Dans CAD

Document Sample
Dans CAD Powered By Docstoc
					Handleiding DansCAD
     Door: Fred Bolder




                          DansCAD versie: 3.07
                         Handleiding versie: 1.16
Inhoud




Inhoud....................................................................................................................................... 1
Inleiding ................................................................................................................................... 2
DansCAD installeren................................................................................................................ 3
DansCAD configureren ............................................................................................................ 4
Openen en afspelen van figuren ............................................................................................... 6
DansCAD afsluiten .................................................................................................................. 8
Commando’s invoeren ............................................................................................................. 9
Figuren zelf invoeren ............................................................................................................. 10
Selecteren ............................................................................................................................... 12
Ingeven van punten ................................................................................................................ 14
Verplaatsen en roteren ............................................................................................................ 16
Kopiëren ................................................................................................................................. 18
Grips ....................................................................................................................................... 21
Hulpmiddelen ......................................................................................................................... 22
Zoom en pan commando’s ..................................................................................................... 27
Ritme ...................................................................................................................................... 29
Meerdere dansparen ............................................................................................................... 30
Importeren en exporteren ....................................................................................................... 32
Printen .................................................................................................................................... 35
Menu’s .................................................................................................................................... 37
Foutmeldingen ........................................................................................................................ 39
Problemen oplossen................................................................................................................ 42
Overzicht van de commando’s ............................................................................................... 43
Systeemvariabelen .................................................................................................................. 45




                                                                                                                                                   1
Inleiding

Als je op dansles zit dan leer je nogal veel leuke figuurtjes die je natuurlijk absoluut niet wilt
vergeten, maar op een gegeven moment wordt het gewoon te veel om te onthouden. Je kunt
de pasjes proberen op te schrijven, maar de kans is groot dat je hier over een tijdje niets meer
van begrijpt. Daarom heb ik het programma DansCAD gemaakt. Programmeren is ook een
hobbie van mij dus dat kwam goed van pas. Na een tijdje besloot ik om DansCAD op mijn
internet site http://www.xs4all.nl/~fghb/ballroom.htm te zetten zodat er meer mensen gebruik
van kunnen maken. Steeds als ik DansCAD verander of als ik er nieuwe figuurtjes bij maak
dan zet ik weer een nieuw zip bestand op mijn site. In het dansblad http://www.dansblad.nl/
geef ik regelmatig uitleg over de nieuwste DansCAD versie. Inmiddels is DansCAD zo
uitgebreid dat er behoefte is aan een handleiding. Meestal kom je er best snel achter hoe je
een figuurtje moet openen en afspelen, maar er zijn natuurlijk ook gebruikers die zelf figuren
willen invoeren en dat is wat ingewikkelder. Met deze handleiding hoop ik je een eindje op
weg te helpen. Probeer zelf ook gewoon van alles uit, want daar leer je nog het meeste van.
Heb je vragen stuur dan gerust een mailtje naar fghb@xs4all.nl Kijk ook af en toe op mijn site
of er een nieuwe versie van deze handleiding is.




                                                                                                2
DansCAD installeren

Maak eerst een directory aan waarin je DansCAD wilt installeren, bijvoorbeeld
C:\DANSCAD

In de Windows Verkenner doen we dit door eerst de C: schijf te selecteren. Kies hierna uit het
pulldown menu Bestand, Nieuw en Map. Typ nu DANSCAD gevolgd door Enter. Hieronder
staat een voorbeeld om in MS-DOS een directory aan te maken:

D:\>
D:\>C:
C:\TEMP>CD \
C:\>MKDIR DANSCAD

Start nu je internet browser op en ga naar mijn site http://www.xs4all.nl/~fghb/ballroom.htm
Klik op de Nederlandse vlag en klik daarna in het menu op Dans software. Op deze pagina
kun je het bestand danscad.zip downloaden. Klik met de rechtermuisknop op danscad.zip en
kies “Doel opslaan als…” of “Koppelingen opslaan als…”. Ga naar de directory
C:\DANSCAD en klik op de knop Opslaan. Als het bestand is opgeslagen kun je de internet
verbinding verbreken. Nu moet het bestand danscad.zip in de directory C:\DANSCAD
worden uitgepakt. Zorg er voor dat er een programma op je computer staat om zip bestanden
uit te pakken. Het beste kun je hier WinZip voor gebruiken. Als je dit programma niet hebt
dan kun je het hier downloaden http://www.winzip.com/ Start de Windows Verkenner op en
ga naar de directory C:\DANSCAD. Ik vind het zelf altijd makkelijk om met de
rechtermuisknop op het bestand danscad.zip te klikken, boven de directory C:\DANSCAD te
gaan staan en dan pas de muisknop los te laten. Je kunt dan namelijk gelijk uit het menu de
bovenste regel “Extract to folder C:\Danscad” kiezen. Na het uitpakken is DansCAD
geïnstalleerd. Je kunt DansCAD opstarten door op het bestand dc.exe met de linkermuisknop
te dubbelklikken. Bij sommige computers kan het voorkomen dat je bij de eigenschappen van
het bestand dc.exe moet instellen dat het programma moet opstarten in een volledig scherm.
Dit kan door met de rechtermuisknop op het bestand dc.exe te klikken en uit het menu
Eigenschappen te kiezen. Klik hierna op de tab Scherm en selecteer Volledig scherm.


Belangrijk

Als DansCAD al op je computer staat en je wilt de nieuwste versie installeren geef dan de
directory waar DansCAD in staat een andere naam en maak gewoon weer een nieuwe
directory aan waarin je DansCAD wilt installeren. Kopieer na het installeren je zelfgemaakte
figuren naar de nieuwe DansCAD directory. Bewaar in ieder geval altijd nog een oudere
versie van DansCAD. Als de nieuwste versie dan niet op jouw computer werkt dan heb je
toch nog wat.




                                                                                               3
DansCAD configureren

Als je DansCAD installeert dan is de configuratie zo ingesteld dat het op de meeste computers
goed zal werken. Afhankelijk van je hardware kun je een bijvoorbeeld een hogere
beeldschermresolutie instellen. Voor je iets aan de configuratie gaat veranderen is het aan te
bevelen om het huidige figuur op te slaan. Vooral bij het wijzigen van de beeldscherm-
resolutie kan er namelijk iets mis gaan. Als er iets mis gaat dan kun je altijd de originele
configuratie terug krijgen door de bestanden dc.cfg en dc.sys te verwijderen.

Beeldscherm
Hieronder is te zien hoe je de beeldscherminstellingen kunt veranderen. Probeer ook eens wat
andere instellingen uit.

Command: config
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: d
VGA/SVGA/VESA/eXit <VGA>: vesa
1. 800x600 2. 1024x768 3. 1280x1024 <1>: 1
Do you want a status line? <Y>: y
Screen menu Off/Left/Right <RIGHT>: r
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: x
Keep configuration changes? <Y>: y

Nu kan het voorkomen dat de melding “Mode not supported on this card” op een zwart
scherm verschijnt. Het lijkt nu alsof het programma is vastgelopen, maar je kunt nog van alles
doen. Helaas zie je alleen niet wat je doet doordat de computer de gemaakte grafische
instelling niet zo fijn vindt. Als je de volgende regels intikt dan komt het zeer waarschijnlijk
weer goed.

config
d
vga
y
r
x
y

Je kunt bij de melding “Mode not supported on this card” ook de toetsen Ctrl en Alt
gelijktijdig indrukken. Hierdoor wordt DansCAD afgesloten en het huidige figuur opgeslagen
als $$$$$$$$.FIG in C:\. Deze snelle manier van afsluiten kan ook in andere situaties goed
van pas komen ☺. Verwijder hierna het bestand dc.cfg en start DansCAD opnieuw op.


Muis
Met de optie MOuse kun je o.a. de muissnelheid instellen. Hoe hoger de waarde des te hoger
de muissnelheid. Als je DansCAD onder Windows hebt opgestart dan kan het voorkomen dat
de ingestelde waarde geen invloed heeft op de muissnelheid. Verander in dat geval de
muissnelheid in het Windows Configuratiescherm.



                                                                                               4
Command: config
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: mo
OFF/ON/Speed/eXit <X>: s
Mouse speed [1..5] <3>: 1
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: x
Keep configuration changes? <Y>: y



Menu
Met de optie MEnu kun je instellen welk menu bestand moet worden gebruikt. In het
hoofdstuk Menu’s vind je meer informatie hierover. Als de statusregel is uitgeschakeld dan
heb je ook geen pulldownmenu. Bij de beeldscherminstellingen kun je het schermmenu
uitschakelen of verplaatsen.


Timers
De Turbo Pascal Delay functie werkt onder een Windows omgeving helaas niet altijd zoals
het zou moeten. Hierdoor kan een figuur op een andere snelheid worden afgespeeld dan dat je
verwacht. Daarom kun je in DansCAD instellen volgens welke methode de tijd moet worden
bepaald.

Command: config
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: t
Use internal clock? <N>: y
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: x
Keep configuration changes? <Y>: y



Backup
Met de optie Backup kun je instellen of voor het overschrijven van een bestand een reserve
bestand met de extensie .BAK moet worden gemaakt.

Command: config
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: b
Create backup files? <Y>: y
Alarm/Backup/Display/MEnu/MOuse/Timers/eXit <X>: x
Keep configuration changes? <Y>: y



Alarm
Gebruik deze optie om in te stellen of je een pieptoontje wilt horen bij een foutmelding. Met
de systeemvariabele SOUND kun je het geluid tijdens het afspelen van een figuur inschakelen
of uitschakelen.




                                                                                             5
Openen en afspelen van figuren

Met het commando OPEN kun je een bestaand figuur openen. Een commando kun je op
verschillende manieren invoeren. Laten we eens het pulldown menu gebruiken. Kies File en
daarna Open. Als je het huidige figuur hebt gewijzigd en nog niet hebt opgeslagen dan
verschijnt de vraag “Are you sure? <N>:”. Dit betekent “Weet je het zeker?”. Tik N gevolgd
door Enter of druk op de Esc toets om het commando OPEN te annuleren. Je kunt dan met het
comando SAVE het figuur opslaan. Als je de wijzigingen niet wilt opslaan tik je Y gevolgd
door Enter. Er verschijnt nu een lijst met figuren. Je wilt bijvoorbeeld de basispas van de
Rumba bekijken. Waarschijnlijk zie je nu helemaal geen Rumba figuren. Dit komt omdat er
wel meer dan 160 figuren bij het programma zitten en die passen niet op één pagina. Met de
toetsen Page Up en Page Down kun je door de pagina’s bladeren. Met de Home toets ga je
naar de eerste pagina en met de End toets ga je naar de laatste pagina. Ga nu naar de pagina
waar je de regel “R_001 Rumba – Basis” ziet staan. Verplaats het pijltje d.m.v. de toetsen ↑
en ↓ naar die regel en druk op Enter. Het figuur wordt nu geopend. Op de bovenste regel van
het onderste tekst gebied zie je “Rumba – Basis” staan.
Met het commando PLAY kun je het figuur afspelen. Dit commando kun je invoeren door uit
het pulldown menu File en daarna Play te kiezen, maar het is veel makkelijker om gewoon de
spatie balk in te drukken.

