overzicht_leermateriaal_nederlands_status_per_18082010 by xiuliliaofz

VIEWS: 39 PAGES: 20

									Kern-     Titel                 Omschrijving                                 Leereenheden uitprobeer
doelen                                                                       klaar bekijken
4, 5, 9   [7C77] Leesstrategie In deze leereenheid leer je wat een           http://ovc.lesbank.nl/7C77
                               leesstrategie is en welke er zijn. Ook leer
                               je wanneer je welke leesstrategie kunt
                               toepassen.
4, 5, 9   [7C7F]               Wat is nieuws en hoe wordt het                http://ovc.lesbank.nl/7C7F
          Nieuwswaarde         uitgezocht? In deze leereenheid leer je
          aangeven             hoe je de nieuwswaarde van een tekst
                               kunt bepalen.
4, 5, 9   [66E3]               Gebruik je wel goede informatie? Waar         http://ovc.lesbank.nl/66E3
          Betrouwbaarheid van moet je op letten?
          bronnen
4, 5, 9   [66E5] Bruikbaarheid Of je een tekst kunt gebruiken voor je        http://ovc.lesbank.nl/66E5
          van teksten          werkstuk, hangt af van het doel van je
                               tekst.
4, 5, 9   [7C7C] Tekstsoorten We leven in een wereld van taal. In die        http://ovc.lesbank.nl/7C7C
          herkennen            wereld zijn teksten heel belangrijk. Welke
                               soorten teksten kun je onderscheiden? In
                               deze leereenheid leer je er meer over.

4, 5, 9   [7C7D] Tekstdoelen    Wat zijn tekstdoelen? Je leert tekstdoelen http://ovc.lesbank.nl/7C7D
                                herkennen in voorbeeldteksten, en je gaat
                                tekstdoelen toepassen in eigen teksten.


4, 5, 9   [7C7B] Publiek        Je leert hoe er rekening gehouden wordt      http://ovc.lesbank.nl/7C7B
          herkennen             met het publiek bij het maken van een
                                programma of tekst.
4, 5, 9   [7C7A]                Wat is het doel van koppen in de krant?      http://ovc.lesbank.nl/7C7A
          Krantenkoppen         Hoe herken je ze en hoe maak je ze.

4, 5, 9   [7C79] Goed           Na deze leereenheid kun je de inleiding      http://ovc.lesbank.nl/7C79
          ingeleid!             herkennen van een tekst of programma.
                                Je kunt snel de belangrijkste informatie
                                van een tekst vinden, en kunt ook zelf
                                een goede inleiding schrijven.

4, 5, 9   [7C76] Alles draait   Je leert wat de kern of het middenstuk       http://ovc.lesbank.nl/7C76
          om de kern            van een tekst of programma is en hoe je
                                die kunt herkennen. Het nut hiervan? Je
                                weet beter waar de tekst of het
                                programma echt begint.

4, 5, 9   [7C78]                Na deze leereenheid weet je wat er in het http://ovc.lesbank.nl/7C78
          Tekstopbouw: het      slot van een tekst kan staan. Je kunt het
          slot                  slot van een tekst herkennen en ook zelf
                                een goed slot schrijven.

4, 5, 9   [66E6] Tekstverband Begrijp een tekst beter door de                http://ovc.lesbank.nl/66E6
          / Signaalwoorden    signaalwoorden te herkennen.

4, 5, 9   [80D6] Ik ben de      Wat is een feit en wat is een mening? In  http://ovc.lesbank.nl/80D6
          beste                 deze leereenheid leer je het verschil
                                tussen subjectieve en objectieve teksten.

4, 5, 9   [7C8A] Vlieg er eens In deze leereenheid leer je hoe je            http://ovc.lesbank.nl/7C8A
          uit met internet     informatie op internet kunt opzoeken en
                               vergelijken. Je gaat dit ook toepassen in
                               een praktijkopdracht
4, 5, 9     [7C8B] Verken je      Na deze leereenheid begrijp je hoe een     http://ovc.lesbank.nl/7C8B
            tekst voordat je erop tekst is opgebouwd en weet je hoe je snel
            aanvalt               het onderwerp van een tekst kunt vinden.
                                  Je kunt dan snel kiezen of je de tekst dan
                                  helemaal moet lezen of niet.

