.1 Summatieve onderdelen

1. Drie Proeven van Bekwaamheid: Elke kerntaak dien je af te ronden met een Proeve van
   Bekwaamheid. Deze dient plaats te vinden in de Beroeps Praktijk Vorming. Verder zijn hiervoor
   nodig: (zie ook Documentenset BPV)
       a. Persoonlijk beoordelingsformulier
       b. Verzamelstaat Eindbeoordeling BPV
       c. Beoordeling Kernopgaven
       d. BPV verslag
       e. Ondertekende Urenstaat

2. Burgerschapscompetenties (eigen assessment)

3. Netwerken
      a. Cisco CCNA1 Diploma
      b. Cisco CCNA2 Diploma

4. Bewijslast talen
      a. (Dialang) Nederlands CEF norm niveau B2
      b. (Dialang( Engels CEF norm niveau B1

3.1.2 Formatieve onderdelen
1. Projectresultaten; De verplichte projecten en die persoonlijk met je zijn afgesproken
2. Bewijzen voor alternatieven; Voor de verplichte projecten kunnen vrijstellingen gegeven
   worden als er bewijslast voor is (hoofdstuk EVK)
5. Muiswerk; Je kennis van de Nederlandse en Engelse taal wordt getest d.m.v. het pakket
   Muiswerk. Als je onvoldoende scoort dien je workshops Nederlands en Engels te volgen tot je aan
   kunt tonen dat het niveau voldoende is.
6. Sport: Voldoende beoordeling voor aanwezigheid en prestatie
7. Burgerschapscompetenties; minimaal 3 onderdelen per aandachtsgebied.

3.2      Toelating tot de Proeven van Bekwaamheid
In eerste instantie dien je het portfolio (digitaal) te vullen met de verplicht gestelde projecten. Samen
met je begeleider bepaal jij wanneer je begint met de BPV. Als je start met je BPV maak je een plan
van aanpak voor de uitvoering van één van de drie Proeven van Bekwaamheid. De Proeven van
Bekwaamheid zijn summatieve toetsen. Je kunt ervoor kiezen de Proeven van Bekwaamheid per stuk
te maken, maar je kunt ook verschillende Proeven van Bekwaamheid combineren. De summatieve
toetsen leg je in alle gevallen in de praktijk af. Hierbij is een deskundige, in veel gevallen je BPV -
opleider, de beoordelaar. Bij de examinering van jouw examen is je BPV -begeleider van school
aanwezig. Je bepaalt dus zelf welke summatieve toets je doet en wanneer je die beoordeling wilt laten
plaatsvinden. De summatieve toetsen kunnen alleen afgenomen worden bij bedrijven die
goedgekeurd / geaccrediteerd zijn door het kenniscentrum Ecabo (zie ook www.ecabo.nl)




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                        Pagina 23 van 31
Je ontvangt je diploma Medewerker Beheer ICT als je de summatieve toetsen voor alle kerntaken
voldoende hebt afgesloten.



3.3      Diplomering en certificering
Het diploma wordt uitgereikt nadat je aan de volgende zaken voldaan hebt:
 Verplichte projecten
 Verplichte workshops
 Nederlands niveau B2
 Engels niveau B1
 Burgerschapscompetenties
 Sport
 Proeven van Bekwaamheid 1, 2 en 3
 BPV verslag
 Diploma CCNA 1
 Diploma CCNA 2

3.4      Instroom, Interne doorstroming, versnelde doorstroom, overstap

3.4.1 Instroom
Met instromers worden bedoeld de deelnemers die aangenomen zijn voor het 1ste of 2e jaar van de
opleiding Medewerker Beheer ICT.
Leerling die willen instromen bij de opleiding Medewerker Beheer ICT dienen in het bezit te zijn van
een VMBO-TL, een VMBO-Kader of Havo 4 overgang- diploma.
Toelating tot de opleiding kan pas plaatsvinden na de verplichte intake uitgevoerd door een intaker
van de opleiding Medewerker Beheer ICT. Bij twijfel aan motivatie en / of beroepskeuze kan de intaker
besluiten de leerling drie weken proef te laten draaien. Na de proefperiode besluiten de intaker en de
coördinator of de leerling toegelaten wordt. Tijdens deze proefperiode ben je dus nog niet
ingeschreven en ontvang je derhalve geen reiskosten en/of studiefinanciering.