Command: PLAY
All/From/Block <A>:

Je kunt nu bepalen welk gedeelte van het figuur je wilt afspelen. Als je het hele figuur wilt
zien druk dan gewoon op de Enter toets. Tijdens het afspelen zie je de volgende regel:

(Esc)=Stop     (+)=Inc tempo (-)=Dec tempo

Door op de Esc toets te drukken wordt het afspelen geannuleerd, met de + toets wordt de
afspeelsnelheid verhoogd en met de – toets wordt de afspeelsnelheid verlaagd.
Tijdens het afspelen zie je steeds de tekst op de tweede regel veranderen. Dit is de
omschrijving van de pas. Als de voeten van de heer licht gekleurd zijn dan zie je de tekst voor
de heer en als de voeten van de dame licht gekleurd zijn dan zie je de tekst van de dame. Met
het commando MANLADY kun je instellen welke tekst je wilt zien. Dit commando kun je
o.a. uitvoeren door in het pulldown menu View en daarna “Man / Lady” te kiezen. Meestal
zijn de dames gewend om het figuur van de andere kant te bekijken. De dansvloer roteer je
door in het pulldown menu View en daarna “Rotate floor” te kiezen.
Soms gaat het afspelen te snel om goed te kunnen zien wat je moet doen. Je kunt de
afspeelsnelheid lager instellen door uit het pulldown menu Settings en daarna Tempo te
kiezen, maar vaak is het handiger om handmatig door de stappen te bladeren. Dit is vooral bij
het instuderen het geval. Als je weet wat je moet doen dan is het afspelen weer makkelijker
om te zien of een pas langzaam of snel gedanst moet worden. Zelf gebruik ik altijd het scherm
menu om door de passen te bladeren. Als het goed is zie je in het scherm menu onder
GOTOSTEP de items First, Previous, Next en Last. Klik even op DansCAD als je dit niet
ziet. Met First ga je naar de eerste pas, met Previous ga je naar de vorige pas, met Next ga je
naar de volgende pas en met Last ga je naar de laatste pas. Door op GOTOSTEP te klikken
heb je nog wat meer mogelijkheden zoals het opgeven van het stap nummer.



                                                                                                6
Als je wilt dan kun je zelfgemaakte figuren bijvoorbeeld in een aparte directory bewaren. In
DansCAD kun je geen directories aanmaken of verwijderen, maar dit kan bijvoorbeeld
gewoon onder MS-DOS met de commando’s MKDIR en RMDIR of met de Windows
Verkenner. DansCAD is een MS-DOS programma. Zorg er dus voor dat je een directory
naam niet langer dan 8 karakters maak en dat er geen vreemde karakters zoals spaties in de
naam voorkomen.
De figuren die ik bij een Salsa cursus heb geleerd heb ik in de directory SALSA gezet. Laten
we eens proberen om het “Salsa - Cross body lead” figuur te openen. Tik O gevolgd door
Enter. Zoals je ziet kun je dus zo ook heel makkelijk het commando OPEN uitvoeren.
Verplaats het pijltje met de toetsen ↑ en ↓ naar de Salsa directory en druk op Enter. Je ziet nu
de inhoud van de SALSA directory. Verplaats het pijltje naar het “Salsa - Cross body lead”
figuur en druk op Enter. Nu kun je het figuur afspelen. Tik hiervoor play in gevolgd door
Enter en druk nogmaals op Enter. Zo kan het dus ook. In deze handleiding laat ik veel
verschillende methoden zien. Probeer nu eens de basispas van de Cha Cha Cha te openen.
Oeps, die staat er dus niet bij. Door het pijltje naar de .. directory te verplaatsen en op Enter te
drukken ga je een directory terug. Nu kun je het figuurtje wel vinden.

Om snel naar een bepaald bestand te gaan kun je de eerste letter van de bestandsnaam
intikken.




                                                                                                   7
DansCAD afsluiten

Sla indien nodig eerst het huidige figuur op d.m.v. het SAVE commando. Gebruik het QUIT
commando om DansCAD af te sluiten.

Command: quit
Are you sure? <N>: y




                                                                                          8
Commando’s invoeren

Je kunt commando’s op verschillende manieren invoeren. Hieronder staan voorbeelden voor
het uitvoeren van het OPEN commando.

Commandoregel
Tik open achter de aanwijzing Command: en druk op de Enter toets.
Command: open

Verkorte commando’s
Tik op de commandoregel o en druk op de Enter toets.
Command: o
De verkorte commando’s zijn gedefinieerd in het bestand DC.PGP. Je kunt dit bestand met
een tekst editor (bijvoorbeeld WordPad) wijzigen en bijvoorbeeld zelf verkorte commando’s
maken. Met het HELP commando (druk op F1) kun je snel zien welke verkorte commando’s
er zijn gedefinieerd. Kies hiervoor Command aliases.

Schermmenu
Klik rechts in het schermmenu op OPEN. Als dit commando er niet bij staat dan ben je
waarschijnlijk niet in het hoofdmenu. Klik bovenin op DansCAD om terug te keren naar het
hoofdmenu.

Pulldownmenu
Beweeg de muis naar boven tot het pulldownmenu verschijnt. Klik op File en daarna op
Open.

Herhalen van commando’s
Druk bij een lege commandoregel (alleen Command:) op de Enter toets om het laatst
gebruikte commando te herhalen.



Opmerking:

Het is mogelijk om de menu’s en de verkorte commando’s naar wens aan te passen. In deze
handleiding ga ik uit van de standaard configuratie.




                                                                                            9
Figuren zelf invoeren

Bij DansCAD zitten al heel wat figuren, maar je kunt ook de figuren die je bij jou op de
dansschool hebt geleerd invoeren. Dit is natuurlijk wat ingewikkelder dan de bestaande
figuren openen en afspelen, maar ik kan je wel wat op weg helpen.
Laten we eens de basispas van de Rumba invoeren. Die zit al bij DansCAD, maar dat maakt
niet uit. Met het commando SAVE kun je eventuele wijzigingen aan het huidige figuur eerst
opslaan. Voer hierna de onderstaande handelingen uit.

Command: new
Are you sure? <N>: y
Number of couples <1>: 1

Met het commando NEW begin je dus met een nieuw figuur. Hierbij moet je ook het aantal
dansparen opgeven. In DansCAD kun je maximaal 6 dansparen tegelijk laten dansen, maar 1
danspaar lijkt me voorlopig wel genoeg. Zoals de voeten nu op het scherm staan is het gelijk
al de goede start positie voor de Rumba. Bij dit voorbeeld ga ik er vanuit dat het scherm niet
geroteerd is. De voeten van de man staan onder de voeten van de dame. Kies uit het pulldown
menu View en “Rotate floor” als dit niet het geval is. Verzin eerst een bestandnaam en een
omschrijving. Dan kun je het figuurtje later makkelijk terug herkennen. Als bestandsnaam
neem je bijvoorbeeld R_050 en als omschrijving neem je “Rumba – Basispas”. De
bestandsnaam krijgt automatisch de extensie FIG. Voer nu de onderstaande handelingen uit
om de omschrijving in te voeren

Command: title
New title: Rumba – Basispas

Als je dit hebt gedaan dan zie je de omschrijving ook op de eerste regel van het tekstscherm
staan. Sla het figuur nu op als R_050.

Command: save
Filename: rumba-1

Je mag de extensie niet invoeren. Als je dit toch doet dan krijg je de foutmelding Invalid
filename. Vooral als je een groot figuur aan het invoeren bent, is het verstandig om het figuur
regelmatig op te slaan. Dat kan vanaf dit moment erg snel door s te tikken en daarna 2 keer op
Enter te drukken. Probeer dat maar eens uit. Laten we nu voor alle stappen de voeten op de
juiste positie zetten. Het ritme en de tekst per stap voeren we later in. Dat gaat dan namelijk
wat makkelijker. De voeten voor de start positie staan goed en dus gaan we verder met de
volgende stap. Klik hiervoor in het scherm menu op Next. Je ziet dan het volgende:

Command: nextstep
Insert new step? <N>:

Er wordt nu gevraagd of je een nieuwe stap wilt invoegen, omdat stap 2 nog niet bestaat. Dat
wil je natuurlijk en dus tik je y gevolgd door Enter. Je ziet nu dat de rechtervoet van de man
en de linkervoet van de dame worden ingekleurd. Een ingekleurde voet wil zeggen dat we op
die voet staan. In de Rumba doet de man eerst een voorbereidende pas met zijn rechtervoet
dus dat klopt al. Met het commando CHANGE kun je trouwens de status van een voetje
veranderen. De posities kloppen nog niet, want de man stapt rechts opzij en de dame stapt

                                                                                               10
links opzij. Selecteer nu de rechtervoet van de man en de linkervoet van de dame. Dit doe je
door er met de linkermuisknop op te klikken. Druk op Esc als je per ongeluk wat verkeerd
hebt gedaan. Als je een voetje selecteerd dan verschijnen er allemaal vierkantjes waar je leuke
dingen mee kunt doen, maar daar kom ik later op terug. Die vierkantjes noemen we grips of
selectie vlakjes. Hou nu de Shift toets ingedrukt, druk 2 keer op het pijltje naar rechts (→) en
laat de Shift-toets weer los. Druk op Esc om de selectie op te heffen. Er zijn trouwens veel
manieren om de voetjes te verplaatsen, maar dit werkt erg snel en nauwkeurig. De voeten
staan nu op de goede positie en dus gaan we verder met stap 3. Klik in het scherm menu op
Next en antwoordt met Y gevolgd door Enter. Nu worden automatisch de linkervoet van de
man en de rechtervoet van de dame ingekleurd. Die zijn ook aan de beurt. We hoeven dus
alleen de posities te veranderen. Hou tijdens het gebruik van de cursortoetsen voor het
positioneren steeds de Shift-toets ingedrukt. Selecteer de ingekleurde voeten, druk 2 keer op
→ en druk 4 keer op ↑. Druk op Esc om de selectie op te heffen. Voeg nu stap 4 in volgens de
inmiddels bekende methode. De voeten staan al op de juiste plaats. Voeg stap 5 in. Selecteer
de ingekleurde voeten, druk 4 keer op ↓ en druk 2 keer op ←. Druk op Esc om de selectie op
te heffen. Als je trouwens Next uit het scherm menu kiest dan wordt een eventuele selectie
automatisch opgeheven, maar voor de volledigheid zet ik het er steeds bij. Voeg nu stap 6 in.
Selecteer de ingekleurde voeten, druk 4 keer op ↓ en druk 2 keer op ←. Druk op Esc. Voeg nu
stap 7 in. De voeten staan al op de juiste plaats. Voeg stap 8 in. Selecteer de ingekleurde
voeten, druk 2 keer op → en druk 4 keer op ↑. Druk op Esc. Alle posities zijn nu ingevoerd!
Tik s en druk 2 keer op Enter om het figuur op te slaan. Druk nu op de spatie balk en daarna
op Enter om het figuur af te spelen. Het ziet er al best leuk uit, maar het ritme klopt nog niet.
Bij dit basis figuur moeten namelijk de zijwaartse passen langzaam worden gedanst. Dit geldt
natuurlijk niet voor de voorbereidende pas. Het komt er op neer dat de passen 5 en 8 een
beatvalue van 2 moeten hebben. De overige passen hebben een beatvalue van 1. Lees het
hoofdstuk Ritme voor meer informatie hierover en bestudeer de bestaande figuren.
Ga nu naar stap 5 door voor de verandering eens de onderstaande handelingen uit te voeren.