4, 5, 9     [25666] De            Na deze leereenheid weet je wat we         http://ovc.lesbank.nl/25666
            hoofdgedachte         bedoelen met de hoofdgedachte van een
                                  tekst, kun je de hoofgedachte in een tekst
                                  snel vinden en kun je sneller een
                                  samenvatting van een tekst maken.



4, 5, 9     [25F35] De            De hoofdgedachte, maar nu verder                http://ovc.lesbank.nl/25F35
            hoofdgedachte 2       uitgewerkt dan in de bestaande exe-les,
                                  gericht op 2-3 H/V en voorzien van veel
                                  oefenstof.
4, 5, 9     [66E7] Deelvragen  Begrijp een tekst sneller door deelvragen          http://ovc.lesbank.nl/66E7
                               te stellen.
4, 5, 9     [7C8C] Samenvatten Na deze leereenheid ken je twee                    http://ovc.lesbank.nl/7C8C
                               verschillende manieren om een tekst of
                               film samen te vatten. Je kunt zelf een
                               goede samenvatting maken.

1, 2, 6, 7, [7C8D] Een           Hoe zoek je een goed onderwerp als je     http://ovc.lesbank.nl/7C8D
9, 10       onderwerp zoeken     een spreekbeurt moet houden of een
            voor spreekbeurt of tekst moet schrijven? In deze
            tekst                leereeenheid leer je hoe je dat kunt
                                 aanpakken.
1, 2, 6, 7, [7C8E] Kopiëren en Na deze leereenheid begrijp je hoe je       http://ovc.lesbank.nl/7C8E
9, 10       plakken of toch maar informatie kunt gebruiken voor je eigen
            niet?                werkstukken. Je kunt informatie op de
                                 goede manier verwerken in je eigen tekst.

1, 2, 6, 7, [7C8F] Feiten en   Leer hoe je feiten en meningen kunt                http://ovc.lesbank.nl/7C8F
9, 10       meningen verwerken verwerken in een eigen tekst.

1, 2, 6, 7, [7C90]                Na deze leereenheid begrijp je dat het   http://ovc.lesbank.nl/7C90
9, 10       Bronvermelding        soms nodig is om aan te geven waar je je
                                  informatie vandaan gehaald hebt.

1, 2, 6, 7, [25BCE] De            Hoe schrijf je een succesvolle                  http://ovc.lesbank.nl/25BCE
9, 10       sollicitatiebrief     sollicitatiebrief inclusief curriculum vitae?


1, 2, 6, 7, [7C91] De zakelijke   Het is belangrijk om te weten voor wie je http://ovc.lesbank.nl/7C91
9, 10       brief                 een brief schrijft. Een zakelijke brief
                                  schrijf je op een bepaalde manier. In deze
                                  leereenheid leer je er meer over.

1, 2, 6, 7, [25B33] nIngezonden Er zijn verschillende manieren om je
9, 10       brief               mening te geven aan een breed publiek.
                                Na deze les begrijp je hoe een ingezonden
                                brief in elkaar zit en kun je er zelf een
                                schrijven
1, 2, 6, 7, [25BD3] Digitale       De klas wordt een heuse redactie van een http://ovc.lesbank.nl/25BD3
9, 10       krant maken            echte krant!
                                   Een periode wordt er keihard gewerkt om
                                   alle deadlines te halen. Aan het eind van
                                   de week komt de krant uit.........
                                   Gaan we dat halen?


1, 2, 6, 7, [7C92] Een             Je leert wat een nieuwsbericht is en hoe        http://ovc.lesbank.nl/7C92
9, 10       nieuwsbericht          zo'n bericht in elkaar zit. Je leert zelf een
           schrijven               nieuwsbericht schrijven.

