Mensen met een verstandelijke handicap

Shared by: HC120218201231
Categories
Tags
-
Stats
views:
9
posted:
2/18/2012
language:
pages:
24
Document Sample
scope of work template
							                 Mensen met een verstandelijke handicap

   1. Algemene beschrijving:
We noemen iemand gehandicapt als hij een beperking heeft en daardoor niet zelfstandig kan
functioneren.
- Licht : iemand heeft het verstandelijke niveau van een twaalfjarige
- Matig : iemand heeft het verstandelijke niveau van een zeven jarige
- Ernstig : iemand heeft het verstandelijke niveau van een drie jarige

De oorzaken van handicaps kunnen zijn :
- Aangeboren : een afwijking in de chromosomen
- Erfelijkheid
- Een bepaalde leefwijze van de moeder tijdens de zwangerschap
- Ziekte van de moeder tijdens de zwangerschap
- Verworven : tijdens de geboorte :bijvoorbeeld door zuurstofgebrek
- Na de geboorte door een ongeval of door ziekte of ouderdom

   2. Beschrijving van het probleem:
Het probleem van deze doelgroep is dat ze een beperking hebben in hun leven, hierdoor
kunnen ze niet zelfstandig leven. En hebben daar hulp bij nodig.

     3. In welke instelling kom je deze groep mensen tegen?
Je komt deze doelgroep op verschillende plekken tegen komen je hebt bijvoorbeeld speciale
scholen
voor gehandicapten:
- Mytylschool : school voor lichamelijk /gehandicapte kinderen , het kind krijgt les met allerlei
hulpmiddelen en hij krijgt de therapien die hij nodig heeft.
-Tytylschool : Deze school of instelling is bedoeld voor mensen met een meervoudige
handicap, ze leren hier alle dagelijkse dingen die je in het leven doet en ook zij krijgen de
therapieën die ze nodig hebben.
-School voor auditief gehandicapten , op deze school krijgt het kind met hulpmiddelen les het
kind leert er praten en ze leren gebarentaal en ze leren hoe ze zo goed mogelijk met hun
handicap om moeten kunnen gaan
-School voor visueel gehandicapten : op deze school leert het kind lezen via het braille schrift
dit is het blindenschrift, het meeste lesmateriaal is aangepast voor de kinderen.
-Mlk- School : deze school is bedoeld voor kinderen die moeilijkheden hebben met het leren
ze krijgen les in kleinere groepen en ze krijgen meer aandacht vanwege hun leerprobleem
-Zmlk –School : deze school is bedoeld voor zeer moeilijk lerende kinderen. Ze leren hier de
meeste dingen die je in het dagelijkse leven doet ze krijgen meer aandacht en volgen de
vakken op een lager niveau.



Je hebt ook speciale opvangplekken:
· Voor de opvang en ontwikkeling van gehandicapten zijn verschillende mogelijkheden een
aantal plaatsen waar een gehandicapte geplaatst kan worden zijn :
- instelling : in een instelling wonen kinderen in een leefgroep van ongeveer 8 tot 10
personen van hetzelfde niveau, ze krijgen hulp en begeleiding ook krijgen ze therapien.
-Sociowoning : dit is een woning voor een groep gehandicapten volwassenen waar ze min of
meer zelfstandig kunnen wonen. Ze krijgen hierbij wel begeleiding.
-Gezinsvervangend tehuis : dit is een gewoon huis waar een groep kinderen woont van
verschillende leeftijden. Ze gaan overdag naar een mlk-school of een zmlk-school.
-Woning voor begeleid zelfstandig wonen : deze mogelijkheid is beschikbaar voor een kleine
groep licht verstandelijke gehandicapten de gehandicapte heeft een eigen woonruimte die hij
ook zelf onderhoud maar ze krijgen wel begeleiding bij het wonen.
- sociale werkplaats is een werkplaats waar gehandicapte onder begeleiding kunnen werken
op hun eigen tempo en op hun eigen niveau

     4. Benoem de kenmerken van de begeleiding van deze doelgroep:
Deze doelgroep moet je met respect begeleiden, je moet goed observeren bij deze
doelgroep waar ze hulp bij nodig hebben, zodat je ze goed kan begeleiden. Het begeleiden
bij deze doelgroep kan heel verschillend zijn dit komt omdat je in deze doelgroep kinderen
tegen kunt komen maar ook volwassenen, en iedere mens met een beperking heeft ook zijn
eigen niveau. Waarschijnlijk worden de niveaus en leeftijden wel bij elkaar gezet zodat de
groep die je dan hebt goed op elkaar afgestemd is. Je moet als je daar gaat werken
natuurlijk wel goed voorbereiden met welke doelgroep je nu echt te maken hebt, zijn het
kinderen of volwassen, welk niveau enz.

    5. Beschrijving waarom ik wel /niet in aangetrokken voel tot deze doelgroep:
Ik voel mij wel betrokken tot deze doelgroep omdat, ik het belangrijk vind om deze doelgroep
te helpen met hun beperking. Het lijkt mij leuk om deze mensen toch een fijn leven te bieden
ondanks hun beperking. Ik ga nu ook stage lopen bij mensen met een verstandelijke
handicap, Lijkt me wel leuk maar ook moeilijk want je moet echt goed observeren waar ze nu
echt mee geholpen moeten worden, en hoe moet je ze dan helpen, want ieder mens moet je
anders begeleiden.

    6. Wat zou ik vooral moeten kunnen als je met deze doelgroep gaat werken:
Ik denk dat je vooral een bepaalde liefde voor deze mensen moet hebben, anders zou het
werk denk erg zwaar worden. Je moet ook respect voor deze mensen hebben. Je moet
vooral goed kunnen observeren, je moet ook veel rapporteren.

    7. Wat zou ik moeten leren om met deze groep te kunnen werken:
Ik zou vooral moeten leren hoe je deze doelgroep het beste kan begeleiden, en dit is vaak
verschillend bij elk mens met een verstandelijke handicap. Maar ik denk als je erg gaat
werken moet je eerst goed observeren hoe de doelgroep is en welk niveau enz.