Command: gotostep
Previous/Next/First/Last/Mouse/NUmber/blockStart/blockEnd <N>: nu
Goto step <8>: 5

Om de optie NUmber te kiezen moet je dus 2 letters intikken. Next en NUmber beginnen
namelijk beide met de letter N. Je kunt natuurlijk ook Next en Previous uit het scherm menu
gebruiken om naar een bepaalde stap te gaan. Door het gebruik van sommige commando’s
komt er soms opeens een ander scherm menu. In zo’n menu staan dan de opties die bij dat
commando horen. Klik boven in het scherm menu op DansCAD om het begin scherm weer
terug te krijgen. Druk nu in het scherm menu zoveel keer op de + onder Time tot in de
statusbalk achter Time het getal 2 staat. Als je per ongeluk voorbij de 2 gaat dan kun je met de
– de beatvalue verlagen. Ga nu naar stap 8 en zet daar ook de beatvalue op 2. Als je nu het
figuur afspeelt dan zul je zien dat het ritme klopt. Nu moeten alleen de stap teksten nog
worden ingevoerd. Begin met de passen voor de man. De voeten van de man moeten dus
helder gekleurd zijn. Kies uit het pulldown menu View en daarna “Man / Lady” als dit niet
het geval is. Kies nu uit het pulldown menu Modify en daarna “All text”. Tik de teksten Start
positie, Start, Voor, Terug, Zij, Achter, Terug, Zij. Kies nu uit het pulldown menu View en
daarna “Man / Lady” om de passen voor de dame in te kunnen voeren. Kies uit het pulldown
menu Modify en daarna “All text”. Tik de teksten Start positie, Start, Achter, Terug, Zij,
Voor, Terug, Zij. Stel het tempo in op bijvoorbeeld 108 (27 maten per minuut).
Tik s en druk 2 keer op Enter om het figuur op te slaan. Het figuur is nu helemaal klaar!


                                                                                              11
Selecteren

Bij veel commando’s wordt er gevraagd om objecten te selecteren. Je ziet dan meestal de
aanwijzing “Select objects:”. Het is dan de bedoeling dat je de voeten selecteert waar je
iets van wilt veranderen. Een geselecteerde voet wordt gestreept weergegeven. Bij het
selecteren verschijnt een selectievlakje. Met de systeemvariabele PICKBOX kun je de grootte
hiervan instellen.

Selecteren d.m.v. een selectievlakje
Klik met de linker muisknop op een voet om deze te selecteren. Een voet wordt alleen
geselecteerd als deze zich geheel of gedeeltelijk binnen het vlakje bevindt. Als er tijdens het
selecteren d.m.v. een selectievlakje geen voet wordt gevonden dan wordt er automatisch
overgeschakeld naar selecteren d.m.v. een selectiekader. Als hierbij het tweede hoekpunt zich
links van het eerste hoekpunt bevindt dan wordt d.m.v. een overlappend selectiekader
geselecteerd.

Selectie accepteren
Druk bij de aanwijzing “Select objects:” op de Enter toets als je helemaal klaar bent met
selecteren.

Selectie opheffen
Druk op de Esc toets als je de selectie wilt opheffen. Het commando wordt dan meestal ook
afgebroken.

Selecteren d.m.v. een selectiekader (Window)
Bij het selecteren d.m.v. een venster moet je twee punten ingeven. Alle voeten die zich geheel
binnen het venster bevinden worden geselecteerd. Hieronder staat een voorbeeld.

Command: move                            Geef het commando MOVE
Select objects: w                        Tik w om de optie Window te gebruiken
First corner:                            Geef het eerste hoekpunt van het kader op
Other corner:                            Geef het tweede hoekpunt van het kader op
4 found 0 duplicate                      Er zijn 4 voeten gevonden
Select objects:                          Druk op Enter om de selectie te accepteren
Base point or All/Block/Current:         Geef het basispunt van de verplaatsing op
Second point of displacement:            Geef het tweede punt van de verplaatsing op

Selecteren d.m.v. een overlappend selectiekader (Crossing)
Dit is bijna hetzelfde als het selecteren d.m.v. een normaal selectiekader. Met een overlappend
selectiekader worden alle voeten die zich geheel of gedeeltelijk binnen het kader bevinden
geselecteerd. Tik c om deze optie te gebruiken.

Alles selecteren (All)
Met de optie All worden alle voeten geselecteerd. Om deze optie te gebruiken moet je het hele
woord All intikken, omdat er ook een optie Add is.




                                                                                             12
Laatst geselecteerde voeten opnieuw selecteren (Previous)
Gebruik de optie Previous om de laatst geselecteerde voeten opnieuw te selecteren.

Voeten aan de selectiegroep toevoegen (Add)
Als je begint met selecteren dan worden automatisch alle voeten die je selecteert aan de
selectiegroep toegevoegd. Met de optie Remove is het echter ook mogelijk om voeten uit een
selectiegroep te verwijderen. Met de optie Add kun je weer terugkeren naar de toevoegmodus.

Voeten uit een selectiegroep verwijderen (Remove)
Als je per ongeluk bijvoorbeeld een verkeerde voet hebt geselecteerd dan kun je deze met de
optie Remove uit de selectiegroep verwijderen. Gebruik de optie Add om weer terug te keren
naar de toevoegmodus. Hieronder staat een voorbeeld.

Select objects: all          Tik all om alle voeten te selecteren
4 found 0 duplicate          Er zijn 4 voeten gevonden
Select objects: r            Gebruik Remove om voeten uit de groep te verwijderen
Remove objects:              Klik op de linkervoet van de dame
1 found 1 removed            Er is 1 voet gevonden
Remove objects:              Klik op de rechtervoet van de dame
1 found 1 removed            Er is 1 voet gevonden
Remove objects: a            Keer terug naar de toevoegmodus
Select objects:              Klik op de rechtervoet van de dame
1 found 0 duplicate          Er is 1 voet gevonden
Select objects:              Druk op Enter om de selectie te accepteren

In dit voorbeeld hebben we dus alle voeten behalve de linkervoet van de dame geselecteerd.
Meestal is het makkelijker om een voet uit de selectiegroep te verwijderen door in de
toevoegmodus tijdens het selecteren de Shift toets ingedrukt te houden.

Een speciale selectie maken (Special)
Gebruik de optie Special om een speciale selectie te maken. We kunnen dan bijvoorbeeld alle
voeten van een bepaald danspaar selecteren. In het onderstaande voorbeeld worden de voeten
van alle mannen geselecteerd.

Select objects: s
Couples/Ladies/Men <C>: m
2 found 0 duplicate
Select objects:




                                                                                             13
Ingeven van punten

Je kunt op veel verschillende manieren een punt ingeven.


Punten ingeven met de muis
Beweeg de cursor met de muis naar de gewenste positie. Als de waarde van de COORDS
systeemvariabele groter dan 0 is dan kun je de positie in de statusregel aflezen. Met de
functietoets F6 kun je de positieweergave eenvoudig instellen. Klik op de linker muisknop als
de cursor op de gewenste positie staat. Als je tijdens het ingeven van afstanden of hoeken de
afstand en de hoek wilt zien dan moet de COORDS systeemvariabele de waarde 2 hebben.


Absolute coördinaten intikken
Hierbij tikken we de X waarde en de Y waarde in gescheiden door een komma.

Command: id
Point: 10,5
X = 10.00 Y = 5.00



Relatieve coördinaten intikken
Relatieve coördinaten zijn handig als je een punt t.o.v. het vorige punt wilt ingeven. Met het
@ symbool geef je een relatief coördinaat aan.

Command: dist
First point: 10,20
Second point: @5,-10
Distance = 11.18 Angle = 296,57

Dit komt overeen met het onderstaande.

Command: dist
First point: 10,20
Second point: 15,10
Distance = 11.18 Angle = 296,57



Afstand en hoek intikken
Hierbij tik je de afstand en de hoek in gescheiden door het < symbool.

Command: id
Point: 10<45
X = 7.07 Y = 7.07




                                                                                             14
Meestal is het handiger om een afstand en hoek t.o.v. het vorige punt in te geven. In dat geval
zet je er het @ symbool voor.

Command: dist
First point: 30,100
Second point: @20<-30
Distance = 20.00 Angle = 330.00

Zoals je ziet kun je bij de hoek ook een negatieve waarde intikken. De positieve waarde van
deze hoek wordt dan dus 360-30=330 graden.


Alleen de afstand intikken
Bij deze methode gebruik je het toetsenbord in combinatie met de muis. Nadat je het eerste
punt hebt ingegeven beweeg je de muis in de richting van het volgende punt. Druk niet op de
linker muisknop, maar tik de afstand in.

Command: dist
First point: 100,100
Second point: 50
Distance = 50.00 Angle = 45.00

Als je alleen hoeken van 0, 90, 180 en 270 graden wilt ingeven dan is het handig om de Ortho
functie in te schakelen met de functietoets F8.