1, 2, 6, 7, [77FE] Geef je opinie Kom uit voor je mening... schrijf een            http://ovc.lesbank.nl/77FE
9, 10                             artikel!
1, 2, 6, 7, [694B] Column          Schrijf ook eens een column en laat weten http://ovc.lesbank.nl/694B
9, 10                              wat je ervan vindt!
1, 2, 6, 7, [8155] Achtergrond     Les over het schrijven van een              http://ovc.lesbank.nl/8155
9, 10       artikel op basis van   achtergrondartikel op basis van feiten, ook
            feiten                 wel uiteenzetting genoemd.
1, 2, 6, 7, [7787]                 Een artikel over een bepaald onderwerp  http://ovc.lesbank.nl/7787
9, 10       Achtergrondartikel     kunnen schrijven op basis van meningen.
           obv meningen
1, 2, 6, 7, [6F6D] Presenteren     Kun je een boeiende presentatie houden? http://ovc.lesbank.nl/6F6D
9, 10
1, 2, 6, 7, [87F0]                                                                 http://ovc.lesbank.nl/87F0
9, 10       Onderzoeksverslag
           maken
1, 2, 6, 7, [257EE] Discussie      Discussiëren, wat is het en hoe doe je het http://ovc.lesbank.nl/257EE
9, 10                              goed?

1, 2, 6, 7, [74DC] Debat           Les over het debat. Wat is debatteren     http://ovc.lesbank.nl/74DC
9, 10                              eigenlijk en hoe kun je een debat winnen?
                                   Leren, kijken en doen.

1, 2, 6, 7, [6E53] Hoe zit een     Wat kun je met film? Hoe wordt een film         http://ovc.lesbank.nl/6E53
9, 10       film in elkaar?        gemaakt en wie werken er aan mee?

1, 2, 6, 7, [7C93] Een             Welke tekstsoorten zijn er en hoe kies je http://ovc.lesbank.nl/7C93
9, 10       tekstsoort kiezen      de juiste? In deze leereenheid leer je om
                                   een tekst te kiezen die past bij je doel en
                                   je publiek.

1, 2, 6, 7, [6F0C] Doel            Wat wil je bereiken met je tekst? Wat is        http://ovc.lesbank.nl/6F0C
9, 10       formuleren             je doel? In deze les leer je het verschil
                                   tussen de tekstdoelen: informeren,
                                   amuseren, overtuigen en tot handelen
                                   aansporen.
1, 2, 6, 7, [70B1] Bouwplan        Hoe maak je een bouwplan voor het               http://ovc.lesbank.nl/70B1
9, 10       maken                  schrijven van een tekst?
1, 2, 6, 7, [738C] Bouwplan        Hoe maak je een kladversie van een tekst http://ovc.lesbank.nl/738C
9, 10       uitwerken in           na het maken van een bouwplan?
           kladversie
1, 2, 6, 7, [7495] Feedback        Reageer handig en verstandig op wat een http://ovc.lesbank.nl/7495
9, 10       geven en krijgen       ander zegt of doet!
            [25994] zakelijke      Oefeneenheid tekstverklaren                     http://ovc.lesbank.nl/25994
            teksten: 7 kleine
            teksten met vragen
1, 2, 6, 7, [75EB] Feedback         Na het maken van de kladversie van een http://ovc.lesbank.nl/75EB
9, 10       verwerken               tekst, volgt de stap: feedback verwerken.
                                    Hoe pak je dat aan?
4, 5, 9    [7F9F] Zakelijke         Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/7F9F
           teksten: praten met je
           mond dicht
4, 5, 9    [82CB] Zakelijke tekst   Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/82CB
           | Apies kijken
4, 5, 9    [25740] Schooltaal in    Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/25740
           het onderwijs is een
           zaak van alle
           docenten
4, 5, 9    [82D0] Zakelijke         Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/82D0
           tekst| De geheimtaal
           van het Binnenhof

4, 5, 9    [87F6] Zakelijke tekst Oefeneenheid: tekstverklaren                  http://ovc.lesbank.nl/87F6
           Waarom schrijven we
           niet zoals we spreken

4, 5, 9    [88C3] Goed praten       Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/88C3
           leer je voor je
           zevende
4, 5, 9    [8709] Zakelijke tekst| Oefeneenheid: tekstverklaren                 http://ovc.lesbank.nl/8709
           Nieuwe spelling is Big
           Business