   8. Artikel

Sovak opent nieuwbouw in lastig jaar
Door Marja Klein Obbink

Een cliënte die overlijdt als gevolg van te heet badwater. Buurtbewoners die klagen over het lawaai
dat verstandelijk gehandicapten produceren. „Het was een lastig jaar“, erkent regiomanager Giovanni
Timmermans van stichting Sovak, in Terheijden „maar het is de logische consequentie van onze eigen
openheid.“
Mooie woorden van de topman van Sovak in Terheijden, enkele maanden voor de oplevering van een
nieuw hoofdkantoor in het dorp. De Sovak-directie hoopt er met een schone lei te beginnen.
Op dit moment is Timmermans weer in gesprek met de klagende buurtbewoners. Na tussenkomst van
bemiddelend wethouder Marijke Vos is afgesproken dat die buurtbewoners opschrijven wat ze van
Sovak willen. Dat moet leiden tot een convenant tussen partijen, waarin ook staat aan welk gedrag en
aan welke regels de verstandelijk gehandicapten en/of hun begeleiders zich moeten houden.
Een unieke vorm van crisismanagement voor deze ‘zachte’ sector, waarmee Timmermans, nu drie
jaar regiomanager, zijn visitekaartje aan de Terheijdense samenleving heeft afgegeven.
Wanneer gelijk met de intrek in de nieuwbouw ook de oude ‘zusterflat’ aan de Zeggelaan plat gaat,
herinnert straks weinig meer aan het aloude Gruijtveld, de voorganger van Sovak.
De inrichting heeft plaats gemaakt voor groepswoningen. Andere cliënten zijn, met meer en minder
begeleiding, in de wijk gaan wonen. Ook het nieuwe hoofdkantoor van Sovak maakt straks onderdeel
uit van een ‘gewone’ wijk: het Gruijtpark.
Terheijden en Sovak zijn met elkaar vergroeid. De zesduizend Terheijdenaren weten niet beter of er
rijden rolstoelgebruikers door hun wijk, ze worden aangesproken door verstandelijk gehandicapten bij
de kassa van Super de Boer, of ze kopen een cadeautje in de winkel van Sovak midden in het dorp.
Het instituut schat dat ‘zeker een op de twee gezinnen’ wel iets met Sovak te maken heeft. „Als je er al
niet zelf werkt, dan is het wel voor een bedrijf dat ervoor werkt.“
Terheijden staat model voor de emancipatie en participatie van gehandicapten in de samenleving.
Van de ruim 260 cliënten uit de regio die Sovak in Terheijden opvangt, wonen er circa 200 in
groepswoningen in de nieuwe woonwijk Gruijtpark. De rest woont verspreid over vijf locaties in het
dorp.
Sommigen wonen daar al meer dan tien jaar. Zoals in de Zeggelaan, waar afgelopen zomer de relatie
met de buurtbewoners tot een kookpunt kwam. Buren die met hun tuin aan die van het Sovakpand
grenzen, klaagden over ‘het krijsen als een geit’ door verstandelijk gehandicapten. Sovak zou hen tien
jaar geleden al op het verkeerde been hebben gezet door anders dan was afgesproken in dit pand te
zware gevallen te hebben geplaatst.
Timmermans: „Tien jaar geleden werkte ik hier nog niet. Wel meende ik dat de discussie escaleerde
toen onze cliënten met dieren werden vergeleken. Ik dacht: dit gaat te ver. Deze mensen hebben ook
ouders. Door dit soort uitspraken raken die enorm gekwetst. Niemand van hen heeft erom gevraagd
een gehandicapt kind te krijgen. Bovendien kunnen die kinderen zichzelf niet verweren.“
Duidelijk werd hem ook dat de begeleiders iets viel te verwijten. „Zij bleven benadrukken dat onze
cliënten het recht hadden om zich zo te gedragen. Mijn antwoord is dan: je kunt wel het recht hebben
om bijvoorbeeld naar muziek te luisteren, maar ook ‘gewone’ mensen houden rekening met hun
buren. Als ouder treed je ook op als je kind om tien uur ’s avonds nog wil gaan drummen. Je kunt onze
cliënten niet stil maken, maar er wel voor zorgen dat ze stiller worden.“
Timmermans balanceerde in de onderhandelingen met de buurtbewoners ‘op twee randen’, zegt hij.
„Enerzijds heb je begrip voor de omgeving, anderzijds is er de verplichting naar cliënten toe om die te
beschermen.“
Komt bij, vindt Timmermans, dat de overlast voor omwonenden van het betreffende Sovak-pand ‘niet
exemplarisch is voor Terheijden’.
„Ten eerste waren daar al jaren klachten. Maar de bewoners voelden zich niet serieus genomen. Ze
wantrouwden de ‘onpartijdigheid’ van een toentertijd door Sovak betaald onderzoek. En anders dan
wat we nu doen – gezamenlijk optrekken in een nieuwbouwwijk – kwamen onze cliënten pas later dan
hun ‘buren’ in de wijk wonen. Kortom: Sovak werd de buitenstaander die niet veel goeds meer kon
doen.“
Misschien ook wel omdat het in Terheijden te ‘vol’ is geworden? Het incident roept de vraag op
hoeveel verstandelijk gehandicapten Terheijden eigenlijk kan hebben.
Het ‘verzadigingspunt’ zoals Timmermans het noemt, is inmiddels wel bereikt. „In het
bestemmingsplan van Terheijden is simpelweg geen plaats voor nog meer zorgwoningen. En dan zijn
er altijd mensen, de zware cliënten, die gewoon niet zelfstandig kúnnen wonen. “
Timmermans merkt ook, zegt hij, dat de visie op de integratie begint te kenteren. „Kijk hoe de overheid
langzaam terugkomt op het recht op zelfstandig wonen door zware psychiatrische patiënten. Sommige
van die mensen zie je verpauperen, er wordt nu weer gepraat over dwangopname.“
En dan zijn er ook nog de cliënten die ‘niet te houden’ zijn, die maar wat graag op zichzelf willen
wonen, laat Timmermans weten. „Ik bedoel de mensen die nu al veel te lang in de tijdelijke containers
op het Gruijtpark moeten bivakkeren. Voor hen komen woningen vrij op de bovenste verdieping van
ons nieuwe kantoorgebouw. Elke dag scharrelen ze voor dat gebouw heen en weer en hoor je steeds
weer die vraag ‘kunnen we hier nu eindelijk gaan wonen?’“

SOVAK
De stichting Sovak verleent sinds 1965 zorg aan mensen met een verstandelijke handicap. Zowel in
de eigen voorzieningen als in de thuissituatie.
Sovak is met woningen en activiteitencentra te vinden in het westen van Noord-Brabant en in het Land
van Heusden en Altena.
De 800 medewerkers zijn verdeeld over twee ‘divisies’.
Vanuit Terheijden zijn circa 500 medewerkers verantwoordelijk voor 450 cliënten.
Die wonen zowel in Terheijden (264) als daarbuiten.
Sociale problematiek bij kinderen.