3.4.2 Doorstroom
Dit zijn de deelnemers die vanuit niveau 2 doorstromen naar niveau 3.

3.4.3 Versnelde doorstroom
Zoals aangegeven duurt de Niveau 3 opleiding 2 schooljaren. Omdat je zelf grotendeels
verantwoordelijk bent voor je leerproces en leertempo is het mogelijk dat je korter doet over je
opleiding dan de standaard 2 jaar. De diplomeringseisen voor versneld doorstromen zijn dezelfde als
het reguliere (lees twee jarig) traject. Het betreft hier de stage-eisen, CCNA1 en CCNA 2 en de
projectbewijslast.

3.4.4 Overstap en Uitstroom
Na Niveau 3 (met diploma) is een overstap naar een andere opleiding binnen de ROCvA Gooi en
Vechtstreek mogelijk. Bijvoorbeeld naar Multi Media Vormgeving (MMV). We noemen dit om
verwarring te voorkomen ‘overstappen’.
Met je diploma Medewerker Beheer ICT kun je aan het werk. In dit geval hebben we het over
‘uitstromen’ en je verlaat het ROCvA Gooi en Vechtstreek.

3.4.5 Verlengd jaar
In een aantal individuele gevallen komt het voor dat het diploma niet binnen de gestelde duur van 2
jaar wordt behaald. Deze deelnemers worden in de gelegenheid gesteld om binnen 1 verlengd jaar
(3de jaar in feite) alsnog hun diploma te behalen, mits duidelijke afspraken met de deelnemer gemaakt
kunnen worden om de resterende leeractiviteiten in te halen.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                      Pagina 24 van 31
3.5       Klachtenregeling
Als je het niet eens bent met een beoordeling of een beslissing, kun je schriftelijk een klacht, een
zogenoemd bezwaar, indienen. Je begeleider kan je hier meer over vertellen.

In je bezwaarschrift moet minimaal staan:
 Je naam en adres
 Waartegen je bezwaar maakt
 Als je bezwaar maakt tegen een beslissing, stuur dan een kopie mee van die beslissing
 Waarom je bezwaar maakt.

Dit bezwaar moet je binnen drie schooldagen na de beoordeling of de beslissing indienen.
De brief (met kopie) kun je geven aan of sturen aan:

Bezwaarcommissie van team ICT
t.a.v. de voorzitter
Examencommissie
Arena 301
1213 NW Hilversum

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de examencommissie.

Dit examenreglement is gebaseerd op het Procedureboek Examinering van het ROC van Amsterdam.
Dit handboek is te downloaden op de site www.rocva.nl.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                         Pagina 25 van 31
Bijlage 1: Schema werkproces en projecten


                    Intake en              Na aanmelding op het ROC van Amsterdam krijgt iedere deelnemer een intake
                   startprofiel            en startprofiel


                  Persoonlijk              Op grond van het startprofiel wordt een persoonlijk ontwikkelplan
                 Ontwikkelplan             ( POP) opgesteld dat dient als basis voor de komende activiteiten.



                      Leer-                De leeractiviteiten bestaan uit prestaties, projecten of taakopdrachten.
                   activiteiten            Daarnaast workshop en praktijktrainingen



                Portfoliodossier           Het portfoliodossier bestaat uit verzameld bewijsmateriaal.




                  Portfolio en             Tijdens het portfolio en popgesprek wordt de voortgang vastgesteld op basis
                  popgesprek               van het protfoliomateriaal. Tevens worden op basis van de resultaten
                                           afspraken gemaakt voor de persoonlijke ontwikkelpunten voor de komende
                                           periode.
                                           Op grond van het verzamelde bewijsmateriaal kan een deelnemer
                  Examinering              toegelaten worden tot het afleggen van het examen in de vorm van een of
                                           meerdere Proeven van Bekwaamheid


                  Diplomering              Indien een deelnemer aan alle eisen heeft voldaan wordt het diploma
                                           behaald.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                                      Pagina 26 van 31
Bijlage 2: Schema per Proeve van Bekwaamheid


                                               Start PVB




                                                 PVA
                                               schrijven
                                                 voor           Deelnemer draagt zorg dat
                                                 PVB            alle componenten van de
                                                                      deelkwalificatie
                             nee                                 worden behandeld in de
                                                                PVB en legt dit vast in een
                                                                           PVA.
                                                                 begeleider checkt dit en
                                           PVA akkoord door
                                                                      geeft feed-back
                                           betrokken partijen