4, 5, 9    [256D0] Integratie       Oefeneenheid: tekstverklaren                http://ovc.lesbank.nl/256D0
           staat of valt met de
           taallessen van de
           moeder
4, 5, 9    [26073]                  Signaalwoorden of verbindingswoorden        http://ovc.lesbank.nl/26073
           Signaalwoorden           geven aan welke verbanden er binnen een
                                    zin, tussen zinnen en tussen alinea's zijn.
                                    Zij geven aan wat de structuur van een
                                    tekst is.
4, 5, 9    [25754] De               Wat is een autobiografie, en hoe schrijf je http://ovc.lesbank.nl/25754
           autobiografie            er één?
4, 5, 9    [25984] Leesverslag      Hoe maak je een (digitaal)leesverslag? Via http://ovc.lesbank.nl/25984
                                    25 stappen maken de leerlingen online een
                                    digitaal leesverslag.
4, 5, 9    [25743] Een              Een boekbespreking schrijven: afspraken, http://ovc.lesbank.nl/25743
           boekbespreking           tips, lijst, beoordelingsformulier
           maken
1, 2, 10   [7D03] Kenmerken         In iedere zin die je maakt staan            http://ovc.lesbank.nl/7D03
           werkwoorden              werkwoorden. Hoe herken je een
                                    werkwoord en welke soorten zijn er?
1, 2, 10   [68D6] Wat is een  De persoonsvorm is eigenlijk het hart van http://ovc.lesbank.nl/68D6
           persoonsvorm?      de zin.
1, 2, 10   [6E52] Werkwoorden Wat zijn werkwoorden en hoe moet je ze http://ovc.lesbank.nl/6E52
                              toepassen?
1, 2, 10   [7C94]                Je leert hoe je de persoonsvorm herkent     http://ovc.lesbank.nl/7C94
           Persoonsvorm          en hoe je de persoonsvorm in de
           tegenwoordige tijd    tegenwoordige tijd goed spelt.

1, 2, 10   [7C95]                Je leert om zwakke werkwoorden in de        http://ovc.lesbank.nl/7C95
           Persoonsvorm          verleden tijd goed te spellen.
           verleden tijd zwak
1, 2, 10   [7C96]                Wat is het verschil tussen een sterk en http://ovc.lesbank.nl/7C96
           Persoonsvorm sterk    een zwak werkwoord en hoe pas je dit
           verleden tijd         zelf toe?
1, 2, 10   [7C97] Gebiedende     Je leert wat er bedoeld wordt met       http://ovc.lesbank.nl/7C97
           wijs                  gebiedende wijs en hoe je de gebiedende
                                 wijs gebruikt.
1, 2, 10   [25B1C] Engelse       Vervoeging Engelse werkwoorden              http://ovc.lesbank.nl/25B1C
           werkwoorden
1, 2, 10   [25D9B]               Samenstellingen zijn woorden, die        http://ovc.lesbank.nl/25D9B
           Tussenletters bij     oorspronkelijk uit twee woorden bestaan.
           samenstellingen
                                 De tussenletters zijn -s, -e of -en.

1, 2, 10   7D08] Het voltooide   Na deze leereenheid weet je hoe je een      http://ovc.lesbank.nl/7D08
           deelwoord             voltooid deelwoord kunt herkennen.


1, 2, 10   [7D0B] HET            Na deze leereenheid weet je hoe je een      http://ovc.lesbank.nl/7D0B
           ONVOLTOOID            onvoltooid deelwoord kunt herkennen.
           DEELWOORD

1, 2, 10   [7CBB] Bijvoeglijk    Je leert bijvoeglijk gebruikte werkwoorden http://ovc.lesbank.nl/7CBB
           gebruikte             te herkennen en hoe je ze moet schrijven
           werkwoorden
1, 2, 10   [87E6] Het voltooid   Het voltooid deelwoord kun je ook als       http://ovc.lesbank.nl/87E6
           deelwoord als         bijvoeglijk naamwoord gebruiken. Wat
           bijvoeglijk           wordt dan de spelling van deze
           naamwoord             bijvoeglijke naamwoorden?