       1. Algemene beschrijving:
De ontwikkeling van een kind loopt niet altijd even goed. Er zijn soms dingen in hun leven die
het kunnen belemmeren. Een van die belemmering kan sociale problematiek zijn.
Sociale problematiek zoals:
    - Kindermishandeling
    - Kinderen in een eenoudergezin
    - Kinderen in stiefgezin
    - Vluchtelingenkinderen
    - allochtone kinderen
Waarneer we het hebben over sociale problematiek dan hebben we het in 9 van de 10
gevallen over kinderen in achterstandssituaties. Het hebben van een voorsprong brengt
immers met zich mee dat de kans op problemen verkleint is.
Kenmerken van sociale problematiek:
    - Maatschappij bepaald: hangen samen met hoe onze maatschappij is elkaar zit.
    - Vaak grote groepen, zoals vluchtelingen
    - Sociale problematiek kan niet makkelijk op gelost worden
    - Het probleem is vaak – maar niet altijd - het gevolg van een achterstelling in de
       maatschappij.
    - Bij sociale problematiek is er een vergroot risico op allerlei andere problemen.
    - De sociale problematiek van een kind is de sociale problematiek van de ouders.


        2. Beschrijving van het probleem:
Kindermishandeling:
Kindermishandeling is elke vorm van geweldpleging die kinderen overkomt, niet door een
ongeval, maar door toedoen of nalaten van de primaire opvoeders of verzorgende, waarbij
afwijkingen bij het kind ontstaan of waarbij redelijkerwijs verwacht mag worden dat deze
ontstaan. Soorten mishandelingen:
Fysiek = lichamelijk, schoppen, slaan enz.
Emotionele = psychische of geestelijke mishandeleik: geen liefde/aandacht geven, contact
met andere verbieden, pesten, afsnauwen, afwijzing.
Seksuele = kind betasten, pornovideo’s kijken, seksuele spelletjes doen, dreigen met
seksuele handelingen.
Uitbuiting = kinderen inzetten in de prostitutie, of kinderen als goedkope werkkracht
gebruiken.
Verwaarlozing = kinderen niet verzorgen zoals: te weinig eten geven, geen kleren, kinderen
niet verschonen. Niet douchen.

Kinderen in een eenoudergezin:
Kinderen in dit gezin hebben maar 1 ouder dit komt omdat de ouders gescheiden zijn, een
ouder overleden of de ouder heeft er zelf voor gekozen.
Dit heeft haak veel impact op het kind, ze missen vaak toch een vader of een moeder in het
gezin.
Kinderen in stiefgezinnen:
Dit is een gezin met een nieuwe vader of moeder nieuwe broertje en/of zusjes. Als in een
gezin zulke veranderingen plaats vind, moet iedereen even wenen. Maar vaak is dit voor de
kinderen moeilijker dan voor de ouderen. Het kind voelt het vaak zodat het plekje van hun
oude papa of mama wordt in gepikt voor een nieuwe man of vrouw.
Vluchtelingenkinderen
Deze kinderen zijn naar Nederland gevlucht, omdat ze niet meer in hun eigen land veilig
konden leven. Vanwege oorlog of georganiseerd geweld in hun land.
Deze kinderen zijn vaak geconfronteerd met dood en geweld. Ze voelen zich ontworteld en
moeten nu wennen aan een vreemde cultuur. Wanneer kinderen daarop reageren met
bijvoorbeeld: slaapproblemen en gedragsproblemen, dan moeten we dit als logisch zien..
Allochtone kinderen:
Nederland is een multicultureel land, ongeveer 5 % van de bevolking is allochtoon, dit wil
zeggen: van niet-Nederlandse afkomst. Allochtone wonen vooral in grote steden. Surinamer,
Marokkanen en Turken zijn de drie grootste groepen allochtonen in Nederland.

      3. In welke instelling kom je deze groep mensen tegen?
Deze doelgroep kun je in verschillende instellingen tegen komen. Bijvoorbeeld:
   - Op de basisschool/ speciaal schoolonderwijs.
   - Peuterspeelzaal
   - Kleuterklas
   - Gehandicapten zorg ( kinderen)
   - Leger des Heils (ouders van kinderen)
   - In je eigen leven, omgeving.

       4. Benoem de kenmerken van de begeleiding van deze doelgroep:
Je moet deze kinderen goed begeleiden door: respect voor ze te hebben, complimentjes te
geven als ze iets goed doen, rust bieden, grenzen stellen, veel herhalen, duidelijk zijn,
verantwoordelijkheid geven en consequent zijn.

        5. Beschrijving waarom ik wel /niet in aangetrokken voel tot deze doelgroep:
Ik voel mij een beetje aangetrokken tot deze doelgroep, omdat ik niet zoveel met kinderen
heb maar mensen met een probleem wil ik altijd helpen. Ik zou wel een kind 1 op 1 willen
helpen met problematiek soort maatschappelijk werk maar ik wil niet voor een klas staan
met allemaal probleem kinderen. Ik vind het probleem en daarvan uit hun gedrag/gedachten
wel interessant van het kind. Ik ben van mening dat je het probleem die het kind draagt zo
snel mogelijk moet verhelpen, want anders komt het later toch wel terug in hun leven.


       6. Wat zou ik vooral moeten kunnen als je met deze doelgroep gaat werken:
Ik denk dat je vooral goed moet kunnen communiceren met kinderen en ook vertrouwd over
moet komen bij de kinderen, dit heeft een uitstraling nodig.


       7. Wat zou ik moeten leren om met deze groep te kunnen werken:
Ik zou moeten leren hoe je goed met kinderen kan communiceren , dit kun je vooral leren in
de praktijk denk ik.

        8. Interview

Het AMK: Interview
Wie werken er bij een Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK) en wat doen ze precies? Wij spraken met
een medewerker.

Wat doet een Advies- en Meldpunt Kindermishandeling?
Wij geven advies aan mensen die denken dat in hun omgeving een kind mishandeld wordt. Als het nodig is
onderzoeken wij of dat zo is en brengen hulp op gang. Elke provincie of stadsregio heeft een eigen AMK, maar ze
zijn allemaal bereikbaar via hetzelfde landelijke telefoonnummer: 0900 - 123 123 0 (€ 0,05 per minuut).
Wie werken er bij het AMK?
Bij elk AMK werken maatschappelijk werkers en artsen. Sommige AMK’s hebben daarnaast ook medewerkers
met een andere opleiding, bijvoorbeeld pedagogiek.