                                                                                              15
Verplaatsen en roteren

Om bij het invoeren van figuren de voeten op de juiste plaats en in de juiste richting te
krijgen, moeten we ze kunnen verplaatsen en roteren. Dit kan dit natuurlijk met de
commando’s MOVE en ROTATE, maar er zijn nog meer mogelijkheden.
Klik bijvoorbeeld maar eens op de rechtervoet van de man. De voet wordt nu gestreept
weergegeven en er verschijnen 3 blauwe grips. Als je niets kunt selecteren dan heeft de
systeemvariabele GRIPS waarschijnlijk een waarde van 0. Deze moet nu een waarde van 1
hebben. Met de cursortoetsen kun je de geselecteerde voet verplaatsen. Druk op → om de
voet met een afstand van 1 naar rechts te verplaatsen. Als je bij het verplaatsen de shift toets
ingedrukt houdt dan wordt een afstand van 10 gebruikt. Als je bijvoorbeeld de shift toets
ingedrukt houdt en op ↑ drukt dan wordt de voet met een afstand van 10 naar boven
verplaatst. De afstanden waarmee wordt verplaatst kun je naar wens instellen d.m.v. de
systeemvariabelen MOVESLOW en MOVEFAST. In deze handleiding ga ik uit van de
standaard instelling. De waarde van MOVEFAST wordt gebruikt bij het ingedrukt houden
van de shift toets. Je kunt de systeemvariabelen ook zo instellen dat bij gebruik van de shift
toets juist met een kleinere afstand wordt verplaatst. Druk op Esc als je klaar bent met
verplaatsen. De selectie wordt dan opgeheven.
Het roteren gaat al net zo makkelijk. Selecteer een voet, hou de Ctrl toets ingedrukt en druk
net zo lang op → of ← tot de voet in de juiste richting staat. Druk hierna op Esc.

Laten we nu eens wat met die grappige blauwe grips doen. Als de kleur van de grips je niet
bevalt dan kun je deze trouwens instellen met de systeemvariabelen GRIPCOLOR en
GRIPHOT. Klik op een voet. Er verschijnen 3 blauwe grips. Klik nu bijvoorbeeld op de
middelste grip. Deze wordt dan rood gekleurd. Het midden van de grip wordt als basispunt
voor de verplaatsing gebruikt. Geef nu het tweede punt van de verplaatsing op. Druk op Esc.
Je kunt natuurlijk ook meerdere voeten tegelijk verplaatsen.
Met grips kun je ook een voet roteren. Klik op een voet. Klik bijvoorbeeld op de grip bij de
teen. Druk op Enter of klik op de rechter muisknop om over te schakelen naar de roteer
modus. Geef nu de gewenste hoek in. Druk op Esc.

In het onderstaande voorbeeld zie je hoe je d.m.v. het MOVE commando een voet met een
afstand van 50 naar rechts kunt verplaatsen.

Command: move
Select objects: (selecteer een voet)
1 found 0 duplicate
Select objects: (druk op Enter)
Base point or All/Block/Current: 0,0
Second point of displacement: 50,0

Met de opties All en Block kun je de bewerking voor meerdere stappen tegelijk uitvoeren. Dit
is handig als je bijvoorbeeld een heel figuur iets naar rechts wilt verplaatsen.




                                                                                               16
In het volgende voorbeeld zie je hoe je d.m.v. het ROTATE commando een voet kunt roteren.

Command: rotate
Select objects: (selecteer een voet)
1 found 0 duplicate
Select objects: (druk op Enter)
Base point or All/Block/Current: heel
of (selecteer dezelfde voet)
Rotation angle <0.00>: 315

Zoals je ziet heb ik in dit voorbeeld de heel functie gebruikt om de voet eenvoudig om de hak
te roteren.

Met het CHANGE commando kun je ook verplaatsen en roteren. Hierbij geef je alleen de
positie en de hoek van de voet zelf op. Hieronder staat een voorbeeld om een voet te
verplaatsen en te roteren.

Command: change
Select objects: (selecteer een voet)
1 found 0 duplicate
Select objects: (druk op Enter)
Angle/Data/Position <D>: p
New position: 100,100
Command: change
Select objects: p
1 found 0 duplicate
Select objects: (druk op Enter)
Angle/Data/Position <D>: a
New angle <0.00>: 45




                                                                                           17
Kopiëren

Vaak kun je bij het invoeren van figuren jezelf veel werk besparen door te kopiëren. Dit doe
je met het COPY commando. Hierbij geef je eerst in van welke stappen je wilt kopiëren en
daarna wat je wilt kopiëren. Vaak lijkt de tekst van de dame veel op de tekst van de man. Je
kunt dan eerst de tekst van de man intikken en daarna alles kopiëren en de tekst van de dame
een beetje aanpassen. Hieronder staat een voorbeeld.

Command: copy
[STEPS] All/Block/Number <N>: a
[DATA] All/Couple/Lady/Man/Positions/Text <A>: t
[COPY TEXT] Lady→man/Man→lady <M>: m



Ook danst de dame soms bij een bepaald gedeelte hetzelfde als de man. Door eerst een blok
selectie te maken kun je een gedeelte kopiëren. Ga naar de eerste stap van het gedeelte dat je
wilt kopiëren en geef het begin van de selectie in.

Command: block
End/Move/Read/Start/Write <S>: s

Ga nu naar de laatste stap van het te kopiëren gedeelte en geef het einde van de selectie in.

Command: block
End/Move/Read/Start/Write <S>: e

Nu kun je het gedeelte kopiëren.

Command: copy
[STEPS] All/Block/Number <N>: b
[DATA] All/Couple/Lady/Man/Positions/Text <A>: m
Copy man to lady? <N>: y
Delta X <0.00>: 100
Delta Y <0.00>: 0

Met Delta X en Delta Y wordt de afstand tussen de man en de dame bepaald.


Als je in een figuur een paar keer hetzelfde danst, maak dan een blok selectie en ga naar de
stap waar je de kopie wilt invoegen. Bij het kopiëren geef je op of de kopie voor of na de
huidige stap moet worden ingevoegd.

Command: copy
[STEPS] All/Block/Number <N>: b
[DATA] All/Couple/Lady/Man/Positions/Text <A>: a
Insert step(s) After/Before current step <B>: b

Als het invoegpunt zich binnen de selectie bevindt dan verschijnt de foutmelding “Wrong
destination”. Als je alle stappen wilt kopiëren dan moet je dus naar de laatste stap gaan en
achter (after) de huidige stap invoegen.



                                                                                                18
Hieronder is te zien hoe je de posities van een bepaalde stap kunt kopiëren.

Command: copy
[STEPS] All/Block/Number <N>: n
Copy step <2>: 1
[DATA] All/Couple/Lady/Man/Positions/Text <A>: p
Copy positions to current step? Yes/No/Man/Lady <N>: y

Je kunt dus ook alleen de posities van de man kopiëren.


In het hoofdstuk “Meerdere dansparen” staat een voorbeeld hoe je een paar kunt kopiëren.
Zoals je ziet zijn er nogal wat mogelijkheden met het COPY commando. In deze handleiding
staan ze niet allemaal, maar ik denk dat je aan de voorgaande voorbeelden wel genoeg hebt.


Met het BLOCK commando kun je stappen uit een ander figuur kopiëren.

Open het figuur waarvan je iets wilt kopiëren en ga met het GOTOSTEP commando naar de
eerste stap van het gedeelte dat je wilt wegschrijven. Stel het begin van het blok in.

Command: b
BLOCK
End/Move/Read/Start/Write <S>: s

Ga nu naar de laatste stap van het gedeelte dat je wilt wegschrijven en stel het einde van het
blok in.

Command: b
BLOCK
End/Move/Read/Start/Write <S>: e

Schrijf nu het blok naar een bestand.

Command: b
BLOCK
End/Move/Read/Start/Write <S>: w
Filename <TEMP>: (druk op Enter om te schrijven naar het bestand TEMP.FIG)

Je kunt natuurlijk ook naar een ander bestand schrijven. Als het bestand al bestaat dan
verschijnt de volgende vraag.

File exists. Overwrite? <N>:

Tik Y om het bestand te overschrijven of N om het commando te annuleren.

Het weggeschreven bestand kun je eventueel openen met het OPEN commando zodat je nog
even kunt controleren of dit het gedeelte is dat je wilt kopiëren.




                                                                                                 19
Open nu het figuur waarin je het weggeschreven gedeelte wilt gebruiken. Lees het blok in.

Command: b
BLOCK
End/Move/Read/Start/Write <S>: r
Filename <TEMP>: (druk op Enter om het bestand TEMP.FIG in te lezen)

De nieuwe stappen wordt altijd achter de bestaande stappen ingevoegd. Het ingelezen
gedeelte wordt automatisch als blok geselecteerd. Met de optie Move kun je het blok een
aantal passen naar links of naar rechts verschuiven. Direct nadat je het blok hebt ingelezen
kun je natuurlijk alleen naar links verschuiven. Bij het verschuiven wordt de blokselectie
automatisch aangepast aan de nieuwe positie van het blok zodat je snel meerdere bewerkingen
op het blok kunt uitvoeren.

Command: b
BLOCK
End/Move/Read/Start/Write <S>: m
Number of steps (negative=backwards) <0>: (aantal stappen)

Hieronder is een voorbeeld van een blokverschuiving van twee stappen naar links te zien.
Voor de verschuiving bevinden de stappen 11 t/m 16 zich in het blok.

 1     2     3     4     5     6    7     8     9     10   11    12    13    14    15       16

 1     2     3     4     5     6    7     8     11    12   13    14    15    16     9       10

 1     2     3     4     5     6    7     8     9     10   11    12    13    14    15       16




                                                                                            20
Grips

Om met grips te kunnen werken, moet de GRIPS systeemvariabele de waarde 1 hebben. Als
je terwijl je niet met een commando bezig bent één of meerdere voetjes selecteert dan
verschijnen op de geselecteerde voetjes blauwe vlakjes. Dit zijn ongeselecteerde grips. De
kleur van de ongeselecteerde grips kun je instellen met de GRIPCOLOR systeemvariabele. In
deze handleiding ga ik uit van de standaard configuratie. De grootte van de grips kun je
instellen met de GRIPSIZE systeemvariabele. De ongeselecteerde grips staan op de bekende
punten van de voet, namelijk de bal, de hak en het midden. Als je de cursor in een vlakje zet
dan wordt deze automatisch naar het midden van het vlakje aangetrokken. De cursor komt
dan dus precies op een bekend punt van de voet te staan. Als je het onderstaande intikt dan
kun je dit goed zien. Sla indien nodig het huidige figuur eerst op i.v.m. het NEW commando
bij dit voorbeeld.

Command: new
Are you sure? <N>: y
Number of couples <1>: 1
Command: zoom
All/Dynamic/Extents/Figure/In/Limits/Out/Previous/Window <W>: i
Center point: 260,185
Command: gripsize
New value for GRIPSIZE <4>: 15

Selecteer nu een voetje en beweeg de cursor over de vlakjes. Je zult zien dat de cursor steeds
naar het midden van een vlakje wordt aangetrokken. Zet met de onderstaande regels de
instellingen weer normaal.