                                                   ja


                              nee           Uitvoeren PVB




                                                                Deelnemer Voert PVB uit en
                                                                  schrijft verslag, evalueert
                                                                 zelf en vervolgens met zijn
                  nee                       Evalueren PVB       of haar begeleider. Verwerkt
                                                                 gegevens van evaluatie in
                                                                  verslag zowel inhoudelijk
                                                                       als procesmatig

                                                                De stage begeleider maakt
                                               PVB Goed          een beoordelingsverslag
                                             gekeurd door           aan de hand van de
                                            stagebegeleider     beoordelingsformulieren die
                                                                   in de BPV gids staan



                                            Verslag maken
                                             van de PVB




                                                                Deelnemer draagt zorg dat
                                              Alle PVB’s               de PVA, PVB- en
                                              doorlopen?        beoordelings-verslagen zijn
                                                                        verwerkt in het
                                                                 stageverslag. Pas dan kan
                                                   ja           er een beoordelingsgesprek
                                                                        plaats vinden.
                                                                  Indien hier niet aan wordt
                                                                voldaan vindt er alleen een
                                             Verwerken in
                                                                    eindgesprek plaats en
                                             stage verslag
                                                                    worden de PVB’s niet
                                                                         goedgekeurd



                                              Beoordelen
                                            PVB’s met stage
                                           docent/begeleider
                                            in beoordelings
                                                gesprek




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                         Pagina 27 van 31
Bijlage 3: Schema burgerschapscompetenties en projecten


In het kader van de burgerschapscompetenties heeft het ICT lyceum haar eigen programma
ontworpen: HOPPA.
HOPPA staat voor Handige Ontdekkingsreis Persoonlijke Perspectieven en Ambities. Om recht te
doen aan jouw loopbaan, bouwt HOPPA voort op alles wat jij kan, weet en ervaren hebt in je
voorgaande opleidingen, vrijwilligers- en/of werk en/of in verenigingen. Het is de start voor een
persoonlijke leerroute. Wij hebben HOPPA geprogrammeerd als een ontdekkingsreis en een
loopbaanconcept (waarvoor je boodschappen doet). Bij deze ontwikkelingsreis staan vier
aandachtsgebieden centraal:

    1. Me, myself and I. Hier richt jij jezelf op wie je bent, welke kwaliteiten en vaardigheden je hebt,
       hoe je leert en uit welke cultuur je komt.
    2. Ontdekkingsreis. Hier ligt het accent op wat het doel is dat je wil bereiken, wat is jouw
       richting ?
    3. Samen werken. Dit is een verzamelpunt van alle projecten die direct het persoonlijk
       functioneren in relatie met het beroep betreffen zoals solliciteren, beroepshouding,
       presenteren, projectvaardigheden, alsmede de samenwerking met collega’s en de verhouding
       werkgever/ werknemer.
    4. Samen leven. In dit onderdeel komen de kritische consument, verschillen in culturen, politieke
       voorkeuren aan bod, maar ook de betekenis die jij als burger wil hebben voor de samenleving.

Ervaring heeft ons geleerd dat er grote verschillen zijn tussen de niveaus 1 t/m 4.
In niveau 1 en 2 is het gros van de deelnemers op zoek naar zichzelf en zijn richting, de motivatie
staat centraal en in mindere mate de beroepskennis/ vaardigheden (skills).

In niveau 3 verschuift dit proces; de deelnemer weet grotendeels wie hij is en wat hij wil. De honger
naar skills groeit.

In niveau 4 wil de deelnemer zoveel mogelijk skills leren, hij heeft gekozen en is gemotiveerd voor zijn
keuze, de motivatie behoeft minder aandacht.

Een bredere uitleg over HOPPA en de persoonlijke ontdekkingsreis vindt je op onze website:




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                        Pagina 28 van 31
Bijlage 4: Begrippenlijst

BBL                                        Beroepsbegeleidende leerweg

Bedrijfsproject                            Het uitvoeren van een of meerder projecten binnen een
                                           bedrijf. Wordt niet als stage (BPV) gerekend, maar kan wel
                                           omgezet worden naar BPV.