Wie kunnen er met een AMK bellen?
Iedereen die denkt dat een kind thuis in de knel zit. We worden vaak gebeld door mensen die veel werken met
kinderen, zoals docenten. Maar het kan bijvoorbeeld ook een bezorgde buurvrouw zijn. En mishandelde kinderen,
vooral jongeren, bellen ook wel eens zelf.


Dus jongeren kunnen ook zelf bellen?
Jazeker. Dat gebeurt niet zo vaak omdat ze dat eng vinden. Maar wij weten hoe moeilijk het kan zijn om over
problemen die je thuis hebt te praten met anderen. Dat is een hele stap. Wij hebben daar begrip voor en gaan
samen met de jongere nadenken over oplossingen.


Over wat voor soort mishandeling kan je bellen?
Bijvoorbeeld als je thuis vaak geslagen of uitgescholden wordt. Of als je ouders niet goed voor je zorgen of
nauwelijks aandacht voor je hebben. En ook als iemand je tegen je zin dwingt tot seks. Kortom, over alle soorten
waarover op deze website wordt verteld.


Wat doen jullie als iemand belt over een kind?
Dan vragen we eerst waarom hij of zij zich zorgen maakt: waaraan denkt hij of zij te merken dat het kind thuis
problemen heeft. Heeft het kind iets gezegd? Of gedraagt het kind zich opvallend?
Daarna gaan we samen na of de beller zelf het kind zou kunnen helpen. Kan dat niet, dan kunnen wij
onderzoeken wat er aan de hand is. Blijkt dan dat het kind inderdaad mishandeld wordt, dan kijken we hoe het
kind het beste geholpen kan worden. Die hulp proberen we dan op gang te brengen.


Hoe weten jullie of het kind inderdaad mishandeld wordt?
Als iemand die ons belt, denkt dat een kind mishandeld wordt, kan het toch zijn dat zijn zorgen niet terecht zijn.
Bijvoorbeeld omdat de omgang van de ouders met het kind toch niet zo slecht is als hij vermoedt. We moeten
daarom meer informatie verzamelen. Wij hebben wettelijke toestemming om navraag te doen bij mensen die via
hun werk meer over het kind en de ouders weten: denk aan huisartsen, mensen van schooI, kinderdagverblijven
enzo. Dat gebeurt allemaal heel vertrouwelijk. Uiteindelijk leggen we de gemelde zorgen ook aan de ouders voor:
om te horen hoe zij er tegenaan kijken en om hulp op gang te brengen. En we proberen met het kind of de
jongere zelf in contact te komen.


Dus jullie praten ook met de ouders?
Ja, dat zijn we verplicht. Maar als we denken dat daardoor het kind gevaar loopt, mogen we een uitzondering
maken en doen we dat dus niet. En als een kind of jongere zelf belt, doen we dat pas als we er samen van
overtuigd zijn dat dat het beste is. Maar uiteindelijk is het belangrijk om met de ouders te spreken. Zeker als we
ervoor willen zorgen dat zij weer liefdevol met hun zoon of dochter omgaan.


Hoe los je die problemen dan op?
Dat is best lastig. Belangrijk is dat we de ouders overtuigen dat ze hun kind verdriet doen door niet goed voor ze
te zorgen en ze pijn te doen. Ouders die mishandelen, doen dat niet omdat ze dat leuk vinden. Ze hebben zelf
problemen waardoor ze de opvoeding niet aankunnen. Wij brengen ouders in contact met instellingen die deze
problemen kunnen helpen oplossen. En daardoor ook de problemen van het kind. Het kan bijvoorbeeld zijn dat
het maatschappelijk werk het gezin helpt dagelijkse problemen met geld of huisvesting op te lossen. Of, als een
van de ouders verslaafd is, dat een instantie die ouder helpt van de drugs- of alcolholverslaving af te komen. Een
ander voorbeeld is dat ouders bij relatieproblemen therapie gaan volgen om die problemen op te lossen.
Halen jullie het kind ook uit huis?
Dat gebeurt pas als er echt geen andere mogelijkheid is om het kind te helpen. En dat kunnen wij niet zelf.
Daarvoor moeten we de Raad voor de Kinderbescherming inschakelen. Die doet dan uitgebreid onderzoek.
Uiteindelijk bepaalt een kinderrechter of het zover komt. Maar het liefst zorgen we ervoor dat het kind niet weg
hoeft en het thuis weer gelukkig wordt.
De ontwikkeling van de zuigeling



DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING



Een baby is een kindje van 0 maanden tot de 18 maanden.
Als het kind ter wereld komt is hij/zij z’n 50 centimeter Lang en weegt ongeveer 3,5 kilo.
Aan het einde van het eerste levensjaar van de zuigeling is hij/zij zo ongeveer 75 cm.
De zuigeling weegt dan ongeveer 10 kilo(je kunt dus zeggen dat de zuigeling anderhalf keer
zo groot is als bij zijn geboorte), en zijn gewicht is zelfs drie keer zo veel als bij de geboorte.
Reflexen die een zuigeling heeft zijn zeer automatisch zo zal de zuigeling als je hem/haar
een speen, een vinger of een tepel voor houd beginnen te zuigen, dit is een automatische
reactie.
Ook een automatische reactie van een zuigeling is het grijp reflex altijd wil het kind maar
naar iets grijpen ook hier kan hij niks aan doen dit gaat automatisch.
Hand oog coördinatie
Coördinatie betekent letterlijk afstemming.
Bij een zuigeling is er na drie maanden sprake van hand oog coördinatie ontwikkeling.
We spreken in dit geval van een sensomotorische ontwikkeling, dit begrip geeft aan dat er
verband is tussen zintuigen en motorische ontwikkeling.

Na een geboorte ziet een baby vaak alleen het verschil tussen licht en donker en hij ziet
alleen de omtrek van mensen, dieren en dingen.
Het gehoor is bij de geboorte al wel goed ontwikkeld en vaak is dit al goed bij de zuigeling.
Uit onderzoek is gebleken dat een zuigeling na de geboorte direct op de stem reageert.
Men gaat er vanuit dat het tasten van de zuigeling het belangrijkste zintuig van een baby is.
Met allerlei reflexen reageert hij op aanraking.



COGNITIEVE ONTWIKKELING:

Het motorisch ontwikkelen bij een zuigeling is heel belangrijk de lichamelijke ontwikkeling
doorstaat de baby tijdens zijn groei.
Voor een deel is deze ontwikkeling gebaseerd op rijpingprocessen (dat wil zeggen: het is
heel belangrijk dat het kind eraan toe is).