1, 2, 10   [25667] Vergroot je   Er zijn veel woorden die je goed moet        http://ovc.lesbank.nl/25667
           woordenschat:         kunnen schrijven omdat je ze vaak nodig
           gewone worden         hebt.In deze les: - oefen je het spellen van
                                 gewone woorden - oefen je het schrijven
                                 van teksten - leer je hoe je je spelling
                                 kunt controleren
1, 2, 10   [7CBC] Woorden te     Sommige woorden zijn eigenlijk geen      http://ovc.lesbank.nl/7CBC
           leen                  Nederlandse woorden. We hebben ze
                                 geleend. Waar komen deze leenwoorden
                                 vandaan en hoe gebruik je ze goed in een
                                 tekst.
1, 2, 10   [7CBD] Maak er        Je leert volgens welke regels je het     http://ovc.lesbank.nl/7CBD
           meer van              meervoud van een zelfstandig naamwoord
                                 kunt vormen
1, 2, 10   [81A8] Het meervoud Nadat je in klas 1 en 2 veel geleerd hebt     http://ovc.lesbank.nl/81A8
                               over het meervoud van zelfstandige
                               naamwoorden, ga je in deze les veel
                               oefenen met verschillende
                               meervoudsuitgangen.
1, 2, 10   69EE] Hoofdletters & Over het correct gebruik van interpunctie http://ovc.lesbank.nl/69EE
           leestekens           in een tekst.

1, 2, 10   [73A3] Leestekens      Leestekens zie ook 69EE. De belangrijkste http://ovc.lesbank.nl/73A3
                                  leestekens kunnen gebruiken

1, 2, 10   [7CBE] Afkortingen.    Afkortingen worden veel gebruikt. Zelf       http://ovc.lesbank.nl/7CBE
           Zie ook 7CDE           doe je het ook, denk maar aan sms-taal.
                                  In deze leereenheid gaat het over
                                  verschillende soorten afkortingen

1, 2, 10   [7CDE] Afkortingen     Hoe schrijf je woorden afgekort?             http://ovc.lesbank.nl/7CDE
           (zie ook 7CBE)

1, 2, 10   7D0D] Het              Deze leereenheid gaat over de woordsoort http://ovc.lesbank.nl/7D0D
           zelfstandig            zelfstandig naamwoord. Hoe kun je een
           naamwoord              zelfstandig naamwoord herkennen?


1, 2, 10   7D0E] Het bijvoeglijk Deze leereenheid gaat over de woordsoort http://ovc.lesbank.nl/7D0E
           naamwoord             bijvoeglijk naamwoord en hoe je het
                                  bijvoeglijk naamwoord kunt herkennen.


1, 2, 10   [66E8] Lidwoord        Er zijn drie lidwoorden in onze taal.        http://ovc.lesbank.nl/66E8
1, 2, 10   7D0F] HET               Wat zijn werkwoorden en wat kunnen we       http://ovc.lesbank.nl/7D0F
           WERKWOORD               ermee?
1, 2, 10   [25E7A] Zelfstandige Zelfstandige werkwoorden en                     http://ovc.lesbank.nl/25E7A
           werkwoorden en          hulpwerkwoorden: Het zelfstandig
           hulpwerkwoorden         werkwoord is altijd het belangrijkste
                                   werkwoord uit de zin. Je kunt 'm niet uit de
                                   zin weglaten. Hulpwerkwoorden zijn (later)
                                   aan de zin toegevoegd en kun je eventueel
                                   ook weglaten.
1, 2, 10   [25F98] Het bezittelijk Het bezittelijk voornaamwoord geeft aan      http://ovc.lesbank.nl/25F98
           voornaamwoord en        van wie iets of iemand is.
           het persoonlijs
           voornaamwoord

1, 2, 10   [25F50] Het            Het betrekkelijk voornaamwoord slaat terug http://ovc.lesbank.nl/25F50
           betrekkelijk           op een woord, woordgroep of zin. Dit noem
           voornaamwoord          je het antecedent. Ik heb een verbeterde
                                  Elp gestuurd; dit is de oude! Zit een fout in
                                  en de info is niet volledig.
1, 2, 10   [7CBF] Voorzetsels     Deze leereenheid gaat over de woordsoort http://ovc.lesbank.nl/7CBF
                                  voorzetsel. Als je de woordsoorten kent
                                  begrijp je de taal beter.

1, 2, 10   [7CC0] Telwoorden      Hier leer je wat bepaalde hoofdtelwoorden http://ovc.lesbank.nl/7CC0
                                  en bepaalde rangtelwoorden zijn. Verder
                                  maak je kennis met onbepaalde
                                  hoofdtelwoorden en onbepaalde.