Command: zoom
All/Dynamic/Extents/Figure/In/Limits/Out/Previous/Window <W>: p
Command: gripsize
New value for GRIPSIZE <15>: 4

Selecteer één of meerdere voetjes. Klik met de linker muisknop op een selectievlakje.
Hierdoor wordt het vlakje helemaal rood gekleurd. Dit is een geselecteerde grip. De kleur van
een geselecteerde grip kun je instellen met de GRIPHOT systeemvariabele. Een geselecteerde
grip dient als basispunt voor de bewerking tenzij je met de optie Base point een ander
basispunt ingeeft. De standaard bewerking is verplaatsen. Als je met de linker muisknop een
tweede punt ingeeft dan worden de geselecteerde voetjes verplaatst. Met de rechter muisknop
of de <Enter> toets kun je een andere bewerking kiezen. Hieronder is te zien hoe je een draai
op de hak (heel turn) kunt maken.

Selecteer een voet en klik hierna op een hak grip.
** MOVE **
<Move to point>/Base point/eXit: r (of klik op de rechter muisknop)
** ROTATE **
<Rotation angle>/Base point/eXit: (definieer een hoek door een punt in          te geven)


Lees ook het hoofdstuk “Verplaatsen en roteren” voor het werken met de cursortoetsen.



                                                                                             21
Hulpmiddelen

DansCAD beschikt over vele mogelijkheden om het invoeren van figuren makkelijker te
maken.


Vorige stap weergeven
Met het DISPLAY commando kun je instellen of de vorige stap wit gestreept moet worden
weergegeven. Dit is erg handig bij het invoeren van draaien.

Command: display
Marks/Partner/Previous step <M>: pr
Show previous step? <N>: y



Iets op de achtergrond zetten
Met het BACKGROUND commando kun je een willekeurige stap groen gestreept op de
achtergrond zetten. Bij het onderstaande voorbeeld wordt de eerste stap op de achtergrond
gezet.

Command: background
None/Step/Marks/Lines <S>: s
Step number <1>: 1

Met de optie Marks kun je maximaal vijf groene kruisjes op de achtergrond zetten. Kies Clear
om alle kruisjes te verwijderen. Bij het onderstaande voorbeeld worden twee kruisjes naast
elkaar op de achtergrond gezet.

Command: background
None/Step/Marks/Lines <S>: m
Point or Clear/eXit <X>: 200,200
Point or Clear/eXit <X>: 300,200
Point or Clear/eXit <X>: x

Met de optie Lines kun je maximaal vijf paar groen gestreepte hulplijnen op de achtergrond
zetten. Kies Clear om alle lijnen te verwijderen. Bij het onderstaande voorbeeld wordt door
het opgegeven punt een horizontale lijn en een verticale lijn getekend.

Command: background
None/Step/Marks/Lines <S>: l
Point or Clear/eXit <X>: 200,200
Point or Clear/eXit <X>: x

Met de optie None wordt de achtergrond verwijderd. Er kunnen geen meerdere soorten
achtergronden gelijktijdig worden gebruikt.




                                                                                              22
Grid, snap en ortho
Deze hulpmiddelen zullen vooral bij AutoCAD gebruikers bekend zijn. Je kunt deze functies
d.m.v. functietoetsen makkelijk inschakelen of uitschakelen.

F7     Grid Aan/Uit
F8     Ortho Aan/Uit
F9     Snap Aan/Uit


Grid

Het grid is een raster van puntjes. Je kunt het vergelijken met een ruitjesvel. Met het GRID
commando kun je het grid instellen.

Command: grid
Grid spacing or ON/OFF/Aspect/Color <10.00>:

Met ON wordt het grid ingeschakeld en met OFF wordt het grid uitgeschakeld. Door een getal
in te tikken wordt de afstand tussen de puntjes ingesteld. Met de optie Aspect kun je zowel de
horizontale afstand als de verticale afstand instellen.

Command: grid
Grid spacing or ON/OFF/Aspect/Color <10.00>: a
X spacing <10.00>: 10
Y spacing <10.00>: 20

Met de optie Color kun je de kleur van het grid instellen. Je kunt hierbij het kleurnummer of
de Engelse naam van de kleur ingeven.

Command: grid
Grid spacing or ON/OFF/Aspect/Color <10.00>: c
New grid color <2>: white



Snap

Als de Snap functie is ingeschakeld dan worden de bewegingen van de cursor beperkt tot
bepaalde intervallen. Dit maakt het positioneren veel makkelijker. Probeer maar eens zonder
Snap functie een voet d.m.v. de muis te verplaatsen naar het punt 100,100. Als je dan met het
LIST commando de positie van de voet opvraagt dan krijg je bijvoorbeeld X=100.10
Y=100.10. Bij een ingeschakelde Snap functie en een rasterafstand van 1 zou het coördinaat
bij het ingeven worden veranderd in 100,100.
Met het SNAP commando kun je de Snap functie instellen.

Command: snap
Snap spacing or ON/OFF/Aspect <10.00>:

Dit werkt hetzelfde als bij het GRID commando, alleen kunnen we nu natuurlijk geen kleur
instellen.



                                                                                               23
Ortho

Als de Ortho functie is ingeschakeld dan kun je met de muis alleen hoeken van 0, 90, 180 of
270 graden ingeven. Dit is handig als je bijvoorbeeld alleen horizontaal wilt verplaatsen. Voor
de Ortho functie is geen commando, maar je kunt de bijbehorende systeemvariabele instellen.

Command: orthomode
New value for ORTHOMODE <0>: 1



OSnap
Met objectmagneten kun je punten hechten aan exacte locaties op objecten. Zo kun je
bijvoorbeeld eenvoudig een heel turn (draai op de hak) invoeren.

Center

Hiermee hecht je een punt aan het midden van een voet.

Ball

Hiermee hecht je een punt aan de bal van een voet. Hieronder staat een voorbeeld van een
draai op de bal van een voet.

Command: rotate
Select objects: (selecteer een voet)
1 found 0 duplicate
Select objects: (druk op de Enter toets)
Base point or All/Block/Current: bal (de eerste 3 letters zijn voldoende)
of (selecteer dezelfde voet)
Rotation angle <0.00>: 45

Heel

Hiermee hecht je een punt aan de hak van een voet.


De grootte van het objectsnap selectievlakje kun je instellen met de APERTURE
systeemvariabele.


De positie van een punt opvragen
Gebruik het ID commando om de positie van een punt op te vragen. In het onderstaande
voorbeeld wordt de positie van de hak van een voet opgevraagd.

Command: id
Point: hee
of (selecteer een voet)
X = 270.00 Y = 135.00




                                                                                            24
Een afstand opmeten
Gebruik het DIST commando om een afstand tussen twee punten op te meten.

Command: dist
First point: (selecteer het eerste punt)
Second point: (selecteer het tweede punt)
Distance = 28.28 Angle = 45.00

Als de COORDS systeemvariabele de waarde 2 heeft dan worden de afstand en hoek tijdens
het ingeven van hoeken of afstanden weergegeven in de statusregel.


Informatie opvragen
Met het LIST commando kun je informatie over een geselecteerd object opvragen.

Command: list
Select object: (selecteer een voet)
Man 1 right foot X=270.00 Y=150.00              Angle=0.00     Data=0

In dit voorbeeld is de rechtervoet van de man van paar 1 geselecteerd.


Ongedaan maken van handelingen
Sommige handelingen zoals verplaatsen en roteren kun je met het UNDO commando
ongedaan maken.

Command: undo
Undo MOVE command? <N>: y

Als er niets ongedaan kan worden gemaakt dan verschijnt de melding “Nothing to undo”.


Help
Met het HELP commando kun je informatie over DansCAD opvragen. Natuurlijk staat er in
deze handleiding veel meer informatie, maar het HELP commando is bijvoorbeeld handig om
te zien welke verkorte commando’s (command aliases) er zijn gedefinieerd. Je kunt namelijk
ook zelf verkorte commando’s definiëren.


Tempo van een nummer bepalen
Met het BPM commando kun je het tempo van een nummer bepalen. Dit commando heb ik
eigenlijk als extraatje in DansCAD geprogrammeerd. Het tempo wordt hierbij weergegeven in
maten per minuut (bars per minute). Bij het TEMPO commando (voor het instellen van de
afspeelsnelheid) wordt de eenheid tikken per minuut (beats per minute) gebruikt.



                                                                                        25
Command: bpm
Start/eXit <S>: (druk aan het begin van een maat op <Enter> om de tijd      te starten)
Next/eXit <N>: (druk aan het begin van de volgende maat op <Enter>)
30 Bars per minute
Next/eXit <N>: (druk aan het begin van de volgende maat op <Enter>)
29 Bars per minute

Dit kun je blijven herhalen. De waarde wordt hierbij steeds betrouwbaarder. Drie keer is
meestal wel voldoende. Druk op <Esc> of typ X gevolgd door <Enter> om te stoppen.




                                                                                           26
Zoom en pan commando’s

Het figuur groter of kleiner weergeven
Met het ZOOM commando kun je de weergave van het figuur vergroten of verkleinen.

Command: zoom
All/Dynamic/Extents/Figure/In/Limits/Out/Previous/Window <W>:

Als je in plaats van een optie in te tikken een punt ingeeft dan wordt gevraagd om het andere
hoekpunt van het gebied dat moet worden weergegeven. Dit geeft hetzelfde resultaat als de
optie Window.


All

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat de gehele dansvloer en alle voeten van de huidige stap
worden weergegeven.


Dynamic

Met deze optie kun je over de hele dansvloer zoomen en pannen zonder uit te zoomen. Hierbij
kun je van te voren d.m.v. een aanzichtvak precies zien welk gedeelte zal worden
weergegeven. Met de linkermuisknop kun je wisselen tussen de zoom functie en de pan
functie.


Extents

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat alle voeten van de huidige stap worden weergegeven.


Figure

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat alle voeten bij elke stap van het figuur worden
weergegeven.


In

Hiermee zoom je in.


Limits

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat de gehele dansvloer wordt weergegeven. De
afmetingen van de dansvloer kun je instellen met het LIMITS commando.


                                                                                            27
Out

Hiermee zoom je uit.


Previous

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat het vorige aanzicht wordt weergegeven. Je kan op deze
manier 10 vorige aanzichten herstellen. Als er geen vorig aanzicht is dan verschijnt de
melding “No previous view saved”.


Window

Hiermee zoom je zodanig in of uit dat een gebied wordt weergegeven dat is gedefinieerd door
middel van twee tegenover elkaar liggende hoeken van een rechthoekig venster.

Command: zoom
All/Dynamic/Extents/Figure/In/Limits/Out/Previous/Window <W>: w
First corner: (geef een punt op)
Other corner: (geef een punt op)



De weergave verplaatsen
Met het PAN commando kun je de weergave verplaatsen door twee punten op te geven. Met
de toetsen Tab, Shift-Tab, Page Up en Page Down kun je ook pannen.