Een zuigeling leert ook woordjes:
Hij leert voornamelijk van vader moeder broertjes en zusjes.
Het leren van de baby vertoont 3 kenmerken.
-1-Er is sprake van ervaringsleren: de baby leert de dingen door ze zelf te doen.
-2-Er is sprake van herhalingsleren de baby leert de dingen door ze eindeloos te herhalen.
-3-er is sprake van imiterend leren de baby leert de dingen doordat anderen ze al niet
bewust voor doen.
Bij dit alles zie je dat een kind gevoelig is voor straffen en belonen.

Een kind leert praten door mensen in zijn/haar omgeving na te bootsen, het imiteren van de
geluidjes uit de naaste omgeving van de zuigeling.
Enkele weken na de geboorte van de zuigeling komen de eerste woordjes uit zijn/haar mond.
Naverloop van tijd merk je dat het kind zijn eerste bewuste klanken gaat Uitstoten. Dit zijn
het imiteren van klanken van zij/haar naaste omgeving.



SOCIALE EN PERSOONLIJKHEIDSONTWIKKELING:

Hoewel baby’s nog niet kunnen praten, kunnen ze al wel contact leggen met anderen.
Het belangrijkste contact bij baby’s is lichamelijk contact.
Baby’s zijn heel gevoelig voor aanrakingen.
Een baby reageert duidelijk op andere manieren zoals trappelen, brabbelen en huilen.
De lichaamstaal is voor een baby belangrijk voor het communiceren.
De ouders zijn ook heel belangrijk met de communicatie met hun kind in verband met dat wat
hun eigen kind sneller begrijpt en snapt dan anderen.



EMOTIONELE ONTWIKKELING:

Aan de emoties van een baby kan je zien hoe hij/zij zich voelt.
Dit kan zijn huilen lachen etc.
Een zuigeling kan na zijn geboorte nog niet lachen na de eerste paar weken kan hij
misschien wel glimlachen maar dit is een reflex.
Het echte lachen komt pas op gang na ongeveer 6 weken dit is echter een reactie op iemand
anders (de sociale glimlach)
Zodra de zuigeling is geboren hechten zijn ouders veel waarde aan hem maar hij kan nog
geen waarde hechten aan zijn ouders.
Hechting vervult een belangrijke functie in het leven van een mens.
Niet alleen de hechting is belangrijk voor de emotionele ontwikkeling van het kind.
Het is ook belangrijk dat de zuigeling veel mag zuigen aan bijvoorbeeld speentjes.



SEKSUELE ONTWIKKELING:

Bij een pasgeboren baby is het hele lichaam gevoelig de baby gaat de “wereld” ontdekken
door te voelen en te tasten.
Het is ook voor de ontwikkeling van het kind belangrijk dat het huid op huidcontact heeft.
De baby zal genieten van liefdevolle en koesterende strelingen.
Wanneer je contact maakt met de baby is het belangrijk om dit in je achterhoofd te houden.
Naarmate de baby ouder wordt zal hij/zij ook steeds meer zelf laten merken dat hij behoefte
aan lichamelijk contact nodig heeft.
De ontwikkeling van de peuter




LICHAMELIJKE ONTWIKKELING:



Deze fase is vanaf dat het kind 18 maanden is tot dat het kind 4 jaar is.
In de peuter tijd groeit een kind veel minder snel dan is zijn baby tijd.
Met 18 maanden is de peuter ongeveer 82 cm. Het weegt dan ongeveer 12 kilo.
Een 4 jarig kind is gemiddeld 1 meter lang en weegt 18 kilo.
Er is daarbij vooral sprake van breedte groei.
De peuter fase doet haar intrede als een peuter zijn eerste stapjes doet. Deze stapjes zijn
eerst nog een beetje onzeker maar naarmate van tijd worden ze zekerder.
Het leren lopen brengt veel beweging vrijheid met zich mee hier profiteert de peuter van.
De peuter klimt ook bijvoorbeeld zelf zijn bedje uit en klimt de trap op dit is de
ontdekkingsdrang.
Voor een peuter is daarom niets meer veilig en moet daarom steeds in de gaten worden
gehouden.
Bij de peuter ontwikkelt zich voornamelijk de grove motoriek.
Een lichamelijke ontwikkeling van een peuter is het zindelijk worden bepaalde voorwaarden
hiervan zijn:
-Het kind moet zijn sluitspieren kunnen beheersen.
-Het kind moet een verband kunnen leggen tussen de aandrang die het voelt en het poepen
en plassen.
-Het kind moet zelf zindelijk willen worden.
Het kind moet het zelf willen en daarom moet je pas beginnen als het kind er aan toe is.
-De peuter wordt gestimuleerd zijn zintuigen bewust te gebruiken, te leren waarnemen:
horen, ruiken, proeven, voelen en zien.
Niet alleen door te spelen met bijvoorbeeld de zand- of watertafel, maar ook door met divers
materiaal “werkjes” te maken (verf, wol, papier) worden de zintuigen gestimuleerd.



COGNITIEVE ONTWIKKELING:

Er is net als bij de baby een ontdekkingsdrang bij de peuter.
Hij/zij is nieuwsgierig dit moet hij zelf ontdekken. Hij/zij moet zelf ontdekken dat je met een
pen schrijft en met plaksel plakt en dat de kachel heet is.
Een peuter moet heel veel leren. De wereld is voor een peuter reusachtig.
Hij/zij moet leren dat je niet te hard moet schudden met een knikker zak omdat de knikkers
er anders uitvallen.
Drink rustig uit een beker anders klokt alles eruit.
Een peuter kan zich nog niet de echte realiteit van de wereld voor ogen halen daarom is zijn
manier van denken nogal concreet magisch en animistisch.
Hij/zij kan zich er nog niet echt iets bij voorstellen.
Je kan dit stimuleren door: puzzels ,Spelletjes ,kleuren ,vormen ,getallen ,voorleesboeken en
seizoenthema’s


Doordat een peuter zich nog niet de realiteit van de wereld kan voorstellen gaat hij/zij zelf
maar de situaties invullen.
De peuter gaat ook zelf verklaringen er voor zoeken,in de denk wereld van een peuter is
alles mogelijk.
De peuter gaat ook een beetje praten alleen niet vloeiend hij gaat zinnetjes zeggen
zoals:”pop stout,poes eten”.
Een peuter kan als hij ongeveer 2 jaar oud is al snel zinnen gaan zeggen die uit 2 woorden
bestaan: pop eten.
Het kind begint dan ook simpele emotie woorden te gebruiken: lachen
huilen
boos
leuk
Als het eenmaal drie woordzinnen kan zeggen gaat de taalontwikkeling heel snel



SOCIALE EN PERSOONLIJKHEIDSONTWIKKELING:

Een peuter gaat sociale contacten ontwikkelen hij/zij gaat bijvoorbeeld
uitstapjes maken naar de buren spelen met broertjes of zusjes.
Het egotisme is een gevolg van de IK ontdekking.
Dan wilt ene peuter ook vaak zijn speelgoed niet meer delen en wilt hij/zij de baas zijn.
Het wordt bij de peuter ook steeds meer duidelijker dat hij er ook nog is en dat ze samen
moeten spelen.
De peuter is te wereld gekomen zonder norm besef zonder wat goed is en fout is hij/zij krijgt
dus van zijn ouders alles te weten wat wel mag en wat niet.
Dat kan gebeuren door middel van een klapje of door stemverheffing.
Als een peuter steeds meer zijn eigen macht ontdekt kan hij ook steeds koppiger worden.