1, 2, 10   [66EC] Bijwoord        Bijwoorden zeggen méér...                    http://ovc.lesbank.nl/66EC
1, 2, 10   [74CE] Bijwoorden      Deze les gaat over de woordsoort             http://ovc.lesbank.nl/74CE
                                  bijwoorden.
1, 2, 10   [7CC2] Het             Leer een persoonlijk voornaamwoord           http://ovc.lesbank.nl/7CC2
           persoonlijk            herkennen en gebruiken
           voornaamwoord
1, 2, 10   [7CC3] Het             Je gebruikt een aanwijzend                http://ovc.lesbank.nl/7CC3
           aanwijzend             voornaamwoord als je iets aanwijst. Er
           voornaamwoord          zijn er vier. Welke? Lees het hier.
1, 2, 10   [7CC4] Het vragend     Je leert het vragend voornaamwoord        http://ovc.lesbank.nl/7CC4
           voornaamwoord          herkennen, en je leert hoe je een vragend
                                  voornaamwoord kunt herkennen als het
                                  midden in een zin staat.

1, 2, 10   [7CC5]                 Hoe verdeel je een zin in zinsdelen? Hoe     http://ovc.lesbank.nl/7CC5
           Persoonsvorm           vind je de persoonsvorm in een zin?

1, 2, 10   [7CC1] Het             Wat is een werkwoord en hoe vind je het      http://ovc.lesbank.nl/7CC1
           werkwoordelijk         werkwoordelijk gezegde in een zin.
           gezegde
1, 2, 10   [66ED] Het             Hoe herken je het naamwoordelijk             http://ovc.lesbank.nl/66ED
           naamwoordelijk         gezegde in een zin?
           gezegde
1, 2, 10   [7CC6] Scheidbare      Werkwoorden spelen een belangrijke rol       http://ovc.lesbank.nl/7CC6
           werkwoorden            in de Nederlandse taal. Er zijn
                                  verschillende soorten werkwoorden.
                                  Sommige kun je namelijk in tweeën
                                  splitsen. Leer hier hoe je scheidbare
                                  werkwoorden kunt herkennen in een zin.
                                  Ook leer je hoe je ze zelf in een zin moet
                                  splitsen.
1, 2, 10   [7CC7] Het             Hier leer je op welke twee manieren je       http://ovc.lesbank.nl/7CC7
           onderwerp              het onderwerp van een zin kunt vinden.
           onderhoud nodig
1, 2, 10   [7CC8] Het lijdend     Je leert hoe je op zoek kunt gaan naar het http://ovc.lesbank.nl/7CC8
           voorwerp               lijdend voorwerp in een zin.
           Onderhoud nodig
1, 2, 10   [7CC9] Het             Je leert hoe je het meewerkend voorwerp http://ovc.lesbank.nl/7CC9
           meewerkend             in een zin kunt herkennen.
           voorwerp
1, 2, 10   [7CCA] Waar,           Leer bijwoordelijke bepalingen herkennen http://ovc.lesbank.nl/7CCA
           wanneer, waarom?       in een zin.
           Onderhoud nodig

1, 2, 10   [7A3B] Van alles wat Oefeneenheid spelling: basisvaardigheden. http://ovc.lesbank.nl/7A3B
                                  Oefeningen met de spelling van
                                  werkwoorden
1, 2, 10   [25EBB] De             De samengestelde zin bestaat uit hoofdzin http://ovc.lesbank.nl/25EBB
           samengestelde zin:     en bijzin of hoofdzin en hoofdzin.
           hoofdzin en bijzin
1, 2, 10   [26042] bijvoeglijke   bijvoeglijke bijzinnen zijn bijzinnen die met http://ovc.lesbank.nl/26042
           bijzinnen              een betrekkelijk voornaamwoord beginnen.

1, 2, 10   [25C32] De beknopte Een beknopte bijzin herkennen                   http://ovc.lesbank.nl/25C32
           bijzin
1, 2, 10   [68BE]                 Het gebruik van verwijswoorden voorkomt http://ovc.lesbank.nl/68BE
           Verwijswoorden         onnodige herhalingen in je tekst.