                                                                                         28
Ritme

Bij het dansen is het belangrijk om te weten hoe lang een stap duurt. Hierbij worden o.a. de
termen Quick en Slow gebruikt. Omdat deze termen snel tot verwarring kunnen leiden
worden in DansCAD alleen beat values gebruikt. Bij een Cha Cha Cha komt een Slow
overeen met 1 tel en bij een Quickstep komt een Slow overeen met 2 tellen. Hou er rekening
mee dat een dansleraar bij een Quickstep meestal met een factor 2 te langzaam telt dan het
muzikaal gezien eigenlijk hoort. Een kwart noot of een tel komt overeen met een beat value
van 1. De Quick bij een Cha Cha Cha komt dus overeen met een beat value van 1/2.
Hieronder staan wat voorbeelden waarbij vaak vergissingen worden gemaakt.

   Een Chassé bij bijvoorbeeld de Quickstep heeft het ritme Quick Quick Slow. Veel mensen
    denken dat het ritme Quick Quick Quick is, omdat alle drie de passen hoog worden
    gedanst.
   Een Chassé bij de Jive heeft de beat values 2/3 1/3 1. Soms wordt 1/2 1/2 1 gedanst op
    ‘nep’ Jive muziek. In de meeste dansboeken staat dat het ritme van de Jive Chassé 3/4 1/4
    1 is, maar dat is de grootste onzin. De muzikale dansers zullen mij begrijpen.
   Bij een Weense wals wordt vaak beweerd dat het ritme Slow Quick Quick is, maar het
    ritme is gewoon Slow Slow Slow. We dansen immers op muziek in driekwartsmaat,
    waarbij we op elke tel van de muziek een stap dansen.

Bestudeer voor je zelf figuren gaat invoeren eerst de figuren die bij DansCAD zitten.
Met het INCTIME commando kun je de beat value van de huidige stap verhogen en met het
DECTIME commando kun je de beat value verlagen. Dit gaat makkelijk d.m.v. de + en –
onder TIME in het scherm menu. In de statusregel kun je achter Time de beat waarde van de
huidige stap zien.
Met het BEATVALUES commando kun je alle beat values in het figuur in één keer
bijvoorbeeld verdubbelen of halveren. Dit is handig als je alle beat waarden per ongeluk twee
te hoog hebt ingevoerd.




                                                                                           29
Meerdere dansparen

Met DansCAD kun je maximaal 6 paren tegelijk op de dansvloer laten dansen. Dit is handig
voor het invoeren van groepsdansen. Bij het NEW commando wordt gevraagd om het aantal
paren.

Command: new
Are you sure? <N>: y
Number of couples <1>: 4

Op het scherm verschijnen nu 4x4=16 voetjes. Als de L/R weergave ingeschakeld is dan staat
in elk voetje het nummer van het paar. Het is aan te raden om deze weergave in te schakelen,
want anders raak je snel in de war. Als de L/R weergave is uitgeschakeld dan kun je deze
volgens de onderstaande manier inschakelen.

Command: display
Marks/PArtner/PRevious step <M>: m
Show L/R marks? <N>: y

Bij meer dan één paar zien we geen L of R, maar aan de kleur van het nummer kun je
makkelijk zien of het de linkervoet of de rechtervoet is (rood=links groen=rechts).
Met het COUPLES commando kun je bij bestaande figuren eenvoudig paren toevoegen of
verwijderen. Hieronder is te zien hoe je een paar kunt toevoegen.

Command: couples
Array/Delete/Insert <I>: i

Het kan voorkomen dat het lijkt alsof er geen paar is toegevoegd, maar dan staan er misschien
twee paren op dezelfde positie. Hieronder is te zien hoe je paar 2 met een afstand van 100
kunt verplaatsen.

Command: move
Select objects: s
Couple/Ladies/Men <C>: c
Number <1>: 2
4 found 0 duplicate
Select objects: (druk op Enter)
Base point or All/Block/Current: a
Base point or All/Block/Current: 0,0
Second point of displacement: 100,0

Bij groepsdansen dansen de dansparen vaak dezelfde pasjes in bijvoorbeeld een kring.
Doordat je met het COUPLES commando de danspasjes in een cirkelvormig patroon kunt
kopiëren, hoef je alleen de pasjes voor één danspaar in te voeren.

Command: couples
Array/Delete/Insert <I>: a
Linear/Polar/Rectangular <P>: p
Specify center point of array: (geef het midden van de cirkel in)
Enter the number of couples <1>: 3
Specify the angle to fill <360.00>: 360




                                                                                           30
Het is ook mogelijk om in een rechthoekig patroon of over een rechte lijn te kopiëren.
Hieronder staat een voorbeeld om in een rechthoekig patroon te kopiëren.

Command: couples
Array/Delete/Insert <I>: a
Linear/Polar/Rectangular <P>: r
Enter the number of rows (---) <1>: 2
Enter the number of columns (|||) <1>: 3
Enter distance between rows <150.0>: 150
Enter distance between columns <150.0>: 150

Er staan nu dus 2x3=6 paren op de dansvloer. Als je bij het aantal kolommen een waarde van
1 invult dan wordt er natuurlijk niet gevraagd om de afstand tussen de kolommen.
Hieronder staat een voorbeeld om over een rechte lijn te kopiëren.

Command: couples
Array/Delete/Insert <I>: a
Linear/Polar/Rectangular <P>: l
Enter the number of couples <1>: 3
First point: 0,0
Second point: 100,100

De paren worden nu over een denkbeeldige lijn met een hoek van 45° gekopieerd. De afstand
tussen de paren is 100√2.

Ook met het COPY commando kun je data van het ene paar naar het andere paar kopiëren.
Hierbij kun je ook opgeven welke stappen er gekopieerd moet worden, i.p.v. alle stappen.

Command: copy
[STEPS] All/Block/Number <N>: a
[DATA] All/Couple/Lady/Man/Positions/Text <A>: c
Copy couple <1>: 1
to couple <1>: 2
Delta X <0.00>: 100
Delta Y <0.00>: 0

Met Delta X en Delta Y wordt de afstand tussen de paren bepaald.



Een leuk voorbeeld van een figuur met meerdere dansparen is CR001 (Cuban Rumba).




                                                                                           31
Importeren en exporteren

Om gegevens uit te kunnen wisselen met andere programma’s beschikt DansCAD over
diverse commando’s om te importeren en exporteren.


Exporteren naar een tekst bestand

Met het TXTOUT commando wordt de tekst van het huidige figuur weggeschreven naar een
tekst bestand met de extensie TXT. Dit bestand kun je bijvoorbeeld openen met Kladblok of
Word.

Command: txtout
Filename <CC001>: test

Als het bestand al bestaat dan verschijnt de vraag of je het bestand wilt overschrijven. Op de
eerste regel in het bestand staat de titel. Op de tweede regel staat het totale aantal stappen.


Importeren van een tekst bestand

Met het TXTIN commando kun je een geëxporteerd bestand weer importeren. Zo kun je dus
alle tekst van een figuur wijzigen in je favoriete tekst editor.

Command: txtin
Filename <CC001>: test

Als er in het tekst bestand meer stappen staan dan in het huidige figuur dan wordt de rest van
de stappen in het bestand genegeerd. Als er minder stappen in het tekst bestand staan dan
blijft de tekst van de rest van de stappen van het figuur ongewijzigd.


Exporteren naar het BMP formaat

Met het BMPOUT commando kun je exporteren naar bitmap afbeeldingen. Dit is handig als
je m.b.v. een ander programma gif animaties wilt maken.

Exporteren van het gehele scherm

Command: bmpout
Figure/Screen/Window <F>: s
Filename: test

Exporteren van een gedeelte van het scherm

Command: bmpout
Figure/Screen/Window <F>: w
Filename: test
First corner: (geef het eerste hoekpunt van het te exporteren gedeelte in)
Other corner: (geef het andere hoekpunt van het te exporteren gedeelte in)


                                                                                              32
Exporteren van een geheel figuur

Hierbij wordt niet om een bestandsnaam gevraagd. Als een figuur bijvoorbeeld uit 25 stappen
bestaat dan wordt dit weggeschreven naar de bestanden 00000001.BMP t/m 00000025.BMP.
Bestaande bestanden worden hierbij overschreven.

Command: bmpout
Figure/Screen/Window <F>: f
Width <320>: (geef de gewenste breedte in)
Height <200>: (geef de gewenste hoogte in)
Writing to file 00000001.BMP
Writing to file 00000002.BMP
Writing to file 00000003.BMP
Ready

Tips voor het maken van gif animaties

Exporteer eerst een geheel figuur naar het BMP formaat. Zet hierna alle BMP bestanden om
naar het GIF formaat. Dit gaat heel gemakkelijk met de schitterende viewer IrfanView. Deze
viewer is Freeware en kun je hier downloaden. Kies “Batch Conversion” uit het “File” menu.

http://www.irfanview.com/

Met “Microsoft GIF Animator” kun je van deze GIF bestanden een animatie maken. Hier kun
je deze software o.a. downloaden.

http://www.keyscreen.com/KeyScreen(s)6/MicroGIFanimator.htm
http://www.mrzone.com/freeware/microgif.html

Stel nu de tijden in. Je kunt hierbij de beat waarden uit “DansCAD” als hulpmiddel
gebruiken. Als je bijvoorbeeld een tijd van 500 msec instelt bij een beat waarde van 1 dan
moet je bij een beat waarde van ½ een tijd van ½ x 500=250 msec instellen.


Exporteren naar het AutoCAD DXF formaat

Met het DXFOUT commando kun je een figuur exporteren naar het AutoCAD DXF formaat.
Dit is handig als je een tekening met het overzicht van het hele figuur wilt hebben.

Command: dxfout
Filename <CC001>: test
Change options? <N>: y             Kies Y om de instellingen te veranderen.
Number of columns <0>: 3           Tik het aantal kolommen in, waarna met een
                                   nieuwe rij moet worden begonnen. Bij de waarde
                                   0 wordt nooit met een nieuwe rij begonnen.
Export text? <Y>: y                Kies Y om ook de tekst te exporteren.

Het exporteren is afhankelijk van de volgende systeemvariabelen.

DISPLAY          Voeten die niet op het scherm worden weergegeven, worden ook niet
                 geëxporteerd.
DXFCOL           Aantal kolommen waarna met een nieuwe rij moet worden begonnen.

                                                                                             33
DXFTEXT         Bepaalt of de tekst wordt geëxporteerd (0=nee 1=ja).

Het bestand kan in AutoCAD d.m.v. het commando DXFIN in een lege tekening worden
ingelezen. Nu kun je dus een groot figuur plotten op een A0. Leuk om mee te nemen naar de
dansschool!