DE EOMTIONELE ONTWIKKELING


De hechting is net als bij het de baby heel erg belangrijk.
Het is een goed besef voor de peuter dat hij iemand heeft om op terug te vallen de peuter
voelt zich ook op zijn gemak bij zijn opvoeders.
Een kind dat zich niet veilig voelt zal echter niet snel bij zijn opvoeders weg lopen dit kind zal
ook later dan een gemiddeld kind zelfstandig worden.
Peuters kunnen soms erg emotioneel reageren: slaan,trekken ,bijten ,gillen ,schreeuwen
,huilen ,knijpen.Dit is soms erg overtrokken maar ze reageren soms wel heel erg overdreven
SEKSUELE ONTWIKKELING:

Een peuter kent nog geen schaamte en gaat midden op straat zijn kleren uittrekken als dan
een van de opvoeders er aankomt en zegt doe je kleren aan en schaam je dan komen er
gedachtes bij de peuter los.
Een peuter kan alle lichaamsdelen van zichzelf opnoemen en verkent de lichaamsdelen ook.
De anale lustbeleving bij de peuter vertoont de volgende kenmerken:

-De peuter beleeft plezier aan het poepen hij is trots zijn eigen product.
-De peuter vindt zijn eigen poep niet vies, hij ervaart het spelen met poep als prettig

-De peuter ervaart een gevoel van, macht met betrekking tot het al dan niet iets in het potje
doen
De ontwikkeling van de kleuter


LICHAMELIJKE ONTWIKKELING:


Een kind is een kleuter tussen zijn 4e levensjaar en zijn 6e levensjaar.
Een 4 jarig kind is meestal iets langer als 1 meter en weegt ruim 18 kilo.
Op 6-jaar is een kind gemiddeld 1,20 meter en weegt ongeveer 22 kilo.
Zijn buik word platter, zijn benen naar verhouding korter en de mollige vingertjes verdwijnen.
De fijne motoriek verbeterd, de kleuter leert de draad in een naald te doen, binnen de lijntjes
kleuren en knoopjes dicht doen.
Ook de grove motoriek gaat vooruit hij rent zonder te vallen en kan met een bal overweg. Het
evenwichtsgevoel is op dit moment ook in ontwikkeling.
Spelen is belangrijk in de ontwikkeling van kinderen om hun gevoelens en ervaringen te
plaatsen in andere situaties.
Je hebt verschillende soorten spelactiviteiten:


oefenspel: Dit spel is in de ontwikkeling van spelen het eerste spel ze oefenen met de
materialen die aanwezig zijn en herhalen dit vaak. Steeds iets bouwen en omgooien.


Experimenteerspel: De kinderen gaan verder in op hun oefenspel door bijvoorbeeld andere
elementen toe te passen zoals water in de zandbak te doen.


Materieel spel: Bij dit spel gaan de kinderen het materiaal verkennen ze pakken de fietsen,
karren om hier een spel mee te
spelen. Hierbij is het vooral het rondjes rijden.

Nabootsingspel: Het kind gaat van het rondjes rijden over op het naspelen van de grotere
kinderen en doen hun ouders/ volwassenen
na. Ze rijden ergens doelgericht heen. En de kar is nu een auto of bus/trein enz.

Symbolisch spel: De voorwerpen op het schoolplein krijgen nu betekenis ze gaan
bijvoorbeeld pakjes brengen of boodschappen
doen, hier komen dus ook losse materialen bij te pas.

Rollenspel: De kinderen gaan nu samen met andere kinderen spelen en doen de rollen die
ze in het dagelijks leven tegenkomen
na. Maar ook fantasie verhalen kunnen verzonnen worden er komen als het ware dialoogjes
tussen de kinderen

Constructiespel: Hierbij gaan de kinderen echt wat maken ze gaan bouwen met stokjes,
stenen enz. bijvoorbeeld een hut maken of een brug.
Regelspel: Bij dit spel spelen de kinderen met zelfbedachte regels of een spel wat ze geleerd
hebben in de klas. Denk hierbij
aan tikspelen.

Prestatiespel: Dit is het spel waar de kinderen kunnen winnen of behendig voor moeten zijn.
Blikgooien en ballen in een net gooien
zijn voorbeelden hierbij.

COGNITIEVE ONTWIKKELING:

Als het kind naar een basisschool gaat is dit een grote cognitieve ontwikkeling, zeker als het
kind geen peuterspeelzaal heeft bezocht.
Als een kind 6 jaar is, is het kind school rijp het leert daar
de verschillen tussen: links en rechts
grootste en kleinste erbij op en eraf.
Ook een cognitieve ontwikkeling van een kleuter is het jokken en het fantasie denken



SOCIAALE EN PERSOONLIJKHEIDSONTWIKKELING:

Bij een kleuter ontstaan de eerste echte vriendschap relaties.
Pas nu is het kind in staat om zichzelf sociaal te gedragen.
Het egotisme wat de peuter kenmerkte is verdwenen.
Nu gaat een kleuter ook veel meer spelen ontwikkeld nog meer vrienden relaties gaat naar
vriendjes, speelt nog meer met broertjes en zusjes.
Een kleuter doet moeite om bij een groep te horen en wil er dus alles voor doen.
Een kleuter weet van zichzelf of hij/zij een jongentje of en meisje is.
Een kleuter gaat ook een zelfbeeld ontwikkelen zo ben ik, dat kan ik, dat kan ik niet.
Tijdens zijn kleutertijd is het normbesef duidelijk aanwezig bij de kleuter.