1, 2, 10   [694D] Trappen van                                                  http://ovc.lesbank.nl/694D
           vergelijking
1, 2, 10   [690B]                 Maak niet alle zinnen in je teksten even     http://ovc.lesbank.nl/690B
           Samengestelde          lang. Zorg voor afwisseling!
           zinnen
           3 [7CCB] Net              Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CCB
               andersom!             tegenstellingen
           3   [7CCC] Woorden met    Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CCC
               een lach en een       vreugde en verdriet
               traan
           3   [7CCD] Doe je         Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CCD
               woordje: sport en     sport en spel.
               spel
           3   [7CCE] Doe je         Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CCE
               woordje: ziek en      ziekte en gezondheid
               gezond
           3   [7CCF] Jouw beroep,   Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CCF
               jouw toekomst         school en beroep

           3 [821B] Oefenen          Vergroot je woordenschat met oefeningen http://ovc.lesbank.nl/821B
               woordenschat          rond de thema's kennismaken, computer,
                                     reizen, toneel en kunst,
                                     schooltaalwoorden.
           3 [7CD0] Vakantie en      Vergroot je woordenschat met het thema      http://ovc.lesbank.nl/7CD0
             vrije tijd              vakantie en vrije tijd
           3 [69EF]                  De vraag is: wat staat er tegenover?        http://ovc.lesbank.nl/69EF
             Tegenstellingen
           3 [6CC1]                  Sommige woorden kom je alleen op            http://ovc.lesbank.nl/6CC1
             Schooltaalwoorden       school tegen.

           3 [6A1B]                  Mensen die hetzelfde vak beoefenen,         http://ovc.lesbank.nl/6A1B
               Vaktaalwoorden        hebben ook een eigen taal.

           3 [25FF4] Dubbelop of pleonasme, contaminatie, tautologie.            http://ovc.lesbank.nl/25FF4
               doorelkaar            Aparte les zou ook geen kwaad kunnen
                                     Voor 3 h/v
                                     Veel behoefte aan voorbeeldzinnen.

           3 [25AD4] Figuurlijk      Figuurlijke taal wordt gebruikt om          http://ovc.lesbank.nl/25AD4
               taalgebruik           taalgebruik te variëren, soms ook om
                                     woorden een zekere nadruk te geven.


           3 [7CD1]                  In deze leereenheid leer je verschillende   http://ovc.lesbank.nl/7CD1
               Spreekwoorden en      spreekwoorden, gezegdes en
               uitdrukkingen         uitdrukkingen kennen. Dat zijn vormen
                                     van figuurlijk taalgebruik

1, 2, 10       [7CD2] Formeel en     Dure woorden of gewone woorden?             http://ovc.lesbank.nl/7CD2
               informeel             Wanneer gebruik je ze? Hier leer je er
                                     meer over.
1, 2, 10       [75F5] Toon &         Niet elk publiek is hetzelfde. Schrijvers   http://ovc.lesbank.nl/75F5
               publiek               houden hier rekening mee bij het
                                     schrijven en ontwerpen. In deze les leer
                                     je de toon van een tekst af te stemmen
                                     op het publiek waar de tekst voor is.

1, 2, 10       [6D8C] Stijlfiguren & Deze les bestaat uit diverse oefeningen     http://ovc.lesbank.nl/6D8C
               Beeldspraak           om beeldspraak en stijlfiguren te leren
                                     herkennen.
1, 2, 10                                                                         IN ONDERHOUD
           8 [7CD3] Fictie en        Wat is het verschil tussen verzonnen en     http://ovc.lesbank.nl/7CD3
             werkelijkheid           waargebeurde verhalen? Schrijf zelf een
                                     verzonnen verhaal.
1, 2, 10     [7F81]                 Wat zijn samengetrokken zinnen? Hoe         http://ovc.lesbank.nl/7F81
             Samengetrokken         maak je zelf goede samengetrokken
             zinnen
                                    zinnen?