                                                                                        34
Printen

Met het PRINT commando kan de tekst worden geprint. Deze lijst is handig om mee te
nemen naar de dansschool. De tekst zal waarschijnlijk niet genoeg zijn voor het instuderen
van een figuur, maar het is makkelijk als je wat vergeten bent.

Command: print
Change options? <N>: y
Layout/Margin/Number/Orientation/Pitch/Value/eXit <X>:

Nu kunnen de volgende instellingen worden gemaakt.


Layout

Layout [1..3] <3>: (Geef het nummer van de gewenste layout)

1 = De pasjes van de dame worden afzonderlijk geprint.
2 = De pasjes van de dame komen naast de pasjes van de heer.
3 = De pasjes van de dame komen naast de pasjes van de heer. Tevens wordt voor de
    leesbaarheid de ruimte tussen de teksten opgevuld met punten.


Margin

Margin <2>: (Geef de gewenste marge)

Een waarde van 1 komt hierbij overeen met de breedte van één karakter.


Number

Include step number? <Y>: (Geen in of het stapnummer moet worden geprint)

Y = Het stapnummer wordt geprint.
N = Het stapnummer wordt niet geprint.


Orientation

Landscape/Portrait <P>: (Geef de afdrukstand in)

L = Liggend (landschap)
P = Staand (portret)




                                                                                             35
Pitch

Compressed? <Y>: (Geef in of er gecomprimeerd moet worden geprint)



Value

Include beat value? <Y>: (Geef in of de beat waarde moet worden geprint)

Y = De beat waarde wordt geprint.
N = De beat waarde wordt niet geprint.


eXit

Kies de optie eXit om het Options menu te verlaten.


Als je de vraag “Change options?”met n beantwoord, verschijnt het volgende.

Print to file <LPT1>:

Als je nu op <Enter> drukt dan wordt er geprint via de eerste printerpoort. Je kunt ook
bijvoorbeeld LPT2 invoeren of een bestandsnaam. Als je print naar een bestand dan kun je dit
bestand in een tekstverwerker aanpassen en printen.

Door het bestand print.cfg te wijzigen kun je de printer stuurcodes veranderen. Hieronder
staan de standaard stuurcodes.

Reset
EcE              027 069

Portrait
Ec&l0O           027 038 108 048 079

Landscape
Ec&l1O           027 038 108 049 079

Compressed
Eck2S            027 038 107 050 083


Opmerking:

Als je altijd op dezelfde manier wilt printen dan is het handig om na het printen de
instellingen te bewaren met het SAVEVAR commando. Je kunt de vraag “Change options?”
dan voortaan met n beantwoorden.




                                                                                            36
Menu’s

Om snel commando’s te kunnen uitvoeren beschikt DansCAD over pulldownmenu’s en
schermmenu’s. De menu’s kun je naar eigen wens aanpassen. Met het CONFIG commando
kun je instellen welk menu bestand moet worden gebruikt. Hieronder is te zien hoe je het
Nederlandstalige menu kiest. Hierbij wordt het bestand NL.MNU gebruikt.

Command: config
Alarm/Backup/Display/Menu/Mouse/Timers/eXit <X>: me
Large/Small/User/Nederlands/eXit <L>: n
Alarm/Backup/Display/Menu/Mouse/Timers/eXit <X>: x
Keep configuration changes? <Y>: y

Laten we nu eens zelf een menu maken. Kopieer eerst het bestand LARGE.MNU als
USER.MNU. De bestandnaam USER.MNU is in DansCAD namelijk gereserveerd om je
eigen menu te maken. Natuurlijk kun je de andere menu bestanden ook zelf aanpassen.
Open nu het bestand USER.MNU in een editor zoals bijvoorbeeld Kladblok of Wordpad. Het
bestand is onderverdeeld in verschillende secties welke d.m.v. drie sterretjes worden
aangegeven. ***POP1 is het eerste pulldownmenu en ***SCREEN is het schermmenu. De
tussen blokhaken staande tekst is letterlijk in het menu te zien. De eerste tekst onder een
***POP regel is de naam van het menu. Met de volgende regels wordt het menu gedefinieerd.

***POP1
[File]
[Open]^Copen
[New]^Cnew
[Save]^Csave
[Quit]^Cquit
[Files]^Cfiles
[Import TXT]^Ctxtin
[Export BMP]^Cbmpout
[Export DXF]^Cdxfout
[Export TXT]^Ctxtout
[Play]^Cplay
[Print]^Cprint
[Config]^Cconfig

Achter een tekst staat het commando dat moet worden uitgevoerd als dit item wordt gekozen.
Als je op Open klikt dan wordt dus het commando ^Copen uitgevoerd. De code ^C is niet
noodzakelijk, maar zorgt ervoor dat een eventueel actief commando wordt afgebroken.
Hieronder staan de codes die je kunt gebruiken.

^C Cancel
^G Grid aan/uit
^O Ortho aan/uit
^S Snap aan/uit
;   Enter
\   Wacht op invoer van gebruiker
$S= Vorige schermmenu weergeven
$S=menunaam Een schermmenu weergeven



                                                                                           37
Bij het onderstaande voorbeeld worden actieve commando’s afgebroken. Hierna wordt het
ROTATE schermmenu weergegeven en het ROTATE commando uitgevoerd.

[Rotate]^C^C$S=ROTATE rotate

Voeg nu eens aan het Settings menu de volgende regels toe.

[Grid Aan]^Cgrid on
[Grid Uit]^Cgrid off

Stel hierna d.m.v. het CONFIG commando in dat het USER menu moet worden gebruikt. Nu
weet je gelijk hoe je commando’s en de bijbehorende opties kunt uitvoeren. Een spatie wordt
gezien als Enter.

Met de MENUCTL systeemvariabele kan het automatisch wisselen van schermmenu’s
worden ingesteld. Als een bepaald schermmenu niet bestaat dan blijft het huidige
schermmenu staan.

+1   Bij het uitvoeren van commando’s en het wijzigen d.m.v. grips
+2   Bij het selecteren van objecten of het kiezen van een kleur
+4   Bij het openen of opslaan van bestanden

Bij een waarde van 7 (1+2+4) zijn alle mogelijkheden ingeschakeld.

Hieronder staan de gereserveerde menunamen.

GETCOLOR         Kiezen van een kleur
GRIP_EDIT        Wijzigen d.m.v. grips
SELECT           Selecteren van objecten




                                                                                         38
Foutmeldingen

Vooral als je nog niet zo veel met DansCAD hebt gewerkt, kan het voorkomen dat je diverse
foutmeldingen te zien krijgt. Laat je hierdoor niet afschrikken. Hieronder staat een overzicht
van foutmeldingen met een verklaring.


*Cancel*
Je hebt een commando vroegtijdig afgebroken door bijvoorbeeld op de Esc toets te drukken.
Niets aan de hand dus als dit tenminste je bedoeling was.


*Invalid*
Ongeldige invoer. Deze foutmelding krijg je bijvoorbeeld als je een te hoge hebt ingevoerd.


*Outside limits*
Je probeert een punt buiten de dansvloer op te geven. Met het LIMITS commando kun je deze
controle uitschakelen, maar het is beter om met hetzelfde commando de afmetingen van de
dansvloer aan te passen. Door het grid aan te zetten (F7) kun je eenvoudig zien hoe groot de
dansvloer is.


Cannot read file
Het opgegeven bestand kan niet worden gelezen. Waarschijnlijk is het bestand al geopend
door een ander programma.


Cannot write to file
Er kan niet naar het opgegeven bestand worden geschreven. Waarschijnlijk is het bestand read
only. Verander eventueel de eigenschappen van het bestand.


File exists. Overwrite? <N>:
Je hebt een bestandsnaam opgegeven van een bestand dat al bestaat. Er wordt nu gevraagd of
je dit bestand wilt overschrijven. Tik n gevolgd door Enter om het commando op te heffen of
tik y gevolgd door Enter om het bestand te overschrijven.




                                                                                              39
File not found
Het opgegeven bestand kan niet worden gevonden. Controleer of het geen verborgen bestand
(hidden) is.


Invalid file
Je probeert een ongeldig bestand te openen. Misschien is het bestand gemaakt in een te oude
versie van DansCAD.


Invalid option keyword
Je hebt een ongeldige optie ingevoerd. Hieronder is een voorbeeld te zien van het BLOCK
commando. Hierbij moeten we een keuze maken uit de opties End, Move, Read, Start en
Write.

Command: block
End/Move/Read/Start/Write <S>: e

Je kunt het gehele woord invoeren, maar het is al voldoende om alleen de hoofdletters van een
optie in te voeren. Deze hoofdletters mag je gerust als kleine letters invoeren. Tik
bijvoorbeeld e gevolgd door Enter in om de optie End te kiezen. Voor de optie Start kun je
bijvoorbeeld S, s, Start, sta, ST, STa of START intikken. Als je niets intikt en gelijk op Enter
drukt dan wordt de optie gekozen die tussen < > staat. In dit geval is dat dus Start.
Het volgende voorbeeld is iets ingewikkelder.

Command: gotostep
Previous/Next/First/Last/Mouse/NUmber/blockStart/blockEnd <N>: nu

Om de optie NUmber te kiezen moet je minimaal nu intikken, omdat deze letters als
hoofdletters zijn weergegeven. Als je alleen n intikt dan wordt in dit geval namelijk de optie
Next gekozen. Tik s of blockstart om de optie blockStart te kiezen. Je moet altijd met de
eerste hoofdletter beginnen tenzij je het hele woord intikt.


Invalid point or option keyword
Je hebt een ongeldig punt of een ongeldige optie ingevoerd.

Zie ook: Invalid option keyword.


No … found for specified point
Er is geen object magneet gevonden voor het opgegeven punt. Zorg dat het te selecteren
object zich geheel of gedeeltelijk binnen het selectievlakje bevindt. Pas eventueel de grootte
van het osnap selectievlakje aan d.m.v. de systeemvariabele APERTURE.


                                                                                             40
No previous view saved
Je probeert terug te gaan naar de vorige schermweergave terwijl je de schermweergave nog
niet hebt veranderd.


Nothing to undo
Er zijn geen uitgevoerde bewerkingen die ongedaan kunnen worden gemaakt. Niet alle
bewerkingen kunnen ongedaan worden gemaakt. Als je merkt dat je iets verkeerd hebt
gedaan, probeer dan gelijk of je dit d.m.v. het UNDO commando ongedaan kunt maken. Je
kunt namelijk alleen de laatste bewerking ongedaan maken.


Requires integer value
Je hebt geen gehele waarde ingevoerd. Enkele voorbeelden van gehele waarden zijn 1, 0, 54,
-2,107 of -35. Deze foutmelding krijg je dus als je bijvoorbeeld 2.5, 3.75 of een tekst invoert.