DE EMOTIONELE ONTWIKKELING



De kleuter gaat in deze fase emoties tonen en makkelijke emoties benoemen. Ook gaat hij
medeleven tonen als er in zijn buurt iets ergs gebeurd met een vriendje of een vriendinnetje.
Een kind gaat ook meer fantaseren over onderwerpen waarvan de opvoeders soms
schrikken zoals de dood, seks



SEKSUELE ONTWIKKELING:

Behalve dat het besef er is dat de kleuter een jongentje of meisje is. Komen er ook vragen
naar de ouders: Waar kom ik vandaan?
Hoe komt dat baby’tje in mama’s buik?
Ze gaan op deze leeftijd ook vaak doktertje spelen.
Ze denken ook dat meisjes een penis hebben gehad en dat hij dus ook nog bij hun weg kan
gaan, dit noemen ze: castratie-angst.
De ontwikkeling van het schoolkind



LICHAMELIJKE ONTWIKKELING:


Een kind is een schoolkind als hij/zij de leeftijd heeft vanaf het 6e tot het 12e levensjaar.
Gemiddeld genomen groeien de school kinderen 5 tot 6 cm per jaar tot hun tiende jaar zijn
de jongens iets groter dan de meisjes.
Vanaf deze leeftijd verandert dit en krijgen de meisjes nu een
groeispurt dit heeft te maken met de aankomende pubertijd.
Een meisje is eerder tot vrouw uitgegroeid dan een jongen tot man.



COGNITIEVE ONTWIKKELING

Bij de peuter en de kleuter speelt de fantasie rol een grote rol in het denken.
Bij de schoolkinderen is dit niet meer het geval.
We spreken hier bij van realiteit denken.
Hij ziet op de tv kinderen honger lijden, hij ziet dat mensen en landen in oorlog zijn,
zodoende kan hij ook niet meer fantasie ideeën hebben.
Soms komen kinderen met angstaanjagende vragen uit bed.
Ook een rol hierin is dat de kinderen in de naaste omgeving erge dingen meemaken zoals:
"Jan is geadopteerd", "Karel’s moeder is overleden", "Nico zijn ouders zijn gescheiden" etc.
De schoolkinderen worden ook prestatie gericht ze willen beter zijn als de anderen.
De kinderen vinden het ook fijn als de inzet die zij geven word beloond.



EMOTIONELE ONTWIKKELING

Emoties gaan zich in ergere vormen tonen iedereen vindt het erg om bij de dokter te komen.
De schoolkinderen kunnen niet de lichaamstaal lezen, emoties die niet worden geuit bestaan
niet.
De ouders sporen dit wel aan en als ze het niet horen van de kinderen en toch zien zeggen
ze “kom op even flink zijn



SEKSUELE ONTWIKKELING

Als de kinderen deze leeftijd van ongeveer tien jaar bereiken is het contact met de meisjes of
met de jongens heel anders.
Meisjes vinden jongens stom en jongens vinden meisjes stom.
Als er ook moet gekozen worden zal er altijd een splitsing ontstaan tussen jongens en
meisjes.
De ontwikkeling van de puber


DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING



Veel pubers hebben in hun pubertijd een groeispurt, soms groeien ze tot 10 centimeter in
een jaar, als ze in de groeispurt zitten dan worden ze vaak onhandig vanwege dat ze zo snel
groeien.
Jongens hebben dikwijls grotere longen, groter hart, dikkere botten dan meisjes. Daarom
hebben jongens meestal ook een grotere kracht.
Maar ze ontwikkelen zich ook seksueel. Bij jongens krijg je sperma productie, groei van de
penis en schaamhaar. Meisjes krijgen borsten, beginnen de eierstokken op gang te komen
en de menstruatie begint.



DE COGNITIEVE ONTWIKKELING



Als de pubers naar een nieuwe school gaan zijn ze vaak erg enthousiasten nieuwsgierig,
doen erg hun best op de school. Soms halverwege het school jaar zakt dat af vanwege dat
het tegenvalt en slechte cijfers en er is minder interesse. Ze worden dan meer
geïnteresseerd door andere, hoe de leeftijdsgenoten zijn en zo kan de puber dan uren praten
met vrienden.
Pubers denken dan vooral kritische en abstract. Door het kritische denken word er afstand
genoeg van de ouders en is meer gericht op zichzelf en leid nogal eens tot egocentrisme.



DE SOCIALEONTWIKKELING & PERSOONLIJKHEIDSONTWIKKELING


Een puber wil graag zelfstandig zijn, zijn eigenbeslissingen maken, verantwoordelijkheid
dragen, meer dan vroeger buiten huis door brengen. Vaak ontstaan er grote conflicten thuis
omdat de puber meer verantwoordelijkheid wil en meer wil woorden vrijgelaten maar de
ouders vinden dit vaak moeilijk en willen de puber beschermen. De puber zoekt meer contact
met de leeftijdsgenoten ze maken vaak deel uit van een peergroep, zo ’n peergroep biedt de
puber vaak steun, zekerheid en veiligheid. Ze moeten vaak wel aan bepaalde eisen doen in
een peergroep zoals: bepaalde kleding dragen, schoenen hoe je haar zit. Vaak als ze dat
niet doen vallen ze er buiten. Dat willen ze niet, ze willen juist helemaal niet opvallen.
Als je niet bij een peergroep wilt horen of er gewoon buiten valt word je vaak het mikpunt van
pesterijen.
Ze hebben er de behoefde aan speciale vriendinnen, waar ze alles mee kunnen delen en
zichzelf kan zijn.
In de pubertijd nemen ze vaak een voorbeeld aan andere van hoe ze willen worden, ze
experimenteren met hun uiterlijk en gedrag. Vaak zijn ze erg onzeker over hun uiterlijk, hij
andere ze zien. Daardoor kan het gebeuren dat ze hele erg geconcentreerd worden op
zichzelf en verliezen ze het contact met andere.

DE EMOTIONELE ONTWIKKELING




Omdat ze snel tot een volwassen iemand veranderen worden ze tegenstrijdig en verward, er
zijn de kinderlijke gevoelens maar ook het volwassen lichaam. Meestal verbergen ze een
van de twee.
Vak schamen ze zich ook voor hen lichamelijke ontwikkelingen vanwege het feit of ze wel
normaal zijn, of zijn ze niet te dik of te dun, te lang, te klein. Pubers kunnen zich er door erg
ellendig gaan voelen, en durven zich soms niet meer voor andere om te kleden.