Begeleider                                 Iemand die je begeleidt bij je leerproces

Beroepspraktijkvorming (BPV)               Stage bij een bedrijf, instelling of organisatie

BOL                                        Beroepsopleidende leerweg

BPV                                        Beroeps Praktijk Vorming

Competentie                                Om het beroep uit te oefenen heb je kennis, vaardigheden, en
                                           een juiste beroepshouding nodig. Het samenspel van deze
                                           drie elementen die je in de praktijk toepast, noemen we
                                           competenties.

Formatieve toetsen                         Toetsen gericht op de ontwikkeling van het leren. Worden
                                           gebruikt tijdens het gehele leerproces om mijlpalen te bepalen
                                           en vorderingen te monitoren.

OLE                                        Open Leer Eiland, een onderdeel van het OLC; deze
                                           studielokalen vind je in het hele gebouw

OLC                                        Open Leer Centrum, studiecentrum beneden in de hal

EVC                                        Elders verworven competenties

EVK                                        Elders verworven kwalificaties

Kwalificatiedossier                        Map waarin de kerntaken en de competenties die daar bij
                                           horen, staan

LEC                                        Leer Expertise Centrum – Schoolonderdeel voor testen van
                                           eigen kennen, kunnen en motivatie.

Onderwijsovereenkomst                      Contract met de school waarin jouw rechten en plichten staan
                                           en die van de school en dat je ondertekent

PAP                                        Persoonlijk Actieplan

POP                                        Persoonlijk Ontwikkelingsplan

Praktijkopleider                           De Medewerker van het bedrijf die jou binnen het bedrijf
                                           begeleidt

Praktijkovereenkomst                       Stageovereenkomst met je BPV plaats




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                            Pagina 29 van 31
Proeve van Bekwaamheid                     Eindopdracht waarin je laat zien dat je de competenties van
                                           jouw opleiding beheerst; het is mogelijk dat voor een diploma
                                           meerdere Proeven uitgevoerd moeten worden

Portfolio (digitaal)                       Website waarmee je aantoont dat je alle kerntaken hebt
                                           gedaan en de competenties beheerst

Summatieve toetsen                         Deze toetsen zijn gericht op de som van het geleerde.
                                           Zitten meestal aan het einde van het leerproces in de vorm
                                           van toekenning studiepunten, certificaten, diploma’s.




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                         Pagina 30 van 31
Bijlage 5: Verwachtingen van deelnemers en docenten

Vanzelfsprekend wordt van iedereen verwacht dat de algemene orde en gedragsregels (zie
deelnemersstatuut en de onderwijsovereenkomst, die je getekend hebt bij aanvang van de studie),
worden gerespecteerd. (zie ook POP cyclus)

Wij verwachten dat:
     je hier komt om te leren
     je bereid bent om jezelf te motiveren
     je bereid bent om jezelf te leren kennen
     je bereid bent om binnen en buiten de school dienstverlening te leren
     je je eigen beroepservaring plaats (stageplaats) regelt
     je bereid bent om binnen en buiten de school zelfstandig te werken
     je inzet toont
     je initiatief neemt
     je flexibel bent
     je bereid bent tot communicatie
     je vanaf het begin verantwoordelijk voelt voor je eigen leerproces en leerprestaties
     je je open stelt voor kritiek, maar aan de andere kant
     je ook vrij voelt om rechtstreeks feedback te geven waar we wat mee kunnen

Je mag van de docenten en begeleiders verwachten:
    dat wij voorbeeldgedrag vertonen
    dat wij goed luisteren
    wij gemotiveerd in het leven staan en dat ook aan jullie overdragen
    bereidheid om er voor te gaan
    een ambitieuze werkhouding
    de overdracht van een professionele beroepshouding
    het doen of regelen van kennisoverdracht
    het doen of regelen van vaardigheidstraining
    je helpen bij het door jou regelen van beroepspraktijkvorming
    attitudevorming (beroepshouding)
    individuele intake
    introductie activiteiten
    sociaal-emotionele begeleiding
    studievoortgangbegeleiding
    het regelen van studiehulp, onder andere hulp bij dyslexie en faalangst
    keuzebegeleiding
    stagebegeleiding
    doorstroom begeleiding
    overstapbegeleiding
    uitstroombegeleiding




95cb2d95-91cc-4856-acfa-798862dce24c.doc                                       Pagina 31 van 31

								
To top