1, 2, 10     783C] Woordsoorten Benoemen van woordsoorten en zinsdelen. http://ovc.lesbank.nl/783C
             benoemen en zinnen
             ontleden

1, 2, 10     [26080] Het verschil   Het verschil tussen actieve en passieve     http://ovc.lesbank.nl/26080
             tussen actieve en      zinnen: Bedrijvende (actieve vorm): In deze
             passieve zinnen        zin staat een werkwoordelijk gezegde
             Zuyderzee              (koopt), een onderwerp (de man) en een
                                    lijdend voorwerp (een computer). Deze zin
                                    kun je in de lijdende (of passieve) vorm
                                    zetten. Er veranderen dan drie dingen: 1.
                                    Het lijdend voorwerp wordt onderwerp. 2.
                                    Het onderwerp wordt een bijwoordelijke
                                    bepaling die begint met door. 3. In het
                                    gezegde komt een vorm van het
                                    hulpwerkwoord worden te staan.

1, 2, 10     [25C35] Een streepje Wanneer schrijf je woorden aan elkaar, los http://ovc.lesbank.nl/25C35
             meer of minder?      of verbonden door een streepje?


           8 [6B92] Personages in Begrijp welke rol personages in boeken        http://ovc.lesbank.nl/6B92
             boeken                 spelen - bedenk ze zelf!

           8 [6F0F] Wie is de       Vanuit welk perspectief zie je de          http://ovc.lesbank.nl/6F0F
             verteller?             gebeurtenissen in een boek, film of
                                    toneelstuk?
           8 [7419] Wat is er       In soaps gebeurt altijd van alles. Wat     http://ovc.lesbank.nl/7419
             gebeurd?               gebeurt er en waarom? Hier leer je het.
                                    Je gaat ook zelf een soap-scène schrijven.

           8 [6985] Genres          Er zijn verschillende verhaalsoorten of    http://ovc.lesbank.nl/6985
                                    genres. Van griezelverhalen tot en met
                                    verhalen over de toekomst. Waar houd jij
                                    van?
           8 [6EE6] Tijd in films   In films wordt gespeeld met de tijd. Speel http://ovc.lesbank.nl/6EE6
                                    mee!
           8 [6ABB] Poëzie          Gedichten lees je, omdat je het leuk       http://ovc.lesbank.nl/6ABB
                                    vindt.
           8 [25DA5] Poezie klas    Na dit leerobject weet je meer over       http://ovc.lesbank.nl/25DA5
             3HV                    gedichten.De inhoud gaat over
                                    rijmschema’s, rijmsoorten en dichtvormen.


           8 [88BC] Eufemismen    Een eufemisme is een stijlfiguur.             http://ovc.lesbank.nl/88bc
                                  Eufemismen zorgen voor kleurrijk
                                  taalgebruik
           8 [25D9D] Vergelijking Vergelijking boek en film (geef mij maar      http://ovc.lesbank.nl/25D9D
             boek en film         een boek)
1, 2, 6, 7, [25F38] Interview   Interview afnemen en -verslag schrijven,    http://ovc.lesbank.nl/25F38
9, 10                           interview technieken gebruiken

1, 2, 6, 7, [25DAC] Webteksten In deze leereenheid over webteksten          http://ovc.lesbank.nl/25DAC
9, 10       klas 3 H/V         schrijven leer je hoe je een webtekst
                                opbouwt en schrijft. Ook ken je de
                                verschillen tussen het schrijven voor het
                                web en het schrijven voor papier.

1, 2, 6, 7, [25D23] Recensies   Een recensie schrijven                      http://ovc.lesbank.nl/25D23
9, 10
aantal
minuten
      100



      200



      100


      100


          50




          50




          50


          50


          50




          50




          50




          50


          50



          50
 50




 50




100



 50

100




 50




100




100


 50



150



100




 50
300




150



100

100

100



150


150


100

100


100



100


100




150




150

150


100

100
100


100


 50

100



100



 50




100



 50



 50



 50




100

200


100



 50



 50

100
 50



 50


100


 50


150

 50




100



100



100


100




 50




 50




 50


 50
 50


 50


 50




 50


100




 50




100
 50

 50




 50




 50




 50



 75




100
 50
100


100


100




 50


100


 50


 50




100


100


100


100



 50


 50


 50


 50

150


100

100
 50

 50


 50


 50


100


100




125

 50

150


150


150




150




 50




100


100




150


100
200
 50




 50



 50




 50




100


100


150



100



200

100

100




100


200
100



100




100

								
To top