DE SEKSUELE ONTWIKKELING



Je kunt de seksuele ontwikkeling voornamelijk merken door: geslachtsrijping.
Meisjes zijn dikwijls eerder geslachtsrijp dan jongens, Door de veranderingen komen ze wel
eens in de verwarring en vragen ze zich af of bepaalde gevoelens en reacties wel normaal
zijn. Ze verschillen ook erg over de seksuele fantasieën, de jongens denken meer na over de
daad zelf en de meisjes dromen meer van de perfecte jongen.
De ontwikkeling van de adolescent




DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING


De lichamelijke volwassenwording wordt voltooid: bij meisjes worden de borsten zwaarder en
bij jongens vergaande haargroei op de borstkas en de rug. Er is vaak ook nog sprake van
lengtegroei.

COGNITIEVE ONTWIKKELING



Er is sprake van abstract denken, hij is staat na te denken over zaken die niet direct
waarneembaar zijn of rechtstreeks worden ervaren. Een adolescent kan daardoor steeds
beter nadenken over begrippen als rechtvaardigheid, vriendschap en gelijkwaardigheid. Ze
krijgen ook steeds, meer zicht op de betrekkelijkheid van dingen.
Hij realiseert zich meer en meer dat gewoonten regels, waarden en normen samenhang van
verschillen tussen mensen, opvoeding levensomstandigheden en dergelijke.
Hij gaat dingen gaandeweg steeds meer geavanceerder bekijken. Zijn mensenkennis en
inlevingsvermogen nemen toe.
Adolescenten zijn vaak idealistische.



DE SOCIALEONTWIKKELING & PERSOONLIJKEONTWIKKELING


Er is sprake van twee belangrijke invloedssferen: ouders en de vriendengroep.
Ouders hebben invloed op de morele waarden, school keuzes en opvattingen over de
maatschappij. Leeftijdsgenoten hebben meer invloed op zaken zoals mode, muziek en
taalgebruik.
Ze hebben vaak de behoefde aan een goede emotionele band met hun ouders.
Het ontwikkelen van een eigen identiteit en eigen waarde en normen. Na het 18e jaar
ontstaat er vaak ook een beter band met de ouder, de behoefte om lekker zelfstandig te
wonen speelt bij de meeste adolescenten niet zo. Als de adolescent op kamers gaat wonen
dan gaat hij de ouders meer waarderen.
De zelfbewustheid wordt groter en hij wil zich vaak onderscheiden van andere, en zo geven
ze zich meer een eigen identiteit. Ze kiezen hun eigen normen en waarden en krijgen zo een
eigen persoonlijkheid.
Ze willen zich graag ontpooien enen staan individualistische in het leven.

DE SEKSUELE ONTWIKKELING
Ze gaan vrijer om met de seksualiteit. Adolescenten worden er min of meer toe gedwongen
meer zelfbewust om et gaan met seksualiteit.
Een adolescent is nog al eens bang om dit onderwerp ter sprake te brengen. Ze krijgen zicht
op de seksualiteit.
De ontwikkeling van de volwassene


DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING



Vanaf 20 jaar begint de achteruitgang. Ouderdomskwaaltjes beginnen ongeveer vanaf 40
jaar, je kunt het beperken dor gezond te leven. Overgang + menopauze komt rond je 40ste
jaar, bij vrouwen. De penopauze komt bij de mannen voor en kan problemen krijgen met een
erectie.



DE COGNITIEVE ONTWIKKELING



Continu leerproces, wijsheid – kunnen toepassen van kennis, ervaring, beschikken over
begrip en verdraagzaamheid. Lering kunnen trekken uit eerdere ervaringen. Mildheid +
terughoudendheid. Innerlijke voogd: irritatie, schuld of schaamte. En toch weer terug vallen
in de ‘fouten’ van je ouders.



DE SOCIALE ONTWIKKELING & PERSOONLIJKE ONTWIKKELING



Werk verrichten, kinderen krijgen en opvoeden, relatie met ouders  rolomkering.
Confrontatie met de betrekkelijkheid van het bestaan. Besef van het eindigheid van het
leven.



DE EMOTIONELE ONTWIKKELING



2 cruciale momenten zijn: de midlife crisis ± 40 jaar, vragen en twijfels over keuzes, als je het
wilt moet je het nu doen want nu kan je het nog veranderen. Ernstig verstoord psychisch
evenwicht, radicale veranderingen, wegstoppen, andere inhoud geven aan een huwelijk,
gezin of week. De 2de cruciale moment komt rond de 50 jaar. Het realiseren van mindere
activiteit en realiteit.



DE SEKSUELE ONTWIKKELING
Ze zijn op hoge leeftijd nog seksueel actief. Een vaste partner, komst van kinderen,
echtscheiding – verlies van partner, druk met carrière, veranderende hormoonproductie.
De ontwikkeling van de oudere


DE LICHAMELIJKE ONTWIKKELING



Hun zintuigen gaan achter uit. Hun motoriek veranderd ze worden stijver, stramer en hebber
breekbaardere botten.

En hun uiterlijk veranderd ze hebben geen strakke huid meer.



DE COGNITIEVE ONTWIKKELING



Ze hebben meer tijd nodig. Bijvoorbeeld om info opnemen, info verwerken.

Ze hebben meer moeite met info vasthouden en terug halen van de info.



Hun geheugen gaat ook achteruit. Ze kunnen geen 2 dingen tegelijke meer doen, ze worden
vergeetachtig, vergeten details worden dement.



DE SOCIALEONTWIKKELING & PERSOONLIJKEONTWIKKELING



Na hun pensionering moeten ze een nieuw evenwicht vinden.

Dan gaan ze soms: vrijwilligerswerk doen, hobby´s zoeken, oppassen, vaak adviserende en
praktische hulp bieden.



Hun identiteit, persoonlijkheid en karakter veranderen niet.



DE EMOTIONELE ONTWIKKELING



Hun sociale kring word kleiner, vrienden/familie overlijden.

Ze hebben last van eenzaamheid en vereenzaming.

En ze krijgen verdriet, angst en besef over eindigheid van het leven.
DE SEKSUELE ONTWIKKELING



Ze zijn tot op hoge leeftijd seksueel actief, alleen soms doen ze het niet meer uitschaamte
om hun lichaam dat verouderd is.

						
Other docs by HC120218201231
DRENAGEM URBANA Prefeitura de Praia Grande
Views: 1  |  Downloads: 0
No Slide Title
Views: 0  |  Downloads: 0
APPNA seminar Jul09
Views: 1  |  Downloads: 0
IS Portal TaskCard 7
Views: 1  |  Downloads: 0
1Honour Parent Child1 04
Views: 0  |  Downloads: 0
Woorden over de baby
Views: 18  |  Downloads: 0
Green Brook Swim Club, Inc
Views: 6  |  Downloads: 0