Value must be positive
Je hebt een waarde ingevoerd die kleiner is dan 0. De waarde moet groter of gelijk zijn aan 0.


Value must be positive and nonzero
Je hebt een waarde ingevoerd die kleiner of gelijk is aan 0. De waarde moet groter dan 0 zijn.




                                                                                              41
Problemen oplossen

Probleem                         Mogelijke oplossing
DansCAD start niet meer goed op. Misschien heb je een instelling gemaakt die op jouw
                                 computer problemen geeft zoals bijvoorbeeld een
                                 bepaalde schermresolutie. Verwijder de bestanden dc.cfg
                                 en dc.sys voor de standaard configuratie.
De figuren worden veel te snel   Met het TEMPO commando kun je de afspeelsnelheid
afgespeeld.                      instellen.
                                 Bij een Windows besturingssysteem kan het voorkomen
                                 dat de afspeelsnelheid niet overeenkomt met het
                                 ingestelde tempo in beats per minute. Met het CONFIG
                                 commando kan een andere tijdsberekening worden
                                 ingesteld. Kies hiervoor de optie Timers.




                                                                                      42
Overzicht van de commando’s

Commando     Beschrijving
ALLTEXT      De tekst van alle stappen wijzigen
BACKGROUND   De achtergrond instellen
BEATVALUES   De beat waarden van alle stappen veranderen
BLOCK        Stappen selecteren, wegschrijven of inlezen
BMPOUT       Het figuur exporteren naar het BMP formaat
BPM          Het aantal maten per minuut meten
CHANGE       De eigenschappen van objecten wijzigen
CONFIG       DansCAD configureren
COPY         Stappen kopiëren
COUPLES      Dansparen invoegen of verwijderen
DECTEMPO     De afspeelsnelheid verlagen
DECTIME      De beat waarde van de huidige pas verlagen
DELETE       Stappen verwijderen
DISPLAY      De weergave van de voeten instellen
DIST *       De afstand en hoek tussen twee punten meten
DXFOUT       Het figuur exporteren naar het AutoCAD DXF formaat
FILES        Bestanden beheren
FIRSTSTEP    Naar de eerste stap van het figuur gaan
GOTOSTEP     Naar een bepaalde stap van het figuur gaan
GRID *       Het raster instellen
HELP         Informatie opvragen
ID *         De coördinaten van een locatie weergeven
INCTEMPO     De afspeelsnelheid verhogen
INCTIME      De beat waarde van de huidige pas verhogen
INSERT       Een stap invoegen
LASTSTEP     Naar de laatste stap van het figuur gaan
LIMITS *     Grootte van de dansvloer instellen
LIST         Gegevens van een object opvragen
LOCKSTEP     Een kruispas maken
MANLADY      Weergave heer/dame instellen
MOVE         Objecten verplaatsen
NEXTSTEP     Naar de volgende stap van het figuur gaan
NEW          Een nieuw figuur maken
NEWSTEP      Een nieuwe stap aanmaken
OPEN         Een figuur openen
OPTIONS      Instellen van opties
PAN *        De weergave van het figuur verschuiven
PLAY         Het figuur afspelen
PREVSTEP     Naar de vorige stap van het figuur gaan
PRINT        De tekst van het figuur afdrukken
QUIT         DansCAD afsluiten
REDRAW *     De weergave van het venster bijwerken
RFLOOR       De dansvloer 180º roteren
ROTATE       Objecten roteren

                                                                  43
SAVE               Het figuur opslaan
SAVEVAR            De instellingen opslaan
SNAP *             De bewegingen van de cursor beperken tot bepaalde intervallen
SOUND              Het geluid instellen
SWAP               Voeten wisselen
TEMPO              De afspeelsnelheid instellen
TEXT               De tekst van de huidige stap wijzigen
TITLE              De titel wijzigen
TXTIN              Tekst importeren
TXTOUT             De tekst van het figuur exporteren
UNDO               Het resultaat van het vorige commando ongedaan maken
UNITS *            Weergave en precisie van coördinaten en hoeken instellen
UPDATE             Alle figuurbestanden in de huidige directory opnieuw opslaan
VER                De versie van DansCAD opvragen
ZOOM *             De objecten groter of kleiner weergeven


De commando’s waar een sterretje achter staat kunnen binnen een ander commando worden
gebruikt.




                                                                                    44
Systeemvariabelen

Variabele     Beschrijving
ALARM *       Bepaalt of er een piepje te horen moet zijn bij een foutmelding
ANGINC        Stapgrootte van de hoek bij het snel wijzigen van de voetrotatie
APERTURE      Grootte van het objectmagneet selectievlakje
AUPREC        Het aantal decimalen voor hoekeenheden dat wordt weergegeven
BACKUP *      Bepaalt of er voor het overschrijven van een figuur een backup moet
              worden gemaakt
BEATVALUE     Bepaalt of de beat waarde moet worden geprint
              0 Beat waarde wordt niet geprint
              1 Beat waarde wordt geprint
BLIPMODE      Bepaalt of er puntmarkeringen worden geplaatst
              0 Er worden geen puntmarkeringen geplaatst
              1 Er worden puntmarkeringen geplaatst
COMPRESSED    Bepaalt of er gecomprimeerd moet worden geprint
              0 Er wordt niet gecomprimeerd geprint
              1 Er wordt gecomprimeerd geprint
COORDS        Bepaalt de weergave van de coördinaten op de statusregel
              0 Er worden geen coördinaten weergegeven
              1 Bij het ingeven van punten worden altijd coördinaten weergegeven
              2 Bij het ingeven van een afstand of hoek worden i.p.v. coördinaten de
              afstand en hoek weergegeven
CURSORCOLOR   Kleur van de cursor
CURSORSIZE    Grootte van de kruiscursor
DELAYMODE *   Methode voor het bepalen van de tijd tussen de stappen i.v.m. Windows
              0 Standaard Pascal Delay procedure
              1 Interne klok
DISPLAY *     Weergave
              +1 L/R markeringen ingeschakeld
              +2 Voeten van partner niet zichtbaar
              +4 Vorige stap gestippeld zichtbaar
              +8 Witte achtergrond (DcWin)
DXFCOL        Bepaalt na hoeveel kolommen met een nieuwe rij moet worden
              begonnen
              0 Er wordt maar één rij gebruikt
DXFTEXT       Bepaalt of ook de tekst moet worden geëxporteerd naar DXF
              0 Tekst wordt niet geëxporteerd
              1 Tekst wordt geëxporteerd
FLOOR *       Rotatie van de dansvloer
              0 0°
              1 180°
GRIDCOLOR     Kleur van het raster
GRIDMODE      Bepaalt of het raster is in- of uitgeschakeld
              0 Het raster is uitgeschakeld
              1 Het raster is ingeschakeld
GRIDX         Bepaalt de horizontale rasterafstand
GRIDY         Bepaalt de verticale rasterafstand

                                                                                  45
GRIPCOLOR     Kleur van niet-geselecteerde grips
GRIPHOT       Kleur van geselecteerde grips
GRIPS         Maakt het gebruik van selectiegrips mogelijk voor de gripmodi Move en
              Rotate
              0 Grips uitgeschakeld
              1 Grips ingeschakeld
GRIPSIZE      De grootte van de grips
LAYOUT        Bepaalt de opmaak bij het printen
              0 Heer en dame worden apart geprint
              1 Dame wordt naast heer geprint
              2 Tussen heer en dame wordt een stippellijn geprint
LIMCHECK      Controle van limieten
              0 Uitgeschakeld
              1 Ingeschakeld
LMINX *       X waarde van de linkerbenedenhoek van de dansvloer
LMINY *       Y waarde van de linkerbenedenhoek van de dansvloer
LMAXX *       X waarde van de rechterbovenhoek van de dansvloer
LMAXY *       Y waarde van de rechterbovenhoek van de dansvloer
LUPREC        Het aantal decimalen voor lineaire eenheden dat wordt weergegeven
MARGIN        Bepaalt de linkermarge bij het printen
MENUCTL       Regelt het omwisselen van schermmenu’s
MOUSE         Muissnelheid
              0 Muis is uitgeschakeld
              1 Langzaam
              5 Snel
MOVEFAST      Afstand die wordt gebruikt bij gebruik van de cursortoetsen in
              combinatie met de shift-toets
MOVESLOW      Afstand die wordt gebruikt bij gebruik van de cursortoetsen
NUMBER        Bepaalt of het stapnummer geprint wordt
              0 Stapnummer wordt niet geprint
              1 Stapnummer wordt geprint
ORIENTATION   Bepaalt de afdrukstand
              0 Staand (portret)
              1 Liggend (landschap)
ORTHOMODE     Beperkt de cursorbeweging tot een loodrechte beweging
              0 Ortho-modus uitgeschakeld
              1 Ortho-modus ingeschakeld
PICKAUTO      Bepaalt het automatisch omschakelen naar selecteren d.m.v. een
              selectiekader als er geen object gevonden wordt
              0 Uitgeschakeld
              1 Ingeschakeld
PICKBOX       Grootte van het selectievlakje
PICKSNAP      Bepaalt of de magneetmodus van toepassing is bij het selecteren d.m.v.
              een selectievlakje
              0 De magneetmodus wordt genegeerd
              1 De magneetmodus is van toepassing




                                                                                  46
SCREENMENU *        Bepaalt de weergave van het schermmenu
                    0 Schermmenu wordt niet weergegeven
                    1 Schermmenu wordt links weergegeven
                    2 Schermmenu wordt rechts weergegeven
SHOWLADY *          Bepaalt of de tekst van de dame moet worden weergegeven
                    0 De tekst van de heer wordt weergegeven
                    1 De tekst van de dame wordt weergegeven
SNAPBASEX           X waarde van het basispunt van het magnetisch raster
SNAPBASEY           Y waarde van het basispunt van het magnetisch raster
SNAPMODE            Schakelt de magneetmodus in en uit
                    0 Magneetmodus is uitgeschakeld
                    1 Magneetmodus is ingeschakeld
SNAPX               Horizontale magneetafstand
SNAPY               Verticale magneetafstand
SOUNDMODE           Geluid bij het afspelen van een figuur
                    0 Geen geluid
                    >1 Pieptoontje (in DcWin kunnen met de waarden 1 t/m 11
                    verschillende geluiden worden ingesteld)
STATUSLINE *        Bepaalt of de statusregel moeten worden weergegeven
                    0 Statusregel wordt niet weergegeven
                    1 Statusregel wordt weergegeven


De systeemvariabelen waar een sterretje achter staat kunnen alleen worden gelezen.




                                                                                     47

				
DOCUMENT INFO
Shared By:
Categories:
Tags:
Stats:
views:15
posted:3/2/2012
language:
pages:48